Thuispagina

Vrijdag 19 augustus 2016

‘Mensenrechtenorganisatie’ African Rights’ definitief ontmaskerd

Geen organisatie publiceerde zoveel rapporten met namen van mensen die werden beschuldigd van genocide als African Rights onder leiding van Rakiya Omaar. Hun beschuldigingen klonken en klinken luid door in de rechtszalen van het Rwanda Tribunaal in Tanzania waar het eerste rapport Death, Despair and Defiance ‘De Bijbel’ werd genoemd in de beginjaren van het tribunaal door de aanklagers. Maar ook In Nederlandse, Engelse, Canadese, Noorse en Zweedse rechtbanken hadden de rapporten een rol. Onze eigen Nederlandse immigratiedienst gebruikte hun rapporten om Rwandezen in Nederland van genocide te beschuldigen.

Hoewel al eerder een Nederlandse rechtbank had bepaald dat African Rights ongeloofwaardig was, hoewel er verschillende schriftelijke verklaringen lagen van mensen die getuigden dat African Rights in hun onderzoek na de genocide werd begeleid door mensen van toen nog RPF-bevelhebber Paul Kagame, hoewel Amnesty al een zeer kritisch rapport aan hen wijdde, gebruikten immigratiediensten en openbare aanklagers nog steeds de rapporten van African Rights om mensen van genocide te beschuldigen.

Na het onderzoek van Luc Reydam is dat niet meer mogelijk. Op basis van talloze interviews toont hij aan hoe African Rights haar eerste rapport samenstelde met behulp van de RPF en na de genocide verwerd tot een instrument van het Rwandese regime om hun versie van de waarheid te vertellen en te verspreiden. 

Luc Reydam legt helder en goed beargumenteerd uit dat het eerste rapport, dat verscheen in 1995, onmogelijk zonder de hulp van de RPF geschreven kan zijn. Het is in dit rapport dat voor het eerst wordt gezegd dat de genocide ruim van te voren is gepland. Het is in dit rapport dat precies gemeld wordt wie verantwoordelijk is voor het neerschieten van het vliegtuig op 6 april 1994. 

Het is ook in dit rapport dat voor het eerst de RPF als heldenleger wordt voorgesteld: zij stopten de genocide, terwijl de internationale gemeenschap toekeek.

Na publicatie wordt Rakiya Omaar ‘queen of Kigali’, goede vriend van Paul Kagame met de daarbij behorende exclusieve VIP-behandeling. Vanaf 1998 wordt African Rights zelfs door de RPF betaald.

Grote vraag is natuurlijk waarom African Rights zo lang betrouwbaar werd geacht, ondanks geluiden van het tegendeel. Volgens Reydam had dat verschillende redenen. Het eerste rapport van African Rights verklaarde de verbijstering en verwarring over de genocide. Wie kritiek had op het boek of de organisatie, ontkende in feite de gruwelijkheden van de genocide. Daarnaast zorgden het kantoor in Londen en de Europese mede-oprichter Alex de Waal voor geruststelling: deze organisatie moest wel betrouwbaar zijn.

De impact van Death, Despair and Defiance was enorm omdat het in het Engels was. Eerdere publicaties over Rwanda waren bijna allemaal in het Frans. Lang niet iedereen is het Frans machtig. Veel onderzoekers die werkten voor het Rwanda tribunaal waren Nederlanders en zij beschouwden het als hun bijbel. Daarnaast werd het rapport ook omarmd door de media. Het rapport vormde de eerste jaren na de genocide onderzoekers, politici, journalisten, aanklagers: de genocide was gepland, alleen Tutsi’s waren slachtoffer en de RPF met Paul Kagame maakten een eind aan de genocide.

Mede-oprichter Alex de Waal schreef in juni een uitgebreid antwoord op het rapport van Reydam. Daarin excuseert hij zich voor zijn stilte over de betrokkenheid van African Rights en koers die de organisatie is gaan varen. 


African Rights en de klacht bij de Raad voor de Journalistiek

Twee medewerkers van African Rights, Rachel Ibreck en Pacifique Kabalisa, ondersteunden vorig jaar met een geschreven verklaring, de klacht bij de Raad voor de Journalistiek tegen mijn artikel over Jean Claude Iyamuremye. Voor mij was dat een teken dat de klagers, waaronder Ibuka, de organisatie die zegt zich in te zetten voor slachtoffers van de Rwandese genocide, dicht tegen het Rwandese regime aanschurken. 

In april 2014 ging ik op zoek naar het kantoor van African Rights in Kigali.  Op hun site stond immers vermeld dat ze in Kigali een kantoor hadden. Dat kantoor heb ik niet kunnen vinden. Het stond ook nergens ingeschreven. De telefoon werd nooit opgenomen. (P.O Box 3836, Kigali, Rwanda, 250 501007, 250 501008)

Een mail naar Rakiya Omaar, een van de oprichters van African Rights, bleef onbeantwoord. Overigens is hun website al een paar jaar ‘onder constructie’. 

De Raad voor de Journalistiek oordeelde (onder meer) dat ik meer moeite had moeten doen om African Rights in de gelegenheid te stellen onze kritiek op deze organisatie te pareren. De Raad vond een betaling van een Rwandees overheidsorgaan aan African Rights, een uitspraak van de Nederlandse rechtbank over de onbetrouwbaarheid van African Rights, schriftelijke getuigenverklaringen over de begeleiding van de RPF tijdens veldonderzoek van Rakiya Omaar, en de zeer kritische verklaring van Amnesty International over African Rights, onvoldoende basis voor onze uitspraak: ‘African Rights is omstreden omdat ze zich dicht tegen de Rwandese overheid heeft genesteld. Verschillende Rwandezen die door African Rights aanvankelijk werden beschuldigd van deelname aan de genocide, zijn later van alle blaam gezuiverd.

Dat African Rights niet meer reageerde is niet zo gek: Volgens Reydam is de organisatie sinds 2009 in winterslaap. Overigens zonder daar ruchtbaarheid aan te geven. Op internet is niets te vinden over verminderde activiteiten of het opheffen van de organisatie. De organisatie hield in feite op te bestaan nadat in 2008 de overheidsbetaling voor een boek was uitgelekt. 




Dinsdag 9 augustus 2016

Max!

Gisteren overleed vraagbaak, mentor maar bovenal goede vriend Max de Bok. Ik kan veel over hem zeggen, maar in zijn eigen blad De Gelderlander kunnen ze dat veel beter! En zijn voormalig collega Frans Boogaard schreef een kippenvel- stuk. Wel nog een persoonlijke noot. Een andere mentor, journalist Kees Haak, bezorgde me een stageplek bij Nieuwspoort Nieuws, het tweemaandelijkse blad van perscentrum Nieuwspoort. Een luizen-stageplek, want ik kon politici, journalisten én de bar van dichtbij beschouwen. Max was destijds voorzitter en voor mij als beginnend journalist, niets minder dan een god, ver weg op een troon. Toen ik op een goede dag aan een tafeltje wat worstelend een interview zat uit te werken, ging hij zo maar naast me zitten. ‘Zo meiske, gaat het een beetje?’ Ik kon alleen maar dom knikken. Hij keek naar mijn interview, keek even naar mij en zei: ‘Ga zo door meiske’ en wandelde naar hogere sferen. Ik ben dus doorgegaan. God had gesproken!


Maandag 18 juli 2016

Nog steeds dreunt het na: van het Haagse Gerechtshof mogen Jean Claude Iyamuremye en Jean Baptiste Mugimba naar Rwanda worden gestuurd om daar terecht te staan voor genocide. Dat betekent dat ze in feite elk moment op het vliegtuig gezet kunnen worden.

De advocaten gingen naar het Europese Hof voor de Rechten van de Mens om uitstel te vragen van de uitlevering, maar kregen nul op het rekest. De verwachting is dat een beroep bij dit Hof weinig kans van slagen heeft, omdat het Hof al in 2011 besliste dat verdachten van genocide kunnen worden teruggestuurd naar Rwanda. Zij behandelden de zaak van Ahurogeze versus Zweden.Ahurogeze werd ervan beschuldigd als Interahamwe leider te hebben gemoord tijdens de genocide. Hij kreeg asiel in Denemarken (2001),maar werd door Zweden gearresteerd toen hij in Stockholm arriveerde (2008). Hij stond namelijk op de Interpollijst. Een maand na zijn arrestatie stuurde Rwanda een officieel uitleveringsverzoek.

Het Hof oordeelde in 2011 dat er geen sprake was van slechte detentie omstandigheden, noch van een kwalitiatief onvoldoende rechtssysteem. Het Europese Hof baseerde zich daarbij vooral op weer een andere zaak; namelijk die van Uwinkindi. Zijn dossier was het eerste dat door het Rwanda tribunaal naar Rwanda werd gestuurd. Het Tribunaal vond Rwanda ver genoeg om zelf de verdachten van genocide te berechten. 

In feite zal het Hof niet snel uitlevering verhinderen. Eigenlijk alleen als iemand de doodstraf kan verwachten in het land waarnaar wordt uitgeleverd. De Europese rechters waren in 2011 zeer te spreken over recente ontwikkelingen in de Rwandese rechtssysteem.

Bij nalezing van een en ander kwam ik terecht bij een document over jurisprudentie van het Europese Hof wat betreft behandelde Nederlandse zaken in het jaar 2011. Daarin komt ook de zaak van Ahurogeze versus Zweden ter sprake. Maar wat heeft deze zaak nu met Nederland te maken? Het is immers Ahurogeze versus Zweden. En de man kreeg asiel van Denemarken, niet van Nederland.

Zoals we inmiddels weten, heeft Nederland veel tijd en geld gestoken in de verbetering van het Rwandese rechtssysteem. Nederland vond het blijkbaar ook haar taak in deze zaak van Ahurogeze, om een pro Rwanda verklaring af te leggen. Ik citeer nu uit het stuk Jurisprudentie 2011 Europees Hof voor de Rechten van de Mens

… op het feit dat zich ook in Nederland verdachten van de Rwandese genocide bevinden, dat het van groot belang is dat deze personen – die zich schuldig hebben gemaakt aan de meest grove mensenrechtenschendingen - voor de rechter gebracht worden en dat dit bij voorkeur in Rwanda zelf dient te geschieden. Daarnaast heeft Nederland benadrukt dat Rwanda de laatste jaren grote vooruitgang heeft geboekt met betrekking tot de ontwikkeling van de rechtsstaat – zowel qua wetgeving als in de praktijk - en is gewezen op de inspanningen dienaangaande van het Nederlands justitieel apparaat sedert 2006, de positieve ervaringen in de samenwerking met de Rwandese autoriteiten en het feit dat de gevangenis waarin klager zou worden gedetineerd aan internationale maatstaven voldoet en ook gebruikt wordt door het Speciale Hof voor Sierra Leone."

Let op de vet getypte regel: hoewel degenen die worden beschuldigd van genocide, zich daarvoor nog nooit hebben moeten of kunnen verantwoorden voor een rechter, vindt Nederland ze al schuldig. 

Het is typerend voor de manier waarop Nederland omgaat met de Rwandezen die van genocide worden beschuldigd. Wat Nederland betreft lijkt de rechtszaak een formaliteit, de mensen worden al bij voorbaat schuldig verklaard. Nederland klopt zichzelf en passant ook nog eens op de borst door de wijzen op haar inspanningen sinds 2006 en de positieve ervaringen met Rwanda.

Het zijn spannende dagen voor de Rwandezen in Nederland die kunnen worden uitgezet, omdat ze door de Nederlandse IND worden beschuldigd van genocide. Velen onder hen hebben geen dossier in Rwanda. Het zijn spannende dagen want telkens weer blijkt dat zij van de Nederlandse rechters, noch de Nederlandse regering, noch van Nederlandse ambtenaren, noch de Nederlandse politici ook maar enig begrip kunnen verwachten. Niemand wil geassocieerd worden met potentiële massamoordenaars. Laat Rwanda het maar uitzoeken is het devies. Dat ze in Rwanda een gevaarlijke toekomst tegemoet gaan,  is  ‘jammer maar helaas…'. 



Dinsdag 5 juli 2016

Van Haags Gerechtshof kunnen Iyamuremye en Mugimba worden uitgeleverd

Vandaag om 10.00 uur kwam de schriftelijke uitspraak in de zaken van Jean Claude Iyameremye en Jean Baptiste Mugimba. Het beroep van de staat werd op alle punten toegewezen door de rechter: Iyamuremye en Mugimba kunnen een eerlijk proces tegemoet zien in Rwanda is de conclusie. Er is geen reden om aan te nemen dat de kwaliteit van alle Rwandese advocaten te wensen overlaat om dergelijke processen te voeren. Daarnaast geeft Rwanda voldoende garanties voor een eerlijke rechtsgang, aldus het Gerechtshof Den Haag. 

De rapporten van Martin Witteveen werden door de rechters zo ongeveer met de grond gelijk gemaakt; de conclusies van James Alguin die een rapport schreef voor de Staat werden zo ongeveer in zijn geheel overgenomen. Zo vindt het Gerechtshof dat de advocaten de afgelopen tijd voldoende internationale steun ontvingen en zien zij geen bewijs in de stelling dat deze steun bij de verkeerde mensen terechtkwam, zoals Witteveen schreef. Het Gerechtshof zegt niet te kunnen beoordelen of het advocaten honorarium onvoldoende is in dergelijke complexe zaken, zoals de advocaten van Iyamuremye en Mugimba aanvoerden. Ook zal er geld zijn voor onderzoek, aldus het Gerechtshof. In twee zaken is al budget toegewezen.

Het gerechtshof gaat volledig voorbij aan de conclusies van de advocaten dat er op papier van alles goed is geregeld, maar dat de praktijk iets heel anders uitwijst. 

Deze uitspraak is natuurlijk zeer teleurstellend. Niet alleen voor de familie en vrienden van Iyamuremye en Mugimba, maar ook voor de Rwandezen in ons land die dreigen te worden uitgezet omdat ze door de Immigratiedienst van genocide worden beschuldigd en voor Rwandezen die in andere landen processen voeren om uitlevering te voorkomen.

De advocaten van Iyamuremye en Mugimba stappen nu naar het Europese Hof voor de Rechten van de Mens. Daar vragen ze allereerst om een interim maatregel, zodat beide mannen niet direct op het vliegtuig gezet kunnen worden. Het Europese Hof beslist hierover binnen een paar dagen Als ze de vraag afwijzen, kunnen beide mannen direct worden uitgeleverd. Het kan zijn dat ze dan al volgende week naar Rwanda gaan. 

Hier is de uitspraak.


Donderdag 30 juni 2016

Rwanda-debat getekend door wegblijvers

Organisator The Hague Peace Projects ontving talloze mails en dreigtweets. Humanity House, waar het debat plaatsvond werd ook bedolven onder klachten. Er werd zelfs contact gemaakt met de oprichter van Humanity House, het Rode Kruis: wisten ze wel dat er een verderfelijk pro-genocide debat onder het dak van hun protégé gevoerd ging worden? 

De verwachtingen waren dan ook redelijk gespannen, gisteravond. Zou het allemaal wel ordelijk verlopen? Maar eigenlijk ging het zoals voorstanders van het regime dat vaker doen: veel commentaar en hard roepen van te voren via mails en sociale media, maar niet het lef hebben om ‘in real life’ het debat te voeren. Het debat willen ontregelen, zonder risico. Erg laf.

Het werd dus een wat eenzijdige discussie, waarbij vooral familie en sympathisanten aanschoven van de van genocide beschuldigde Rwandezen. Aanwezig in de zaal waren ook het Openbaar Ministerie en de Immigratie en Naturalisatiedienst (IND). Opmerkelijk, want de IND had al in een vroeg stadium aangegeven niet te willen spreken tijdens het debat. Een reden werd toen niet gegeven. Aanwezig was ook Martin Witteveen, schrijver van een aantal rapporten waarin de eerlijke rechtsgang in Rwanda aan de orde komt. Witteveen was als adviseur een jaar in Rwanda en had een uniek inkijkje in de dagelijkse gang van zaken rondom het opsporen en berechten van mogelijke genocidairs.

Criminoloog Joris van Wijk (Vrije Universiteit) en Marieke van Eik van advocatenkantoor Prakken d’Oliveira gaven een gedegen blik op de procedures rondom de mensen die van genocide worden beschuldigd. Van Eik, die veel zogeheten 1F-zaken doet maar geen Rwandese, legde uit dat er grote problemen zijn rond het gebruik van bronnen: die zijn niet toegankelijk voor de advocaat en de client, terwijl ze vaak doorslaggevend zijn in het dossier. De rechter mag het bronnenmateriaal wel inzien, maar mist vaak de specialistische kennis om het goed te kunnen beoordelen.

Van Wijk ging in op de internationale context: Nederland geeft als een van de weinige landen in Europa geen tijdelijke status aan mensen die van genocide worden beschuldigd, waardoor deze mensen als het ware in het luchtledige blijven hangen. Ze zijn in Nederland illegaal, krijgen daarom geen werk, geen zorg. Ze moeten Nederland verlaten, maar kunnen nergens naar toe. Het is een situatie die jarenlang kan duren; met name Afghaanse dossiers zijn hierom berucht.

De derde spreker was de zoon van Jean Baptiste Mugimba. Zijn vader zit al meer dan twee jaar in de gevangenis te wachten of hij naar Rwanda kan worden uitgeleverd om daar te worden berecht. Anders dan verwacht hield zoon Viktor geen persoonlijk verhaal over de gevolgen van de gevangenschap van zijn vader voor het gezin, maar hield hij een politiek discours dat bij de Rwandezen veel bijval kreeg. Al viel het wel even stil toen hij vertelde dat er in Rwanda in 1994 geen genocide had plaatsgevonden, maar een burgeroorlog. Viktor gaat mee met een omstreden theorie die er van uitgaat dat er geen sprake kan zijn van genocide omdat zowel Hutu’s als Tutsi’s werden vermoord tijdens die gruwelijke voorjaarsmaanden. 

Het werd uiteindelijk vooral een wat technisch debat, waarin het vuur niet daadwerkelijk wilde ontbranden. Dat het ook een eenzijdig debat was, kan de organisatie niet worden kwalijk genomen: het was namelijk vooral ook het debat van zwijgers: slachtofferorganisatie Ibuka, de IND, het ministerie van Buitenlandse Zaken én natuurlijk de mensen die vooraf zo’n hele grote mond hadden over het vooringenomen karakter van het debat. Voor- en tegenstanders konden daardoor dus niet met elkaar in discussie. 

Een gemiste kans die dus vooral op het conto van de wegblijvers geschreven kan worden. Het legitimeert de vraag of voorstanders van het regime wel de discussie aan willen of aandurven. Het legitimeert ook de vraag of een publiek debat de meest effectieve manier is om een toenadering tussen de extreem gepolariseerde uitersten tot stand te brengen. 

Aanstaande dinsdag horen Jean Baptiste Mugimba en Jean Claude Iyamuremye of zij aan Rwanda kunnen worden uitgeleverd. Dan doet de rechter uitspraak in het beroep dat de Staat aanspande tegen een eerdere uitspraak in november vorig jaar. Toen bepaalde de rechter dat beide verdachten nog niet kunnen worden uitgeleverd, omdat een eerlijke rechtsgang niet is gegarandeerd.


Dinsdag 28 juni

Verkiezingen??

Nog steeds is niet duidelijk wanneer er presidentsverkiezingen zijn in de Democratische Republiek Congo. Het is de bedoeling dat deze in november worden gehouden, maar president Joseph Kabila doet er alles aan om dat te voorkomen. Hij heeft, als veel andere Afrikaanse presidenten, moeite om de macht af te staan.

Op 23 juni gaven zowel de Europese Unie als de Verenigde Naties een waarschuwing af. Er moet zo snel mogelijk een verkiezingsplanning komen. Tja. Dat maakt indruk op Kabila. Bijna iedereen verwacht dan ook dat de verkiezingen pas in 2017 zullen plaatsvinden.

Kabila en zijn vrienden, hebben steeds minder geduld met mensen die kritiek hebben op de gang van zaken. Demonstraties worden ruw uit elkaar geslagen, politieke tegenstanders worden gearresteerd, kritische journalisten worden monddood gemaakt.

In Congo is het onverstandig in een vroeg stadium je kandidatuur aan te kondigen. Zo werd presidentskandidaat Moise Katumbi bij verstek tot drie jaar gevangenis veroordeeld. Hij zou het huis van een Griek illegaal hebben verkocht. Hij was opgepakt voor het ronselen van huurlingen. De verwachting is dat de komende maanden meer leden van de oppositie het moeilijk gaan krijgen. Voor hen is het een groot probleem dat de rechterlijke macht zich ten dienste stelt van de president. Een aanleiding om iemand achter slot en grendel te zetten, is snel gevonden, zo bewijst ook de zaak van Katumbi.

Als de spanningen oplopen, kan de president, net als bij de vorige verkiezingen, de mobiele netwerken aan banden leggen. In een land waar iedereen tenminste twee mobieltjes heeft, is dat de meest effectieve manier om ervoor te zorgen dat de communicatie op zijn minst vertraagd wordt. Uiteindelijk zorgt dat voor nog meer spanning in plaats van de spanning op te heffen. Bij de vorige verkiezingen gingen vooral jongeren de straat op, die vervolgens door de politie hardhandig werden aangepakt. Ik zag in 2011 tientallen jongens in wijkhospitaatljes met brandwonden en botbreuken.

Een groep VN-experts zet Congo hoog op de lijst om in de gaten te houden de komende zes maanden, naast bijvoorbeeld Libië en El Nina, het zusje van El Nino. Jammer zal zijn dat deze experts waarschijnlijk niet veel volgers hebben. Congo is al jaren een vergeten gebied, dat bestuurlijk en humanitair is afgeschreven, ondanks de hoge dichtheid van hulporganisaties en de duurste VN-vredesmacht ooit. Alleen grote internationale bedrijven weten het land goed te vinden. Goedkope grondstoffen dankzij de humanitaire en bestuurlijke chaos, zijn natuurlijk niet te versmaden.

En oh ja, morgen Rwanda debat in het Humanity House Den Haag, 20.00 uur, over Rwandezen die worden beschuldigd van genocide en de rol van Nederland.    

Voor wie iets heel anders wil lezen: voor het magazine Down2earth (Milieudefensie) schreef ik een artikel over de gevolgen van de Franse noodtoestand.

Donderdag 9 juni 2016

Over gevaarlijke en ongevaarlijke idioten

De zwarte suv Toyota staat robuust op de weg, wachtend tot een sleepwagen een bestelbus heeft ingeladen. Er is nog net een klein gaatje tussen de suv en de sleepwagen maar net te klein om er flitsfietsend doorheen te kunnen, schat ik zo in, dus ik stap monter van mijn fiets. Dan begint de suv opeens vooruit te bewegen. Ik kan geen kant op, ik wordt tegen de sleepwagen gedrukt. Ik bons met mijn vuist op de getinte ruit. Geen reactie. Pas als mijn voorwiel onder het voorwiel van de suv ligt, en ik nu echt fel begin te krijsen en te bonken, gaat er een raampje naar beneden. Een zonnebrankbruine geverfde blondine van ruim boven de vijftig kijkt me met neergetrokken mondhoeken aan. De man achter het stuur zit bewegingloos naar een ver punt aan de horizon te kijken. Ik wijs op mijn gehavende fiets en mijn penibele positie. De vrouw verblikt of verbloost niet. ‘We staan al zo lang te wachten.’ Dat vindt de man blijkbaar genoeg aan uitleg en beleefdheid en zonder boe of ba rijdt het stel weg. Ik heb nog net de tegenwoordigheid van geest om het nummerbord te noteren. Kokend van woede sta ik even later bij de politie. ‘Ik wil aangifte doen van vernieling’. De aardige oom agent hoort mijn verhaal aan en zegt dan hoofdschuddend: ‘Duidelijk gevalletje van verlaten plaats ongeval.’ Het hele halve uur dat de aangifte duurde, zit ik me te verkneukelen over de gezichten van het suv-stel als ze de politiebrief krijgen. Dus maar hopen dat de aardige oom agent ook echt met mijn aangifte aan de slag gaat. Enkele mensen die ik het vertelde gisteren, hadden er een hard hoofd in. 

Idioten deel 2

Gisteren kreeg ik een link doorgestuurd van een petitie. Daarin worden het Belgische en Nederlandse OM opgeroepen om onderzoek te doen naar collega Peter Verlinden van de VRT, Rwandadeskundige Filip Reyntjens en ikzelf. Wij zijn genocidairs of we ontkennen het, dat wordt niet helemaal duidelijk. De indiener van de petitie -zo zag ik dankzij Google- speelde een belangrijke rol bij de afgelopen herdenking van de genocide, hier in Nederland. Verder doet hij ook iets vaags met dansen in Kigali.

Ik denk dat alle officieren van justitie staan te trappelen om twee journalisten en een wetenschapper onder de genocide-microscoop te leggen. Maar ik zie ook dat het helemaal niet storm loopt met de petitie. Ik zou dus iedereen willen vragen de petitie vooral te tekenen! 


Dinsdag 7 juni 2016

Het beroep gisteren van Iyamuremye en Mugimba mondde uit in een rapporten en memo-polemiek tussen James Arguin (hoofdaanklager Rwandatribunaal)  en Martin Witteveen (voormalig adviseur van de Genocide Fugitive Tracking unit in Kigali). Waarbij het rapport van Arguin werd gebruikt door De Staat om aan te tonen dat Iyamuremye en Mugimba teruggestuurd kunnen worden naar Rwanda omdat hen daar een rechtmatig proces wacht en waarbij de rapporten van Witteveen door de verdediging werden geciteerd om aan te tonen dat Rwanda op dit moment niet in staat is tot een eerlijk proces vanwege gebrekkige verdedigingsmogelijkheden.

Er gebeurden vreemde zaken gisteren in de rechtszaal. Daarover zal ik vanavond meer opschrijven, heb er nu geen tijd voor. In ieder geval hebben de rechters dubbel zo veel tijd nodig om tot een beslissing te komen. In plaats van de gebruikelijke twee weken komt de uitspraak op 5 juli.


Maandag 6 juni beroep Iyamuremye en Mugimba

Volgende week maandag 6 juni om half twee dient in Den Haag het hoger beroep in de uitleveringszaken van Jean Claude Iyamuremye en Jean Baptiste Mugimba. Vorig najaar vond de rechter dat beiden niet konden worden uitgeleverd aan Rwanda tenzij er aan bepaalde voorwaarden was voldaan. De staat ging tegen deze beslissing in beroep; dat vindt dus volgende week plaats.

De rechter vond dat er onvoldoende zekerheid was of de verdachten wel adequaat zouden worden bijgestaan door capabele advocaten. Ook was er geen garantie voor gedegen onderzoek. De rechter kwam tot zijn oordeel mede op basis van een rapport van Martin Witteveen. Deze adviseerde een jaar lang de Genocide Fugitive Tracking Unit, de organisatie in Rwanda die zich bezighoudt met mogelijke genocidairs in het buitenland.Ik ontmoette Witteveen twee keer in Kigali, toen hij er nog maar enkele maanden zat. Hij was toen optimistisch gestemd over mogelijke genocide-processen in Rwanda. In met name het tweede rapport dat hij schreef, is dat optimisme gekanteld, met name vanwege de kwaliteit van de advocaten die de genocidairs kunnen zen zullen bijstaan.

Er is een derde memo, waarin Witteveen nog scherper verwoordt, waarom verdachten niet zonder meer naar Rwanda kunnen worden gestuurd. Ik heb onder meer naar dit memo gewobd, een beroep gedaan op de Wet openbaarheid bestuur, maar zoals gebruikelijk traineert het ministerie van Justitie het geven van informatie. Mijn vraag stuurde ik in juni vorig jaar, ik kreeg na maanden de twee rapporten waarom ik vroeg. Dat was niet verwonderlijk, ze waren inmiddels overal op internet te vinden en emailcorrespondentie waarin veel informatie was weggelakt.Van het memo werd het bestaan erkend, maar krijgen, nee dat ging niet. Openbaarheid zou de relatie met Rwanda kunnen schaden. 

Mijn Wob verzoek komt nu bij de rechter, na het beroep van Iyamuremye en Mugimba. Daar zal het memo wel aan de orde komen, zodat mijn Wob-rechter waarschijnlijk het memo gewoon zal vrijgeven, omdat de inhoud na de beroepszaak globaal of gedetailleerd bekend zal zijn.

De rapporten van Witteveen zorgen voor veel beweging in Rwandese uitleveringszaken, ook in het buitenland. Daarnaast zijn een aantal uitzettingszaken geschorst. 

Oh ja, hou de avond van 29 juni alvast vrij. Dan wordt er gedebatteerd over de Nederlandse rol bij uitzetting- en uitleveringsprocedures van Rwandezen die verdacht worden van genocide. Plaats van handeling: Humanity House Den Haag. Tijd: 20.00 uur. Organisatie: The Hague Peace Projects. Sprekers: onder andere Joris van Wijk, genocide-specialist, verbonden aan de Vrije Universiteit Amsterdam en Marieke van Eik, kantoor Prakken d’Oliveira, advocate gespecialiseerd in immigratierecht en genocide. 


Vrijdag 20 mei 2016

ADVOCATE INGABIRE HET LAND UITGEZET

Find english text here!

De advocate van Victoire Ingabire is het land uitgezet. Caroline Buisman was in Rwanda om kennis te maken met haar nieuwe client; ze werkt sinds kort voor Ingabire. Hoewel ze zich bij de grens had gemeld als Ingabire’s advocaat, stond ingeschreven bij de Rwandese Orde van Advocaten en had gesproken met de deken, werd een bezoek aan Ingabire de afgelopen dagen telkens geweigerd; ze zou toestemming moeten vragen aan het ministerie van Buitenlandse Zaken, iets wat tot nu toe nog geen enkele andere buitenlandse advocaat heeft moeten doen, aldus Buisman.

Buisman werd steeds verwezen naar een andere instantie: naar de gevangenis directie, naar het hoofd van het gevangeniswezen, vervolgens naar het ministerie van Buitenlandse Zaken, die haar uiteindelijk naar de Immigratiedienst stuurde. Daar werd ze bijna vier uur lang ondervraagd. Buisman moest na de ondervraging een verklaring ondertekenen, waarin ze erkende dat het niet handig was om met een toeristenvisum aan het werk te gaan, ondanks het feit dat ze bij de grens had aangegeven wie ze was en wat ze kwam doen. Buisman weigerde haar handtekening te zetten onder een verklaring waarin werd gesproken van 'manipulatie en bedrog’. 

Na haar bezoek aan de immigratiedienst, kreeg Buisman een dreigend telefoontje van diezelfde dienst. Ze moest de volgende ochtend het land verlaten: “I would be making a mistake if I carried on my business and I should stop speaking to people", aldus Buisman. Overigens kreeg Ingabires advocate alle medewerking van de Nederlandse ambassade in Kigali.

Buisman vertrok daarop donderdagochtend naar het vliegveld in Kigali. Daar bracht ze nog een spannend kwartier door, toen ze apart werd genomen door de douane. De advocate vertelde dat ze een paar nare dagen achter de rug heeft, maar dat ze vastbesloten is, weer naar Rwanda af te reizen, om haar client te ontmoeten. ‘De wensen van mijn client zijn natuurlijk leidend, maar zelf zou ik, zodra ik weer terug ben in Nederland, naar de Rwandese ambassade willen om daar een zakenvisum aan te vragen. Rwanda heeft namelijk beloofd dat ik daarmee gewoon aan het werk kan als advocate van  Ingabire.’

Overigens reisde Buisman op een toeristenvisum, omdat twee eerdere verzoeken bij de ambassade niet binnen een redelijke termijn werden behandeld.


Maandag 9 mei 2016

Tijdens het lezen van Bad News van de Amerikaanse journalist Anjan Sundaram voelde ik me weer helemaal in het Rwanda van 2010 tijdens de presidentsverkiezingen. Een collega bleek geen collega, maar lid van de inlichtingendienst; mannelijke collega’s vertelden over een schone mevrouw die zich aanbood in ruil voor informatie; kijken over je schouder werd een gewoonte. Als we in de persbus zaten, voelde ik de onderhuidse tochtstromen: wie is te vertrouwen en wie niet? En dat gold voor alle kampen. Nadat ik een aantal keren bij Ingabire thuis was geweest wist ik het zeker: ik werd gevolgd en mijn hotelkamer was minstens één keer doorzocht.

Het jaar van de verkiezingen was voor journalisten een gruweljaar (Zie oktober 2010 en juli 2010): kritische media werden geschorst, kritische journalisten moesten vluchten en een journalist werd zelfs vermoord.

Twee jaar geleden was ik in Kigali tijdens de Dag van de Persvrijheid. Een keurig geregisseerde dag met speciale persvrijheid T-shirts, waarbij zelfs een enkele kritische vraag gesteld mocht worden aan de controleurs van de media. Fred Muvunyi was toen nog hoofd van de Rwanda Media Commission, een soort zelfregulerend orgaan. Anderhalf jaar later ontmoette ik hem in Amsterdam. Hoewel groot fan van Paul Kagame, moest hij vluchten omdat hij vond dat de BBC weer gewoon moest kunnen uitzenden. Zie 24 augustus 2015.

Een paar weken geleden kwam het rapport uit van Reporters without Borders, dat Rwanda plaatste op nummer 161 van de landenlijst. Nu is er een nieuwe lijst van Freedom House. Rwanda staat hier op nummer 171. Burundi overigens staat nog eens twee plaatsen lager. Op beide lijsten staat Eritrea op de laatste plaats.

Journalisten in Rwanda kunnen hun werk niet doen. De afgelopen jaren zijn de restricties alleen maar groter geworden en in de aanloop naar de presidentsverkiezingen van 2017 zal de repressie alleen maar toenemen. Dit jaar kreeg ik de Victoire Ingabire Umuhoza prijs voor vrede en democratie. Dit najaar geef ik hem door aan de journalisten in Rwanda.

Morgen: een verschrikkelijk verhaal over een Burundese diplomaat.

Maandag 2 mei 2016

Nederland, stop financiële steun aan Rwanda!

Op 27 maart 2016 wandelt Illuminée Iragena voor het laatst in vrijheid door de straten van Kigali. Illuminée is een dappere vrouw: ze durft vriendin te zijn van oppositieleider Victoire Ingabire en werkt zelfs mee aan het boek van Ingabire ‘Tussen de vier muren van gevangenis 1930’. Haar man en drie kinderen hebben geen idee dat dit voorlopig de laatste keer is dat hun moeder ten afscheid naar hen zwaait.

Sinds die zondag heeft niemand meer een teken van leven van Illuminée ontvangen. De FDU, de partij van Ingabire, verdenkt de Rwandese inlichtingendienst van ontvoering. Was die namelijk ook niet schuldig aan de ontvoering, nog maar een paar dagen daarvoor, van hun assistent -penningmeester? Was deze niet juist op 26 maart vrijgelaten na een drie dagenlang verhoor waarin ze was geslagen? 

Als de FDU naar de politie stapt om te vragen waar mevrouw Illuminée is, krijgt de partij nul op het rekest. De politie zegt van niets te weten. Dat verbaast de FDU niet. De politie had nog maar een paar dagen geleden ook ontkend dat ze de assistent-penningmeester in een van hun cellen hadden zitten. In Rwanda is de politie niet je beste vriend.

De afgelopen dagen druppelen steeds meer berichten binnen dat Illuminée terecht is gekomen in kamp Kami, een berucht martelkamp waar Amnesty International in 2012 een verbijsterend rapport over schreef. Volgens de FDU hebben ze van verschillende bronnen gehoord dat Illuminée daar wordt gemarteld. Zij werd gezien toen ze door soldaten naar een medische post werd gebracht.

Haar man vluchtte vlak na haar ontvoering naar Burundi; haar kinderen zitten daar inmiddels ook. Het is niet veilig meer voor hen in Rwanda. 

Wat wil dat zeggen over een land: als zelfs kinderen er niet meer veilig zijn omdat hun moeder of vader wordt beschouwd als landverrader? Wat wil het zeggen over een land als mensen zomaar van straat kunnen worden geplukt om te worden ondervraagd en vervolgens in ’nacht und nebel’ verdwijnen? In Frankrijk wordt gemord over de noodtoestand die huiszoekingen en huisarresten zonder opgaaf van reden mogelijk maakt. In Rwanda is een veel zwaardere noodtoestand al een jarenlange realiteit.

Wat zegt het over Nederland als wij een dergelijk land financieel en moreel blijven steunen? Laten we eerlijk zijn: er is er maar één die bepaalt wat er in Rwanda gebeurt en dat is president Paul Kagame. En dat doet hij eigenlijk al sinds 1990, toen hij met zijn rebellenleger vanuit Oeganda zijn aanvallen op Rwanda startte. 

Zullen we 40.000 handtekeningen gaan verzamelen waarmee we onze Tweede Kamer kunnen dwingen tot een kamerdebat over Rwanda? Wie doet mee?

In ieder geval nu een eerste verzoek aan Buitenlandse Zaken en de ambassade in Kigali: kunnen jullie alsjeblieft uitzoeken wat er aan de hand is met mevrouw Illuminée Iragena?



Maandag 25 april 2016

Wat is dat toch met die staatshoofden die denken dat ze via klikkende landgenoten ervoor kunnen zorgen dat niemand meer boos over hen denkt, schrijft en praat? De afgelopen week wees iedereen met de vinger naar de Turkse president Erdogan, zeker na de arrestatie en gedeeltelijke vrijlating (ze mag zo lees ik het land nog niet uit) van journaliste Ebru Umar. Schande! 

Rwanda staat op nummer 161 op de index van persvrijheid, Turkije op nummer 151. Allebei geen plaats om trots op te zijn al zal de Rwandese ambassade nooit een consulaire klikbrief hoeven te sturen, omdat de zwijgplicht er bij de Rwandezen al jarenlang wordt ingehamerd. Zwijgen is goud, als spreken betekent dat je familie in Rwanda gevaar loopt. In Rwanda zelf is een kliklijn volstrekt overbodig. Iedereen houdt de kaken stijf op elkaar uit angst voor de klikbuurman die blokhoofd is en lid van de staatspartij RPF, uit angst voor de klikcollega, uit angst voor de eigen klikkinderen. Ik heb veel boeken gelezen over communistisch China en en de culturele revolutie van Mao Ze Dong; de sfeer die in die boeken beschreven wordt, komt huiveringwekkend overeen met die van het tegenwoordige Rwanda.

Nog even een aanvulling op de vorige bijdrage uit Benin (met dank aan Lies): de nieuwe president van Benin, Patrice Talon werd niet alleen uit het land verjaagd vanwege mogelijke fraude, maar ook omdat hij zijn president had willen vergiftigen; Talon kon nog net op tijd naar Parijs vluchten. De nicht van de president, zijn arts en een minister belandden daarentegen in de gevangenis. De fraude van Talon bestond eruit dat hij verlopen agrarische producten vrolijk in een andere verpakking stopte. Dat had als gevolg dat veel oogsten mislukten (oud zaad kiemt slecht bijvoorbeeld) en dat had weer tot gevolg dat veel boeren zelfmoord pleegden.

Opnieuw is het visum geweigerd van twee Congolese ondernemers die in Nederland een pers wilden kopen. De reden is nog niet helemaal duidelijk, maar duidelijk is wel dat het bijna onmogelijk lijkt om een visum te krijgen. Een vriend uit Benin vroeg me laatst hoe groot de mogelijkheid was dat hij met vrouw en kind naar Nederland kon emigreren, zonder geld. ’Nul kans’ luidde mijn antwoord. 

Ooit las ik met het schaamrood op de kaken over de Joodse Exodus na de Tweede Wereldoorlog. Hoe schepen geweigerd werden om de havens binnen te varen. Hoe mensen die alles hadden meegemaakt en alles hadden verloren, nergens terecht konden. Er zijn vele dagen dat ik met hetzelfde schaamrood TV kijk en de kranten lees.





Woensdag 6 april 2016

Rijk zakenman Talon nieuwe president Benin

Vandaag kreeg Benin een nieuwe president: Patrice Talon. Een rijk zakenman, en dus was er bij veel Beninois een zucht van verlichting te horen: deze president hoefde het in ieder geval niet van corruptie te hebben, hij had centen zat.

Het is deze Talon die de eerdere twee campagnes van de aftredende president Boni Yayi financierde. Hij werd rijkelijk beloond door Yayi via zakelijke voorkeursbehandelingen totdat Talon ‘nee’ zei tegen een derde termijn voor Yayi. Genoeg is genoeg, Afrika heeft geen behoefte aan weer een president die zijn gat eindeloos aan het rode pluche wil warmen. Talon is groot voorstander van 1 termijn van vijf jaar voorveel bestuursposten, omdat de eerste termijn vaak gebruikt wordt om zich te verrijken zodat de campagne voor een tweede termijn betaald kan worden!

Als dank voor dit ‘nee’ moest Talon haastig het land verlaten; hij werd door zijn voormalige boezemvriend beschuldigd van fraude.Talon woonde in Parijs tot hij campagne ging voeren voor deze presidentsverkiezingen. Ik kan me voorstellen dat hij vanavond in zijn bedje hartelijk zal glimlachen en ‘Yes I did it’ tegen zijn vrouw zal fluisteren. Een foto, vandaag genomen, laat een twinkelende Talon zien en een zure Yayi.

talonyayi.jpg


De inauguratie vandaag was een simpele aangelegenheid: vanaf zeven uur gingen de poorten open van het stadion in hoofdstad Porto Novo, waarna de stoelen zich langzaam vulden met voornamelijk mannen. In pak, in traditionele kleding, in uniform. Er was geen amusant voorprogramma, zoals in 2010 in Rwanda. Wie zat kon kiezen tussen staren naar het groene gras, om zich heen kijken wie een betere zitplaats had gekregen, of een praatje maken met de buurman.

inauguratie.jpg


Staatsomroep ORTB deed verslag met verschillende cameraploegen, maar was vergeten dat geluid ook belangrijk was. De aankomst van allerlei grootheden was daarom wel te verstaan voor de doven en slechthorenden dankzij hun gebarende tolk, maar niet voor de horenden. Zit er een beetje op te mopperen, omdat ik zelf natuurlijk in dat stadion had willen zijn, ondanks de bloedhitte. Maar ik kreeg een persuitnodiging niet voor elkaar, iets met formulieren in honderdvoud. 

Zes april is een beladen datum. 22 jaar geleden stortte het vliegtuig neer met de president van Rwanda en Burundi, het was het startsein voor de genocide. Morgen is heel Rwanda in rouw gedompeld, dan begint de officiële herdenking. Zal Kagame de 25 jarige herdenking meemaken als president?


Maandag 4 april 2016

Ingabire houdt zich sterk

Het gaat naar verhouding goed met Victoire Ingabire nadat zij is overgeplaatst naar het algemene gedeelte van de vrouwengevangenis, aldus Boniface Twagirimana, de vice voorzitter van haar partij in Rwanda. Ingabire is sterk en krijgt nog steeds elke dag eten van buiten de gevangenis, al vreest Boniface dat dit elk moment kan zijn afgelopen.

Veel mensen, waaronder haar Nederlandse advocaat,  proberen op veel deuren te bonzen: Amnesty International, Human Rights Watch, de Nederlandse ambassade in Kigali, Tweede Kamerleden, het Europees Parlement. De roep om Ingabire vrij te laten wordt steeds sterker. 

Volgens Rwandakenner Filip Reijntjens heeft haar overplaatsing alles te maken met het beroep dat Ingabire instelde bij het Afrikaanse Hof wat betreft haar veroordeling van vijftien jaar. Een paar dagen voor de eerste zitting zou plaatsvinden, begin maart, trok Rwanda plotseling het kleed onder de zaak vandaan, door niet langer mee te willen doen. Rwanda is doodsbenauwd dat het niet wegkomt met de hele en halve onwaarheden die tijdens het ‘proces’ van Ingabire als bewijs werden gepresenteerd. Voor het oog van de hele internationale wereld met de billen bloot, is niet iets waar Kagame op zit te wachten, een jaar voor de presidentsverkiezingen. 

Inmiddels is de assistent-penningmeester weer vrij, maar is een goede vriendin van Ingabire sinds 27 maart verdwenen. Boniface denkt dat haar verdwijning te maken heeft met haar bijdragen aan het boek van Ingabire ‘Tussen vier muren’. 

 

Benin, lesgeven met drempels

Vrouwen zijn nutteloos als ze niet voor hun man kunnen koken, zo sprak een jonge –adsprirant- journaliste opgewekt, ter onderbouwing van haar voorstel eens te gaan onderzoeken hoe het komt dat steeds meer jonge vrouwen niet koken.

Een ander onderzoeksvoorstel, ook van een meisje, wijst schijnbaar op ernstiger zaken: hoe komt het dat steeds meer meisjes zich moeten prostitueren om hun eigen vader en moeder, broertjes en zusjes te onderhouden?

Maar eigenlijk komen beide onderwerpen bij elkaar als je kijkt naar de groeiende kloof tussen de traditionele cultuur en de opkomende moderniteit. Een hulporganisatie springt daar gretig op in door een soort mentorprogramma aan te bieden, ook een artikelvoorstel: leer jonge mensen weer gebruik te maken van de traditionele leiders en wijzen in het land. Laten ze dan wel zorgen voor nieuwe ‘oude’ wijzen, anders is er over twintig jaar niemand meer over, zo mompelde een slimme leerling van me.

Het gaat dus goed met het aandragen van ideeen. Ik zou zo een paar projecten kunnen aandragen voor Europese subsidie, maar met de uitvoering gaat het minder. We zouden twee projecten doen deze 10 dagen, beetje ambitieus misschien, maar van het eerste project heb ik nog geen enkel resultaat gezien. Misschien omdat ik zelf nu niet mee doe, maar samen met de eindredacteur aan een ander onderwerp werk. 

Tenminste dat dacht ik, maar ook daar is tot nu toe weinig van gekomen. Excuus was de benzinecrisis: vorige week was er zo weinig benzine te krijgen dat de prijs verdubbelde: van 400 CFA naar 800 CFA, zeg maar van 60 cent per liter, naar 1,20 per liter. Door die hoge prijs kon mijn begeleider zich maar moeizaam verplaatsten, zo vertelde hij me, toen hij me kwam ophalen van het hotel met vrouw, zoon en schoonmoeder op de achterbank. 

Ik merkte zelf weinig van de benzinecrisis. Nog steeds vliegen de motortaxi’s je links en rechts om de oren en scheren de auto’s vlak voor je en vlak achter je. Voorrang geven aan een voetganger? Ben je nu helemaal betoeterd!

 


Vrijdag 1 april 2016

Zeer verontrustende ontwikkelingen rondom Ingabire

Sinds 1994 is april een lastige maand voor de Rwandezen. Op de avond van 6 april werd het vliegtuig neergeschoten waarin de presidenten van Rwanda en Burundi zaten, plus nog wat andere VIP’s. Die avond begonnen de gruwelen die zouden leiden tot ongeveer een miljoen dode Rwandezen. Op 7 april herdenkt Rwanda nu elk jaar haar doden, een herdenking die overigens nog weken doorgaat.

Het lijkt er op dat het regime deze tijd heeft gekozen om het leven van oppositieleider Ingabire onmogelijk te maken, zo niet in gevaar te brengen. Gisteren werd ze overgebracht van haar zwaar beveiligde cel in de centrale gevangenis van Kigali, naar het algemene vrouwengedeelte. Daarmee komt haar leven rechtstreeks in gevaar. Niet alleen heeft Ingabire nu direct contact met gevangenen waardoor het makkelijker wordt om haar te laten mishandelen of een ‘ongeluk’ te laten krijgen, ook loopt Ingabire nu de kans om vergiftigd te worden. Haar doktersattest, afgegeven door een Nederlandse dokter, is ongeldig verklaard, waardoor zij nu geacht wordt het normale gevangenisvoedsel te eten. Ingabire heeft veel last van maag en darmen, maar is nog veel banger voor gif dat nu in haar maaltijd kan worden gestopt.

Leonille Gasengayire (zie dinsdag) is inmiddels weer vrij. Ze is zowel psychisch als fysiek, zwaar onder druk gezet om de partij van Ingabire, en dus Ingabire, te verlaten.

De FDU vreest dat haar overplaatsing de opmaat is voor een transfer naar de binnenlanden van Rwanda. Daar is zij volstrekt geïsoleerd van haar achterban.


Dinsdag 29 maart 2016

Ingabire zonder eten en drinken na ontvoering assistent-boekhouder

Via een -laffe anonieme- file op Google drive samen met de andere prijswinnaars tot ‘vijand van Rwanda’ verklaard.’ Ik moet er hartelijk om lachen. In het document worden zaken zodanig verdraaid dat een argeloze lezer die Rwanda niet kent, direct zal uitroepen: ‘Oh, wat een gemene mensen. En dat tegen een volk dat al zo heeft geleden.’ Want iedereen weet wel dat er heel veel mensen gruwelijk zijn vermoord ergens in de jaren negentig, al weet niet iedereen waar de Hutu’s en waar de Tutsi’s te plaatsen. Nederland zit vol met mensen die denken dat ‘ehhh de Hutsi’s toch slachtoffer waren?’ 

De herrie om de prijs die genoemd is naar Victoire Ingabire, geeft wel aan dat het regime in ieder geval deze belangrijk genoeg vindt om er herrie over te maken. Het zal te maken hebben met het magische jaar 2017 wanneer er weer presidentsverkiezingen zijn. Net als vorige keer in 2010, neemt in de aanloop, de repressie toe. Zeker ook naar Victoire Ingabire die meer en meer het internationale symbool van de Rwandese oppositie wordt. Het regime doet er alles aan om haar geest te breken.

Zo werd vorige week FDU’s assistent boekhouder Leonille Gasengayire gekidnapt. Zij brengt tegenwoordig elke dag het eten naar Ingabire die in gevangenis 1930 een straf van 15 jaar moet uitzitten, na een proces dat die naam niet verdient. Leonille was al op het terrein van de gevangenis, toen zij -volgens de partij van Ingabire FDU-Inkingi- werd aangesproken door mannen in burger en vervolgens in een auto werd geduwd.  Van Leonille is tot nu toe geen spoor. Sinds de kidnapping zit Ingabire zonder water en voedsel. Haar gezondheidstoestand laat niet toe dat ze gevangenisvoedsel eet; ook is ze bang voor vergiftiging. 

BENIN: LE MEILLEUR

En verder zit ik weer in Benin, in de belangrijkste stad Cotonou. Daar ben ik voor PUM beland bij Le Meilleur quotidien (de beste krant), die na mijn komst ‘Misschien wel de beste krant’ gaat heten. Het is een krant die niet is gelieerd aan een politicus, een uitzondering in Benin. Erg leuk detail: deze krant bracht als eerste het nieuws dat er gesjoemeld werd met Nederlands fondsengeld! Vandaag ga ik kennismaken met de redactie en de drukkers die de krant elke dag het licht laten zien. Alleen dat al is in Benin, waar de elektriciteit het minstens een keer per dag laat afweten, een prestatie van formaat. Wat kan ik die jongens eigenlijk leren? En zijn er ook meisjes toevallig?

Ik zit in een hotel dichtbij de redactie. Het is nieuwbouw, maar alles hangt van narigheid aan elkaar. Zo hebben al drie gordijnroedes het opgegeven het gordijn hoog te houden. De ramen zijn klein, dat is logisch met de hitte -het is klam benauwd met temperaturen die in de nacht toch wel tot 27 graden dalen- maar dat geeft wel iets claustrofobisch. Heb een enorm appartement met twee slaapkamers (waarvan een met een al beslapen bed), een keuken, een salon met bankstel en eettafel en natuurlijk een enorm tv-toestel, waarvan de afstandsbediening tot op heden ontbreekt. Een restaurant, bar of terras daar doet dit hotel niet aan, mijn ontbijt wordt -hopelijk- zodadelijk aan mijn werktafel geserveerd.

Gelukkig zijn er hier en daar balkonnetjes waar ik mijn neus in de warme buitenlucht kan steken, en het allerbelangrijkste, naast het hotel zit een barretje met wankele tafels, waar ze ijskoud bier serveren.

Maandag 14 maart 2016

Een prijs voor de democratie en vrede

Afgelopen zaterdag kreeg ik samen met de Noorse jurist en mensenrechtenactivist Fred Holt en de Congolese schrijver Patrick Mbeko, de Victoire Ingabire Umuhoza prijs voor vrede en democratie.

Natuurlijk ben ik hartstikke trots, maar ik heb lang geaarzeld of ik de prijs wel zou accepteren. Als journalist doe ik gewoon mijn werk en daar hoef ik geen prijs voor te krijgen. Daarnaast kunnen mensen deze prijs gebruiken om mijn betrouwbaarheid als journalist in het Rwanda-dossier te ondermijnen.

De kersverse Rwandese ambassadeur in België, Olivier Nduhungirehe, begon al direct de aanval, door me als FDU-activist en genocide-ontkenner neer te zetten. Natuurlijk werd de uitspraak van de Raad voor de Journalistiek er weer bij gehaald van het artikel dat ging over Jean Claude Iyamuremye, waarin ik door de raad schuldig werd bevonden aan vooringenomenheid en leugenachtigheid. De raad heeft geen idee dat klager Ibuka een instrument is in de handen van het Rwandese regime.

Dit soort beschuldigingen begint werkelijk saai te worden; iedereen met de verkeerde Rwandese vrienden of die (een ietsiepietsie) kritiek durft te leveren op president Kagame wordt voor het gemak weggezet als revisionist en genocide-ontkenner. Geeuw.

Veel erger en een ambassadeur werkelijk onwaardig, vond ik zijn tweet over Jean Claude Iyamuremye zelf. Die zat heel vals in elkaar: ‘Everybody from Kicukiro still remember Nzinga, a young overzealous killer, son of ‘the conseiller’.

In minder dan 140 tekens zet de Rwandese ambassadeur Iyamuremye neer als een jonge overijverige moordenaar, die ook nog eens bekend is bij iedereen in de wijk Kicukiro. Iyamuremye zit al bijna drie jaar in de gevangenis te wachten op uitlevering naar Rwanda. Daar zou hij terecht moeten staan. Die uitlevering vindt nog steeds niet plaats, onder meer omdat voor een dergelijk gecompliceerd proces in Rwanda, onvoldoende gekwalificeerde advocaten zijn, die voor dit soort processen weinig betaald krijgen.

Natuurlijk heeft de ambassadeur een goed voorbeeld. President Kagame vond -nog voor de rechter een oordeel had uitgesproken- dat er ruim voldoende bewijs was voor de schuld van Victoire Ingabire.

Terug naar de prijs. Ik heb dus geworsteld: aannemen of niet? Uiteindelijk heb ik besloten de prijs aan te nemen, maar hem direct door te geven aan ALLE Rwandese journalisten. En met alle bedoel ik niet alleen de journalisten die vanwege het regime zijn gevlucht, vermoord, bedreigd of gearresteerd. Ik bedoel daar ook de journalisten mee die dag in dag uit geconfronteerd worden met een waanzinnige censuur. Die weten dat ze moeten schrijven wat het regime wil omdat ze anders niet meer kunnen schrijven. Ik geef de prijs dus ook aan bijvoorbeeld de collega’s van de New Times.

Persvrijheid is iets dat Rwanda niet kent. Rwanda staat op de 162ste plaats (van de 180 landen) als het gaat om de persvrijheid. Het staat bijvoorbeeld lager dan DRC (151) en Rusland (148). Overigens, Nederland staat op de tweede plaats, Finland is nummer één. De lijst wordt jaarlijks samengesteld door Reporters without Borders; deze cijfers zijn van 2014.

Met het gebrek aan persvrijheid worden niet alleen de journalisten geconfronteerd die kritiek uitoefenen op het regime, maar beslist ook zij die elke dag hun werk moeten doen in gecensureerde omstandigheden. Dat kruipt in je hoofd, zo vertelde een Rwandese journalist me in november 2014. 'Censuur is zo vanzelfsprekend dat je je eigen stukken -ongemerkt- propagandistisch schrijft. Misschien zou ik anders willen, maar daar denk ik niet aan. Ik heb een familie.’ Aldus de journalist die ik maar niet bij naam zal noemen.

Rwanda heeft behoefte aan een werkelijke dialoog, niet aan opgeklopte beschuldigingen die geen basis in de realiteit vinden. Journalisten kunnen daarbij een belangrijke rol spelen. Nu en in de toekomst van Rwanda.

VIUaward.jpg

 

Maandag 7 maart 2016

Rwanda is niet verschenen op de hoorzitting van Victoire Ingabire afgelopen vrijdag 4 maart. Geheel plotseling, slechts enkele dagen voor de hoorzitting van het Afrikaanse Hof voor de Rechten van de Mens in Arusha, liet Rwanda weten zich niet gehouden te voelen aan artikel 4, lid zes van het Afrikaanse mensenrechten charter. Dat wil zeggen dat Rwanda niet ingaat op zaken van individuen en hulporganisaties die hun zaak voorleggen aan het Afrikaanse Hof.

Met andere woorden: Rwanda heeft geen zin zich te verantwoorden voor de ogen van alle Afrikanen en andere buitenlanden. Rwanda heeft geen zin zich ook maar ergens te verantwoorden. Zo erkent Rwanda ook het Internationale Strafhof in Den Haag niet. Eerlijk is eerlijk, Rwanda is wat betreft het ICC niet het enige Afrikaanse land. Het ICC wordt de laatste jaren meer en meer gezien als een Westers strafhof tegen Afrika.

Ik las in een artikel van de Amerikaanse journaliste Ann Garrison een interessante quote van Aimable Mugara. Hij is schrijver, activist, lid van FDU-Inkingi en gevlucht naar Canada. Hij zegt dat Ingabire door Paul Kagame als zijn grootste bedreiging gezien wordt. Als militair weet Kagame uitstekend om te gaan met militaire opposanten, maar heeft hij geen enkele notie hoe hij een kleine, ongewapende dame die vraagt om democratie, moet behandelen, zo zegt Mugara.

Oppervlakkig gezien heeft Mugara natuurlijk ongelijk. Ingabire zit sinds 2010 in de gevangenis. Daar wordt haar het leven steeds maar weer heel lastig gemaakt. Partijleden waar ook ter wereld worden scherp in de gaten gehouden door de Rwandese inlichtingendienst. Kagame heeft een heel leger aan bloggers,facebookers en  twitteraars die elke kritiek moeten pareren en over heilstaat Rwanda een krachtig halleluja verkondigen. Mensen die iets voor Ingabire zouden kunnen betekenen, of iets aardigs zeggen over Ingabire wordt gemakshalve de toegang tot het land geweigerd. Oppervlakkig gezien is Ingabire dus geïsoleerd en tot weinig in staat. 

Maar waar de president geen rekening mee heeft gehouden is het beeld dat gaandeweg is ontstaan: een dappere dame die het bijna in haar eentje op durft te nemen tegen gigant Kagame. Bijna ieder land (behalve Nederland) vindt dat Ingabire een politiek gevangene is. Kagame ziet zich gedrukt in de rol van brute Goliath. Een beeld dat door de live streaming van het Afrikaanse Hof alleen nog maar verder benadrukt zou worden. En daar had Kagame natuurlijk geen zin in. Want slim is-ie zeker! 

In het kader van de isolatie-politiek werd natuurlijk het visum van Ingabires nieuwe Nederlandse advocate geweigerd. Zij mocht Rwanda niet in om met haar client de hoorzitting voor te bereiden. Wat dat betreft valt er wat voor te zeggen de ervaren Engelse advocaat aan te houden; Rwanda is  lid van het Gemene Best. Daarom heeft hij als Engelsman geen visum nodig en kan hij vrijelijk in en uit Rwanda reizen. 

Wat er nu verder gebeurt? Geen enkel idee. Wie gelooft Kagame als hij zegt dat Rwanda heel goed in staat is om mensenrechten zaken zelf te behandelen?

Dinsdag 1 maart 2016

Ingabire bij Afrikaanse hof

Aanstaande vrijdag 4 maart begint het beroep van Victoire Ingabire bij het Afrikaanse Hof van de rechten van de mens. De zitting begint om half tien en is -deo volente- te volgen op een live-stream: http://original.livestream.com/afchpr

Ingabire staat tegenover Rwanda voor dit Afrikaanse Hof omdat ze vindt dat Rwanda haar mensenrechten schendt. Het gaat dan met name om het recht op een eerlijk proces en het recht op vereniging. Het proces en hoger beroep van Ingabire zijn veroordeeld door mensenrechtenorganisaties als Amnesty International en Human Rights Watch. 

Ingabire wordt daarnaast in de gevangenis nauwgezet in de gaten gehouden. Ook mag ze maar weinig bezoek ontvangen. Het gevangenisleven wordt haar met steeds weer andere middelen, moeilijk gemaakt. Zo wordt haar Rwandese advocaat nog steeds de toegang tot Ingabire geweigerd, zodat het onmogelijk is dit beroep bij het Afrikaanse Hof voor te bereiden.

Gelet op het programma is het meer dan een verkennende zitting; zo krijgen eiser en verdediging beiden drie kwartier om hun zaak te bepleiten en kunnen ze ook weer reageren op elkaars verhaal. Ruimte voor getuigen lijkt er niet te zijn. Ik weet niet of dit de enige zitting zal zijn, maar het lijkt mij dat de advocaten om uitstel moeten vragen. Hoe kun je nu je client goed vertegenwoordigen als je niet met haar hebt overlegd. 

Waarschijnlijk zal Ingabire niet bij de zitting aanwezig mogen zijn; via een videoverbinding zou ze alsnog virtueel in de zaal kunnen zitten, maar het is natuurlijk zeer de vraag of Rwanda dit zal faciliteren.

Hekserij

Afgelopen vrijdag was ik te beluisteren in het programma Bureau Buitenland van de VPRO. Wie iets anders te doen had die avond om acht uur, en toch even wil luisteren: http://www.radio1.nl/item/345838-Hekserij-in-Afrika.html

Maandag 22 februari 2016

Lees hier het eerste deel van een drieluik over magie, hekserij en de schokkende invloed op het dagelijks leven in Afrika (sub Sahara). Gepubliceerd in De Groene Amsterdammer van deze week.

Presidentsverkiezingen in DRC?

Wie op het blauwe balkje calendre electoraal, (onder Cycle Electoral) krijgt nul op het rekest  De site van de Congolese kiescommissie, CENI, geeft daarmee -waarschijnlijk onbedoeld -aan dat er nog weinig schot zit in de organisatie van de parlementents- en presidentsverkiezingen. Daarmee lijkt president Kabila vooralsnog zijn zin te krijgen. Hij wil aan de macht blijven. Is het niet linksom via nieuwe verkiezingen, dan rechtsom door verkiezingen uit te stellen. 

De Ceni is echter nog steeds heel positief en van plan om de presidentsverkiezingen in 2016 te organiseren. Volgens Corneille Nangaa, voorzitter van de Ceni, loopt de planning gelijk op met 2006 en 2011. De totale organisatie nam toen 16 maanden in beslag en de verkiezingen vonden plaats zoals geprogrammeerd. Hij wijst op de internationale aanbesteding die nu plaatsvindt voor de circa 10.000 apparaten en documenten die nodig zijn om de stemmers te registreren. ‘Registratie zal klaar zijn op 22 juli 2016. Dat is in dezelfde periode als in 2006 en 2011.’ Hij wijst ook op de logistieke steun van Monusco. 

Ceni kan al snel laten zien wat ze kan, of niet kan: op 26 maart zijn de gouverneursverkiezingen. 

Burundi en Rwanda

Ondertussen vragen Burundi en DRC aan de Verenigde Naties om Rwanda tot de orde te roepen. Rwanda ronselt namelijk onder de Burundese vluchtelingen en stuurt de geronselde mannen de grens over om Burundi verder te destabiliseren. Volgens Congo worden er Burundezen met een valse Congolese kieskaart via Congo naar Burundi gebracht. Thomas Periello, de speciale gezant van het Grote Merengebied, meldde dat hij drie Burundese kindsoldaten had gesproken die waren opgeleid door Rwanda. Ook de VS beschuldigen Rwanda van ronselpraktijken en van het bewapenen van rebellen. De Europese Unie sluit vooralsnog de ogen voor de inmenging van Rwanda. In een schrijven van 16 februari rept ze er met geen woord over. 

President Kagame ontkent de beschuldigingen en noemt ze ‘kinderachtig’. Hij is zelfs van plan om de 70.000 vluchtelingen uit Burundi gedwongen terug te sturen. ‘De miscommunicatie met onze buitenlandse relaties is te groot.’ zo zegt hij in het blad Foreign Policy. Zijn aankondiging kwam twee dagen nadat twee Amerikaanse diplomaten hun zorgen uitspraken over de ronselpraktijken van Rwanda.

Kagame gaat kalmpjes verder met de voorbereidingen van zijn eigen herverkiezing volgend jaar. 'Een derde termijn is gezond voor Rwanda als het het de keuze is van Rwanda’ zegt hij. Natuurlijk zorgt de onverbiddelijke controle op elke Rwandees dat zijn herverkiezing nu al vaststaat. Geen Rwandees die durft iets anders te stemmen. Het wordt nog een hele toer de uitslag zo te veranderen, dat het nog een beetje reel lijkt. In 2010 waren de stembussen daarom waarschijnlijk anderhalve dag ‘zoek’. De 99,999 procent stemmers voor Kagame moesten worden teruggebracht naar 93,4 procent.



Maandag 15 februari 2016

Ingabire op 4 maart naar Afrikaans Hof Rechten voor de Mens?

Op 4 maart begint de zaak van Victoire Ingabire Umuhoza voor het Afrikaanse Hof van de Rechten voor de Mens. dat gaat niet gladjes, om maar een eufemisme te gebruiken. Zo wordt voor de zoveelste keer haar Rwandese advocaat de toegang tot de gevangenis geweigerd. Onmogelijk dus om zich goed voor te bereiden.

Ook toen de Rwandese advocaat Ingabire nog wel mocht bezoeken, werd hij tegengewerkt. Zo moest hij zijn notities laten lezen. Dit is volledig in strijd met de internationale regels en Gatera, de advocaat, diende dan ook een klacht in bij de Rwandse Orde van Advocaten.

Er is ook goed nieuws: Ingabire heeft een nieuwe Nederlandse advocaat, Caroline Buisman. Zij kent Rwanda goed en heeft veel ervaring als advocaat bij het Internationaal Strafhof in Den Haag en het Rwanda Tribunaal in Arusha. Ze is in Nederland actief in een aantal dossiers van Rwandezen die beschuldigd zijn van genocide.

Het is lang niet zeker of Ingabire haar eigen zaak kan bijwonen. Het Afrikaanse Hof voor de Rechten van de Mens is namelijk gevestigd in Arusha, Tanzania. Ingabire zou dus de grens over moeten. Of Rwanda daar toestemming voor geeft is maar zeer de vraag. Ze staat dan in het middelpunt van de internationale belangstelling en dat zou goed zijn voor haar moreel. En juist dat moreel probeert de directie van de gevangenis op veel manieren te ondermijnen.

Ingabire heeft regelmatig te maken met pesterijen. Dan weer wordt haar eten weer minutieus onderzocht. Het betekent dat alles door elkaar wordt gegooid en eigenlijk nauwelijks meer eetbaar is, aldus een bericht van haar partij UDF-Inkingi. Het eten wordt elke dag trouw door de vice-president van de UDF naar haar toe gebracht. Ingabire durft het gewone gevangenisvoedsel niet te eten, uit angst voor vergiftiging. Ook heeft zij ander voedsel nodig vanwege haar gezondheid.

Daarnaast worden haar ramen regelmatig zwartgeverfd. Op die manier komt er geen straaltje licht in haar cel. Verder is afgelopen maand het aantal bezoekers weer drastisch teruggebracht. Tot voor enkele weken, mocht ze elke vrijdag vijf bezoekers ontvangen. Dat is er nu maar één.

Ingabire tekent bij het Afrikaanse Hof beroep aan tegen het vonnis van het Rwandese Hooggerechtshof. Dat veroordeelde haar in hoger beroep tot 15 jaar gevangenisstraf. Ze werd schuldig bevonden aan ophitsing van het Rwandese volk, het bedreigen van de staatsveiligheid en kleineren van de genocide. Ingabire is een politieke gevangene; Nederland, waar zij 16 jaar woonde, heeft dit nog steeds niet bevestigd. Haar gezin woont nog steeds in Nederland. 

Zaterdag 6 februari 2016

Reis van Lin Muyizere naar Catalonië

Op 22 en 23 januari reisde Lin Muyizere, de echtgenoot van Victoire Ingabire naar Catalonie. In zijn verslag van deze reis schrijft hij onder meer over de repressie van de Rwandezen in hun eigen land. 

"In Rwanda hebben elke ‘tien huishoudens’ twee permanente controleurs. Elk gezin moet beschikken over een schrift waarin de controles worden aangetekend. U kunt zich voorstellen tot welke repressie dit leidt.

Iedereen is verplicht om kritiekloos de lijn van staatspartij FPR te volgen. Wie dat niet doet krijgt te maken met dreigementen, verdwijningen, psychische of lichamelijke marteling, gevangenschap of een aanslag. De FPR is schuldig aan veel misdaden."

Muyizere was in Catalonie om het boek van zijn vrouw te presenten en haar zaak te bepleiten bij organisaties en de gemeenten Figueres en Manresa. Hij werd begeleid door Jordi Palou-Loverdos. Palou maakt zich al jaren sterk voor de negen missionarissen die in Rwanda werden vermoord door het leger van president Kagame. Malou is daarnaast zeer actief voor Victoire Ingabire. Lees hier het hele verslag van Lin Muyizere.


Maandag 1 februari 2016

Wandelende tijdbom?

Beetje lopen sollen met het aantal bezoekers voor Victoire Ingabire, lijkt een populair tijdverdrijf van de gevangenisdirectie van Prison 1930 in Kigali. Zij het dat in zaken als deze in Rwanda meestal weinig humor te bespeuren is. 

Afgelopen vrijdag, 29 januari was het weer zover. De afgesproken vijf bezoekers mochten plots niet meer naar binnen. Ingabire mocht -zonder voorafgaand bericht- nog maar één bezoeker ontvangen, volgens een persbulletin van de UDF. Echtgenoot Lin Muyizere bevestigt het bericht. Hij is bang dat weigering van het bezoek, het voorportaal is van eenzame opsluiting.

Het is niet de eerste keer date aantal bezoekers wordt veranderd. In het begin mocht een ongelimiteerd aantal mensen op vrijdag, de bezoekdag, naar Ingabire. Dat werd in de loop van de tijd teruggebracht naar vijf, en nu dus naar nog maar één bezoeker. Dat Ingabire geïsoleerd raakt is niet ondenkbaar: ze heeft een aparte cel, buiten de reguliere gevangenis en komt daardoor nauwelijks met medegevangenen in aanraking, zag ik met eigen ogen toen ik bij haar op bezoek mocht. Dat bezoek was met vele voorwaarden omgeven: er mocht uitsluitend engels worden gesproken, ik mocht haar niet interviewen, geen foto’s maken. Twee bewakers zaten op nog geen meter afstand mee te luisteren.

Inmiddels stoomt president Kagame frank en vrij door naar een derde mandaat. Een voor een worden alle beperkingen weggenomen. Buitenlanden die daar iets van vinden worden arrogant weggezet door Kagame. Zij weten niets van Rwanda en hebben zich niet te mengen in zijn politiek. Met name hechte vriend de Verenigde Staten stelt zich steeds kritischer op en vindt dat Kagame de eer aan zichzelf moet houden door een derde mandaat te weigeren.

Aardig in dit verband: er circuleert op internet al lange tijd een PR strategie uit 2009 voor Rwanda; kort geleden werd deze strategie door de VS officieel vrij gegeven. De strategie, geschreven door het Amerikaanse PR bureau Racepoint, en heeft als doel de successen van Rwanda te ventileren en de negatieve en 'feitelijk incorrecte informatie te neutraliseren van partijen die belang hebben bij het verkeerd informeren van Rwanda’s ontwikkeling’. Lees: de mensen die kritiek hebben op de president en het regime.

Zo vlak voor de verkiezingen in 2010 was president Kagame bereid fors in de portemonnee te tasten voor een stralend beeld van zichzelf en zijn land: het PR advies kostte 55.000 dollar per maand, met nog tussen de 2500 en 3500 dollar per maand aan onkosten.

Dat oppoetsen van zijn imago was wel nodig, want het rooskleurige beeld van Rwanda begon te kantelen, mede dankzij publicaties van Human Rights Watch, dat prompt op Rwanda’s zwarte lijst kwam te staan.

Racepoint komt met een aantal voorstellen, die nu, zeven jaar later, nog steeds actief en doelmatig zijn; zo ‘moet er zorgvuldig worden gezaaid in de blogwereld.’ Dat heeft rwanda zich geen twee keer laten zeggen. Tegenwoordig is het regime enorm actief op internet met blogs, websites, fake twitter accounts. Wie het op internet in zijn hoofd haalt negatief over rwanda en haar president te schrijven, krijgt direct boze reacties die op gezwollen toon vertellen dat het negatieve verhaal van geen kant klopt. 

‘We zullen op de sociale netwerken een muur oprichten van pro-Rwanda informatie dat de mythen zal ontkrachten en die zal linken naar de nationale website van Rwanda, zo staat in de strategie van Racepoint.Wie surft op internet komt inderdaad veel blogs tegen die juichen over hun president en hun land en allemaal hun hoofd schudden over die domme mensen die dat niet zien. In de loop naar de verkiezingen van 2017 zal het aantal blogs, Facebook pagina en twitteraccount verder toenemen, zo schat ik in. Allemaal zingen zij de lof van hun president. 

In 2017 zwaait hij zo’n 25 jaar de scepter. Wat Kagame al dan niet voor zijn land heeft gedaan, in geen enkele samenleving is het gezond om het zo lang alleen voor het zeggen te hebben. Kagame heeft in de loop van de jaren zijn critici laten vermoorden, in de gevangenis gegooid en/of het land uit gejaagd, zodat hij nog uitsluitend angstige ‘ja-knikkers’ om zich heen heeft. We weten wat er gebeurt met mensen die nooit meer kritiek krijgen: die kunnen realiteit en fictie steeds minder onderscheiden en ontwikkelen een ‘Jezus-complex’. Een fabrieksarbeider met een dergelijk complex kan nog redelijk in toom worden gehouden via een dwangbuis en toepasselijke medicatie, een president met al onbeperkte macht kan een wandelende tijdbom voor zijn volk zijn.


Maandag 18 januari 2016

Arie

En dan opeens zijn de aanslagen van IS heel dichtbij. In Ouagadougou werd vorige week een aanslag gepleegd op een hotel en een restaurant dat veel bezocht wordt door Westerlingen.. 

Heel toevallig was Arie net in de hoofdstad van Burkina Fasso aangekomen. En heel toevallig had Arie een afspraak gemaakt met iemand in cafe Cappuccino, het café dat als eerste werd aangevallen. Arie overleefde de aanslag niet, zo hoorden alle PUM experts gisteravond. 

Arie was landencoordinator voor PUM, hij had onder meer Burkina Fasso in zijn pakket en de laatste maanden ook Congo. Daarvoor was hij sectorcoordinator Drukken en in die capaciteit leerde ik hem kennen. Hij was het die me naar mijn allereerste PUM-klus stuurde in Benin. 

Arie stond met hart en ziel achter de doelstellingen van PUM: kleine ondernemers in kwetsbare landen met advies ondersteunen, zodat ze beter op eigen benen kunnen staan. Als een land het midden- en kleinbedrijf ontwikkelt, dan komen er meer banen, dan komt er meer geld en dat is goed voor de economie. 

Bij de aanval kwamen minstens 28 mensen om het leven. Ze kwamen uit 18 verschillende landen. Voor zover nu bekend is Arie de enige Nederlander. 

Arie had een intens warme, intelligente persoonlijkheid waarmee hij een hele ruimte kon vullen. Hij had die eerlijk, openhartige drukkers-mentaliteit van niet praten, maar aanpakken. Zijn hart was onmetelijk groot. De wereld heeft hem nodig, juist nu.

Een goed begin is het halve werk!

Maandag 11 januari 2016

De Westerse manier van leven wordt niet alleen aangevallen door mannen en vrouwen met opblaasgordels en kalashnikovs, maar ook door keurige heren in pak met een Arabisch uiterlijk. Tenminste, dat staat vandaag in de Volkskrant. Het massaal aanranden en betasten van Duitse vrouwen is een georkestreerde actie. Keurige mannen zouden de minder keurig handelende mannen daartoe hebben aangezet.

Het verbaast me niets. Zo’n aanval op een dergelijke schaal en dan nog op drie verschillende plaatsen tegelijk, komt niet spontaan in de hoofden van mensen op.

Nee, ook niet als ze de Westerse vrouw als ‘zu haben’ beschouwen, als ze boordevol testosteron zitten, en/of als ze wrok koesteren tegen de Westerse rijkdom gestolen van hun land.

Dus wat gaan we er aan doen? Potentiele terroristen mogen worden geschaduwd, afgetapt en er mag preventief worden gehandeld, zeg maar gearresteerd in het beste geval, doodgeschoten als je net even te opzichtig terroristje speelt. Wie met vuur speelt, moet de blaren op de koop toe nemen.

De arme illegale vluchtelingen die hebben aangerand, gestolen en verkracht, die zijn natuurlijk alleen maar het instrument van de heren in het pak. Waarschijnlijk hebben ze er een fijn zakcentje voor gekregen ook nog.  Paradijs op aarde: vrouwen betasten en daar ook nog eens voor worden beloond. 

Ik groeide op in de jaren zestig en zeventig. Alles was keurig geregeld: overal kon tegen worden geprotesteerd, wij kregen het beter dan onze ouders, politici waren oude zakken –behalve JFK natuurlijk- en we waren baas in eigen buik. Ik werd lid van de PSP,  speldde het vredesteken op mijn aanzwellende puberborsten, en samen met een clubje andere vrouwen bestudeerden we porno en sexshops. Er moest een einde komen aan de vrouw als lustobject.

Aan die overzichtelijkheid is definitief een einde gekomen. Links, rechts, racisme, discriminatie, etniciteit, gut- en slechtmenschen, het loopt dwars door elkaar heen en in elkaar over. Net als de vluchtelingen, worden we gedwongen om onze wereld opnieuw te definieren en vorm te geven. 

Zo, dat was een verlate zondagspreek. Nu over tot de orde van de dag: in Burundi vallen dagelijks doden, in Congo wordt nog steeds om de grondstoffen gevochten en in Rwanda vindt iedereen hun president een held. Kijk, dat is nog eens overzichtelijk. Tenminste, als je er ver vanaf woont. De gemiddelde Congolees op zijn beurt zal de schouders ophalen over de aanrandingen in het verre Keulen. Klein grut, in vergelijking wat er bij hen om de hoek gebeurt.

Ik wens iedereen een strijdbaar 2016!

Maandag 28 december 2015

Verliefd op de honorable Emma Arbuthnot

Na 128 pagina's sprankelend bronhelder proza, ben ik verliefd geworden op Emma Arbuthnot. Ik heb haar nooit ontmoet, maar stel me voor dat ze een kruising is tussen Margaret Thatcher, Bodicea and koningin Victoria. Ze prikt met gemak onzinverhalen door, zet prioriteiten op een rij, weet wat politiek betekent en staat stevig boven de partijen. Hier en daar glimmert zelfs wat humor. Helder en gedetailleerd geeft ze haar eigen ideeën en twijfels op een wijze die ik nog nimmer zag bij haar Nederlandse collega's. Lees hier de complete uitspraak.

Emma Arbuthnot is de Engelse rechter die vorige week vond dat vijf Rwandezen niet konden worden uitgeleverd aan Rwanda. Uitlevering druiste in tegen de 'Human Rights Act' van 1998. In feite komt het er op neer dat niet vaststaat of de Rwandezen een eerlijk proces zullen krijgen.

Arbuthnot gaat daarbij een paar stappen verder dan de Nederlandse rechter die begin december oordeelde dat Jean Claude Iyamuremye en Jean Baptiste Mugimba niet uitgeleverd konden worden naar Rwanda omdat de advocatuur van onvoldoende kwaliteit was. Het tweede rapport van Martin Witteveen speelde daarbij een doorslaggevende rol (een eerste rapport was nog redelijk lovend over het justitiële systeem in Rwanda).

Dat tweede rapport speelde ook een grote rol in de zaak van de vijf Rwandezen in Londen. Martin Witteveen was notabene een getuige VOOR de Rwandese staat. Anders dan in Nederland, waar het land dat om uitlevering vraagt, geen directe rol speelt in de procedure, is dat dus anders in Engeland. Daar is de Rwandese staat de partij die om uitlevering vraagt en is daarmee degene die voor de rechter haar zaak bepleit. 

Rwanda zal lelijk op haar neus hebben gekeken toen ze het tweede rapport lazen van hun eigen expert-getuige Martin Witteveen. Die vertelde dat het beter ging met het justitiële systeem, maar vooral dat de advocaten nog niet in staat waren complexe zaken te behandelen. Ik kan me alles bij de ontvangst van het rapport voorstellen, ook een president waarbij de stoom uit neus en oren komt. 

Arbuthnot gaat dus verder dan Witteveen die zich nadrukkelijk van elke politieke analyse onthield. Zo vindt Arbuthnot de Gacaca-processen incompleet en tegenstrijdig. De verdediging diende veel documentatie in over verdwijningen, moorden, aanslagen, slechte onderzoeken, martelingen, twijfelachtige arrestaties, vrijheid van meningsuiting enzovoorts. Arbuthnot vindt de documentatie helder en overtuigend. Heel anders dus dan we van de Nederlandse rechters gewend zijn. Die gaan over het algemeen mee met het OM die vindt dat de mensenrechtensituatie wel meevalt in Rwanda.

Ook anders dan haar Nederlandse collega's, neemt de Engelse rechter wel heel serieus dat er Rwandese oppositieleden in Engeland werden bedreigd door Rwandese doodseskaders. "… Ik accepteer dat de politie voldoende aanwijzingen had om te komen tot deze ongebruikelijke stap … het is geen bevredigende situatie dat een buitenlandse mogendheid denkt dat het is toegestaan om plannen te maken, mensen te vermoorden die dachten een veilig heenkomen te hebben gevonden …" Prachtig staaltje van Engelse tongue in cheek!

De Engelse rechter kijkt genuanceerd naar de materie. Zo vindt ze de internationale afdelingen van gevangenis 1930 en Mpanga netjes en ruim. Ze vindt dat er geen aanwijzingen zijn dat de vijf zullen worden gemarteld. Ook zijn er geen indicaties dat de vijf worden gezien als politieke tegenstanders van het regime. Verder heeft ze geen aanwijzingen dat de rechters zijn bevooroordeeld, al zijn er aanwijzingen dat de rechters financieel corrupt zijn; daar zinspeelde de rwandese p[resident immers zelf op in een speech. 

Toch is er weinig kans op een eerlijk proces, zo denkt Arbuthnot, omdat de vijf inmiddels zijn uitgegroeid tot belangrijke internationale symbolen; daardoor wordt de kans op een niet-gemanipuleerd proces klein.  

Ze is het gedeeltelijk eens met Dr Clark, ook een getuige vóór Rwanda, dat het land grote verbeteringen op economisch vlak laat zien. Maar zegt ze: 'Ik vond wel dat dit ten koste is gegaan van een aantal basis vrijheden….. Ik twijfel er niet aan dat het algemene beeld klopt van Rwanda als een autoritaire repressieve staat …"

Anders dan de Nederlandse rechters vindt Emma Arbuthnot het proces van Ingabire wel relevant en ze neemt er ruim de tijd voor. Ze hecht veel waarde aan het rapport van Amnesty International waarin wordt gesproken van een oneerlijk proces en bevooroordeelde rechters. Dat de president zich nog voor het proces van start ging, uitliet over de schuld van Ingabire vond ze '… ver voorbijgaan aan het soort oppervlakkige opmerkingen dat politici doorgaans maken over lopende processen.'

Ze heeft daarbij nog een interessante opmerking: "De president lijkt veel te weten over een zaak die nog niet voor de rechter komt in de eerstkomende 16 maanden …" Arbuthnot concludeert uiteindelijk dat het Hooggerechtshof Ingabire oneerlijk heeft behandeld en dat politieke motieven daaraan ten grondslag lijken te liggen. "Ik kan niet uitsluiten dat de rechters (..) hebben gereageerd op uitlatingen van Kagame en zijn ministers …"

Veel ruimte neemt de rechter ook om te zien hoe het gaat met de vijf Rwandezen die of zijn overgedragen door het Strafhof in Arusha, of door andere landen (Zweden, Denemarken, Canada). Ze kijkt daarbij met name naar de monitors en naar het rapport van Witteveen die een groot deel van de zittingen volgde, meestal samen met een vertegenwoordiger van de Nederlandse ambassade. Zoals gezegd, uit die rapportage rijst een beeld op van advocaten die nog niet de kwaliteiten bezitten voor een complex proces.

Ook komt een beeld naar voren van Rwanda dat worstelt met de betaling van de advocaten en nog niet goed weet hoe het moet omgaan met de keuze van (pro bono) advocaten. De meeste Rwandezen hebben geen eigen geld; Rwanda moet dus de verdediging betalen. De budgetten zijn veel te laag begroot, waardoor er steeds weer onderhandeld moet worden. Er zijn, officieel tot september 2015 als de regels worden veranderd,  geen budgetten voor onderzoekers. Ook blijft het lastig hoe om te gaan met getuigen voor de verdediging. Zodra het staatsapparaat zich ermee bemoeit, en dat doet het de hele tijd in steeds wisselende vormen, hebben getuigen weinig trek om zich bloot te geven. 

Genoeg geschreven hierover. De zon schijnt hier in Frankrijk. Ik ga lekker onkruid wieden!


Maandag 21 december 2015

Als Rwanda wil, komt er een burgeroorlog in Burundi

Blatter en Platini moeten acht jaar langs de zijlijn staan, het Nederlanse handbalteam is teleurstellend -oh nee verrassend- tweede geworden tijdens de wereldkampioenschappen en in Nederland wordt een huis van Somaliers bekogeld met zwaar vuurwerk.

Hier in Frankrijk probeer ik te begrijpen wat er nu precies in Burundi gebeurt. Soms krijg ik wanhopige whatsappjes van kennissen die nog in Bujumbura zitten, of juist zijn gevlucht. 'Het gaat niet goed met ons land.' 

Dat vinden ook de VN en de Afrikaanse Unie. De eerste wil een groep experts sturen omdat het land op de grens staat van een burgeroorlog, aldus de verantwoordelijke Hoge Commissaris en de AU wil 5000 man sturen om de vrede te bewaken. In ieder geval voor zes maanden. 

Bujumbura heeft weinig zin in die 5000 man op hun bodem. Dikke kans dat ze de verlengde arm zullen zijn van buurland Rwanda, dat veel liever een andere regering ziet dan het huidige regime van Nkurunziza. 

Rwanda bemoeit zich flink met Burundi: zo vindt president Kagame de derde termijn van president Nkurunziza ondemocratisch. Dezelfde Kagame die afgelopen vrijdag op 'democratische' wijze via een referendum voor een 'democratische' derde termijn voor zichzelf heeft gezorgd, zodat Kagame tot in de eeuwigheid 'democratisch' president van Rwanda kan blijven. 

Je kunt nog meer zeggen van Rwanda, bijvoorbeeld dat het de Burundese oppositie actief steunt met het rekruteren van vluchtelingen in de kampen langs de Burundese grens.  Twee medewerkers van Refugees International onderzochten de situatie in kamp Mahama, in het zuid-oosten van Rwanda, aan de Burundese grens. Hun bevindingen zijn schokkend. 's Avonds als alle blanke internationale hulpverleners uit het kamp zijn verdwenen, worden er ronselbijeenkomsten gehouden soms in aanwezigheid van Rwandese politie. 

Wie weigert, wordt bedreigd: 'De hulpverleners zijn er 's nachts niet en kunnen je dus niet beschermen',  'Je zult verdwijnen in de rivier Akegara'. Jongeren durven niet naar school uit angst dat ze mee moeten naar de trainingskampen. 

Wie 'ja' zegt, mag mee met Rwandese auto's (kenteken is Rwandees) en krijgt onder meer training van Rwandezen (insignes op het uniform zijn Rwandees). Om in Congo te komen voor de training, krijgen de geronselden een valse Congolese kieskaart die dient als ID! 

De Rwandese minister van rampenbestrijding, Seraphine Mukantabana zei in een speech voor 4000 vluchtelingen, dat ze eens moesten ophouden met jokken over die rekrutering tegenover de internationale hulporganisaties. Rwanda wist precies wat iedere vluchteling vertelde aan die hulporganisaties, ook al was er een soort van geheimhouding. En oh ja, als er hulpverleners na zonsondergang in de tenten van de vluchtelingen gevonden werden, dan zou zowel de hulpverlener als de vluchteling als verraders. 

Na zonsondergang is iedere Burundese vluchteling dus vogelvrij in de kampen.

Inmiddels zijn sinds de onrust begon, mei 2015, minstens 400 mensen gedood. Het zijn niet alleen (jonge) leden van de oppositie, maar ook tientallen politiemensen werden slachtoffer. Zo'n 3500 mensen zijn gearresteerd en zo'n 220.000 mensen zijn uit Burundi gevlucht. 

Bij de grens worden velen hardhandig tegengehouden, niet gek, Burundi heeft niet veel zin mensen door te laten die vervolgens gerekruteerd worden om het regime omver te helpen. 

Tja, waarom wilde president Nurunziza eigenlijk een derde termijn? In een uitstekende analyse geeft Peter Verlinden een antwoord: Nkurunziza is de enige die vat heeft op het Burundese leger. 

Ook Verlinden ziet de dubieuze rol van Rwanda in het geheel en hij constateert dat als Rwanda zich volledig achter de oppositie zou scharen, de kans op een burgeroorlog groot is. 

Oh ja en als kers op de taart: Nederland gaf begin 2014 zo'n 1,7 miljoen euro aan vijf privé-media: Télé Renaissance, Bonesha FM, RPA, Isanganiro, Groupe du Presse Iwacu. Het waren deze vijf media die eind november bij elkaar kwamen in …. Kigali, om af te geven op de personvrijheid in Burundi. Volgens burgerorganisaties waren het juist deze vijf media die aan de basis stonden van veel kwaadaardige geruchten en mede schuldig waren aan de destabilisatie van Burundi in de verkiezingsperiode. 


Dinsdag 8 december

Afgelopen maandag kreeg ik een verontrustend telefoontje: Boniface Twagirimana is gearresteerd. Boniface is de eerste secretaris van de FDU, de partij van Ingabire, en verantwoordelijk voor haar dagelijkse maaltijden. 

Zoals gebruikelijk probeert een mens dan bevestiging te krijgen en meer informatie. Dat viel dit keer niet mee; meestal is het Boniface die de informatie geeft als er weer eens iemand van de partij is gearresteerd. Uiteindelijk kwam er aan het einde van de dag weer een telefoontje: Boniface is vrij!

Wat is er gebeurd? Volgens Boniface was hij gisterochtend op straat om een fles water te kopen, toen hij werd aangehouden door vier met pistolen bewapende mensen in burger. Ze stapten uit een gewone personenauto. Boniface: 'Ze wilden me ontvoeren, daarvan ben ik zeker.' Boniface werd gered door omstanders die een cordon om hem vormden. Wat of er met hem aan de hand was vroegen ze de vier mannen in burger. Die vertelden dat Boniface een dief was. Dan moet hij naar het politiebureau, vonden de omstanders en in optocht werd hij begeleid naar het dichtstbijzijnde bureau. De vier mannen in burger hadden er duidelijk geen zin in.

De omstanders bleven buiten het politiebureau wachten. Net zo lang totdat Boniface wel vrijgelaten moest worden; hij had immers niets gestolen; de vier mannen in  burger konden de politie geen enkel bewijs leveren. Boniface: 'Kagame wil mij dood hebben. Onze partij is een groot struikelblok op zijn weg naar een derde termijn als president. De kidnappers vertelden dat ik een groot probleem was voor de macht. Het besluit over mijn dood is al gevallen; het enige dat nu nog rest is mijn executie. Kagame is woedend.'

Of Boniface echt zo makkelijk uit de weg kan worden geruimd, valt te bezien. Hij staat in de internationale schijnwerpers. Maar een arrestatie en een jarenlang verblijf in een cel behoort absoluut tot de mogelijkheden. 

Boniface is de omstanders dankbaar die hem hebben gered. Het is een bijzondere daad: het gebeurt maar heel zelden dat mensen op straat de moed hebben zich tegen het regime te keren. 


Vrijdag 27 november 2015

Jeukende handen

Hoewel mijn handen jeuken om nauwkeurig uit de doeken te doen waarom de uitspraak van de Raad voor de Journalistiek niet klopt, heb ik besloten voorlopig toch de kaken stijf op elkaar te houden. We gaan tegen de uitspraak in beroep en en dan is het beter om nog even het kruit droog te houden. Nog steeds wel een beetje verbijsterd dat de Haagse rechter afgelopen vrijdag de uitlevering verbood -tenzij aan specifieke condities wordt voldaan. 

Hoewel het afgelopen half jaar wel een kentering te zien was. Deze zomer vond een rechter voor het eerst dat de IND met beter bewijsmateriaal moest komen, gezien de zwaarte van de beschuldiging. In oktober vond een rechter hetzelfde in een andere zaak en werd er enkele weken na die tweede uitspraak een derde zaak niet eens meer voor de rechter gebracht.

Om even de zinnen te verzetten,  kan ik beter vertellen over mijn collega's uit Benin die gisteren in Den Haag arriveerden. Ze waren doodop. Ze vlogen niet alleen voor de eerste keer, maar reden ook voor de eerste keer met een trein en een tram. Hun allereerste verzuchting: 'Het zou nog minstens honderd jaar duren voor Afrika zover was als Europa.' Ik zag hun doodvermoeide koppies en dacht: Laat ik nou niet gaan zeuren dat Afrika en Europa geen landen zijn, maar continenten met grote verschillen tussen de landen onderling en dat hun grote achterstand voor een (groot) deel te wijten is aan de oude en nieuwe kolonisatoren in Europa.

In plaats van zeuren, deden we boodschappen in een super AH, alwaar zij alle honderdduizend uitgestalde producten lieten voor wat het was en huiswaarts gingen met rijst, spaghetti, tomaten, rode peper en blikjes bier. 

Vandaag gaan we praten met de directeur van Den Haag Centraal, net als hun Canard du Nord een lokaal weekblad. Fred, de eigenaar van Le Canard, wil dolgraag een partnerschap afspreken. Ik moest hem gisteren wat in zijn enthousiasme temperen. We grossieren hier in Nederland niet zoals in Benin, in papieren partnerschappen. Die zijn in zijn land handig in politiek gebruik, en leveren netwerk-commitment, maar hier staan Nederlandse bedrijven niet te springen een dergelijk papier te tekenen. 

Ze zijn doodsbang dat er vervolgens van hun doodarme Afrikaanse counterpart allerlei financiële gunsten verwacht worden. Fred de eigenaar zal duidelijk moeten maken dat ook hij iets te bieden heeft. Ik ben benieuwd hoe dat gaat vandaag, want beide mannen uit Benin spreken geen Engels en de vertegenwoordiger van Den Haag Centraal geen Frans. Ik ben er natuurlijk wel bij, maar er bloeit natuurlijk pas iets moois op, als er een 'klik' ontstaat en een taal maakt een klik makkelijker of moeilijker.

 

Vrijdag 27 november

Uitlevering verboden 

Jean Claude Iyamuremye en Jean Baptiste Mugimba mogen niet worden uitgezet. Dat besliste vanochtend de Haagse rechtbank. Er is onvoldoende zekerheid of de uitgeleverde verdachten in Rwanda wel adequaat worden bijgestaan door capabele advocaten. Ook is er onvoldoende garantie dat er genoeg geld is voor gedegen onderzoek. Zelfs met monitoring van het proces door Nederland zijn er onvoldoende garanties. Pas als er voldoende zekerheid dat de verdachten een proces krijgen in Rwanda dat aan de gewenste kwaliteit voldoet, mag er worden uitgeleverd.

De uitspraak mag gerust een trendbreuk worden genoemd. Tot nu toe gingen de meeste rechters er van uit dat uitzetting of uitlevering naar Rwanda met voldoende garanties waren omkleed.

Aan de basis van de uitspraak ligt een rapport van een Nederlands deskundige. Deze constateerde in zijn rapport van juni 2015 dat de verdediging van verdachten ontbreekt of volstrekt onvoldoende is en/of niet gekwalificeerd. Het gaat dan om verdachten die zijn uitgeleverd of overgedragen zijn door het Rwanda Tribunaal. Rwanda was woedend over het rapport. Ook de nederlandse landsadvocaat had geen goed woord over voor het rapport. De expert was vooringenomen, zou te snel conclusies hebben getrokken en de processen niet hebben gevolgd.

Die bewoordingen lijken veel op de uitspraak van de Raad voor de Journalistiek deze week. Die oordeelde dat ik subjectief, tendentieus en niet-waarheidsgetrouw had bericht in Vrij Nederland over Jean Claude Iyamuremye. De raad houdt niet van betrokken journalistiek. Morgen ga ik hier uitgebreid op in. Nu volsta ik even met het volgende: alle feiten in mijn artikel kloppen en zijn gecheked. Ja, in het artikel geef ik deels mijn mening, deels die van Iyamuremye. En wat betreft de zogenaamde 'neutrale' journalistiek: 'Betrokken journalisten halen feiten, inzichten en interpretaties boven water die hun 'neutrale' collega's het publiek onthouden. De betekenis van feitelijke gebeurtenissen is namelijk niet voor iedereen in de maatschappij hetzelfde' (De rekbare waarheid, Taco Rijssemus).


Maandag 23 november 2015

Vandaag staat in de Volkskrant een artikel over immigranten uit Eritrea. Hoe het voor hen lastig is te integreren omdat de sociale controle groot is. Het leven van de immigranten wordt grotendeels bepaald door loyalisten van het regime die in de gaten houden of ze nog wel trouw zijn aan het bewind van hun vaderland. Op feesten, bijeenkomsten en evenementen zijn altijd wel vertegenwoordigers die iedereen in de gaten houden. Niemand durft zich openlijk uit te spreken 'Kritisch denken en spreken is systematisch uit de genen gewerkt', aldus een immigrant die wel durft te praten. 

Het zal niemand verbazen dat de regimes van Eritrea en Rwanda veel overeenkomsten vertonen. Want het verhaal van de Eritrese immigrant lijkt sprekend op dat van veel Rwandezen in het buitenland. Als het even kan stuurt de ambassade altijd wel een mannetje of vrouwtje naar bijeenkomsten om in de gaten te houden wat er gebeurt. Zo waren er ook vertegenwoordigers van de Rwandese ambassade bij het kort geding van Iyamurenye en Mugimba op 13 november. 

Natuurlijk zijn Eritrea en Rwanda lang niet de enige landen die proberen de 'eigen' mensen in het buitenland te beïnvloeden en in de gaten te houden. Turkije is een bekend voorbeeld en vorige week hoorde ik van verschillende kanten dat zelfs een absurd slecht georganiseerd land als Congo probeert macht uit te oefenen op landgenoten in het buitenland.

Hoe groot is de invloed van deze landen? Het lijkt structureel, niet incidenteel. En wat zijn de gevolgen? Als ik met Rwandezen praat, dan kijken ze altijd over hun schouder om te zien of er misschien iemand mee luistert. Er heerst veel wantrouwen. 

Wij praten over  vrijheid en mensenrechten, maar zijn niet in staat te verhinderen dat mensen op onze eigen Nederlandse bodem, worden bedreigd, geïntimideerd en soms zelfs gehersenspoeld. Wat betekent dit? Wie er meer over wil vertellen (anoniem) weet me te vinden.

Maandag 16 november 2015

Nederlandse Staat 'verraadt' eigen adviseur in kort geding uitlevering

Er is al zoveel gesproken en geschreven over Parijs, en zal nog zoveel over worden geschreven en gesproken, dat ik hier mijn mond hou. Ik heb er niks zinnigs aan toe te voegen. Laat mij maar blijven schrijven over zaken waar (bijna) niemand over schrijft.

Zoals over het kort geding van Jean Claude Iyamuremye en Jean Baptiste Mugimba tegen de Staat afgelopen vrijdag de dertiende. Zij willen niet uitgeleverd worden naar Rwanda en dit kort geding is hun laatste mogelijkheid om het tegen te houden. Niet aan de orde is hun schuld of onschuld, wel of Rwanda in staat is hen een eerlijk proces te bieden als zij daar zijn. Een hoofdrol in dit kort geding werd gespeeld door een rapport van een Nederlandse adviseur.

Zelden zag ik een landsadvocaat zo intrappen op iemand die ooit 'een van hen' was. Martin Witteveen was officier van justitie, rechter, deed onderzoek naar Oegandees krijgsheer Joseph Kony en tot deze zomer adviseerde hij het openbaar ministerie van Rwanda in zijn hoedanigheid als  adviseur internationale misdaad. Witteveen maakte voor een Engelse uitzettingszaak, voor het Engelse OM twee rapporten. Het eerste maakte hij in september 2014 en hierin was hij nog vrij lovend over de justitiële stand van zaken in Rwanda.

Het tweede rapport dateert uit juni 2015 en is een stuk kritischer, zeker wat betreft de rol van advocaten in uitleveringszaken. Zij krijgen te weinig geld voor goed onderzoek, hebben (nog) te weinig kwaliteit voor dergelijke complexe zaken, en voelen zich beknot door het ministerie van Justitie dat hen nauw in de gaten houdt. Tot voor kort mochten advocaten zich niet kritisch uitlaten over het regime, maar onder buitenlandse druk is dat tegenwoordig 'toegestaan'. 

Dit tweede rapport riep de grote woede op van Rwanda en de Rwandese orde van advocaten. Witteveen zou maar wat roepen, hij was lang niet bij alle belangrijke processen geweest. De landsadvocaat ging tijdens het kort geding geheel met Rwanda mee: er klopte niets van het tweede rapport. 

Met andere woorden: de Nederlandse landsadvocaat hechtte meer geloof aan Rwanda, dan aan Martin Witteveen, gepokt en gemazeld in het internationale recht. Dit nu, is exemplarisch voor de houding van Nederland. Nederland wil niet zien dat 'something is rotten in the state of Denmark'.  

Waarom blijft Nederland zo hardnekkig vasthouden aan het standpunt dat het goed procederen is in Rwanda? Dat het in Rwanda heus, echt, zeker, allemaal wel meevalt? Ik heb echt geen flauw idee. 

Ik denk dat de advocaten van Iyamuremye er wellicht dichtbij komen. Omdat Nederland al sinds de genocide in 1994 betrokken is bij de wederopbouw van het justitiële systeem en er veel geld en tijd is ingestoken, is er een hoge mate van wensdenken ontstaan. Nederland wil heel graag Rwanda vertrouwen als land en rechtssysteem, zo zeer, dat ze denkt dat zelfs genocide verdachten, de ergste misdaad ter wereld, er een eerlijk proces zullen krijgen. 

Natuurlijk is er in die twintig jaar verkokerd denken ontstaan. Als je je bij voortduring richt op de positieve kanten van een land, dan is het lastig de donkere kant te zien. Dat geldt natuurlijk evengoed voor de andere beweging: uitsluitend de negatieve kanten willen zien. Er ontstaat een gevaarlijk conservatief denken, waar geen ruimte is voor nieuwe ideeën.  

Het is een gevaarlijk wensdenken conservatisme, omdat er slachtoffers (gaan) vallen. Niet alleen onder de mensen die worden uitgeleverd of uitgezet naar Rwanda. Dit conservatisme wordt door nederland vaak goedgepraat onder het motto: we moeten met Rwanda in gesprek blijven, want anders hebben we helemaal niets meer in te brengen. 

Maar wat betekent het als de Nederlandse staat bereid is haar eigen -hoog gekwalificeerde- mensen aan dat 'gesprek' op te offeren?

Uitspraak kort geding: 27 november 2015.

Donderdag 12 november 2015

Op Malta vergaderen Afrikaanse en Europese leiders. Doel: minder economische vluchtelingen uit Afrika naar Europa. 

Tegelijk met de top op Malta kreeg de ondernemer van Baraka Entreprises uit Bukavu in Oost-Congo te horen dat zijn visum is geweigerd. De ondernemer zou naar Nederland komen om te kijken wat voor drukpers hij zou kunnen kopen. Hij komt hier op uitnodiging van PUM, een organisatie van oud managers en directeuren die zich vrijwillig inzetten voor bedrijven in kwetsbare gebieden. PUM is een van de paradepaardjes van het ministerie van Buitenlandse Zaken; het combineert immers handel en ontwikkelingswerk. Ik zou de ondernemer 10 dagen lang begeleiden; het programma was helemaal klaar.

De ondernemer heeft zijn visum aangevraagd bij de Belgische ambassade in Kigali. Belgie doet blijkbaar de afhandeling voor Nederland. Wat precies de reden van de weigering is weet ik niet. Misschien weten ze in Belgie niet wat PUM is. Ik denk dat ons ministerie van Buitenlandse Zaken maar eens een hartig woordje met de Belgen moeten wisselen. De ondernemer uit Congo is geen economisch vluchteling. Integendeel. Als hij zijn bedrijf kan uitbouwen, zorgt hij voor meer werkgelegenheid in zijn eigen regio. Dat is toch precies wat we als Europa willen?


Maandag 9 november 2015

2-daagse vredesconferentie in Den Haag:

Genoeg vertrouwen om te zeggen dat je elkaar niet vertrouwt

Soms lijkt het dossier van het Grote Merengebied loodzwaar en niet in beweging te krijgen, soms zie je toch dingen gebeuren die hoop geven. Zoals afgelopen donderdag en vrijdag tijdens de vredesconferentie conferentie die in Den Haag werd georganiseerd. Lees hier het uitgebreide verslag, met dank aan de organisatoren.

De conferentie werd bezocht door jong en oud, blank en gekleurd. Gemene deler: de betrokkenheid van iedereen met het gebied. Er waren enthousiaste sprekers, zoals de zanger/schrijver/ondernemer Benjamin Rutabana die met zijn persoonlijke verhaal de zaal muisstil kreeg. Ook Stephanie Mbanzendore (Burundi) kreeg de handen op elkaar toen zij haar papieren tekst verliet en met veel passie vertelde over de Burundese vrouwen die hard werken voor vrede in hun land.  

De meeste indruk maakte op mij echter de workshops na de sprekers. In kleine groepjes werd besproken wat de oorzaken waren van de problemen in het gebied en wat de diaspora er aan zou kunnen doen. Met de diaspora wordt bedoeld de mensen die oorspronkelijk uit het gebied komen en nu in Nederland (of elders) wonen. 

Groot probleem bij dit soort conferenties is het wantrouwen naar elkaar. Wie in de zaal kun je vertrouwen en wie brieft door naar anderen wat je hebt gezegd. Er is dus lang niet altijd de vrijheid om te zeggen wat je wilt. Ook wil het debat nog wel eens blijven hangen in een zeer geëmotioneerd -welles-nietes- omdat de dialoog is gepolariseerd en in de twintig jaar na de genocide de hakken heel ver in het zand staan. 

Uiteindelijk was er voldoende vertrouwen bij de mensen om te durven zeggen dat ze elkaar niet vertrouwden bij aanvang van de conferentie. Het laat ook zien hoe belangrijk het is voor het winnen van elkaars vertrouwen, dat zo'n conferentie meerdere dagen beslaat. Het is de bedoeling dat deze conferentie jaarlijks wordt gehouden.

Afrikadag: Grote Merengebied drie presidenten die lekker (willen) blijven zitten

Afgelopen zaterdag was het Afrikadag in het Tropeninstituut in Amsterdam. Zoals gebruikelijk waren er veel mensen en vooral de gemeenschappelijke ruimten waren eigenlijk te klein. De temperaturen liepen er hoog op.

Ons eigen ministerie van Buitenlandse Zaken had een discussie georganiseerd over het Grote Merengebied en de drie presidenten die veel van het pluche houden. Wat kun je als Nederland en Europa doen om geweld in dit gebied te voorkomen? Niet zo heel veel was uiteindelijk de conclusie. Nederland is te klein en Europa heeft op dit moment de handen vol aan de vluchtelingenstroom. 

Burundi, Rwanda en Congo staan daarom niet echt hoog op de agenda, ook al neemt het geweld in Burundi met de dag toe; staat Congo op de drempel van een hoogst onzeker jaar met verkiezingen die wel of niet doorgaan, en wordt in Rwanda tot grote boosheid van de oppositie in het buitenland, de grondwet gladjes gewijzigd voor een derde mandaat voor president Kagame. 

Zelf was ik moderator bij een discussie over democratie in Rwanda. De twee sprekers waren allebei lid van de oppositie, van de partij van Victoire Ingabire. Zij schetsten een wel heel somber beeld van Rwanda en lieten zien dat de realiteit van Rwanda een heel andere is dan het regime de buitenwereld wil doen geloven. In de zaal waren behoorlijk wat fans van het Rwandese regime en die lieten dan ook een stevig tegengeluid horen. 'Onzin' zei een van de Rwandezen. Jullie laten zieke voeten zien en zeggen dat dit de realiteit is in Rwanda. Zo kan ik het ook, dan maak ik een foto van een zwerver hier in Amsterdam en zeg tegen iedereen: Zo gaat het er in Nederland aan toe.'

Ook een Nederlandse mevrouw die twee jaar in Rwanda had gewoond, herkende zich niet in het inktzwarte plaatje dat werd voorgeschoteld. Geemotioneerd viel ze uit naar een van de sprekers, dat zijn oorlogszuchtige toon haar angstig maakte. 

Ondertussen rende dit weekend een van onze vrienden voor zijn leven in Burundi. Hij kreeg te horen dat hij op een 'hitlijst' stond omdat hij mensenrechtenadvocaat is en vluchtte afgelopen vrijdag fluks uit Bujumbura. De grens kan hij niet over, omdat de politie iedereen controleert en de mensen eruit pikken die op lijsten staan, aldus onze Burundese mensenrechtenadvocaat. Dankzij Afrikadag is er wellicht enige hoop. Ik doe een beetje geheimzinnig om hem niet in gevaar te brengen. Ik hou jullie op de hoogte. 

 

Vrijdag 30 oktober 2015

Er is een nieuwe datum voor het kort geding van Jean Claude Iyamuremye en Jean Baptiste Mugimba: vrijdag 13 november om 13.00 uur. Wederom in het Paleis van Justitie Den Haag. Dat wordt wat: vrijdag de dertiende om 13.00 uur, dat kan alleen maar geluk brengen! 

Het weer in de lucht brengen van mijn site is gisteren niet gelukt. Ga vandaag hier en daar wat stukjes bij elkaar rapen en die er weer opzetten. Denk ik. 

Was gisteren bij een begrafenis, waar iemand prachtig sprak over een oude man die langzamerhand familie en vrienden uit zijn leven had gebannen. Hij en zijn vrouw leefden jaren bijna in  volledig isolement, maar hadden genoeg aan elkaar. Nu was hij dood. Zijn broze vrouw zat in haar rolstoel dichtbij zijn kist en terwijl zijn muziek -het requiem van Mozart- door de kalige crematiezaal een weg vond naar de geelbruine herfstlaan buiten -sprak zij over haar verdriet tegen haar zus, die naast haar zat. Wij mochten allemaal meeluisteren met het gesprek; we hadden geen enkel moment het idee dat we luistervinkten. Een paar momenten van verstilde harmonie.

Een harmonie die zo in tegenstelling is tot alles wat er gebeurt in en rond het Rwanda dossier. Tegen mijn wil wordt ik meegezogen in de polarisatie. Het wantrouwen en de achterdocht vanuit de Rwandese regering is groot. Zo groot dat ik het bijna paranoia zou willen noemen. De wens alles te controleren, niet alleen wat er binnen Rwanda gebeurt, maar zeker ook daarbuiten is enorm. Alles wat Rwanda zou kunnen raken is onderwerp van onderzoek zo lijkt het. Van te voren wordt alles gedaan aan 'damage control', ook als er helemaal geen damage te voorzien is. Ik word er soms wel eens moedeloos van: die absolute houding van Rwanda waar geen millimeter ruimte is voor echte dialoog. Waar alleen maar gespannen wordt gekeken of mensen geen kwaad spreken van het land, of kwaad in de zin hebben tegen het land en vele gebaren negatief worden uitgelegd. 

Als Rwanda een mensch was zou ik het naar een psychiater sturen. Maar misschien is een cursus co-counsellen ook niet gek. Dat was in de jaren tachtig én negentig een populaire manier om ruimte te brengen in hoofd, ziel en hart. Je krijste je frustraties uit over je jeugd, je ex of je baan tegen iemand die stil als rots tegenover je zat. Na vijf minuten krijsen en huilen werd jij de stilte-rots en krijste de ander zijn frustraties uit. Na elke sessie fietste ik fluitend naar huis. Wie wil de stilte-rots van Rwanda zijn?

En soms kan een probleem zichzelf oplossen. Op zoek naar losse stukjes van deze site, ging ik ook helemaal naar onder deze pagina. En wat dacht u dat ik vond? Juist! De stukken waarvan ik dacht dat ze voorgoed verdwenen waren. Eergisteren dus per ongeluk geknipt en op een ongedachte plek geplakt. Wel een goede waarschuwing … voortaan maar weer iets vaker de site bewaren!


Donderdag 29 oktober 2015

Weer knullig!

Knullig! Zo luidde het kopje gisteren boven mijn stukje. Vandaag laat ik het gewoon staan, want ikzelf ben ook behoorlijk knullig aan het doen. Gisteren, in de haast van het moment, waarschijnlijk alle bijdragen op deze pagina gewist. Gelukkig heeft mijn host een back-up en die heeft hij weer geplaatst. Alleen, ik kan die niet installeren. De meneer van mijn 'host' wordt wanhopig van mijn technisch onbenul en ik ook. Op mijn aanbod bij hem langs te komen met mijn laptopje is het stil. Afijn, in de krant van gisteren wordt ook de vis verpakt. 

Ook knullig was dat ik vanochtend maar liefst drie keer een mailtje moest sturen naar de Rwandese ambassade met een formele klacht over Rwanda Dag. De eerste keer bleek op onverklaarbare wijze de klacht geen tekst te bevatten, de tweede keer vergat ik het document als bijlage mee te sturen. Nou ja, in ieder geval is duidelijk dat ik een klacht heb ingediend bij de Rwandese ambassadeur. Hier is de klacht die ik stuurde.

Dan wil ik nog een lans breken voor de vredesconferentie die op 5 en 6 november bij het ISS wordt gehouden. Goeie sprekers, maar vooral denk ik interessante gesprekken daarna tussen allerlei groeperingen uit het Grote Merengebied.

De discussie is zo enorm en heftig gepolariseerd. Dialoog is broodnodig en daarom alle lof voor de organisatoren! 


Woensdag 28 oktober 2015

Knullig!

Dat was een knullige voorstelling vandaag in het Haagse Paleis van Justitie. Tientallen mensen hadden zich -letterlijk van heinde en verre- verzameld om het kort geding bij te wonen van Jean Claude Iyamuremye en Jean Baptiste Mugimba. Het paleis van Justitie had daar geen rekening mee gehouden, want het kort geding was gepland in een zaaltje ter grootte van een bezemkast. Oeps, herinnerde men zich plotseling. Rwanda, tja, daar hadden ze in het verleden wel ervaring mee gehad. Daar kwamen altijd veel mensen op af. Ai, helemaal vergeten. 

Ook de advocaat van Mugimba was iets vergeten. Mugimba had zich keurig vanochtend om zes uur bij zijn bewakers gemeld, maar die wisten van niets. Moest meneer vandaag van Almere naar Den Haag? Nee hoor, er was geen transport geregeld. Er was niet over gebeld. En dus bleef Mugimba in Almere, tot verdriet van zijn familie en vrienden die wel waren afgereisd. 

De advocaten, het OM en de rechters gingen met elkaar in conclaaf. Wel of niet het kort geding door laten gaan was de vraag. Uiteindelijk gaf de afwezigheid van Mugimba de doorslag. Het kort geding wordt verplaatst, waarschijnlijk is begin volgende week de datum bekend.

Is dat positief of negatief die verplaatsing was vervolgens de vraag die iedereen stelde. Lastig te beantwoorden. Misschien gunstig als er een uitspraak ligt dat de vijf Rwandezen in Engeland niet teruggestuurd mogen worden naar Rwanda. Die uitspraak zou er al moeten liggen.

In ieder geval zitten Iyamuremye en Mugimba nog een maand langer in Nederland. Dat is in ieder geval zeker. 

Maandag 26 oktober 2015

NOOIT!

Het is een wanhopige Jean Claude Iyamuremye die tegenover me zit in de kleine advocatencel van de gevangenis in Zoetermeer. Hij draagt andere kleren dan zijn gebruikelijke overhemd, trui en jeans, namelijk een blauw pak. Al zijn spullen zijn zoek sinds zijn verhuizing van Krimpen aan de Waard naar Zoetermeer, zo zegt Iyamuremye verdrietig, maar ook wat boos. Een maand geleden verhuisde hij van gevangenis en sindsdien zijn zijn spullen zoek. Zijn kleren, en veel erger nog, zijn hele dossier. 'Ik begrijp er niets van, anderen die tegelijk met mij verhuisden, kregen na een week al hun spullen.'

Iyamuremye denkt dat er meer aan de hand is. Dat zijn spullen worden doorzocht op belastend materiaal. Dat het misschien ook een manier is om hem uit balans te brengen. Het gevangenisleven is ongelofelijk moeilijk voor Iyamuremye. Uit alle macht probeert hij zijn onschuld te bewijzen, maar eigenlijk is er niemand die naar hem wil luisteren. De immigratiedienst niet, de rechters niet, de minister niet, zelfs zijn advocaten niet. Want het gaat bij uitlevering niet om schuld of onschuld, maar of je in het ontvangende land wel kunt rekenen op een eerlijk proces en een menswaardig verblijf in een gevangenis. 

Voor Iyamuremye is dat onbegrijpelijk. Hij wordt beschuldigd van iets, maar kan zich er niet tegen verdedigen. Hoewel goedlachs en zeer gelovig, hebben de tweeënhalf jaar cel hem ook achterdochtig gemaakt. Zijn vertrouwen in het systeem is weg. Zo kreeg hij onlangs te horen dat hij zou worden overgeplaatst naar Schiphol. Iyamuremye schrok zich een ongeluk en belde direct met zijn advocaten. Het was namelijk 5 oktober en president Kagame van Rwanda was in het land. Iyamuremye was doodsbang dat hij gekidnapped zou worden onderweg naar Schiphol. En was detentiecentrum Schiphol ook niet maar een paar honderd meter verwijderd van de luchthaven? Hij zou in een vliegtuig gegooid kunnen worden, voordat iemand ook maar een pink had kunnen bewegen. Gelukkig wisten zijn advocaten zijn overplaatsing te voorkomen, maar de schok en de achterdocht bleven.

Aanstaande woensdag om 11.00 uur is het kort geding van Iyamuremye in Den Haag. Het is zijn laatste kans. Als hij dit verliest, is de kans groot dat hij terug wordt gestuurd naar Rwanda. Zijn vrouw Jeannett en drie kinderen blijven achter. Ik hoef niemand te vertellen hoe groot hun verdriet zal zijn. Ik roep daarom iedereen op om naar de rechtbank te komen. Om Iyamuremye en zijn gezin te steunen. Om de rechters te laten zien dat er mensen zijn die achter hen staan. Om van de politiek te eisen dat zij hun stem laten horen in het parlement. Rwanda is geen land waar je mensen naar terug stuurt als ze dat niet willen. Steeds meer landen krijgen dat in de gaten, behalve Nederland, dat maar blijft knielen voor het regime.  


Woensdag 21 oktober 2015

Rechtbank deelt IND een dreun toe

De IND die een Rwandees beschuldigde van genocide, heeft van de rechtbank een ontzettende dreun uitgedeeld gekregen. Het IND heeft nagelaten onderzoek te doen en maakte gebruik van onvoldoende bewijsmateriaal, zo oordeelt de rechtbank. Van alle beschuldigingen bleef geen spaan heel.

Belangrijk hierbij is wel dat de IND geen individueel ambtsbericht liet maken (een persoonlijk rapport, gemaakt door de Nederlandse ambassade in Kigali en gebaseerd op onderzoek van lokale vertrouwenspersonen), maar zich bijna volledig baseerde op drie rapporten van African Rights (AR), de dubieuze organisatie van Rakya Omaar. Inmiddels zou African Rights ter ziele zijn, maar in 2010 toen AR aanklopte bij de Nederlandse justitie was het nog springlevend. 

In de drie rapporten komen getuigen aan het woord over -we zullen hem maar meneer X noemen. De getuigen bieden aan om ook door de Nederlandse autoriteiten gehoord te worden.  De rechter vindt het onbegrijpelijk dat de IND geen vinger heeft bewogen om deze mensen ook daadwerkelijk te horen. De bronnen in de rapporten zijn grotendeels anoniem, onduidelijk is hoe hun betrouwbaarheid is getoetst, wat hun kwalificaties zijn en welke onderzoeksmethodiek is gehanteerd. Daarnaast is een aantal verklaringen bijna identiek, alsof mensen vooraf een tekst kregen. Toch baseert de IND zich bijna volledig op deze rapporten en vindt het geldverspilling om uit de luie stoel te komen voor nader onderzoek, ook naar de betrouwbaarheid van African Rights zelf (ik vertaal heel vrij een klein deel van het vonnis).

Dat meneer X tot twee keer toe door de volksrechtbank Gacaca zou zijn veroordeeld, zegt niets, aldus de rechter. Nederland zelf concludeerde in een thematisch ambtsbericht dat de Gacaca niet betrouwbaar waren (omkoping, vereffening van oude ruzies, slechte kwaliteit rechters, te weinig tijd). Daarnaast is absoluut onduidelijk of het gaat om twee afzonderlijke beschuldigingen van meneer X of twee beschuldigingen van hetzelfde feit. Daarbij komt dat meneer X pas een dag van te voren te horen kreeg dat hij bij de gacaca zou moeten verschijnen. Dat schiet lekker op als je in Nederland woont. Meneer X heeft zich dus nooit kunnen verdedigen. 

Dit is in grote lijnen het vonnis. Heel belangrijk, omdat voor de tweede keer de IND verweten wordt ondeugdelijk onderzoek gedaan te hebben. Jammer is wel dat het individueel ambtsbericht geen rol speelde. Het was immers niet gemaakt voor meneer X. Dat blijft dus nog steeds door de rechter gezien worden als betrouwbaar, hoewel wij met zijn allen weten dat dit niet zo is. Ook bij het individueel ambtsbericht wordt de betrouwbaarheid van de bronnen niet gecontroleerd, zijn hun kwalificaties niet bekend en is niets bekend over de gevolgde onderzoeksmethodiek.


Woensdag 14 oktober 2015

Worden mijn bronnen in Rwanda beschermd?

Na de diefstal van mijn iPhone tijdens de Rwanada dag, kunnen sommige van mijn bronnen gevaar lopen. Zo simpel is het. Kan ik ze beschermen? Ik ben bang van niet. Zo zegt de Rwandese ambassade dat het hele gebeuren haar spijt en dat ze er alles aan doen om de verantwoordelijken te pakken te krijgen. Zegt de ambassade tegen het ministerie van Buitenlandse Zaken, zegt Buitenlandse Zaken tegen mij. Tegen collega's zegt de Rwandese ambassade iets heel anders, namelijk dat het om een individueel geval van een simpele straatroof ging. 

De politie is er ook mee bezig. Zij vroegen mijn signalement zodat ze me kunnen volgen op de beelden die zijn gemaakt door straatcamera's. Ze namen de getuigenverklaring op van de collega die gelukkig bij me was. En ze zeggen dat ze nog steeds hard er mee bezig zijn. Dat geloof ik graag.

Om de mannen te kunnen achterhalen, is het nodig de naam te weten van diegene die op het Europaplein de vergunning aanvroeg voor de kleine demonstratie. Buitenlandse Zaken kan niet bij de gemeente de naam opvragen, dat ligt buiten onze competentie, zei mijn contact op het ministerie. De politie kan wel de naam opvragen, heeft dat niet gedaan omdat ze de naam niet met me mogen delen. Of ik zelf maar de naam van de aanvrager bij de gemeente wil opvragen. Hoewel ik het antwoord al weet, ga ik er natuurlijk toch een telefoontje aan wagen. Het zal wel weer een Wobje worden.

Gelukkig zijn er veel andere mensen mee bezig, die sturen brieven en stellen vragen aan het ministerie, ja zelfs aan de koning. Maar gerust gaan slapen en opgewekt weer op, is er de afgelopen dagen niet bij geweest. Vandaag zou Buitenlandse Zaken er op terug komen, voor de laatste stand van zaken. U hoort!


Zondag 4 oktober 2015

Weten onze koning en de koningin wel wie zij morgen een kopje koffie aanbieden?

Zelfs in Rwanda maakte ik niet mee dat de sfeer zo agressief en gespannen was als gisteren bij RwandaDay in Amsterdam. Vooral de onafhankelijke pers kreeg het te verduren. Hen werd het werken heel lastig gemaakt. Zo vertelde de cameraman van de VRT dat veiligheidsmensen geprobeerd hadden zijn camera kapot te trekken, werd een iPhone van online medium Jambonews gestolen en kwam ook ik er niet zonder kleerscheuren af.

Ik werd bedreigd door vier brede heren van de veiligheidsdienst toen ik met mijn iPhone foto’s wilde maken van een groep Rwandezen met blauwe en witte petjes die met spandoeken lieten weten dat zij erg van hun president hielden en dat hij erg welkom was in Nederland.

De heren doken op mij af toen ik mijn iPhone omhoog hield om af te drukken en sisten dat dit verboden was. Ik werd een beetje boos, wees om mij heen en vertelde dat wij ons hier op Nederlands grondgebied bevonden, dat dit duidelijk een publieke demonstratie was op de openbare weg, dat ik een journalist was en dat men hier gewoonlijk zijn werk kon doen als journalist. Wie waren de heren dat ze mij konden verbieden hun werk te doen. Op dat moment kwam er een vijfde bij ons staan. Hij riep: ‘Dat is Anneke, dat is Anneke’ en hij liet mijn twitterfoto zien. Daarop werd de sfeer nog dreigender. Ik was immers iemand met de intentie hun feestje te bederven, zo werd er al de hele ochtend getwitterd. Eerder al was mij als gewone bezoeker, de toegang geweigerd. Mijn online registratie was niet terug te vinden in de computer.

Natuurlijk.

Toen ik bleef vragen wie de heren waren om mij te verbieden foto’s te nemen, werden ze handtastelijk. Een van hen duwde me op de grond, terwijl een ander mijn telefoon uit mijn hand sloeg en er mee tussen zijn wit en blauw gepette landgenoten verdween. Houdt de dief riep ik nog, maar ik wist dat ik mijn telefoon voor de laatste keer in mijn handen had gehad. Gelukkig was een collega-journalist getuige van het gebeurde. Toen hij wat wilde ondernemen werd zijn weg versperd door heel brede Rwandezen. De boodschap was duidelijk.

Een meneer die vertelde van de organisatie te zijn kwam mij vertellen dat ik mijn telefoon terug zou krijgen als de politie zou komen. Hij zou er persoonlijk voor zorgdragen. En verder moest ik mijn mond houden, want anders zouden er nog wel heel andere dingen kunnen gebeuren dan de diefstal van mijn iPhone.

Natuurlijk.

Ik keek verbaasd om mij heen. Waren wij per ongeluk naar Kigali geteleporteerd? Bevond ik mij tussen duizend heuvelen? Maar nee. Iets verderop wapperden de vlaggen van het RAI-complex en vlak langs mijn voeten reden oer-Amsterdamse bussen.

Uiteindelijk kwam een aardige Amsterdamse politie-agent. Die kreeg te horen dat ik foto’s had willen maken en dat dit verboden was.

De agent trok zijn wenkbrauwen samen en zei kalm dat journalisten hier in Nederland gewoon mochten fotograferen. Dat dit persvrijheid heette. Daarop nam de organisator de agent mee naar weer een andere organisator. Na vijf minuten kwam de agent onverrichter zake terug. Mijn iPhone was weg en zou wel voor altijd wegblijven. Ik moest maar aangifte doen.

Vandaag ben ik van slag. De Rwanda Dag is georganiseerd door de Rwandese ambassade. Die is officieel onschendbaar. Maar betekent het ook dat de mensen die zij in dienst nemen of als vrijwilliger hebben aangesteld voor bijvoorbeeld een dergelijk evenement onschendbaar zijn? Dan zou ons land dus kunnen worden overgenomen door de eerste de beste ambassade, want alle mensen die klusjes voor ze doen, zouden onschendbaar zijn.

Ik laat het er dus niet bij zitten en ga klagen waar ik maar kan.

 

Erger nog is het dat president Kagame morgen wordt ontvangen door de koning en de koningin. Zouden zij weten dat hij verantwoordelijk is voor vele duizenden doden? Dat zeg ik niet, dat zeggen rapporten van de Verenigde Naties. Diezelfde VN waar Nederland zo graag tijdelijk lid van wil worden en waar Rwanda veel invloed heeft.

Zouden de koning en de koningin wel weten dat Canada hem de toegang heeft geweigerd eind september dit jaar?

Zouden de koning en de koningin wel weten dat hij alle oppositie heeft vermoord, in de gevangenis heeft gezet of weggejaagd naar het buitenland?

Zouden de koning en koningin weten dat heel veel Rwandezen in een soort permanente staat van angst leven, omdat hun president beslist over carriere of mislukking, leven en dood?

Dit zouden de koning en de koningin natuurlijk moeten weten. Als zij dat niet weten dan hebben minister Koenders en minister Ploumen hun werk niet goed gedaan, om maar een eufemisme te gebruiken.

Wir haben es nicht gewusst, dat is echt een brug te ver.

Maandag 28 september

Hoe komen de straten van Kigali zo schoon?

Het zijn niet alleen de schoonmakers en tuinlieden die dagelijks de straten Kigali blinkend netjes houden. Ook de politie zorgt ervoor dat de straten er onberispelijk bijliggen. De daklozen, sekswerkers en straatverkopers die van de straten een rommeltje maken, worden namelijk opgeborgen in een zogeheten heropvoedings-noodopvang. Opgeruimd staat netjes.

Dit staat te lezen in een rapport van Human Rights Watch: ‘Why not call this place a prison’.

Kwa Kabuga heet de plek waar zo’n achthonderd mensen gevangen zitten zonder dat ze ook maar van iets zijn beschuldigd, zonder dat ze voor de rechter moeten verschijnen. Ze zijn dus volledig overgeleverd aan de willekeur van degenen die ze gevangen houden. Dit is tegen de Rwandese wetten. Volgens de minister van Justitie gaat het hier echter niet om een gevangenis, maar om een noodopvang. Vanuit dit transitiecentrum worden de mensen overgeplaatst naar heropvoedingsinstituten, aldus de minister.

HRW interviewde 57 oud-gevangenen en zij schetsen een beeld van een oord waar het slaan van gevangenen tot de orde van de dag behoort, waar onvoldoende water en eten is, waar hygiene ver te zoeken is. Soms zitten wel vierhonderd mensen bij elkaar in een enkele ruimte. Veel van de geinterviewden kwamen meerdere malen in Kwa Kabuga terecht; iedereen zat er zonder ook maar van iets beschuldigd te zijn, laat staan dat er sprake was van een proces. Wie eruit wil, betaalt de bewakers. Het is de gemakkelijkste manier om de gevangenis te verlaten, ga niet langs start, ontvang geen 200 euro. 

Tot 2014 werden hier ook de straatkinderen opgeborgen, maar dat mag niet langer. Vraag is waar de straatkinderen nu terechtkomen. In 2010 was er sprake van een eilandje in het kivumeer waar deze kinderen werden opgesloten. Samen met daklozen en andere straatrommel.

Rwanda-day

Aanstaande zaterdag 3 oktober is het dan zover: president Paul Kagame bezoekt ons land voor Rwanday day en op maandag 5 en dinsdag 6 oktober is hij hier voor een officieel werkbezoek dat in het teken staat van de landbouw. Volgens het ministerie van Buitenlandse Zaken is er ook een bedrijvendiner waar de president met minister Ploumen een vorkje mee zal prikken.

Met die Rwanda-day is iets merkwaardigs aan de hand. Zo was deze volgens een poster eerst gepland op zondag. Ik schreef me daarvoor in, maar dat bleek iets te zijn uitsluitend voor een Engelse delegatie, al sta ik officieel nog steeds ingeschreven. 

Toen kwam er een mail met een soort persbericht en voor het contact wat emailadressen. Ik mailde naar een van die adressen en dat bleek de journalist te zijn die het bericht had gemaakt. Heel aardig stuurde hij mijn mail door naar de Rwandese ambassadeur in Den Haag. Nooit meer iets van gehoord. 

Vervolgens kwam er een bericht op de site van de ambassade met de Agaciro facebook pagina en daarop stond een link waar je je kon aanmelden. Dat heb ik dus gedaan.

Vanochtend keek ik even of bekend was waar de dag werd gehouden, maar nee dus. Je organiseert iets en maakt pas op het laatste moment bekend bekend waar het is. Dan moet je dus de veiligheid van je president belangrijker vinden dan het aantal mensen dat naar die bijeenkomst komt. Of je weet dat de mensen zo graag de president willen zien, dat het hen niet uitmaakt waar het wordt gehouden. Ze zijn bereid door een rivier van snot te waden om Kagame de hand te drukken, bij wijze van spreken.

Vrijdagmiddag is er in Amsterdam een business event in het koninklijk Instituut voor de Tropen. Ik ga daar in ieder geval ook even een kijkje nemen. Een babbeltje maken met Rwandese en Nederlandse ondernemers kan best verhelderend zijn. 

Maandag 21 september 2015

Blijven zitten en gezakt

Zou het toch niet beter zijn als de Rwandese president nog een termijn zou blijven zitten? Hij heeft toch veel goeds in het land gebracht en de meeste Afrikaanse democratieen zijn nou ook niet echt van een hoog niveau. De laatste zin is een vrije vertaling van een mail van een lieve kennis die al jarenlang in Afrika woont en werkt. Ze weet dus waarover ze het heeft.

Hoewel ik heel veel argumenten kan geven waarom president Kagame niet voor een derde termijn op zou moeten  -al was het alleen maar dat ik dan waarschijnlijk weer vrolijk en vrij het land in en uit kan reizen- moest ik toch weer even heel erg met mijn handen in het haar zitten. Want die lieve kennis verwoordt wat veel mensen denken.

‘Zit toch niet zo te zeuren; het land is niet in oorlog, het gaat economisch niet slecht, de mensen slachten elkaar niet af en je weet maar nooit wat er gebeurt als er een wisseling van de macht plaatsvindt.’ Kiezen uit twee kwaden, waarvan het ene kwaad, zo kwaad nog niet lijkt, als je kijkt naar de schoongeboende boulevards in Kigali. Als ik weer in Afrika ben, zal ik met de lieve kennis een Primus pakken op een klein terras met uitzicht op een rode zandweg, waar kindertjes in blauwwit uniform van de katholieke school voorbij huppelen, hun roze rugzakjes broos tegen hun lijfjes en vertellen over de genadeloze ijzeren greep van de Rwandese president.

Ik ben weer terug in Nederland waar een berg werk mij grijnzend aankijkt. ‘Pak me dan als je kan’. Helaas is het allemaal werk waarvan de beloning in een ver verschiet ligt, als die beloning er al komt. Ik kreeg bericht van weer een subsidiegever dat de subsidie was afgewezen. Het voelde alsof ik voor een examen was gezakt. De onderzoeksmethodiek beviel ze niet. Mijn team en ik wilden zoveel mogelijk mensen te spreken krijgen over magie en voodoo in Kameroen, Nigeria en Benin. Van de minister tot de ober. Van de hogepriester tot de gelovige. Ook wilden we een aantal NGO-projecten doorlichten, om te zien of zij soms minder efficient verlopen, vanwege het geloof in magie/voodoo. Ik wil graag van de jury weten welke methodiek zij voor ogen hebben in landen met een orale cultuur, waar geen cijfers of documentatie voorhanden is en als er al cijfers zijn, die niet te vertrouwen zijn. Wij wilden een eigen databankje opbouwen.

Gisteren, terugrijdend naar Nederland, had ik alle gelegenheid om heden en toekomst onder ogen te zien. Even schoot een pot geraniums door mijn hoofd, maar dat was gelukkig maar even. Ik heb al weer ideeen om het voodoo-project verder vorm te geven. En voorts blijf ik natuurlijk actief met de genocide-dossiers en het Grote Merengebied. Een andere lieve kennis mailt mij bijvoorbeeld geregeld nieuws en analyses over Burundi. Mocht ik weer naar DRC afreizen, dan doe ik dit land ook beslist aan. Nu er geen zichtbare onrust meer is, wordt het land door de media vergeten.

Maar allereerst moet ik HET BOEK afmaken. Dat vordert gestaag!


Maandag 14 september 2015

RWANDA EN ARTIKEL 101

President Paul Kagame, tot een paar jaar geleden dé Afrikaanse knuffelpresident van de internationale gemeenschap, lijkt meer en meer in een isolement te komen en het genocide-krediet te verliezen. Zeker nu de Verenigde Staten én het Verenigd Koninkrijk klip en klaar hebben gezegd dat ze het wijzigen van de grondwet voor een derde ambtstermijn als president, ondemocratisch vinden.

“We steunen niemand die een machtspositie gebruikt om de grondwet te wijzigen, uitsluitend voor het eigen politieke belang”, zo zei John Kirby, woordvoerder van de VS. In dezelfde verklaring herinnerden de VS de president er fijntjes aan dat hij bij herhaling heeft aangegeven de grondwettelijke termijnen te zullen eerbiedigen. Ook Grant Shapps, de Britse minister van Internationale Ontwikkeling liet twee dagen geleden weten dat Engeland geen voorstander is van een grondwetswijziging.

Het is de vraag of de president zich wat aantrekt van de kritiek van de VS en de UK; hij heeft een grondige hekel aan iedereen die kritiek heeft op zijn beleid en zijn manier van leiding geven. Maar de VS en de UK hebben wel een troefkaart in handen: met een bijdrage van meer dan 170 miljoen dollar (US, 2015) en 103 miljoen pond (158 miljoen dollar (UK, 2013) zijn het de grootste donoren van Rwanda.

Het verleden heeft uitgewezen dat Kagame gevoelig is voor het stoppen van financiële steun; niet verwonderlijk, zo ongeveer de helft van de begroting van Rwanda bestaat uit geld van donoren.

Toen een aantal landen, waaronder Nederland, in 2012 hun steun opschortten vanwege Rwanda’s steun aan de rebellen van M23 in Oost-Congo, riep Kagame met veel tam tam een eigen steunfonds in het leven. Iedere Rwandees en ieder bedrijf of organisatie moest daar aan bijdragen. De eerste maanden werd nog flink rondgetoeterd dat de gelden binnenstroomden, maar ik heb al lange tijd niets meer over het fonds gelezen.

Dat fonds lijkt een beetje op de handtekeningencampagne die deze zomer werd gestart. Volgens de staatsmedia hebben zo’n 3,6 miljoen Rwandezen een petitie getekend die zegt dat een paar artikelen in de grondwet geschrapt moeten worden, zodat een derde ambtstermijn voor president Kagame mogelijk wordt. Even voor alle duidelijkheid: 3,6 miljoen handtekeningen is ongeveer zeventig procent van het totale electoraat. Daarmee is Kagame al zeker van een overwinning, mochten de artikelen in de grondwet worden geschrapt. Niet dat iemand hoeft te twijfelen aan zijn verkiezing, mocht hij zich kandidaat stellen. Paul Kagame is sinds 1994 aan de macht in Rwanda, of hij zich nu minister van Defensie, vice-president of president noemt.

Overigens gaat het gerucht dat mensen werden gedwongen de petitie te ondertekenen, zoals bijvoorbeeld gevangenen en mensen die in werkkampen zitten. De RPF ontkent elke druk en zegt dat het onmogelijk is om 3,6 miljoen mensen te dwingen een handtekening te zetten.

Wie Rwanda echter een beetje kent, weet dat de druk niet eens uitgesproken hoeft te worden, omdat de RPF het land volledig controleert. Elke ‘tien huizen’ hebben een RPFer die in de gaten houdt wat iedereen doet. Als deze met een lijst langskomt, dan teken je. Je weet dat er problemen komen, als je het niet doet.

Artikel 101 zegt het eigenlijk allemaal heel duidelijk: De president wordt gekozen voor een termijn van zeven jaar en die termijn kan slechts een keer verlengd worden. Onder geen enkele omstandigheid zal iemand deze functie langer bekleden dan twee termijnen.

Een andere artikel biedt Kagame echter een handvat: Artikel 193 zegt eigenlijk hoe de grondwet gewijzigd kan worden, en dat voor een wijziging van de termijn van de president, een referendum nodig is, sorry juristen voor mijn lekentaal. Nou, als er een referendum moet komen, dan weten we de uitkomst wel.

Probleem is natuurlijk dat Rwanda geen echte alternatieven heeft. Iedereen die iets betekent in de oppositie zit in de gevangenis of is naar het buitenland gevlucht. 

Maandag 7 september 2015

Depressie 

Graag had ik hier geschreven dat mijn onderzoek naar alles rond de Rwandezen die door Nederland van genocide worden beschuldigd, was genomineerd voor De Loep, de onderzoeksprijs van mijn club de Vereniging van Nederlandse en Vlaamse onderzoeksjournalisten.  Helaas, dat is niet het geval en ik bevind me dus in een diepe depressie.

De depressie wordt zeer versterkt omdat er geen paddenstoelen zijn. Ik heb de afgelopen dagen zegge en schrijven één eekhoorntjesbrood gevonden en één cantharel. Door de bloedhete zomer hebben de sporen zich waarschijnlijk niet goed kunnen ontwikkelen. 

Ik loop dan ook nog eens door een desolaat landschap om op mijn paddenstoelenplekken te komen, want de kappers hebben het afgelopen jaar bijna mijn hele heuvel kaalgekapt. Wel hebben ze direct erna het maanlandschap voorzien van ielig kleine dennenboompjes. Die moeten over vijftig jaar klaar zijn voor de slacht, maar hangen, ook dankzij de warme zomer, met hun gevederde kopjes amechtig naar beneden, of zijn lekker bruin geworden in het hete zonnetje.

Over het gedoe met de vluchtelingen kan ik kort zijn. We zijn een hypocriet volk. We stemmen op Wilders of andere xenofoben, vinden ons land vol, maar als de media beelden laten zien van zielige kindertjes dan worden opeens de kasten opengetrokken en worden de oude kleren opgestuurd naar Hongarije. Lekker makkelijk en het blijft ver van je bed. Overigens net als het ondertekenen van petities, alhoewel ik moet zeggen dat ik me daar ook schuldig aan heb gemaakt.

We moeten onze volksvertegenwoordigers zó gek maken dat ze straks als een man/vrouw in de kamer opstaan en roepen: ‘Welkom’. En vervolgens moeten we onze volksvertegenwoordigers nog meer gek maken zodat ze als een man/ vrouw roepen: ‘Wij houden op met het winst te willen maken in ontwikkelingslanden. Wij worden het voorbeeld van Amerika, Frankrijk, Engeland en alle andere landen, organisaties en bedrijven die in de eerste plaats aan zichzelf denken en zo ongeveer op nummer twintig pas aan het land zelf.’

Maandag 31 augustus 2015

Heeft het Grote Merengebied een toekomst?

In Burundi weet niemand meer precies wat er gebeurt. Het land dat een aantal jaren van relatieve stabiliteit kende, wankelt.  Steeds meer mensen vergelijken de situatie met die van Rwanda, voorjaar 1994, toen in drie maanden tijd een miljoen mensen werden afgeslacht.

Meer dan 200.000 mensen zijn Burundi nu ontvlucht. Onze Tweede Kamer-delegatie die onlangs op bezoek was in Rwanda, bezocht een vluchtelingenkamp. Ze waren vol lof over Rwanda, dat de vluchtelingen van het buurland zo keurig georganiseerd opving. De delegatie zou ook Burundi aandoen, maar durfde dat toch niet aan; hun bezoek viel ongeveer tegelijkertijd met de installatie van president Nkurunziza op  20 augustus. Hij is nu voor de derde keer president.

Vanuit mijn kennissenkring krijg ik tegenstrijdige informatie. Een kennis is samen met zijn hoogzwangere vrouw gevlucht. Eerst naar Rwanda, maar toen dat erg duur bleek, zijn ze verder getrokken naar Oeganda. Hij woonde in een van de ‘onlustwijken’ en vertelde dat iedereen die daar nog woonde, automatisch doelwit was van het leger. Hij vindt dat de internationale gemeenschap moet ingrijpen. Een andere kennis zegt juist dat de Westerse media en de internationale gemeenschap te veel hun oren laten hangen naar de rebellen. Ze geloven in een gemakkelijk sprookje: stoute president wil ongrondwettelijk derde mandaat, de bevolking komt in opstand, boze president onderdrukt met harde hand de opstand. Internationale gemeenschap protesteert.

Het is een mooi zwart-wit verhaal; daar worden wij journalisten heel blij van. Maar zwart-wit bestaat niet in deze regio. Het begint ergens bij duizend tinten grijs en dan nog heb je nog eens duizend nuances te doorgronden. Elke keer als ik denk dat ik iets begin te begrijpen, dan kom ik er achter dat ik te weinig weet. Het is als een oneindige ui: laag na laag pel ik af zonder dat de ui zichtbaar kleiner wordt.

Soms vragen vrienden mij wel of het ooit nog goed komt in dit gebied. Ik heb dan eigenlijk maar één antwoord: als het goed komt, dan gaat dat nog heel lang duren ben ik bang. Maar we zouden al een heel eind zijn als al die internationale hulporganisaties uit het gebied zouden verdwijnen. Die zijn voor het grootste deel bezig om zichzelf overeind te houden. Ik heb het dan niet over noodhulp, maar over die projecten van twee, drie jaar die eigenlijk alleen werk en geld opleveren voor de hulporganisaties en nauwelijks van betekenis zijn voor de bevolking. Want hoe kan een mens anders verklaren dat na twintig jaar ontwikkelingsprojecten; het gebied nog steeds tot een van de armste gebieden ter wereld hoort?

Al die hulporganisaties dus de deur uit. Laat de mensen zelf de verantwoordelijkheid voor hun eigen leven. Europa heeft als kolonisator het werelddeel als een sinaasappel uitgeperst en er is in feite niets veranderd na de ‘onafhankelijkheid.’ Onder het mom van hulp, worden de landen nog steeds dom en arm gehouden. Nederland bijvoorbeeld heeft een ministerie dat handel en ontwikkelingshulp bij elkaar zet; de Fransen hebben hun Pact Colonial’, waardoor ze de winsten van hun voormalige kolonieen kunnen afromen. Zonder dat Pact was Frankrijk al failliet geweest.

Wij mopperen op al die economische bootvluchtelingen uit Afrika. Ze pikken onze huizen, ons werk en onze toekomst. Als we nou eens beginnen Afrika gewoon terug te betalen wat wij als een dief nu en in het verleden hebben gejat?  Daarmee kunnen de kinderen naar school en studeren. Met dat geld kunnen kleine bedrijven worden opgestart. Dan moet er natuurlijk wel een hele strenge straf komen voor alle enge corrupte politici met grote zakken, want dat geld moet wel terechtkomen waar het hoort. Het is dat ik tegen de doodstraf ben …. 

Maandag 24 augustus 2015

Hoog bezoek

Vorige week bracht een kleine delegatie van Nederladse parlementariers een bezoek aan Rwanda. Ze wilden met eigen ogen zien of Jean Claude Iyamuremye en Jean Baptiste Mugimba uitgeleverd konden worden. Een prijzenswaardig, maar volstrekt wereldvreemd initiatief.  als je denkt dat je vanaf een rode loper, omringd door officials de werkelijkheid kunt benaderen. Christen Unie kamerlid Joel Voordewind had een pittig gesprek met de president, zo smste hij onder het kopje ‘vertrouwelijk’ aan een goede vriend. Twee minuten later had Voordewind het vertrouwelijke bericht toch ook maar getwitterd.

Terwijl de delegatie boodschappen deed in Rwanda, sprak ik met Fred Muvunyi in de Eerste Klas op het Amsterdamse centraal station. Fred is journalist en was de afgelopen jaren de directeur van de Rwanda Media Commission. Hij ontvluchtte in mei het land omdat hij vond dat BBC-radio weer gewoon moest kunnen uitzenden. Die zender was namelijk sinds dit najaar de BBC een kritische documnentaire over Rwanda had uitgezonden. De documentaire had naar verluidt schuim op de lippen gebracht van president Paul Kagame. Fred vindt ook dat een derde termijn van de president niet goed is voor het land. Voor alle duidelijkheid: Fred is geboren in Oeganda, een Tutsi en een bewonderaar van zijn president.

Terwijl een klein deel van de delegatie oppositieleidster Victoire Ingabire de hand drukte binnen de muren van gevangenis 1930, werd ik gebeld door haar echtgenoot. Speciaal voor dit bezoek was het zwart van de ramen gehaald en had ze haar boeken weer terug. Later die dag kreeg ik een bericht van haar vicevoorzitter uit Rwanda: de gevangenisdirecteur had een aantal keren flink gejokt tegen de delegatie, en Ingabire had hem ten overstaan van de twee Nederlandse Kamerleden gecorrigeerd. Ingabire zit een straf uit van 15 jaar. Officieel onder meer vanwege ontkenning van genocide, niet officieel omdat zij een politiek tegenstander is van president Paul Kagame, al wil Nederland dat nog steeds niet hardop zeggen.

Terwijl de delegatie aan een luxe hotel ontbijt zat, bezocht ik Jean Claude Iyamuremye in zijn gevangenis in Krimpen aan de IJssel. Zijn tweejarig zoontje Roy zong vrolijk ‘Olifantje in het bos’, terwijl we over Iyamuremyes zaak spraken. ‘Als ik wordt uitgeleverd, dan is het voor mij het einde. Ze laten me rotten in een cel daar in Rwanda. Dat nooit.’ Iyamuremye weet waarover hij praat: Rwandese advocaten hebben geen ervaring met complexe zaken, ze krijgen geen geld voor goed onderzoek ,zegt onze eigen Nederlandse Martin Witteveen die het Rwandese openbaar ministerie adviseert. Hij vertelt niet dat de advocaten nauwlettend in de gaten worden gehouden.

Terwijl de delegatie foto’s maakte van breed lachende kindertjes in een vluchtelingenkamp, sprak ik met Amnesty International. Zij bereiden een brief voor waarin ze hun zorgen uitspreken over de mogelijke uitlevering van Jean Claude Iyamuremye en Jean Baptiste Mugimba.

Paul Kagame is misschien wel een van de slimste leiders ter wereld. Hij weet in ieder geval als geen ander hoe hij Rwanda moet presenteren aan een internationale wereld, die hij ten diepste haat. Ik durf te wedden dat niemand van de delegatie een slechter beeld van Rwanda heeft gekregen.

Paul Kagame is ook een vechter. Als Voordewind zegt dat hij een pittig gesprek heeft gehad met hem, dan kunnen we dat gerust met een fikse korrel zout nemen. Mensen die een echt pittig gesprek met Kagame hebben gehad, komen op zijn minst uit dat gesprek met een paar blauwe ogen. Kagame houdt namelijk van de daad bij het woord als hij boos is.

Maar misschien ben ik te pessimistisch. Ik hoorde dat Joel Voordewind ook had gesproken met een Rwandees die vorig jaar is uitgezet en dat hij nu met zijn Nederlandse advocaten wil praten.

Oh ja, en voor ik het vergeet: 4 oktober is president Paul Kagame in ons land voor de Rwanda-dag. Wie goede ideeën heeft om deze dag positief te benutten: mail me. Wie de president met eigen ogen wil zien, kan zich hier opgeven: http://www.rwandaforum.eu/denhaag2015/indexphp/events/1-den-haag-2015. Tenminste, dat kon, want toen ik het net probeerde, werkte de link niet meer. Wat is hier nu weer aan de hand?

 

Dinsdag 11 augustus 2015

OMA

Gisteren waren echtgenoot en ik getuige van een heuse ontvoering. Oma nam stiekumpjes haar kleindochter mee naar haar huis onder de houtstapel. 

Oma, in de volksmond Bommetje, vond het maar niks dat haar dochter, Bloemetje, zich maar weinig van haar zes weken oude Jong aantrok. Je zag Oma mopperen: “Alleen maar bezig met zichzelf, geen enkel verantwoordelijkheidsgevoel”, als het Jong stond te piepen van de honger en om zijn moeder riep. Niet moeder kwam dan aanlopen, die had het te druk met dromen over muizen, maar Oma. Oma ging dan keurig op de grond liggen, haar tepels omhoog, waarna het Jong gretig toehapte en schrokkerig de oma-melk naar binnen werkte, de voorpootjes klauwend tegen Oma’s borst om maar zoveel mogelijk binnen te krijgen.

Jong werd dus gisteren ontvoerd door Oma. Bloemetje kon het allemaal niet schelen, die zat nog tot laat naar de sterren te staren. Oma kon melk geven, omdat ze zelf drie dagen geleden ook moeder was geworden. Of haar jongen leven, dat weten we niet, omdat we het nestje nog niet gevonden hebben. Ik geef toe het is verwarrend allemaal. Moeders die Oma zijn en dochters die moeder zijn, maar het dierenleven is zo eenvoudig nog niet.

Bommetje en Bloemetje zijn onze buitenkatten. Ze horen bij de buren, een paar honderd meter bij ons vandaan. Daar wonen heel veel katten in een garage. Vroeger waren het er wel twintig tot dertig; de buren gaven niks om castratie en sterilisatie; we zijn hier op het Franse platteland en daar doen ze niet aan die poespas. Nu er zoveel vossen zijn, is dat aantal fiks geslonken. Natuurlijke selectie noemen ze dat geloof ik.

Afgelopen winter besloten Bommetje en Bloemetje dat ze aan ons restaurant de voorkeur gaven; bij de buren kregen ze uitsluitend droge brokken, bij ons valt er nog wel eens te kipkluiven.

Nu zijn ze dus altijd in de buurt van het huis te vinden. Voor de ontvoering van Jong, konden moeder Bommetje en dochter Bloemetje het uitstekend met elkaar vinden. Ze deden bijna alles samen; het zou me ook niets verbazen als beiden met dezelfde kater het nest hebben gedeeld. 

Grote vraag na de ontvoering is natuurlijk of Jong nog leeft. Er zwerven zoveel vossen rond op zoek naar een lekker hapje. Want ook Oma is niet helemaal te vertrouwen; ze moppert wel op die onverantwoordelijke Bloemetje, maar ook zij laat haar jongen urenlang alleen.


Dinsdag 4 augustus 2015

Verzwaard regime voor Ingabire, ambassade reageert laat

Victoire Ingabire heeft geen boeken meer in haar cel, zelfs geen bijbel. Ze mag niet praten met de bewakers of andere gevangenen. Haar ramen zijn (weer) extra zwart geverfd, zodat er geen straaltje daglicht doorheen komt, aldus haar echtgenoot.

Wat tegen alle internationale regels indruist: ze mag geen contact hebben met haar advocaat. Volgens de gevangenisdirectie is ze uitgeprocedeerd en heeft ze dus geen advocaat meer nodig. Gemakshalve ‘vergeten’ ze even dat Ingabire in beroep is gegaan bij het Afrikaanse Hof.

Het verzwaarde regime startte rond 10 juli. De echtgenoot liet me weten wat er aan de hand was en ik mailde naar de toenmalige ambassadeur Leoni de Cuelenare. Zij pakte direct de telefoon om te informeren naar de situatie van Ingabire. Alles is prima, aldus de gevangenisdirectie.

Een week later kregen we het bericht dat het verzwaard regime was opgeheven, dat ze bezoek had gehad en naar de kerk was geweest. Dus mailde ik de voormalige ambassadeur dat het verzwaarde regime was opgeheven. Sindsdien vertelt de ambassade dat het weer goed gaat met Ingabire.

Vorige week bleek echter dat die opheffing van het verzwaarde regime slechts een enkele dag had geduurd.  Die dag kwam namelijk het Rode Kruis op bezoek. Natuurlijk stuurde ik direct een mailtje naar de ambassade. Niet meer naar de ambassadeur want die was inmiddels verhuisd naar Bangladesh; haar nieuwe post. En waar de oude ambassadeur altijd zo snel reageerde, moet ik nu nog wachten op een antwoord van de ambassade …. Ik haat dat soort niet-reacties. Inmiddels heeft de ambassade wél gereageerd: zodra alle formaliteiten rond de nieuwe ambassadeur zijn afgehandeld, neemt ze contact op met de gevangenisdirectie.

De IND weet het beter dan Rwandese OM

Gisteren is uit Belgie de voormalige Nederlandse voorzitter van de UDF overgebracht naar Nederland. UDF Inkingi is de partij van Ingabire. De voormalige voorzitter had in Belgie politiek asiel aangevraagd, omdat hij door de IND beschuldigd wordt van genocide. U kent het inmiddels wel: het dossier rammelt aan alle kanten, het Individueel Ambtsbericht wankelt op de poten en toch vinden rechters dat op basis van dit ‘bewijsmateriaal’, Rwandezen kunnen worden uitgezet. 

De afgelopen paar jaar is de situatie in Rwanda zienderogen verslechterd als het gaat om mogelijkheden voor oppositie, kritische journalistiek en mensenrechtenorganisaties. Met de presidentsverkiezingen in 2017 zal de toestand in Rwanda er beslist niet rustiger op worden. De huidige president wil een derde mandaat. Zoals het er nu naar uitziet, koste wat kost. De vorige verkiezingen in 2010 gingen ook gepaard met veel onrust, waarbij met name de oppositie en de kritische journalisten het moesten ontgelden. Niets wijst er op dat het dit keer anders zal gaan. Nu iemand van de oppositie naar Rwanda uitzetten is dus vragen om moeilijkheden. 

Het is vreemd dat de IND deze voormalig UDF voorzitter beschuldigt. In Rwanda is hij namelijk niet bekend. Hij komt niet voor op de lijst van 300 namen van Rwandezen in het buitenland die door Rwanda beschuldigd worden van genocide. In Rwanda heeft hij dus geen dossier. De IND weet het dus weer eens beter dan het openbaar ministerie in Rwanda. 

De lijst van 300 is dit voorjaar samengesteld op verzoek van het Rwandese ministerie van Justitie. Mensen die worden verdacht van genocide, mogen namelijk hun bezittingen in Rwanda niet verkopen en ook niet weggeven; en dat gebeurt wel, zo zegt het ministerie vinnig in de brief. Om te voorkomen dat genocide verdachten toch onverhoopt hun huis verkopen, is er nu dus de lijst.  Wie in het buitenland woont, moet de Rwandese ambassade van het land machtigen zijn bezittingen te beheren. In feite komt het er dus op neer dat hangende een proces, de bezittingen van mensen worden geconfiskeerd door de Rwandese overheid. Het maakt een onafhankelijk proces in Rwanda nog moeizamer. Bij een schuldig-verklaring gaat het bezit over naar de Rwandese overheid.


President Kagame kan naar huis

Burundi heeft een nieuwe president. De wereld keek toe en keerde na de verkiezingen het land de rug toe. Ondemocratisch dit derde mandaat en verkregen door geweld.

In buurland Rwanda maakt de president zich ook op voor een derde mandaat, of liever gezegd een vierde of misschien wel een vijfde. Het ligt er maar aan hoe je rekent. Hij stelde zichzelf aan als president in 2000, nadat hij als vice president al sinds 1994 de facto de macht had, werd voor de eerste keer officieel gekozen in 2003 en zeven jaar later voor de tweede keer. Telkens met een aantal stemmen boven de negentig procent. Iedereen weet dat de twee verkiezingen met democratie en vrije stembusgang weinig te maken hadden. Burundi wordt de rug toe gekeerd, Rwanda wordt nog steeds de hand geschud, al is het dan soms tandenknarsend.

Waarom krijgt president Kagame bij de internationale gemeenschap voor elkaar wat de Burundese president niet lukt: de ogen sluiten voor de ondemocratische vuiltjes. Heeft president Nkurunziza tijdens zijn eerste twee mandaten niet een zekere rust en stabiliteit in zijn land gebracht?

 Zeker, maar helaas voor Nkurunziza wordt hij niet onmisbaar geacht voor de stabiliteit van de hele regio. President Kagame wel. Nog steeds wordt de Rwandese president door bijna de gehele internationale gemeenschap gezien als een soort messias die als enige het vredeslampje brandende kan houden.

Hoe mensen dit kunnen blijven denken is mij een raadsel. Sinds de genocide in 1994 is het gebied in oorlog en onrust gedompeld. De activiteiten van Rwanda hebben daar een grote bijdrage aangeleverd. Zo was Kagame met zijn leger vanaf 1996 verantwoordelijk voor de moord op duizenden Hutu’s in Congo. Samen met de toenmalige rebellenleider en latere president van Congo, Laurent Kabila, joeg hij duizenden Rwandezen van Oost naar West. De massaslachtingen werden goed gedocumenteerd in The Mapping Report, een rapport dat helaas te snel in alle bureaulades verdween.

Kagame steunde na de genocide in 1994 talloze rebellenclubs die in Oost-Congo roofden, plunderden, moordden en verkrachtten. Zij waren mede verantwoordelijk voor de permanente staat van onveiligheid in het gebied. Ook hierover schreef de VN meerdere rapporten die uiteindelijk allemaal liggen te verstoffen. Rwanda werd zelfs uitgenodigd om lid te worden van de Veiligheidsraad! Een regime dat niet alleen verantwoordelijk is voor duizenden slachtoffers, maar ook verantwoordelijk voor de roof van tonnen mineralen uit Oost-Congo. Ook dit is eenvoudig te documenteren: Rwanda bezit nauwelijks coltan en cassiteriet maar is een van de grootste exporteurs van deze grondstoffen. Wordt Kigali in de volksmond niet smalend Coltan-city genoemd?

De internationale gemeenschap blijft hangen aan president Kagame omdat zij geen alternatief ziet. Ze is bang dat zodra Kagame het presidentieel paleis verlaat, de Hutu’s massaal hun verstopte machetes tevoorschijn halen en op de Tutsi’s zullen inhakken. De internationale gemeenschap denkt dus dat de Rwandezen dom zijn en niets hebben geleerd de afgelopen twintig jaar.

Dat is dom van die internationale gemeenschap. Ik denk dat twintig jaar herdenking van de genocide zijn sporen heeft achtergelaten. Dat 20 jaar prediken van verzoening niet voor niets is geweest. Dat 15 jaar Gacaca –ondanks alle tekortkomingen- helend heeft gewerkt. Inmiddels is er een hele nieuwe generatie die de genocide niet of heel jong heeft meegemaakt. Zij kijkt anders naar het verleden, ook al wordt op school één geschiedenis gedicteerd. Oud en jong hebben doden te betreuren. Ik denk dat alle Rwandezen zeggen: Dat nooit meer.

Paul Kagame kan aftreden als president. Onder zijn strakke regime is zijn volk volwassen geworden.

Zondag 19 Juli 2015

Eindelijk heb ik de hand gelegd op het aanvullende rapport van Martin Witteveen, de Nederlander die het Rwandese Openbaar Ministerie adviseert. Witteveen trad op als expert-getuige in het proces van de vijf Rwandezen (Brown, Bajinya et al) in Engeland. Rwanda vraagt om uitlevering. 

Het ministerie van Justitie weigerde mij het rapport, net als het Engelse Openbaar Ministerie. Witteveen vond dat hij het niet kon geven, omdat hij het in opdracht van het Engelse Openbaar Ministerie had geschreven. Ik deed dus maar weer een beroep op de Wet openbaarheid bestuur, hoewel ik wist dat het maanden kon gaan duren voor ik wat zou krijgen áls ik al iets zou krijgen. 

Nu heb ik dus zijn rapport in handen (dank!!) en wil het graag met iedereen delen. Witteveen schrijft klip en klaar dat de Rwandese advocatuur kwaliteit mist om gecompliceerde zaken zoals van genocide-verdachten, te behandelen. Hij baseert zijn rapport onder meer op zijn ervaringen met vijf zaken die nu in Rwanda spelen, waaronder die van de eerste verdachte die door het Rwanda Tribunaal werd overgebracht naar Rwanda, Uwinkindi.  

Ik begrijp waarom het ministerie van Justitie niet graag wil dat het in de openbaarheid komt, want Witteveen windt er geen doekjes om: " … ik heb grote twijfel of de Rwandese advocaten die nu zijn toegewezen voor de transferzaken, de kennis, de ervaring en de middelen hebben, inclusief de mogelijkheden om in het buitenland onderzoek te doen…" Hij adviseert dan ook dat Rwandezen die worden uitgeleverd of overgeleverd, een buitenlandse advocaat krijgt toegewezen, die wordt gekoppeld aan een Rwandese advocaat.

Laten we hopen dat dit rapport ook doorwerkt in de zaken van de Rwandezen in ons land die dreigen te worden uitgezet. Een aantal van hen loopt het risico direct bij aankomst op het vliegveld in Kigali te worden gearresteerd. Als dat gebeurt dan verandert de uitzetting in een uitlevering en daarvoor gelden hele andere procedures; het is nog maar de vraag of Nederland in die gevallen mág uitzetten. 

Het risico van arrestatie is reëel: eerder dit jaar werd al een Rwandees direct na de landing, gearresteerd. Hij zit nog steeds in voorarrest, zonder dat hij precies weet waarom. Hij heeft geen geld voor een goede advocaat. Hij is er erger aan toe dan de Rwandezen die zijn uitgeleverd; die vallen onder internationale regels en procedures. 

Wie wordt uitgezet en gearresteerd, komt in een gewone gevangenis terecht en verdwijnt onder de radar. Er is geen internationale instantie die zich om hen bekommert. 


Vrijdag 10 juli 2015

Rechter vindt bewijs volstrekt onvoldoende

Voor het eerst is een genocide- beroepszaak zeer overtuigend gewonnen: de rechter vindt dat alle beschuldigingen van de IND onvoldoende zijn onderbouwd. In feite maakt de beroepsrechter gehakt van de IND en de eerdere uitspraak van de rechter die meeging met de IND. 

Belangrijk is ook wat de rechter zegt over het Individueel Ambtsbericht. Dat wordt niet meer gezien als DE WAARHEID, maar de rechter zegt: '… de onderzoeksresultaten … onvoldoende deugdelijk gemotiveerd ….' 

Het is een belangrijke uitspraak die gevolgen kan hebben voor iedereen die beschuldigd wordt in Nederland van genocide. Voor de betrokkene geldt dat hij het Nederlanderschap weer terugkrijgt.

Zodra ik toestemming heb om de uitspraak integraal te linken, zal ik dat beslist doen op deze pagina's. Het is interessant leesvoer!

http://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ECLI:NL:RBDHA:2015:7860&KEYBORD=HODIJK


Maandag 6 Juli 2015

Allereerst een mea culpa: ik heb veel te lang niet op deze pagina's geschreven. Op de een of andere manier ontbrak me de zin om over mijn verblijf in Bukavu te schrijven, hoewel dat juist heel vruchtbaar is geweest. Tenminste dat moeten we hopen. De baas wil graag, zijn team ook; er zijn genoeg hulporganisaties die drukwerk nodig hebben. Laten we dus maar flink wat geld aan hulporganisaties geven onder de voorwaarde dat ze het lokaal moeten besteden.

Daarna was ik even in Burundi voor geheel andere zaken. Een kennis die niet behoort tot mijn reguliere netwerk, zou een taxi voor me regelen van Bukavu naar Bujumbura. Ik had hem nog gewaarschuwd dat we niet via Rwanda konden, maar dat bleek aan dovemansoren te zijn gericht. We hadden Bukavu nog niet verlaten of we stonden voor de Rwandese grenspost. Dat gaat niet goed, siste ik tegen mijn kennis, maar die haalde zijn schouders op. Natuurlijk kom je er langs. 

Toen ze met zijn alle Rwandese douaniers gingen bellen en daarna vergaderen, werd hij toch wat minder zeker van zijn zaak. Na een half uur kwamen ze terug met mijn visumaanvraag en dertig dollar. Ik mocht er niet in. Officieel omdat ik geen aanvraag online had ingediend. Dat had ik toevallig wel, ruim op tijd zelfs, maar daar had ik natuurlijk nooit wat op gehoord. Ook niet op een mailtje waarom ik niets hoorde van ze.  

Maar ja, daar stond ik dus. Om zes uur die avond moest ik een eerste interview houden. Met de gewone taxi wilde de chauffeur niet via de Congolese wegen naar Bujumbura rijden. Een jeep was zo een twee drie niet voorhanden. Wel was er nog een klein passagiersbusje dat ik dus maar voor veel geld confiskeerde. Airco was er natuurlijk niet en daarom bleven alle ramen wijd open. Zo reed ik vijf uur lang over rood-stoffige hobbelige wegen, net zo lang tot alles ook binnen het busje bedekt was met een dikke laag rood stof. Ja, ik ook.

In Bujumbura was vorig weekend de spanning te snijden, vanwege de parlementsverkiezingen afgelopen maandag en de presidentsverkiezingen deze maand. 's Nachts werd er flink geschoten en ik moest denken aan Ivoorkust, ten tijde van de twee presidenten Ouattara en Gbagbo. Uiteindelijk werd daar het vliegveld gesloten en kon er niemand meer in, en wat erger was: niemand meer uit. Een collega cameraman heeft toen dagen op het vliegveld gebivakkeerd, zonder eten en maar heel weinig water. 

Gelukkig was dat nu (nog) niet het geval, al was ik wel verbaasd over de weinige soldaten die het vliegveld moesten beschermen. Een eitje, voor wie het vliegverkeer wil lamleggen.

Nu weer in Frankrijk. Nieuwe buren. Ze zijn aardig hoor, maar ze hebben VIJF honden. En weet je wat die honden de hele tijd doen? Juist ja, BLAFFEN. Daar waren wij toch niet voor naar het rustige platteland verhuisd. Maar eens een RUSTIG praatje maken met de nieuwe buren ….


Woensdag 17 juni 2015

Priesters!

Volgens mijn chauffeur hebben veel priesters in Bukavu wel ergens een vrouw verstopt. Als deze kinderen krijgen, dan presenteert de priester ze steevast als het kind van een  familielid. Het doet me denken aan de middeleeuwen. Ook toen was er een grote schare geestelijken, de paus niet uitgezonderd, die beslist van de damesliefde waren. 

Voor we met zijn allen de Congolese priesters veroordelen vanwege het schenden van het celibaat: het zijn vooral de arme jongens die naar het seminarie gaan en later priester worden. Het seminarie is voor hen de enige mogelijkheid om een opleiding te krijgen, want die is gratis. Priester worden ze dus niet zozeer uit roeping, als wel om de behoefte iets te maken van hun leven.

"Als ze eenmaal priester zijn, dan kunnen ze makkelijk geld verdienen. Van dat geld gaan ze dan weer handeltjes beginnen", aldus mijn chauffeur. "Tja, en als ze eenmaal geld hebben, dan willen ze ook een vrouw. Weet u wat het is … ?" Vroeg mijn chauffeur terwijl hij behendig een diepe kuil in het wegdek ontweek.

"Ik heb geen flauw idee" zei ik.  

"Wij Afrikanen zijn te veel met seks bezig. Ook de vrouwen."

Maandag 15 juni 2015

Vrouwen!

Mijn chauffeur moest afgelopen vrijdag even naar de bank. Geld halen, of ik twee minuutjes had. Ik stelde me in op minstens een half uur soezen in de auto.

Na twintig minuten startte hij met een tevreden gezicht de motor. Sorry voor het openhoud maar zijn vrouw kon hij nu eenmaal niet naar de bank sturen. "Ach, was ze ziek?" zo vroeg ik medelevend. 

"Nee, nee, je kunt je eigen vrouw niet met geld vertrouwen, veel vrouwen hier in Bukavu gaan vreemd, zo fluisterde hij me toe. "Ja ja, en de mannen doen dat natuurlijk niet" schamperde ik. "Zeker wel, maar bij ons heeft het geen consequenties."

"Tja, jullie kunnen niet zwanger worden, helaas zou ik bijna zeggen". "Daar gaat het niet om" zei mijn chauffeur wat ongeduldig nu. "Als een vrouw vreemd gaat, kan ze in de handen van een verkeerde man vallen. Die kan haar net zolang masseren en vleien tot ze bereid is alle geld van de bankrekening te halen om met haar vrijer naar aanlokkelijker oorden te vertrekken."

"Er zijn ook vrouwen die het na  tien jaar kinderen baren, sloven in het huishouden, op de markt en in bed, welletjes vinden. Die vinden dat ze recht hebben op een vergoeding en plunderen de bankrekening."

Ik zei hem dat ik me daar wel wat bij kon voorstellen. Een jarenlang slavenbestaan schreeuwt om een compensatie in klinkende munt.

De chauffeur was het daar absoluut niet mee eens. "Dat geld is niet van haar. Dat geld is van de familie. Het is om de toekomst van de kinderen veilig te stellen." Hoe zat het eigenlijk met zijn vrouw, zo vroeg ik quasi argeloos.

"Ik heb haar tot nu toe niet kunnen betrappen, maar ze komt de bank niet in. Dat is zeker." De mannen in Bukavu hebben nog een lange weg te gaan …..

Vrijdag 12 juni 2015

Baraka Entreprises, part two

‘Look, Baraka’. Moise the CEO of Baraka Enreprises points exitedly to a shop. And yes, on the doorstep stands a sandwichboy with the plackard produced only just a few hours before. 

We were on our way back to the office, from a visit to Cordaid, the local branch in Bukavu. A visit without much success: almost every decision for printmaterial was taken in Kinshasa. ‘That’s always the case. It’s so very difficult to do business here with NGO’s’, Moise said.

‘Funny thing’, I said to Moise. ‘The headquarters of Cordaid is just around my corner in The Hague.’

 

 

At Baraka Entreprises itself, two artists were painting a banner. An amazing job because they do everything manually, even the drawing of the letters. They know each type by heart: Arial, Helvetica, Times New Roman, you name it, they draw it.

 

 

Late in the afternoon I met with a representative of the hotel-cooperation. The representative explained that they could use some help from PUM: practically every hotel manager in town had no hotel-education. Yes, most of them had a degree, but none of them in the hotel-branche. The only thing was: how to convince their hotel owners. He would call me soon, he promised. 

 

Dinsdag 8 juni 2015

Baraka Entreprises part one

Travelled for almost a week, now at last at my destination: Bukavu, South Kivu, DRC. The next 12 days I’m going to see if I can give advice to Baraka Enterprise, a printshop making brochures, flyers, printing T-shirts and pens for example. But it also paints flags by hand (wonderfully done by the way), is an estate agency, sells building material, sells electronic equipment like televisions and camera’s.

And all that for making come true the owners dream: a serious magazine for the Great Lakes Region (Burundi, Rwanda, East DRC), in which positive examples are highlighted; people who do something extraordinary: enterprises who are different and innovative, organizations working in a special way, children top of their class, young students with brilliant ideas.

In a region full of war and violence the magazine will be a place where reconciliation is a natural thing. In one of the most poorest parts of the world, the magazine will give people hope: you as well can succeed.

Owner Moise Masudi Lolekonda, is  man in his thirties. He picked an intelligent crew: young and graduated in different African countries. They all share the same drive as their boss. They all want the world to be a better place to live in, starting with their own enterprise, their own town. Two or three times a month they all come together and they talk freely about mistakes and successes, about how to improve quality, service and business. It’s not a top-down organization, it’s not the boss who directs everything, but most decisions are made with mutual consent. Very rare for an African private enterprise, where the boss is like a semi-god and does whatever he or she likes. 

Every day they start with morning prayer. Some stand behind their Xerox machine, others stand behind the counter, some kneel down. ‘It gives us strength, and the believe we will succeed’, one of the employees told me. It’s also an important bonding factor.

Or, in the administrators words: ‘It doesn’t matter what you believe, but if you can’t pray with us, you don’t belong here.’

And if you think, my god, this piece is like an add … you’re right. 


Bukavu – deel 1

Bijna een week lang alleen maar gereisd, maar nu eindelijk op mijn bestemming: Bukavu. De zon schijnt, het Kivumeer glinstert en elke middag om half vier houdt de elektriciteit op in de hele stad. Zo rond half zeven gaan de lichten weer aan, tenminste, als het meezit. Mijn hotel ligt aan een drukke straat waarlangs grote, stoffige vrachtwagens rijden en waar motortaxi’s gezellig claxonneren. Als ze van links komen zetten ze hun motor uit, want dan gaan ze de heuvel af. Als ze van rechts komen, krommen ze zich extra over hun stuur, alsof ze een stevige Nederlandse polderwind tegen hebben.

Vanochtend voor het eerst naar het bedrijf van mijn ondernemer geweest: een drukkerij met een weekblad. Voor de deur aarzelde ik even, want het leek alsof er een fikse ruzie gaande was. Harde kreten, gesnauw. Maar er werd vol passie gebeden.  De één bedankte god vanachter zijn kopieermachine, een ander met geheven armen naast de toonbank. Ik kreeg een stoel en mocht kijken. Er was er één die ik er op betrapte niet echt bezig te zijn met het gebed, want hij bladerde wat verveeld in een dikke, volgeschreven agenda.

Het bleek echter een priester in burgerkleding te zijn, die na het gezamenlijke gebed, een inspirerende preek hield van een half uur: als je niet wordt beproefd, kun je nooit je beproeving overwinnen.

Later vertelde Moise, de eigenaar, dat er elke ochtend voor het werk werd gebeden en dat de priester drie keer in de week een preek kwam houden. Het gaf hem kracht om zijn bedrijf verder uit te bouwen.

De drukkerij ziet er voor Congolese maatstaven goed en netjes uit. Er staan moderne kopieermachines, er is internet, er is een snijmachine, er zijn computers en er staat zelfs een Apple met een groot scherm.

De baas is nog jong, ergens in de dertig (denk ik) en verbazingwekkend positief. Met zijn blad wil hij voorbeelden geven van mensen, bedrijven, jongeren en organisaties die op een of andere manier geslaagd zijn in Bukavu. Hij blijft niet hangen in de ellende, maar wil de mensen laten zien, dat je ook kunt slagen in het leven.

Je hoeft inderdaad niet ver te kijken in Bukavu om de ellende te zien. Straatkinderen die bedelen, mensen met verminkingen. Wat je natuurlijk niet ziet, zijn de rebellen die roven, plunderen, verkrachten en moorden. Net als in Goma zie je veel auto’s van hulporganisaties. Ook rijden er veel VN-vredeswagens rond. Wij reden een poosje achter zo’n vrachtwagen. In de laadbak onder het zeil zwaaiden jonge, blauwhelmige Pakistani enthousiast naar me, een blanke vrouw is altijd het zwaaien waard.

Ik vroeg aan mijn chauffeur Guy of hij wist waarom de VN troepen had gestuurd die een hekel hadden aan zwarte mensen. Hij wist er geen antwoord op. Mij staat nog altijd het beeld voor ogen van William, de Keniaanse persvoorlichter bij Monusco in Goma. Hij stierf omdat het Indiase ziekenhuis hem niet wilde helpen. Hij had midden in de nacht een hartaanval gekregen, was door zijn chauffeur naar het ziekenhuis gebracht, maar had zijn Monusco ID vergeten mee te nemen. Je hebt wel wat anders aan je hoofd zou je zeggen als je het aan je hart hebt. De Indiers weigerden hem te behandelen. Toen de chauffeur met zijn ID kwam, was het te laat. William stierf op de stoep van het ziekenhuis. Ik heb niet teruggezwaaid naar die jonge Pakistani onder het laadzeil.

Wordt vervolgd

Maandag 1 juni 2015

Werkverantwoording ….

Zo. De bevestiging is binnen dat ik alle materiaal heb ingeleverd voor De Loep, de prijs voor onderzoeksjournalistiek. Ik heb mijn onderzoek ingestuurd naar de procedure rond de Rwandezen die in Nederland beschuldigd worden van genocide.  Samen met VN-buitenlandredacteur Harm Ede Botje doe ik een gooi naar de prijs voor geschreven artikelen. In augustus worden de nominaties bekend. Grappig wel; een aantal jaren was ik mede-organisator van deze prijs, veel werk, maar ik zag talloze prachtige producties voorbijkomen. Zelf vind ik mijn onderzoek en onze artikelen natuurlijk fantastisch, maar het gaat er nu om of een tien-koppige jury van ervaren journalisten dat ook vindt. Natuurlijk hoop ik dat we in ieder geval worden genomineerd. Het zou niet gek zijn, weer wat publiciteit voor die gammele procedure die tientallen Rwandezen beschuldigt van massamoord zonder deugdelijke bewijzen.

Verder ben ik druk bezig met onderzoek naar voodoo en hekserij: wat voor gevolgen heeft het geloof in hekserij en magie op de economie, de gezondheid en maatschappelijk leven. Het onderzoek in Benin is deels afgerond en daarover komt een artikel in De Groene als het goed is. Het onderzoek is inmiddels uitgebreid naar Nigeria en Kameroen en ik ben er van overtuigd dat we met spectaculaire conclusies naar buiten komen! Het is ook heel leerzaam om met onderzoeksjournalisten uit die landen te werken.

Daarnaast ga ik ook aan de slag, samen met een Congolese collega met een onderzoek dat gaat over de VN-vredesmacht. Veel wil ik er niet over vertellen, we zijn nog bezig met het schrijven van een werkplan. Een deel van de kosten van het Voodoo onderzoek en dat in Congo wordt overigens betaald met subsidie van ZAM, dat ook de begeleiding van de projecten doet. Da’s fijn, want zij hebben veel pitch-ervaring en ik hoef nu ook niet de boe-vrouw te spelen als afspraken niet worden nagekomen.

Mijn trailer van de documentaire is klaar. Dank Peter en Rens (van Tetteroo TV) voor de gratis adviezen, montage en het inspreken. Ik vind hem erg mooi geworden en ik zoek naar een gelegenheid om hem te lanceren voor ‘het grote publiek’. Ik  wil er namelijk geld mee ophalen om de documentaire te kunnen maken. Inmiddels is Peter bezig om te kijken of er media zijn die de documentaire zouden willen uitzenden.

Eind deze week reis ik af naar Bukavu om daar een blad te gaan adviseren. Omdat onzeker is of Bujumbura bereikbaar zal zijn –het land kolkt en deze week worden de verkiezingen gehouden- en omdat het ook niet helemaal zeker was of ik Rwanda wel binnen zou komen, is besloten via Kinshasa te reizen. Ik reis dus: Amsterdam-Brussel-Kinshasa met het vliegtuig. Naar Goma met een zwarte-lijst vliegtuig en met de boot over het Kivumeer naar Bukavu. Zaterdagochtend vroeg vertrek ik, zondagavond laat kom ik aan, deo volente.

Zo. Nu weet iedereen weer waar ik mee bezig ben. Morgen gewoon weer inhoudelijk over de maar doorgaande moordpartijen in Beni, Noord-Kivu en de verkiezingen in Burundi.

 

Maandag 25 mei 2015

Een weekje Spanje tussen een racistische hond, een neurotische kat, eten kokende en druivendievende lieve vrienden, doet een mens deugd. Het was daar een eind achter in de twintig graden, dus het was even slikken toen wij ons Klein Siberie in Midden Frankrijk binnenreden. De thermometer bleef op twaalf graden hangen. Wij keken naar onze bruine beuken. Bruine beuken, realiseerden echtgenoot en ik met een schok. Dit hadden groene beuken moeten zijn. In onze afwezigheid had een fikse nachtvorst over ons dal geraasd en het jonge groen vervangen door oud bruin. Moeder Glanskop heeft zich gelukkig niets van de ijswind aangetrokken en woont nu met haar eieren in onze mussenflat.

Klein leed in vergelijking natuurlijk met de rest van de wereld. De komende dagen moet ik hard aan de slag. Subsidie aanvragen, formulieren invullen voor een prijs, uitzoeken hoe het in Burundi er nu aan toegaat voor zover dat mogelijk is, mijn trailer voor mijn documentaire promoten en mijn reis naar Bukavu voorbereiden. Daar ga ik voor PUM een magazine adviseren. Tussen de bedrijven door gebeuren er zeer zorgelijke dingen met de Rwandezen die van genocide worden beschuldigd. Ik hoop daar deze week meer klaarheid over te kunnen geven.

Het huis van de vrienden is groot, prachtig gemaakt, en vooral leeg en schoon. De vorige keer dat wij er waren heb ik bij terugkomst in ons overvolle, kleine, rommelige spoorweghuisje alle overtollige troep het huis uit gegooid. Nu ben ik vast van plan alle stof, vet, spinnen, kevers en slakken het huis uit te werken. Ik heb er nog een ruime week voor.

Donderdag 14 mei 2015 

Lees alles over de helle-tocht van Jean Claude Iyamuremye, hoe hij twee genocides overleefde en uiteindelijk in een Nederlandse cel zit, door twijfelachtige beschuldigingen van de IND en een onbetrouwbaar ambtsbericht van de Nederlandse ambassade in Kigali:

Hele artikel is op Blendle te lezen, gratis, voor wie nog geen abonnement heeft:

https://blendle.com/i/vrij-nederland/ik-een-moordenaar-integendeel/bnl-vn-20150513-2



Hemelvaart

En weer staat het Grote Merengenbied op zijn kop. President Nkurunziza kreeg een schop onder zijn kont en duizenden mensen vieren feest in de straten, zo meldden de media gisteren, bijna triomfantelijk. Lekker puh, moet je maar geen derde termijn willen. Da’s zo ondemocratisch.

Grote vraag is natuurlijk of de Burundese president niet een ‘beetje dom’ is geweest. Allereerst door te onderschatten hoe zijn tegenstanders die ondemocratische derde termijn in hun eigen voordeel konden gebruiken. Vele ogen kijken naar Paul Kagame, de president van buurland Rwanda, die geen mogelijkheid onbenut laat om kritiek te leveren op zijn Burundese collega. “Als je eigen burgers tegen je zeggen dat ze niet door jou willen worden geleid, hoe kun je dan nog zeggen dat je blijft of ze je nu willen of niet.”

Nu heeft majoor generaal Godefroid Niyombare de macht gegrepen. Vraag is of hij het helemaal alleen heeft gedaan, of dat hij hulp kreeg van anderen. Want buurlanden Tanzania en Kenia zijn net als Rwanda, niet erg blij met de onrust in hun regio. Zij willen stabiliteit, zodat ze in alle rust hun economie verder kunnen ontwikkelen.

Daarom riepen ze een nood-bijeenkomst uit in Tanzania. En hier komt de tweede dommigheid van de Burundese president: hij ging op de uitnodiging in. Hij had toch moeten weten dat je als leider NOOIT je land verlaat als je burgers roepen dat je moet vertrekken. Hij had moeten inzien dat deze bijeenkomst wel eens als een val voor hem zou kunnen zijn opgezet. Als de kat van huis is, danzen de muizen op tafel.

De president had dan ook zijn hielen nog niet gelicht of Niyombare, die hij in februari nog had ontslagen, greep de macht en kondigde aan dat hij een nationaal reddingscomité gaat vormen om het land te besturen. 

Vanuit de buurlanden kwam een verklaring dat ze zich zorgen maken over situatie in het land, maar de vraag is of die zorgen niet heel erg gespeeld zijn. Ik ga in ieder geval goed kijken wie er in dat reddingscomité zitting gaan nemen en hoe hun relatie is tot de buurlanden, in het bijzonder met Rwanda.

Ik weet in ieder geval zeker dat als er in Rwanda over twee jaar, ook onlusten zouden ontstaan vanwege de –nu nog- ongrondwettelijke derde termijn, Paul Kagame niet wegvliegt voor een bijeenkomstje in een of ander buurland. 

 

Maandag 11 mei

Rwanda als bevrijder van Burundi?

België is niet tevreden met de ontwikkelingen in Burundi en weigert de politie nog verder financieel te ondersteunen. Drie van de toegezegde vijf miljoen euro wordt niet uitbetaald. Ook de verkiezingen worden niet langer gesteund, nadat waarnemers constateerden dat de verkiezingen niet transparant kunnen verlopen. Dat scheelt de Burundese schatkist nog eens twee miljoen euro.

Het is voor niet-ingewijden lastig te begrijpen wat er precies gebeurt in Burundi. Zo vertelde ik in mijn vorige blog over mijn ontmoeting met Pierre Claver Mbonimpa. Ik was samen met een vertegenwoordiger van Human Rights Watch en hij werd me van harte door hen aanbevolen. Direct daarop kreeg ik een uitgebreide mail waarin me haarfijn werd uitgelegd dat de man weliswaar voorzitter was van mensenrechtenactivisten , maar dat die organisatie eigenlijk de Tutsi belangen diende. Het is deze beweging die geen Hutu-president wil, en dus geen derde termijn van de huidige president. Dat deze president een Tutsi-vrouw heeft en ook Tutsi-wortels, telt voor hen niet volgens mijn briefschrijver. 

Deze meldt ook dat de onlusten vooral plaatsvinden in de wijken die door Tutsi’s worden bevolkt. Ze hebben politiemensen gedood, een Hutu levend verbrand en een ander gekruisigd. De vluchtelingen in Rwanda zijn voornamelijk Tutsi vrouwen en kinderen. Het Rwandese regime laat graag en veel horen dat ze zijn gevlucht uit angst voor de Imbonerakure, de jongerengroepering van de regeringspartij. President Paul Kagame van Rwanda heeft al gedreigd dat hij zal interveniëren als er een slachting dreigt van Tutsi’s in Burundi.

Voor de Hutu’s in Burundi is het helder: President Kagame zal het minste of geringste aangrijpen om te verklaren dat er een genocide aan de gang is in Burundi. Rwanda zal het land binnenvallen om Burundi te bevrijden van de Imbonerakure, die door Rwanda gelijkgesteld wordt met de Interahamwe tijdens de genocide in 1994. De Interahamwe waren Hutu-jongeren en verantwoordelijk voor veel gruwelijkheden tijdens de genocide. Rwanda zal Burundi binnentrekken als de bevrijder en een regime installeren dat geen enkele oppositie duldt. 

Mijn briefschrijver is er van overtuigd dat de huidige regering de verkiezingen niet zal kunnen manipuleren nu alle internationale ogen op Burundi zijn gericht. “Wij zijn bang dat als de internationale wereld zich achter de manifestanten schaart, in Burundi weer een bloedbad ontstaat. Onze familie, voor wat er nog van overblijft –het zijn alleen vrouwen- wacht bang af. Ze hebben ons gevraagd voor hen te bidden, maar ik vrees dat er meer nodig zal zijn”, aldus de briefschrijver.


Maandag 4 mei

Drie presidenten willen vasthouden aan hun macht

Meer dan 15.000 vluchtelingen, tientallen doden en gewonden en arrestaties van kritische journalisten en oppositieleden. Dat is de treurige aanloop naar de verkiezingen in Burundi. Op 26 mei wordt het nationaal parlement en de gemeenteraden gekozen. Op 26 juni vindt de eerste ronde plaats van de presidentsverkiezingen.

Het wordt spannend in het Grote Merengebied de komende jaren. Maar liefst drie presidenten willen een ongrondwettelijke derde termijn: Joseph Kabila in DR Congo (verkiezingen 2016), Paul Kagame in Rwanda (verkiezingen 2017) en Pierre Nkurunziza in Burundi. 

In de aanloop naar de verkiezingen in mei en juni aanstaande, doet Nkurunziza er alles aan zijn macht te vergroten. Er wordt gefraudeerd met de kiezersregistratie, jongeren van zijn regeringspartij CNDD-FDD krijgen een militaire opleiding, critici van het regime worden gearresteerd.  Daaronder ook mensenrechtenstrijder Pierre Claver Mbonimpa; ik had het voorrecht hem nog maar een paar weken geleden de hand te schudden. Pierre Claver zat vorig jaar al geruime tijd vast. Voor andere activisten loopt een arrestatiebevel. Ook de journalistiek wordt aan banden gelegd: kritische journalisten worden vastgezet en radiostations mogen niet meer uitzenden.

Vorige week gingen verontruste Burundezen de straat op. De politie greep hard in er vielen volgens het Rode Kruis minstens zes doden. Duizenden Burundezen vluchten de grens over naar Rwanda, Tanzania en Congo. De jongens en mannen willen niet ingelijfd worden bij de regeringsmilities en de meisjes en vrouwen zijn bang voor het geweld dat gaat komen. 

Ik sprak de afgelopen weken verschillende Rwandezen in Nederland en Belgie. Allemaal zijn ze er van overtuigd dat Kagame de onrust aanwakkert. Een onrustige regio maakt zijn positie sterker en daarmee komt een derde termijn als president een stuk dichterbij.  De internationale gemeenschap ziet hem nog steeds als de enige stabiele factor in een uiterst wankel Grote Merengebied.

Voor PUM reis ik begin juni af naar Bukavu, in Zuid-Kivu, DRC, Ik ga daar een maandblad advies geven over inhoud en vorm. Daarna reis ik door naar Bujumbura. Ik zal er zijn tijdens de presidentsverkiezingen.

Dinsdag 28 april 2015

Tijd

De tijd gaat te snel voor mij. Hijgend en puffend hobbel ik overal achteraan en mis de kracht om langszij te komen. Misschien heeft het te maken met mijn vader. Zijn hart mist de moed om nog goed het werk te doen. De onderste kamers doen hun uiterste best de bovenste kamers mee te laten pompen, maar die steken vaak een dikke middelvinger op. Doe het zelf maar, roepen ze naar beneden. Voor mijn vader betekent het dat hij zomaar even kan wegvallen. Als de onderkamers de bovenkamers genoeg op hun donder weten te geven, dan komt hij naar een paar minuten weer bij, al was het de laatste keer op het randje. De thermometer van de zuster gaf 34 graden aan. 

Een pacemaker zou een oplossing kunnen zijn, maar vader heeft al een paar jaar moeite met het begrijpen van de wereld om hem heen. Een operatie, hoe klein ook, maakt voor hem die onbegrijpelijke en oncontroleerbare wereld, tot een ware hel omdat dan alles wegvalt wat hij nu nog herkent. Elke ochtend als hij zijn ogen open doet, is hij in een nieuwe kamer, met nieuwe spullen. Hij weet ongeveer waar zijn scheerapparaat ligt, maar dat kan ook heel ergens anders zijn. De zusters die hem helpen met wassen en aankleden, vindt hij allemaal even lief, en elke ochtend weer vraagt hij naar hun naam. De vijf andere mensen van zijn afdeling ziet hij als uitvreters die op zijn kosten, in zijn huis wonen.

Elke keer als zijn kinderen en kleinkinderen op bezoek komen, vertelt hij dat gisteren zijn laatste werkdag was. Dat hij de zaken goed heeft overgedragen, maar dat hij betwijfelt of de nieuwe man wel goed is opgewassen tegen zijn taak. Hij vraagt naar het nummer van zijn hotelkamer en wil weten hoe alles wordt betaald.

Afgelopen zondag waren wij met zoveel mogelijk kinderen en kleinkinderen bij elkaar. We vertelden hem dat zijn hart niet meer zo goed werkte en dat het zou kunnen betekenen dat hij zomaar dood kon blijven. Het klinkt gek, maar hij was blij dat we het vertelden. Voor even werd die onbegrijpelijke wereld iets begrijpelijker: hij wist opeens waarom hij zich vaak niet lekker voelde. Hij maande mijn oudste broer te speechen en nam zelf daarna het woord. Hij zei dat hij van ons allemaal hield, maar dat hij het niet erg vond dat zijn leven eindig was.  We proostten.


Maandag 13 april 2015

Afgelopen dagen stonden in het teken van veel gesjouw in de bloedhitte, doorweekte overhemden, aardige bureaucraten en weinig resultaat. De ministeries hier in Cotonou liggen bijna allemaal aan een straat (Av. Papa jean Paul II) die minstens zo lang is als de Laan van Meerdervoort in Den Haag. De ministeries van Economische Zaken, van Traditionele religies, de staatsomroep en het gerechtsgebouw liggen allemaal op enkele honderden meters van elkaar. Te dichtbij om een motortaxi te nemen, maar bij veertig graden in de brandende zon toch geen wandelpleziertje. 

De ministeries blijven me verbazen. Vaak is er wel een beveiligingshokje waar je je ID moet afgeven, maar is er in het gebouw zelf geen enkele receptie. En dus dwaal je van kamer naar kamer, van verdieping naar verdieping, op zoek naar mensen die je kunnen helpen. Het is absoluut normaal om een kamer binnen te lopen en daar alle mensen armen gebogen op het bureau, hoofd op de armen, diep in slaap in slaap aan te treffen. Uiteindelijk vind ik altijd wel degene die ik moet hebben, of zijn secretaresse. Veel levert het niet op. Niemand heeft cijfers. Zelfs het Beninoise Bureau voor de Statistiek heeft niets voor me. De gegevens worden overigens nog met de hand verzameld en verwerkt. Het is dan ook niet verbazingwekkend dat de weinige cijfers die er zijn dateren van 2012. Altijd wordt het trappenhuis gebruikt om overtollig papier te dumpen. Ik wed dat een Beninoise onderzoeksjournalist jaren plezier zou kunnen hebben van dit materiaal. 

Deze laatste dagen werk ik alleen. Mijn Beninoise collega moest examens afleggen en een andere collega werd ziek. Ik weet niet of het veel had uitgemaakt of we met zijn 2en een rondje ministeries hadden gedaan. Wat er niet is, is er niet, maar het samen overleggen mis ik wel net als het samen een biertje drinken na afloop van een geslaagde of mislukte dag. 

Woensdagavond vlieg ik weer terug. Laten we hopen dat de jury zich dan positief heeft uitgesproken over het vervolg: een vergelijkbaar onderzoek in Kameroen en Nigeria. 

Dit onderzoek heeft in ieder geval heel wat opgeleverd, daarover meer in De Groene Amsterdammer, al zijn het dan geen harde cijfers.


Zondag 5 april 2015

Nederland en de heksenjacht op genocidairs:

Immigratiedienst en OM spelen gevaarlijk spel

Weer heeft de IND een nieuw instrument gevonden om Rwandezen die beschuldigd worden van genocide, beentje te lichten: op een laat moment in de procedure schijnbaar zeer schadelijke informatie gebruiken. Het Openbaar Ministerie levert die informatie met graagte. 

De procedure van meneer X is al een eind op gang. Met horten en stoten blijkt dat meneer onterecht zijn verblijfsstatus is afgenomen. Duidelijk wordt dat de 'bewijzen' van de IND niet zo heel veel voorstellen. Deze week is er een zitting bij de bestuursrechter. 

De IND zit er een beetje mee in de maag. Maar wat een gelukkig toeval. Bij een borrel komt de meneer van de IND iemand tegen van het OM die bezig is met Rwanda dossiers. Ze kletsen gezellig en crunchen ondertussen wat kaaskoekjes en pindaatjes weg. ''Zeg, ik hoor dat de zaak van meneer X niet helemaal soepel loopt' zegt de OMmer tussen de borrelnootjes door. "Wij hebben nog wel wat materiaal, dat we toch niet kunnen gebruiken. Hebben?' De IND'er knikt heftig en verslikt zich bijna in zijn witte wijn. "Schrijf nog wel even een officieel verzoekje voor informatie', zo roept de OMmer terwijl hij zijn jas aantrekt.

De INDer schrijft een keurig briefje en een paar dagen later krijgt hij een keurige envelop op zijn bureau. 

Het blijkt te gaan om een rechtshulpverzoek uit 2008 aan Rwanda.  Rwanda stuurde daarop negen getuigenverklaringen die werden opgemaakt in 2002, 2003 en 2005. Volgens de getuigenverklaringen heeft meneer X deelgenomen aan vergaderingen waarbij werd opgeroepen tot genocide (7 getuigen), gaf hij opdracht om Tutsi's te doden (3 getuigen), gaf hij leiding aan de regionale Interahamwe (3 getuigen) en had hij een auto ter beschikking gesteld aan de Interahamwe (2 getuigen).

Nou, nou, nou, zul je zeggen. Dat is nog al wat. Dat is wel een echte moordenaar. We hebben er nu werkelijk een te pakken. 

De IND gaat er waarschijnlijk van uit dat rechter precies zo zal reageren; hem een adreslabel omhangt en een cheque uitschrijft voor een enkeltje Rwanda, Champagne bij de IND, flesje wijn naar de behulpzame collega van het OM.

Maar wat staat daar nou eigenlijk? Die beschuldigingen slaan natuurlijk nergens op. Ze zijn algemeen geformuleerd, nergens worden data genoemd, plaatsen, andere deelnemers. Ze zijn zo algemeen geformuleerd dat je je er niet tegen kunt verweren. Want hoe moet je je verdedigen als je niet precies weet waartegen. 

Ook: waarom heeft de IND niet eerder gebruik gemaakt van de gegevens van het OM? Waarom pas in een zo laat stadium? Ik veronderstel een toevallige ontmoeting, maar het kan natuurlijk heel anders zijn gegaan.

Maar nog belangrijker: het OM heeft de informatie NIET gebruikt voor een strafzaak. Blijkbaar waren er onvoldoende bewijzen om dit tot een succesvol einde te kunnen brengen, zo was de verwachting bij het OM. En dus worden de getuigenverklaringen over de schutting naar het IND gegooid. Die hoeven namelijk helemaal niks te bewijzen. Die hoeven alleen maar een heel klein beetje aannemelijk te maken dat meneer X weleens iets zou hebben kunnen gedaan.

Daarbij hebben raadsman Jan Hofdijk en ik, in onze factfinding mission van twee weekenden geleden, gesproken met een aantal getuigen uit Rwanda. Zij vertellen klip en klaar hoe mensen van Ibuka, de organisatie van genocide-overlevenden (uitlsuitend Tutsi's), hun leden aansporen mensen schuldig te verklaren. We hoorden hoe parket mensen probeert over te halen een bepaalde getuigenis te geven. En we hoorden hoe het getuigen tegen mensen wordt gepresenteerd als een leuk dagje uit, met gratis eten en drinken. Never mind dat je de betrokkene niet kende. Onderweg naar de rechtbank wordt er in het busje levendig met elkaar over gesproken.

Ja, Nederland wil geen thuishaven zijn voor massamoordenaars. Maar Nederland wil toch niet schuldig zijn aan het verkapt uitleveren van Rwandezen? Want er zijn aanwijzingen dat wie nu wordt uitgezet, direct de gevangenis in vliegt, ook al heeft Rwanda zelf helemaal niets. Het dossier stuurt de IND met graagte naar Kigali.



Donderdag 2 april 2015

Benin: voodoo en hekserij

De vrouw die een vis baarde

Alberique, de journalist met wie ik samenwerk in Benin, was helemaal opgewonden. 'Ik heb nu echt iets prachtigs voor ons voodoo-project, maar eh … je zal het wel weer niet geloven. Kom, dan gaan we naar het radiostation, die hebben de scoop. We kunnen met de directeur praten, een vriend van me.' Ik kroop bij hem achter op de brommer, benieuwd wat ik nu weer te horen kreeg. Een bijeenkomst van heksen? Een genezer die zalf onder je ogen smeerde, zodat je zelf ook ging zien?

De directeur van het radiostation heette ons hartelijk welkom. Ja, gisteren hadden ze bezoek gehad van de genezer die een vrouw had geholpen bij de bevalling van een snoekbaars. Pardon? Een vis. Wilde ik een foto zien? En trots liet hij mee een foto zien van een vrouw, in doeken gewikkeld, liggend op de grond. Een andere foto toonde een flinke snoekbaars, kronkelend op een stoep. De directeur vertelde dat de vrouw zeven jaar zwanger was geweest. Ze had zich met haar dikke buik laten onderzoeken in het ziekenhuis, maar die hadden geen baby gezien, laat staan een snoekbaars. Ze had talloze genezers gevraagd om haar te helpen de vis uit te drijven, maar niemand durfde het aan. Tot gisteren een jonge genezer was opgestaan en met gebeden de vis ter wereld had gebracht. 

De genezer had al eerder met dit bijltje gehakt; een paar jaar eerder was een zwangere vrouw bij hem gekomen. Toen hij haar buik beluisterde hoorde hij het gesis en gefluit van een slang. En ja hoor, na het bidden, beviel de vrouw van een slang.

Alberique en de directeur probeerden mij ervan te overtuigen dat dit echt kon gebeuren in Afrika. Er waren vrouwen bevallen van kanaries en geiten, dus een vis behoorde niet tot de onmogelijkheid. 

Was er een filmpje van de bevalling? Nee, dat druiste tegen de zedelijkheid in. Was er een foto van vrouw en vis samen? Nee, dat was er ook niet. Maar er was wel een filmpje. En ze lieten me een filmpje zien van een opgewonden menigte voor het huis van de vrouw, de vis in een bak zonder water. Tja, legde ik uit. Voor mij is dit geen bewijs. Het is fysiek onmogelijk voor een vrouw om een vis te baren of een geit, of een kanarie. Wat ze ook vertelden, ze konden me niet overtuigen. Omgekeerd natuurlijk ook niet. 

Opeens had ik het. Was het niet 1 april? Dus ik barstte in lachen uit en vertelde dat ze een goede grap met me hadden uitgehaald. Dit kon rekenen op nog meer onbegrip. Nee, nee, dit was serieus en beslist geen grap. Alle kranten schreven er over. Alle radiostations hadden een item.

's Avonds reden Alberique en ik weer terug naar het radiostation. Daar zou de genezer komen om nog eens over zijn avontuur te vertellen. We wachtten er een uur, maar wie er ook kwam, geen genezer. 

Ik heb gehoord dat moeder en vis het goed maken. De vis krijgt niet de borst.

IMG 3776.jpg


Dinsdag 31 maart 2015

This is Africa

Er zijn dagen dat je beter niet uit bed kunt stappen. Vandaag was dat er een. Het kleedje naast mijn bed was drijfnat. Bezorgd keek ik naar mijn waterfles. Was die omgevallen? Toen ik drie stappen in mijn kamer had gedaan, bleek niet alleen het kleedje, maar de hele vloer drijfnat. Wat dat betekende realiseerde ik me vijf seconden later, toen ik een drijfnat rugzakje met computer uit het water viste. Ook mijn tas met camera en opnameapparatuur had lekker met de voetjes in het water gestaan. Toen ik nog eens goed keek, bleek ook mijn stekkerblok met alle stekkers gezellig in het water te dobberen. Dat er geen kortsluiting is geweest, begrijp ik nu nog niet. 

Nu stond ik dus met drijfnatte voeten in het water, terwijl ik al de hele nacht drijvend van het zweet in mijn bedje had gelegen. Het hotelletje was bezig met het opknappen van de kamers, zodat geen enkele airco het deed. Gister had ik al getwijfeld te verhuizen; in Benin zonder airco is alsof je dag en nacht in de sauna zit; alleen vroeg in de ochtend wordt het 30 graden in plaats van 32 graden. Maar kom op, zo had ik mezelf toegesproken, je bent een verwend watje. This is Africa. Daarbij, in dit hotel heb je goed internet en dat is toch belangrijker dan een paar graden verkoeling. Maar toen ik om twee uur vannacht nog steeds geen oog had dichtgedaan en de muggen zich tegoed bleven doen aan mijn overheerlijke bloed, besloot ik dat ik dan maar moest toegeven een watje te zijn. 

Dat was dus mijn nacht. Mijn ochtend was de echte nachtmerrie. Voorzichtig droogde ik computer, camera en geluidsapparatuur af. Een computer had op tafel gestaan, dus die was met de schrik vrij gekomen. Voorlopig kwam ik nergens aan; het moest eerst maar drogen. De jongen bij de receptie keek met schrikogen naar de ravage, maar stak geen hand uit om me te helpen. Toen ik hem meedeelde naar het hotel een paar honderd meter verder te verhuizen, knikte hij. Vijf minuten later duwde hij me een briefje in mijn hand: zijn emailadres. Hij zou het zo leuk vinden om met me te corresponderen. Ja, daar had ik nou echt zin in.

En dus verhuisde ik de hele natte bende in drie keer naar het naburige hotel. Dat heeft wel airco, maar weer geen internet. Ik pendel nu dus tussen beide hotels heen en weer. This is Africa!

Vrijdag 27 maart

Het was wat veel, zeven hoofdsteden in twee dagen en ik kwam dus redelijk tollend in Cotonou aan, de belangrijkste plaats van Benin. Voodoo, daar gaat het de komende weken om. Het is lastig om de knop om te draaien. Ik was zo bezig met heel andere zaken. 

Mission impossible

Iets kan ik wel vertellen over de missie van vorig weekend. Dat gaat dan vooral over de twijfel en de dilemma's. Want na een eerste euforie -we hadden precies die informatie die we dachten nodig te hebben- volgde een snelle afdaling richting wanhoop en teleurstelling. Want hoe moesten we die informatie gaan gebruiken? Niet in een Nederlandse rechtbank want de IND en de landsadvocaat delen gretig die informatie met de vrienden in Rwanda, waardoor het leven van mensen daadwerkelijk op het spel staat. Niet zomaar met de media, want elk detail is een aanwijzing hoe de informatie is verkregen en dus gevaarlijk voor mensen. We hebben dus goud in handen, maar weten nog niet precies hoe het efficiënt te gebruiken. Wel verschijnt volgende week een artikel over Jean Claud Iyamuremye in Vrij Nederland van mijn hand samen met Harm Botje en tegelijkertijd publiceert David van Reijbrouck iets over onze X-files. Het wordt vervolgd dus. Onze sponsoren krijgen dit weekend een compleet verslag van de expeditie, zonder natuurlijk de namen en de details … 

Voodoo

Gisterochtend zat ik blanco tegenover met collega journalist Alberique. Hij vertelde dat hij overmorgen al weer naar Parakou moest en vanaf 7 april niet meer beschikbaar zou zijn. Binnensmonds schoten de vloeken van links naar rechts, maar uiterlijk bleef ik onbewogen. &*^%$#$ waarom heeft hij dat in godsnaam niet eerder gezegd! Ook bleek dat Alberique eigenlijk niet meer zo veel had gedaan, na zijn laatste verslag drie weken geleden. Op de vraag waarom niet, volgt een schouderophalen. Het zijn de lastige dingen van het werken met collega's uit Sub-sahara, al wil ik beslist niet generaliseren.  

Gelukkig hebben de leuke dingen de overhand. Na een uurtje brainstormen en een paar telefoontjes hadden we plots vier afspraken: met de voorzitter van de Benin-journalisten, een socioloog/antropoloog, een schrijver van een religieus boek en met goede vriend Bonaventure van Care Benin, een hulporganisatie waar ik in het verleden wel eens wat voor gedaan heb. Voodoo was het onderwerp: wat betekent dit voor de politiek, de maatschappij, de gezondheid? Sommige antwoorden waren verrassend en soms leek het alsof ik terug was in de tijd toen ik katholiek werd opgevoed met symbolen en streven naar het goede. Van voodoo weet ik niet veel -ik geef het direct toe- maar dit heb ik inmiddels begrepen: voodoo is goed. Voodoo probeert je te beschermen tegen het kwade en wil dat je een goed mens bent. Hekserij is het slechte. Dat betovert mensen en manipuleert mensen. Het goede dus versus het kwaad. Bestaat er een ouder thema?

Maandag 16 maart

De politie vond het een gewone inbraak, die bij mensenrechtenactivist Sylvestre Bwira. Driehoog achter en als enige van het pand je deur in getrapt, dat was de normaalste zaak van de wereld in deze wijk. Er werd wel 15 keer per maand zo ingebroken, glimlachte de vriendelijke agent. Waarom dacht meneer dat het geen gewone inbraak was? 

Sylvestre glimlachte sereen. Nou, omdat hij bijvoorbeeld ontvoerd en gemarteld was in Congo door rebellen. Die hadden hem voor dood langs de kant van de weg achtergelaten, spoten hem een onbekende vloeistof in en fluisterden in zijn oor dat ze hem overal zouden weten te vinden en dat er een dag kwam waarop hij zou worden gevonden.

Ook ontvangt hij al vier jaar onafgebroken dreigtelefoontjes. Hij verving al een aantal keren zijn simkaart, maar binnen een week hing de dreigbeller weer aan de telefoon: 'We krijgen je wel. We weten je overal te vinden. Den Haag is niet ver weg.' Tegenwoordig belt Sylvestre prepaid naar Congo en gooit na een keer bellen zijn simkaart weg. 

Tot in 2012 mailde Sylvestre regelmatig met zijn jongere broertje dat door Oost-Congo zwierf om de belagers van zijn broer te ontlopen. Tot hij een mailtje kreeg van zijn broertje: 'Alsjeblieft, mail niet meer, ze vinden me door die mails.' Een paar weken later werd het dode lichaam van zijn broertje gevonden. Sylvestre mailt niet meer met de mensen in Congo die hij liefheeft.

De aardige agenten krabden op hun hoofd. Ja, dat was wel erg. Maar ja. Veel konden ze niet doen. Ze zouden Sylvestre in het waarschuwingssyteem zetten en hij mocht altijd komen praten als hij dat wilde. 

Zo'n tien dagen geleden was er ook een commissievergadering van de Tweede Kamer, die ging onder andere over het algemeen ambtsbericht van Congo. Nu nog werden er geen Congolezen teruggestuurd naar hun eigen land, omdat de situatie niet helemaal prettig was. Maar er werd verwacht dat binnen een jaar de omstandigheden in met name Oost-Congo zo zouden stabiliseren, dat een algemeen 'niet uitzetten', niet meer van toepassing zou zijn, maar dat individueel zou worden bekeken of mensen terug kunnen naar Congo. Ook al moesten Opstelten en Teeven hun boeltje pakken, hun gedachtengoed waart nog altijd op het ministerie rond en optie nummer 1 Henk Kamp zie ik in deze niet veel veranderen. Ik hou mijn hart dus vast voor Sylvestre. Ze vinden vast dat hij makkelijk teruggestuurd kan worden.

Overigens geldt dit hart vast houden alle Congolezen. Ik zou alvast maar eens gaan kijken naar de Belgie-route zolang deze nog open is. 

Maandag 9 maart 2015

Inbraak en weer is Sylvestre op de vlucht

Bij mensenrechtenactivist Sylvestre Bwira is afgelopen week ingebroken, zijn computer en wat geld is hij kwijt. Tja, dat gebeurt, denk je in een eerste reactie. We leven nu eenmaal in een stad waar inbrekers regelmatig hun slag slaan, ondanks oom agent en honderden camera’s. Maar met een beetje meer nadenken, begon ik toch vraagtekens te zetten. Want Sylvestre woont driehoog achter en er was nergens anders in zijn appartementencomplex ingebroken. Alleen zijn deur was met grof geweld ingetrapt. Het complex van Sylvestre oogt van de buitenkant nu ook niet alsof er miljonairsvolk is gehuisvest.  Integendeel, het staat er wat schilferig armoeiig bij. Dus wat bracht de inbrekers er toe om alleen bij Sylvestre aan te kloppen en niet bij zijn Albanese buurman of Surinaamse buurvrouw?

Sylvestre zelf gaf timide het antwoord. Hij was bang dat ze op zoek waren geweest naar hem. Wie 'ze' waren, dat vertelde hij niet. Sylvestre vond zijn afwezigheid een geluk bij een ongeluk, hij had wel dood kunnen zijn, zo bevestigde hij met hele zachte stem. De politie vond ook dat er een bijzonder luchtje zat aan de inbraak, zo vertelden ze Sylvestre toen ze kwamen kijken, al was dat niet vanwege het ontbreken van vingerafdrukken. Zelfs de grootste junk deed het met handschoenen tegenwoordig.

Het ongeluk bij het geluk was de diefstal van zijn computer. Daarin zat zijn documentatie, informatie, foto’s en noem al het elektronisch maar op dat een mens vergaart op een laptop. Natuurlijk stonden er ook allerlei gegevens in van zijn vrienden in Congo; die kijken nu extra over hun schouder. Zijn deur was provisorisch opgelapt door de woningbouwvereniging en het zou nog zeker twee weken duren voor er een nieuwe deur ingezet zou worden.

’s Avonds belde ik met vriend en raadsman Jan Hofdijk en samen vonden we dat de situatie ernstig was. Als het de inbrekers om Sylvestre te doen was geweest, dan moest hij verhuizen en wel zo snel mogelijk. Ze wisten immers zijn adres.

De volgende ochtend waarschuwden we het kabinet van de burgemeester. Van Aartsen zou het niet prettig vinden dat een mensenrechtenactivist in zijn ‘sheltercity’ en stad van vrede en veiligheid werd bedreigd. Via het kabinet van de burgemeester arrangeerden we ook een gesprek met de politie.

Gelukkig was er een kennis die nog een kamer vrij had en ’s middags al fietste Sylvestre met Hofdijk samen naar zijn vluchtadres. Hij heeft er niks, alleen een matras, maar hij is er vele malen liever dan in zijn officiële huis. Daar durft hij eigenlijk niet meer naar toe.

Opnieuw is Sylvestre dus op de vlucht en opnieuw is hij alles kwijt. Hij is de tel kwijtgeraakt.


Maandag 2 maart 2015 

Doorgaans ben ik een optimistisch mens. Maar na twee dagen verblijf in een hotelkamer zo groot ongeveer als het woord WINSTMAXIMALISATIE, moet ik even tot rust komen in mijn eigen huis. Het hotel bleek het toeristische equivalent van de intensieve kippenhouderij. 

Dit weekend had ik afspraken gemaakt met allerlei Rwandese vrienden in en om Brussel. Ook zou er de Victoire Ingabire prijs worden uitgereikt, allemaal goede redenen om samen met echtgenoot even 'lekker weg' te wezen. Ik had gedacht slim te zijn en een hotel te boeken bijna op de Grote Markt van Brussel. Op die manier zouden de geneugten van deze stad onder het absolute loopbereik vallen.

Helaas arriveerden wij in het centrum van Brussel op vrijdagavond in de spits. Alle straten stonden vast met auto’s en hele lange bussen en wij vorderden millimeter voor millimeter. Op zich is dat wel te doen, als je een duidelijk doel voor ogen hebt. Maar ik was vergeten TOMTOM een heldere instructie voor een parkeergarage te geven en dus raakten wij op zoek naar een parkeerplek, steeds verder van het hotel. Ook dat is niet erg, als de straten leeg en vriendelijk zijn. Maar de Brusselse rue’s waren overvol met grimmig kijkende EU-werknemers die naar huis wilden. Eén fout ingedraaide weg, betekent in dit soort situaties minstens een kwartier vertraging. Ik draaide meerdere malen een verkeerde weg in.

Toen wij uiteindelijk, verhit, het hotel hadden bereikt, bleek dat men in onze kamer de temperatuur had opgestookt tot veertig graden. Wij konden er nog net onze tassen kwijt , maar dan moesten wij wel op het bed blijven zitten of liggen. Een blik op de hotelplattegrond leerde me dat de meeste kamers waren zoals de onze. 

Wij werden dus ‘opgehokt’ als ware biokippen, met net genoeg ruimte om dat ei te kunnen leggen en de voerbak te kunnen bereiken. Zo was er een minimale schuifelruimte om het bed en was er een halve kast vanwege het schuine dak. De badkamer was verhoudingsgewijs ruim opgezet, met een toilet, een wastafel en een half ligbad. Maximale winst, tegen minimale kosten en inspanning. Dat bleek ook toen ik -op zoek naar een verloren sok- onder het bed keek. Daar keken grote pluizen en stofhopen mij grijnzend aan. Ik was boos. Zo'n minimaal kamertje en dan niet eens onder het bed stofzuigen? Later vond men bij de receptie dat dit ongemak twintig euro waard was.

Toen des ’s nachts het plein achter ons hotel bleek te worden bezet door joelende schooljeugd met krokusvakantie, die voor het eerst zonder pa en ma op stap was en het er dus –alcoholgezien- van nam, besloten wij NOOIT meer midden in Brussel te gaan logeren. De volgende ochtend voelde echtgenoot zich ziek en bleef ik solidair met hem in bed, terwijl onder ons raam er aan de stoet selfies-makende, frites en chocolade etende Brusselbewonderaars uit de hele wereld -geen einde kwam.

God zij dank vandaag gewoon weer aan het werk.

Maandag 23 februari 2015

1.  'Klop klop.'  'Ja, wie is daar?'  

Nederland, we hebben een gemene massamoordenaar voor u opgepakt. Fijn hè! Hier is hij. Geef hem een Laissez-passer en hij staat morgen bij jullie op de stoep in Kigali.' 

'Eh, nee, bedankt. Aardig gebaar, maar we hoeven hem niet. Laat maar. Dag hoor.' 

2. 'Klop klop'. 'Ja, wie is daar?' 

'Hier Nederland weer. Weten jullie zeker dat jullie hem echt niet willen hebben? We hebben hier een hele gemene man, die heel veel mensen heeft vermoord. Of heeft willen vermoorden. Of gedroomd heeft dat ie veel mensen heeft vermoord. Die willen jullie toch wel hebben? Geef nou dat laisser-passer en hij is helemaal van jullie.' 

'Dank Nederland, maar bedankt. We hoeven deze meneer niet. Zorg maar goed voor hem, doei!'

3. 'Klop klop'. 'Ja wie is daar?' 

'Hier.. eh .. hier is Nederland weer eventjes…. We hebben hier nog steeds die gemene meneer die mensen heeft vermoord. Althans, dat denken we. En wij willen geen tehuis zijn voor massamoordenaars, dus willen jullie alsjeblieft deze meneer terug nemen, zodat jullie hem kunnen berechten? Hij heeft tenslotte gemoord in jullie land. Althans, wij hebben sterke aanwijzingen dat hij heeft gemoord. Althans, wij hebben een dossier samengesteld waaruit zou kunnen blijken dat hij heeft gemoord. Willen jullie hem echt niet?'

'Zeg, wat is er zo lastig aan het woordje 'NEE'?' 

4. 'Klop klop'. 'Ja wie is daar?'  

'Hallo, hier Nederland'

 'Wat moeten jullie verdomme nu weer?' 

'Die eh… die meneer, weten jullie nog … die van dat laisser passer …. Wij weten namelijk nu ook niet zo goed wat we met hem moeten doen. We hadden gedacht dat jullie hem met open armen zouden ontvangen. Deze massamoordenaar. Of althans de man waarvan wij het sterke vermoeden hebben dat hij massamoordenaar is, maar waarvan wij niet echt bewijzen hebben. Maar dat hoeft gelukkig niet met deze procedure. Weten jullie heel zeker, heel erg 1000 procent zeker dat jullie hem niet willen?'

'Zeg Nederland, READ OUR LIPS …. NO WAY. Hij komt er niet in. Hij krijgt dus niet zo’n flodderig papiertje, zo’n laisser passer, nu niet, nooit niet.

5. 'Klop klop'. 'Ja wie is daar?'  

'Eh… eh…. '

'Je gaat me toch niet vertellen dat jullie nu al weer  voor de deur staan met die meneer die wij AB SO LUUT niet willen hebben. Wegwezen. Zie maar wat je met hem doet, maar wij hoeven hem niet. Vort! Als jullie nog een keer terugkomen, dan roep ik die ambassadeur van jullie op het matje. Die eh Leoni. Om te vertellen dat het geleur met die zogenaamde massamoordenaars ons heftig de keel uit hangt en de betrekkingen tussen onze landen ernstig in gevaar brengt. Wegwezen nu, en wegblijven!'

Vijf keer klopte Nederland bij Rwanda aan de deur voor een laisser passer; een papiertje waarmee de man Rwanda in zou kunnen. Vijf keer werd dat papiertje geweigerd. Rwanda hoeft hem niet. Het woord 'gênante vertoning' is een eufemisme. Hoog tijd dat Nederland deze man vrij laat. 

Het ligt overigens in het verlengde van de uitzetting vorig jaar; ook van een Rwandees die door de IND als massamoordenaar werd bestempeld. De man kreeg wel een laisser passer, maar de begeleidende Nederlandse politie moest hem bijna met geweld over de grens duwen. De rwandese douaniers wilden hem niet binnen laten. Ze kenden het papiertje niet en waren bang dat hun bazen 'not amused ' zouden zijn als ze hem toch binnenlieten. De man is nog steeds op vrije voeten, Rwanda heeft nog geen vinger naar hem uitgestoken.

Maandag 16 februari 2015

Presidentsverkiezingen in DRC?

Dat wordt een ramp, zegt mensenrechtenactivist Sylvestre Bwira, terwijl we over de Spuistraat kuieren. Links en rechts worden we ingehaald door mensen die allemaal haast hebben om iets te kopen.

Het wordt een complete chaos, want er is helemaal geen geld om die verkiezingen op een goeie manier te organiseren, zegt Bwira. Hij heeft een punt, want de vorige verkiezingen, in 2011, werden grotendeels bekostigd door de internationale wereld. En die vorige verkiezingen waren al een chaos met stembiljetten die op het laatste moment moesten worden ingevlogen, ontbrekende stembiljetten, stembureaus die plots werden gesloten of plots werden geopend, mensen die niet wisten waar ze moesten stemmen omdat de stemlijsten bij de bureaus niet klopten, vechtpartijen bij stembureaus, kiezers die werden bedreigd zodat ze niet op de partij van hun voorkeur durfden stemmen. En na de verkiezingen: onbeveiligde stembussen op grote hopen, stembiljetten in plassen water, doodvermoeide tellers die in geen 24 uur hadden geslapen, uitgehongerde tellers omdat er geen eten was, onverschillige tellers, corrupte tellers.

Na de verkiezingen was iedereen het er wel over eens: Kabila is weer president, maar niet dankzij eerlijke en transparante verkiezingen.

In 2016 zou de Democratische Republiek Congo haar eigen presidentsverkiezingen moeten betalen en organiseren. Dat gaat hem dus niet worden. Chaos is wel het minste dat te verwachten is, maar het kan ook uitlopen op een bloedbad. Onlangs verklaarde de huidige president , Joseph Kabila, dat hij geen derde termijn wil. Dat was na heftige rellen omdat hij de kieswet wilde veranderen, waardoor de verkiezingen zouden worden uitgesteld en hij dus aan de macht kon blijven.

We weten inmiddels dat je geen president hoeft te zijn om de macht te hebben in een land. Poetin verzon al eens zo’n list en ook buurman Kagame was jarenlang vice-president voor hij president werd. Kabila heeft tijdens zijn presidentschap genoeg vermogen en genoeg relaties opgebouwd om achter de schermen aan de touwtjes te kunnen blijven trekken.

Wat Congo echt nodig heeft, volgens Bwira, zijn lokale verkiezingen. Zorg dat volk en bestuurder dichtbij elkaar staan. Dan is het bestuur direct aanspreekbaar. Als er dan ook nog bestuurders komen met een beetje kwaliteit, heb je een fundament voor een echte democratie. Presidentsverkiezingen hebben niets te maken met democratie, zegt Bwira. Integendeel, presidentsverkiezingen  zijn een grote bedreiging voor democratie in zijn land.

We eindigen in de Boterwaag. Daar film ik hem samen met echtgenoot voor mijn documentaire De Weg, waarin Bwira een hoofdrol gaat spelen. Een uurtje eerder interviewde ik hem staande voor de deur van het ministerie van Buitenlandse Zaken.

‘Wat zijn we aan het doen, ik vraag het uit belangstelling hoor’, zegt de beveiliger. Ik leg het uit. Hij knikt en wandelt weg. Bwira vervolgt onverstoorbaar het interview. Hij heeft wel wat tips voor het ministerie van Buitenlandse Zaken. Hij wil ze zelf aan gaan bieden aan de  minister. Maar eens kijken of mevrouw Ploumen hem wil ontvangen.

 

Maandag 9 februari 2015

Geef mij maar een enkeltje Frankrijk

Ongeveer een jaar geleden verhuisde mijn vader van een gewoon ‘bejaardentehuis’, naar een gesloten afdeling in een verpleeghuis. Vader was dementerend, kon niet meer voor zichzelf zorgen en nam te veel tijd in beslag van het –overigens zeer lieve- verzorgende personeel.

Vader kwam terecht in een kleinschalig tehuis, in een afdeling met nog vijf andere zwaar demente bewoners. De eerste weken waren voor vader een hel. ‘Neem me alsjeblieft mee terug naar huis', vroeg hij steevast aan ons als we op bezoek waren, ook al had hij geen idee waar zijn ‘huis’ was. Vader dacht ergens in een onderwereld-café in Rotterdam te zitten. Hij voelde zich bang en onveilig. Hij was ook boos op ons: wij hadden hem hier gebracht. Wij hadden hem zijn vrijheid afgenomen.

Afgelopen zaterdag ging ik bij hem op bezoek. Hij zat vrolijk aan een tafel aardappelen te schillen. ‘Kijk’, zei hij met een knipoog naar een nieuwe bewoonster. ‘Dat is mevrouw X. Zij vindt me aardig. Ik vind haar ook aardig. Ik zal je straks aan haar voorstellen.’ Samen schilden we een grote pan aardappelen en gingen daarna nog even boodschappen doen. Dat vindt vader heerlijk; soms nemen de verzorgenden hem wel twee keer per dag mee in zijn rolstoel. Bij de slager krijgt hij –tot zijn grote plezier- altijd een stukje worst.

Elke dag is er voor vader wat te doen. Ze zingen liedjes van vroeger, lezen met de verzorgende de krant, proberen samen het avondeten klaar te maken, krijgen rolstoel gymnastiek en regelmatig gaan ze er met zijn allen op uit. Hij wordt gestimuleerd te lopen, te bewegen.

Het allerbelangrijkste voor vader is de warme zorg die hij elke dag krijgt; die aai over zijn bol, overigens met respect gegeven. Er wordt tegen vader gesproken, nooit over zijn hoofd heen. Dat alles geeft hem een veilig thuis gevoel. “Ik hoef niet meer naar huis. In dit hotel wil ik wel blijven” zo zei hij zaterdag tevreden.

Diezelfde zaterdag was ik ook op de gesloten afdeling van een ander tehuis. Laten we het Zonnerust noemen. Hier zaten 18 mensen in dezelfde ruimte als de huiskamer waar vader zit met zes mensen. Er waren twee verzorgenden voor deze 18 bewoners. Bij vader zijn er meestal twee op de afdeling, soms zelfs meer als er vrijwilligers zijn.

Bij Zonnerust zaten sommige bewoners in een rolstoel helemaal niets te doen; een paar leken te slapen; anderen staarden in het niets. Niemand die zich om hen bekommerde. Activiteiten werden niet gepland; de activiteitenleidster kwam niet zo vaak op de afdeling; onlangs waren de zaken veranderd en nu moest zij van alles organiseren voor wel 150 mensen; de spoeling was dus dun.

De verzorgenden hadden geen tijd om leuke dingen met de bewoners te doen; ze hadden hun handen vol aan het uitdelen van medicijnen, eten, drinken, het helpen bij wassen, plassen en aankleden. Vrijwilligers waren er soms, maar die gingen niet wandelen met de bewoners, die hielpen bij de broodnodige taken.

Nieuwe bewoners kregen wel een intake gesprek, maar geen medisch en psychologisch onderzoek als nieuwe bewoner. Er was dus ook geen behandelplan, want er was geen diagnose. Bezuinigingen, bezuinigingen. Rillend trok ik de deur achter mij dicht en dankte De Heer op mijn blote knieeen dat vader hier niet hoefde te wonen.

Terugfietsend naar huis kreeg ik het plots Spaans benauwd. Ik hoorde tot de gevreesde categorie van de bevolkingspyramide waarbij het aantal oude mensen tot recordhoogte is gestegen en het aantal jonge mensen tot een minimum is gedaald. Ik zou ronddolen in een zorg-wereld waarbij vergeleken Zonnerust een paradijsje zou zijn.

Bij deze laat ik u allen weten: als ik oud en dement mijn urineluiers aan u probeer te verkopen, stuur mij dan naar mijn huisje in Frankrijk. Daar kan ik in alle waardigheid sterven. Ik wandel het bos in, zoek een mooie steen om tegen te zitten en wacht bij zonsopgang op het einde. Kost de gemeenschap uitsluitend een enkeltje Midden Frankrijk. Das pas bezuinigen.

 

Donderdag 5 februari 

"EEN PAREL"

jeannettediploma.jpg

‘Soms dan tref je er een. Een parel. En dat ben jij Jeanette.’ De docente die het diploma uitreikt is geëmotioneerd. Jeanette veegt wat tranen weg en dan houdt de hele zaal het niet droog. Hier staat iemand die dwars tegen de stroom in, een geweldige prestatie heeft geleverd.

Wie zou het zelfde kunnen opbrengen? Vluchten uit je land, in erbarmelijke omstandigheden leven in Congo, denken dat je in Nederland een thuis hebt gevonden en dan, pats, wordt je echtgenoot gearresteerd en in de gevangenis gezet, omdat Rwanda zegt dat hij waarschijnlijk een massamoordenaar is. Hard bewijs is er niet, maar je hele leven wordt op zijn kop gezet. Opeens moet je drie kinderen opvoeden met alleen je studiefinanciering, want je man kan in de gevangenis natuurlijk niet werken. Sterker nog, de belasting komt langs: of je maar even duizenden euro’s terug wil betalen, want huursubsidie verstrekken aan een massamoordenaar dat doen we in Nederland natuurlijk niet.

Jean Claude zit inmiddels anderhalf jaar in de gevangenis. Zonder dat iemand hem schuldig heeft bevonden. Gewoon, omdat Rwanda zegt dat hij een massamoordenaar is en Nederland hem gehoorzaam opsluit, zonder moeite te doen om te achterhalen of het hier wel echt om een massamoordenaar gaat. Dat moeten ze in Rwanda maar uitzoeken, vindt Nederland en pakt Jean Claude alles af. Zijn werk, zijn gezin, zijn vrijheid, zijn naam.  

Lichtpunt is de komst van een derde kind. Roy wordt volgende week een jaar. Andere lichtpuntjes zijn de talloze mensen die Jeanette een handje helpen. De een rijdt met haar naar de gevangenis, een ander is oppasmoeder voor Roy, weer anderen proberen te helpen met de financiële problemen. 

Gisteren werd Jeannette gediplomeerd Verzorgende Individuele Gezondheidszorg.“Het is voor iedereen een zware opleiding. Heel veel meiden vielen af. Niet iedereen kan met zwaar zieke mensen omgaan”, zegt haar docente Karin Bootsman van het Mondriaan College. Ze is ontzettend trots op Jeannette. ‘Als iedereen zo’n parel was, zou de wereld er anders uitzien.”

Jeannette kan zo aan het werk. Overal waar ze stage heeft gelopen, willen ze haar graag hebben. Maar hoe organiseer je wisseldiensten en drie kinderen? Haar docent weet het niet. “Tegenwoordig mag je blij zijn dat je aan het werk kunt. Eisen stellen welke uren je wilt werken is er niet meer bij.”

Jeanette is een realiste, ze ziet de problemen onder ogen, maar vandaag viert ze feest in het warme nest van de school. “De klas, de docenten en de opleiding zijn de afgelopen tijd heel belangrijk voor haar geweest, zegt de oppasmoeder.

Jeannette neemt haar diploma in ontvangst, ze krijgt veel applaus. Jean Claude zal het moeten doen met de foto’s.

 

Dinsdag 4 februari 2015

Congo: Verkrachter aangesteld om rebellen te ontwapenen

Op 29 januari begon het Congolese leger, samen met de VN-vredesmacht, een nieuwe operatie om de FDLR gedwongen te ontwapenen. De duurste VN-operatie ooit, gaat op jacht naar een naar schatting 1000 armetierige FDLR-rebellen, die nog geen nagel hebben om aan hun kont te krabben. De FDLR werd 20 jaar geleden gevormd door voormalige Hutu's, gevlucht uit Rwanda tijdens en na de genocide. Veel van hen hadden bloed aan hun handen. Ze wilden van uit Congo het regime van Kagame verdrijven. Inmiddels is er een hele nieuwe generatie die de genocide als kind hebben meegemaakt, of zelfs pas na de genocide zijn geboren. Van de oorspronkelijke gevluchte Hutu's zijn er nog maar weinig over. De meesten zijn inmiddels geworteld in Oost-Congo, daar hebben ze -voor zover mogelijk- een huis, vrouw en kinderen. Toch is de FDLR al 20 jaar het excuus voor Rwanda om ongegeneerd rond te wandelen op Congolees grondgebied en onrust-vuurtjes te stoken, onder meer door Tutsi-rebellen met geld en middelen te steunen. Congolese grondstoffen en land wil Rwanda hebben. Daarom is de FDLR, DE VIJAND waarop met alle middelen jacht moet worden gemaakt. Sorry even voor deze uitweiding, maar die vind ik nodig om een en ander in perspectief te plaatsen.

En wie denk je dat aan het hoofd staat van het Congolese leger bij deze operatie? Ene generaal Bruno Madevu. Die gaat het in Noord-Kivu absoluut veilig maken met zijn manschappen. Madevu wordt maar liefst verdacht van 121 schendingen van de mensenrechten waaronder terechtstellingen en verkrachtingen. De VN-vredesmacht weet dat ook en heeft absoluut geen zin om met deze generaal samen te werken.

Ondertussen is men in Kinshasa heel bezorgd over mensenrechtenactivist Christopher Ngoyi. Hij is op 21 januari ontvoerd en sindsdien is niets meer van hem gehoord. Kort voor zijn ontvoering sprak hij nog wel via de telefoon met de Belgische omroep RTBF. Daarin vertelt hij wat hij zag ten tijde van de demonstraties, nu twee weken geleden. Hij was in het ziekenhuis Mama Yemo om gewonden af te leveren en geeft een ooggetuige verslag.

"Er wordt van dichtbij geschoten op alles wat beweegt. Het zijn twaalf mannen van de presidentiële garde in burger. (…) de gewonden worden afgemaakt of bedreigd. De mannen zetten het medisch personeel onder druk. (…) De twaalf mannen vragen om versterking. Er komt een jeep, met mannen in uniform. Deze mannen beginnen meteen te schieten. Ze komen al schietend het ziekenhuis binnen. Kabila heeft overal in de openbare ziekenhuizen mannen van zijn presidentiële garde geplaatst. Ze doden gewonden en intimideren het personeel. (…) Dit zijn oorlogsmisdaden."

Kort na het telefoongesprek wordt Ngoyi in het centrum van Kinshasa ontvoerd. Zijn familie en vrienden zijn bang dat hij wordt vermoord, net als mensenrechtenactivist Floribert Chebeya. Deze werd in 2010 vermoord in zijn auto gevonden, nadat Chebeya een bezoek had gebracht aan de nationale politie.


Maandag 26 januari 2015

Meer dan veertig doden in DRC omdat Kabila de macht wil houden

Op zaterdag 17 januari keurden de Tweede Kamer van Congo, de Nationale assemblee, de herziening in de kieswet goed. Mwt name artikel 8, waarin gesteld wordt dat er eerst een volkstelling moet komen, is een pijnpunt. Dat betekent namelijk dat de presidentsverkiezingen kunnen worden uitgesteld en dus, dat de huidige president, Joseph Kabila, kan aanblijven.  De Senaat, de eerste kamer moest het voorstel nog goedkeuren.

Wat volgde was een week van opstand waarbij ruim veertig mensen werden gedood, tientallen werden gewond en tientallen werden gearresteerd. Ik geef een overzicht.

In de nacht van zondag op zondag 19 januari wordt het kantoor van oppositiepartij UNC omsingeld en wordt een aantal mensen gearresteerd, waaronder partijvoorzitter Vital Kamerhe. De grote oppositiepartijen hadden opgeroepen te gaan demonstreren tegen de herziening van de kieswet en de parlementsgebouwen te bestormen. Het gebouw wordt deze maandag beschermd door soldaten die iedereen met traangas wegjagen. Ook schiet de politie in Kinshasa met scherp. Vooral studenten gaan de straat op. Zo’n 13 politiebureaus werden in brand gestoken; overal zijn wegblokkades waar banden in brand staan. Er wordt geplunderd. Het normale leven ligt stil. Lees hier verder.


Maandag 19 januari 2015

Macht, het is me wat!

Sinds vannacht 1 uur is het partijbureau van oppositiepartij UNC in Kinshasa omsingeld door soldaten, zo meldt de Facebookpagina van het UNC (Union pour la Nation Congolaise). In het gebouw bevinden zich zo'n 26 mensen, waaronder partijvoorzitter Vital Kamerhe. 

De spanning in Kinshasa is de afgelopen week toegenomen vanwege de herziening van de kieswet die een dezer dagen door het parlement besproken zal worden. Iedereen in Congo weet dat die kieswet ervoor zal zorgen dat de huidige president, Joseph Kabila, aan de macht zal blijven. Officieel zouden er in 2016 nieuwe presidentsverkiezingen zijn, maar met de nieuwe kieswet worden die verkiezingen uitgesteld. 

Rond 8 uur vanochtend zouden er in Kinshasa demonstraties plaatsvinden tegen deze kieswet. Als voorzorgsmaatregel heeft de regering alle wegen rondom het parlementsgebouw afgesloten met goed bewapende militairen en wemelt het in heel de hoofdstad van de militairen, aldus twitterberichten via #telema.

Op 12 januari was er al een demonstratie tegen de kieswet. De vreedzame manifestatie werd minder vreedzaam toen de politie ging schieten. Onder meer een voormalige woordvoerder van Kabila werd vier keer in zijn benen geschoten, toen hij weigerde terug te lopen. De voormalig woordvoerder werd naar een ziekenhuis gebracht, maar dat weigerde hem te behandelen uit angst voor represaillemaatregelen van de regering.

In Kinshasa zijn het vooral de studenten die vandaag van plan zijn de straat op te gaan. In Goma zijn vandaag een aantal scholen gesloten uit angst voor ongeregeldheden tijdens demonstraties tegen de kieswet. 

De presidentsverkiezingen van 2011 waren een 'zootje'. Ik stond erbij en keek hoe stembussen vol stembiljetten in grote hangars werden geleegd. Geen mens weet of ze zijn geteld of niet.


Vrijdag 16 januari 2015

Afrikanen kunnen wel wat hoor!

Terwijl de wereld in rouw is gedompeld  door de gebeurtenissen in Parijs, werden bijna tegelijkertijd twee dorpen in Nigeria met de grond gelijk gemaakt. Naar het aantal slachtoffers is het gissen, sommige bronnen hebben het over enkele honderden, andere praten over een aantal van 2000. Schokkende beelden van Amnesty International laten zien wat er overbleef van de dorpen Baga en Doron Baga in het noorden van Nigeria.

Wat wel zeker is: de meeste slachtoffers waren kinderen en vrouwen.

Sinds enkele dagen komen er korte stukjes in de media over de slachtpartij door de aan Al Qaida gelieerde terreurorganisatie. Boko Haram wil alle Westers onderwijs verbieden en een kalifaat stichten. Geschat wordt dat ze sinds 2011 zo’n 23.000 slachtoffers op hun geweten hebben, gemiddeld zo’n 25 per dag!

Waar we –terecht- ontzet zijn over de dood van journalisten, joodse slachtoffers en politie in Parijs, raken de slachtoffers in Nigeria ons veel minder. Afrika is voor het gevoel ver weg en er vallen daar elke dag wel slachtoffers. Het is een rampencontinent ‘so what’s new’, en dus gaan we over tot de orde van de dag, Ons bestaan wordt immers niet in de war geschopt als daar een oorlog woedt, als daar mensen worden uitgemoord? Ons bestaan schudt wel op alle grondvesten als het dichtbij huis  een heel stuk minder veilig is, dan gedacht (en gehoopt).

Wie de angst niet zelf in de ogen heeft gezien, weet niet wat een van angst doordrenkt bestaan is. Heeft geen idee wat het betekent niet te durven slapen in je eigen huis. Niet te kunnen werken in je eigen moestuin. Niet naar school te durven gaan.

Sluit even vijf minuten je ogen en denk aan het aller- aller ergste wat je kan gebeuren. Dat en dan 1000 keer zo erg, beleven heel veel mensen op dat Afrikaanse rampencontinent elke dag.

Die last hoeven wij niet elke dag als Atlas op onze schouders mee te torsen. Ook is het een fictie dat wij –gewone burgers- de zaken daar kunnen veranderen. Daarvoor zijn er te veel belangen in het spel van landen, hulporganisaties en bedrijven. Hoewel, misschien, als wij geen genoegen meer nemen met het beeld dat zo graag geschetst wordt, dat van die arme, corrupte Afrikanen die hun eigen zaakjes niet kunnen regelen, misschien dan kan er wat veranderen.

Heel veel Afrikanen kunnen namelijk heel veel.

Maandag 12 januari 2015

Journalist, analist en commentator

Afgelopen week hadden wij zonder televisie en Internet niets geweten van de aanval op Charlie Hebdo. We zitten weggeborgen aan de rand van een gehucht op het Franse platteland en alleen als er in de directe omgeving iets gebeurt, zeg in een straal van vijftien kilometer, dan giert het geruchtencircuit met de snelheid van een raceauto door de regio. 

Het regende alsof er niets was gebeurd. 's Morgens lagen de velden er bedekt met rijp bij alsof er niets was gebeurd. De buurkat kwam haar brokken halen alsof er niets was gebeurd. De koolmeisjes speelden in de heg alsof er niets was gebeurd. 

Maar binnen zat ik met mijn 'oortjes' in de computer en volgde France24 op de voet. De jacht op de aanvallers, de gijzeling die geen gijzeling bleek in de drukkerij, de gijzeling van de Joodse supermarkt en de apotheose, de bevrijding van de gegijzelden. 

Ik onderdrukte de neiging om tegen het raam 'Je suis Charlie' te plakken. Niet alleen weigerde de printer dienst, er komt hier immers geen hond langs, zo legitimeerde ik mijn luie onwil de printer aan het werk te zetten. 'Je suis Charlie' was immers een teken van verbondenheid met elkaar, van betrokkenheid en wat had het voor zin dit uitsluitend met de langslopende vossen en herten te delen? 

Op vrijdagmiddag kwam onze postbode langs. En plots wist ik weer hoe vroeger, hier op het platteland, de mensen hun nieuws ontvingen. De postbode draaide zijn raampje naar beneden en hij overhandigde ons een blauwe envelop uit het verre, veilige Nederland. Zijn ogen stonden treurig en hij schudde het hoofd. In wat voor wereld leefden we toch waar barbaren dit konden doen? Wisten we het al? En hij vertelde minutieus de gebeurtenissen, met levendige gebaren, doorspekt met zijn eigen commentaar. Onze postbode speelde met brille journalist, analist en commentator tegelijkertijd. 

Toen ik een half uur later weer naar France24 keek, kwam dat me flets en onnatuurlijk voor. Ik volg met zorg de bezuinigingen bij de Franse posterijen.

 

Donderdag 8 januari 2015

Dinsdag 6 januari 2015 

Wordt Sheka leider van een nieuw M23?

Ze haalden Kasereka van zijn taxi en hakte zijn hoofd af. Daarna staken ze zijn hoofd op een stok en liepen er triomfantelijk mee door het dorp Pinga dat ze zojuist hadden veroverd. Ze zongen: ‘Wij gaan ze uitroeien, die Hunde.’ We schrijven augustus 2012. Al een jaar loopt er een arrestatiebevel tegen mai mai rebellenleider Sheka, maar niemand krijgt hem te pakken in het slecht toegankelijke mijngebied Walikale, ongeveer zo groot als Rwanda. In een vandaag uitgebracht rapport van Human Rights Watch worden de gruweldaden van Sheka nog eens op een rij gezet en zijn allianties onder de loep genomen.

Zo blijkt Sheka, aldus HRW, nog steeds geld te krijgen van Rwanda. De betalingen zouden zijn begonnen nadat hij een voormalige FDLR-bondgenoot vermoordde, aldus Sheka zelf tijdens een bijeenkomst in een kerk. De FDLR is al sinds de genocide in 1994 de vijand van Rwanda en het instrument om ongestoord te kunnen rondwandelen in buurland Congo. Volgens bronnen van HRW reist de Tutsi-vrouw van Sheka regelmatig naar Rwanda, zij fungeert als een soort ‘liaison-officier’. Volgens voormalige rebellen worden er vanuit Rwanda regelmatig wapens en ammunitie Goma ingesmokkeld verstopt in zakken met bonen, door motortaxi’s.

Herinnert u zich nog M23? Juist, rebellen gesteund door Rwanda die twee jaar Noord-Kivu in hun greep hielden, Goma plunderden en vorig najaar werden verslagen door het Congolese leger gesteund door een speciale brigade van de VN-vredesmacht. Waarop onze eigen minister Ploumen deze zomer besloot de steun aan Rwanda weer te hervatten. M23 bestond immers niet meer en de steun van Rwanda aan deze rebellen was de reden geweest om het geld maar even niet over te maken aan Rwanda.

Dat M23 dus. Volgens HRW sluiten zich nu voormalige rebellen van M23 aan bij Sheka. Daarnaast krijgt Sheka steun van offcieren uit het Congolese leger. Waardoor de kans bestaat dat zijn groep kan uitgroeien tot een nieuw M23. Zullen we alvast een naam bedenken? M27 misschien?


Donderdag 1 januari 2015

Goede voornemens …..

Dat het goed is om kritische volgers te hebben, bleek maar weer de afgelopen dagen. Een lezer stuurde me een email met allerlei vragen, die ik slechts deels beantwoordde. De man was duidelijk goed van de Rwandese situatie op de hoogte en ik wilde antwoorden op de grote lijnen, niet op details. Dat kan namelijk al snel tot verwarring en onbegrip leiden. Juist als het gaat om Rwanda, waar het debat op de uiterste grenzen wordt gevoerd.

Ik wees de man dus met name op de gebrekkige procedure van een vooringenomen IND en de oncontroleerbare manier waarop een individueel ambtsbericht tot stand komt. Hij vroeg me ook hoe ik een en ander verbeterd zou willen zien. Nu is dat natuurlijk niet de eerste taak van een journalist –oplossingen zoeken voor zaken die je zelf aan de kaak stelt- maar voor ik wist zat ik er over na te denken en had ik wat antwoorden op de mail gezet.

Hieronder zijn ze te vinden. Ik hoop dat betrokken ambtenaren ze lezen en er een aantal op hun lijstje van goede voornemens zetten voor dit jaar.

 De ambassade in Kigali moet een beter protocol samenstellen voor de procedure rondom het ambtsbericht, zodat ze beter het werk van hun vertrouwensadvocaat kunnen controleren;

 De afdeling 1F van de Nederlandse Immigratiedienst moet worden gereorganiseerd, zodat meerdere mensen zich bezighouden met een dossier en meerdere mensen beslissen over inhoud en kwaliteit van dat dossier;

 De afdeling 1F moet niet stapelen met vaste algemene onderdelen om een dossier samen te stellen zoals stukken over aandelen radio RTLM, lidmaatschap Hutu-power; 

 De Immigratiedienst en het ministerie van Buitenlandse Zaken moeten hun controleplicht van het Individueel ambtsbericht serieus oppakken;

 Er moet voor advocaten de mogelijkheid komen, de anonieme getuigen in de individuele ambtsberichten ook te horen;

 Er moet geld komen zodat advocaten / onderzoekers research kunnen verrichten in Rwanda;

 De bestuursrechter moet verplicht getuigen toestaan in de rechtszaal als advocaten daarom vragen.

Mijn goede voornemens? 

Minstens 3000 woorden per dag en eerder de kattenbak verschonen. Meer dan drie voornemens kan ik niet aan. Ik heb  daarom ook het goede voornemen elke week van voornemen te veranderen. Dat geeft lucht en uit onderzoek blijkt dat de gemiddelde mens een voornemen toch niet langer uitvoert dan een paar dagen.

Zondag 28 december 2014

'Miep', riep ik uitgelaten bij terugkomst uit Afrika. Maar mijn kat hield zich doof. Ik had haar wekenlang verwaarloosd en ze was van plan me dat te laten weten. Zo zijn katten, dacht ik in alle hoogmoed als kattenkenner. Maar Miep bleek in een paar weken tijd echt doof te zijn geworden en nu is ze dus niet alleen stekeblind maar ook stokdoof. Ik rende dus naar de dierendokter om te vragen of de gezondheid van Miep verder nog in gevaar was. 

Die haalde de schouders op, vroeg naar de leeftijd (14 jaar) en zei dat ik me niet al te veel in de gevoelens- en de ervaringswereld van Miep moest verdiepen. Wij wisten niet hoe een blinde en dove kat zich voelde. At ze nog goed? Had ik het idee dat Miep pijn had? Ik moest bekennen dat ik Miep de afgelopen zeven weken niet had gezien. De dierenarts schudde zijn hoofd en ik voelde me een absolute dierenbeul.

Miep doet nu dus alles met haar neus en haar pootjes. In Den Haag ging ze zelfs nog naar buiten, maar toen we naar Frankrijk afreisden, had ik me voorgenomen: die zet geen poot buiten de deur. Als ze wegloopt en verdwaalt, dan hoort ze me nooit meer roepen. Ik had angst visioenen van een bevroren kat langs de kant van de weg, een verdronken kat in het ijskoude water van de beek, een uitgehongerde kat in het donkere bos.

Miep komt me in mijn angsten zeer tegemoet. Ze zet geen poot buiten de deur. Ze taalt er zelfs niet naar. 's Morgens weet ze feilloos de weg naar de slaapkamer te vinden om daar voor de deur haar honger-gevoel duidelijk uit te miauwen. Vervolgens weet ze heel goed dat ze de trap af moet aan de kant van de muur. Ze is al een paar keer in een diep donker gat gedonderd omdat ze de onbeschermde kant van de trap pakte. Vervolgens gaat ze demonstratief voor haar bakje zitten en weet ondanks haar blind- en doofheid precies wanneer het eten er in wordt geworpen. Wat dat betreft doet ze me denken aan de blinde bedelaar die snel het geld weggraait waar mensen dat ook maar gooien.

Nadat aan haar meest materiële behoeften is voldaan, kruipt ze op schoot. Dat heeft niets met aanhankelijkheid te maken; de kachel moet namelijk dan nog warm worden en mijn schoot is gewoon het warmste plekje in huis. Als het huis is opgewarmd, kruipt ze in haar mand naast de kachel en is daar vervolgens alleen nog uit te slaan voor een tochtje schoot, een tochtje etensbak en een tochtje kattenbak. Haar leven is perfect overzichtelijk geworden. Ik wil niet zeggen dat ik jaloers ben, maar toch ….

Zaterdag 27 december 2014

De kale bomen zwiepen, het regent, de kachel blaast. Vandaag wordt het niet echt licht hier op het uitgestorven Franse platteland. Pas nu, twee weken na landing in Nederland, begint mijn hoofd weer een beetje te functioneren. Dat heeft voordelen: ik begrijp weer wat mensen zeggen- en nadelen: ik begin na te denken over wat ik allemaal moet doen. Dat is zo'n berg, dat ik het maar een beetje naar het nieuwjaar schuif. Goede voornemens en zo. Ook maak ik lijstjes, dat geeft zo'n opgeruimd gevoel.

Ik heb inmiddels Jean Claude Iyamuremye geïnterviewd in zijn Zoetermeerse gevangenis. Hij heeft een verschrikkelijk verhaal over zijn belevenissen in de drie jaar na de genocide van 1994. Een verhaal dat ik hoop aan Vrij Nederland te kunnen 'verkopen', dus hou ik het hier nog even geheim.

Mijn harde schijf met video opnamen heb ik in Nederland achter gelaten, bij een zeer ervaren filmmaker. We gaan er samen mee aan de slag, ik ben bezig nu met het schrijven van twee scripts. 

Via Free Press Unlimited, een Nederlandse organisatie die vrije journalistiek in moeilijke gebieden stimuleert, heb ik een kleine subsidie gekregen. In het nieuwe jaar ga ik dan ook met mijn vrienden van Le Canard du Nord in Benin aan de slag om te kijken of we kunnen ontdekken wat de gevolgen zijn van voodoo in het maatschappelijk, politiek en economisch leven in Benin. Ik hoop ook te kunnen gaan samenwerken met ZAM én met een Nederlandse huisarts in Benin zodat het project wat breder getrokken kan worden dan alleen Benin.

Dan is er natuurlijk nog HET BOEK (met dank aan het Fonds Bijzondere Journalistieke Projecten), dat mij dwingt om het toetsenbord met enige regelmaat te beroeren. De laatste emailuitwisseling met mijn uitgever Atlas-Contact was hoopvol, maar daarmee is HET BOEK nog niet af. Dit staat dus als nummer 1 op mijn lijstje voor het nieuwjaar.

Verder staat weer een reis naar Rwanda op het programma. Wanneer dat is, dat hangt een beetje af van de financiën; de laatste trip heeft veel gekost en die kosten zijn er nog lang niet uit, tot groot ongenoegen van mijn boekhouder. Ik roep steeds: de kosten gaan voor de baat uit en je moet dit zien als een investering in de toekomst. Maar dit geroep maakt weinig indruk, ben ik bang. Mijn boekhouder ziet voor mij een carrière als vakkenvuller of als witte werkster om de financiële gaten te vullen. Ik huiver bij het idee, maar erken de realiteit van mijn lege schatkist.

C'est la vie, zeggen ze hier in Frankrijk en nemen nog maar 'un verre' vergezeld van een toostje met foie gras. Tot morgen.



Woensdag 10 december 2014

Nog na-trillend van boosheid, angst en zenuwen, landde ik vanochtend op Schiphol, alwaar mijn achtervang Jan2 klaarstond met schouderklopjes en de groeten van veel mensen. Ik ben dus weer terug, maar de laatste twee dagen waren niet onverdeeld genoeglijk vanwege de Rwandese douane. Die lieten mij namelijk eergisteren niet door. Eerst omdat de machine kapot zou zijn, later omdat mijn visum door Kenia niet geregistreerd zou zijn. De Rwandese baas van de immigratiedienst verzekerde eerst vriendelijk dat hij hoogst persoonlijk voor een oplossing zou zorgen, maar werd, naarmate de uren verstreken, steeds boziger. We kregen echt ruzie toen ik zijn autoriteit in twijfel trok samen met zijn oplossingsvermogen. Niet echt handig, maar na zes uur in de zon, zonder eten of drinken, was mijn beoordelingsvermogen niet meer wat het geweest was. 

Inmiddels had ik ook achtervang Jan2 ingeschakeld en die had weer de Nederlandse ambassade in Kigali te hulp geroepen. Die reageerden snel, maar met even weinig succes als ik. Ze hadden het geprobeerd, maar na vier telefoontjes nam de Immigratiedienst niet meer de telefoon op. Inmiddels was ik door de boze lokale immigratiechef, demonstratief teruggezet in niemandsland. Ik mocht niet op Rwandese bodem blijven. Hij wilde niet ingaan op mijn voorstel van een transitvisum en vond dat ik maar het beste terug kon gaan naar Congo. Hij zou dan hoogst persoonlijk morgenochtend vroeg er voor zorgen dat ik een transit visum kreeg. Daar had ik natuurlijk geen enkele fiducie in, en toen ik hem dat ook in ondiplomatieke taal vertelde -dom dom dom Verbraeken!- was die dag in ieder geval elke kans op een minnelijke schikking bekeken. Met mijn staart tussen mijn benen droop ik af, ik wist, ik was verslagen. De immigratiemeneer had laten zien wie hier de baas was.

De volgende ochtend stond ik om zes uur voor het loket, zoals afgesproken. De immigratiebaas kwam om zeven uur en oh wonder, om acht uur had ik het zo felbeerde stempeltje. Geen transit visum dus, want dat bracht complicaties mee, zei de chef. Ik had geen idee welke complicaties dat waren, maar ik grijnsde vriendelijk naar hem. Merci, merci. Uit het zicht en zeker buiten gehoorafstand, heb ik even flink lucht gegeven aan mijn overvol gemoed. Passerende Rwandezen keken me meewarig aan: ach die Mzungu, wat zijn dat toch een buitengewoon onbegrijpelijke wezens.

Drie keer werd onze taxi onderweg door agenten gecontroleerd en drie keer begon ik te trillen. De dag bij de douanepost had er meer ingehakt dan ik had gedacht: ik begon een autoriteitenangst te ontwikkelen. 

Met bonkend hart meldde ik me dan ook bij de douane op het vliegveld voor een 'exit' stempeltje. De douanier haalde mijn paspoort door de lezer en ….. meldde me dat sorry, sorry het systeem er even uit lag. Ik keek naar de meneer naast me, die wel een stempel kreeg. Dit was wel een zeer plaatselijke storing. 

Toen daarop ook nog twee stevige agenten zich bij de douanier meldden, kreeg ik een angstig déjà vu. Ik zou toch niet weer ergens naar toe gebracht worden, zonder dat de rest van de wereld wist waar ik was? De twee agenten bladerden in mijn paspoort. Vroegen met welke vlucht ik vertrok, keken weer eens in mijn paspoort en gaven het met een kort knikje terug aan de douanier. Die stempelde zuinigjes mijn paspoort af. 

Ik kan van alles verzinnen om een verklaring te vinden, maar dat is speculeren. Ik ga er gewoon van uit dat ik domme pech heb gehad met falende machines, een foutenmakend Kenia en een immigratiebaas met een groot ego. 

Zondag 7 december 2014

Orde en je mond moeten houden of wanorde en ook je mond moeten houden?

Kinshasa en Goma verschillen van elkaar zoals het Nederland van boven de rivieren en het Nederland dat onder de Moerdijkbrug ligt. Tenminste dat vinden ze in Goma. Ze vinden de Kinshassers maar onverantwoordelijk luie feestvierders. In Noord-Kivu daar wordt hard gewerkt, daar wordt het geld verdiend. Een mogelijke afscheiding van Noord- en Zuid Kivu doet daarom niet bij iedereen pijn in Goma; er zijn zelfs provinciale ministers die er serieus over nadenken. Als ze de rest van het land niet financieel op sleeptouw hoeven te nemen, dan gaat het economisch vanzelf goed met oost-Congo. Een partnerschap met Rwanda? Waarom niet? De buren hebben het immers goed voor elkaar. Zij hebben wél een overheid die de zaken strak in de hand kan houden. Rwanda een politiestaat? Nou, wat kun je beter hebben: orde en je mond moeten houden of wanorde en wetteloosheid en alsnog je mond moeten houden, aldus de voorstanders van de zogeheten 'Balkanisatie', de opdeling van Congo.

Dat je ook in Congo scherp in de gaten gehouden wordt en moet oppassen wat je in het openbaar zegt, ondervond ik afgelopen dagen. Tijdens mijn zoektocht voor Jean Claude Iyamuremye belandde ik in Kinshasa bij de Inlichtingendienst, de ANR. Ik wilde informatie hebben over een chef  die wellicht kon getuigen dat er door Rwanda al plannen waren gemaakt om Jean Claude te vermoorden, vlak na het bloedbad in Mbandaka (1997) waarbij 1300 mensen werden gedood. De chef had Jean Claude in bescherming genomen door hem op te sluiten in de gevangenis. Zo konden de Rwandezen niet bij hem komen.

Bij de ANR worden al je gegevens keurig met een balpen in een schrift geschreven. Dus ook je verblijfplaats, in mijn geval dus een hotel. Toen ik aan het einde van de dag met mijn fixer en een bevriende (hoge) militair (ja ja!) een biertje ging drinken, bleek dat ik werd geschaduwd. We waren namelijk nog niet gaan zitten of er kwam een man aan het tafeltje naast ons zitten. Hij zat vreselijk op te letten wat we deden. Natuurlijk had ik in het begin niets in de gaten. In Rwanda zou het me misschien zijn opgevallen, maar in Congo had ik -tikje naïef ik geef het toe- niet bedacht dat je ook gevolgd zou kunnen worden. Gelukkig had mijn militair wel direct in de gaten wat er aan de hand was en bracht het gesprek op koetjes en kalfjes. Toen onze glazen leeg raakten en een van ons aanstalten maakte om op te stappen, ondernam de man actie: hij bood ons een drankje aan. 'Om ons hier te houden', zo fluisterde mijn militair mij in het oor. 'Hij wacht op versterking.' Tien minuten later zaten er vier man aan het tafeltje.

Het bleek dat de man niet de enige was die op versterking wachtte, want mijn militair had inmiddels zijn vrouw gebeld met de vraag of ze ons op kon komen halen met de auto. We zouden dan een eindje gaan rijden, zodat ze niet meer wisten of en wanneer ik in het hotel teruggekeerd was. Helemaal begrijpen deed ik het niet, want als ze een mannetje bij het hotel hadden staan, dan wisten ze toch onmiddellijk dat ik terug in het hotel was? 

Maar goed, dociel als ik was volgde ik mijn militair met zijn vrouw en verbleef de volgende anderhalf uur in een supermarkt waar zij hun trouwfoto's lieten ontwikkelen. Hij in gala uniform, zij zwaar in het wit. Even dacht ik dat de hele actie bedoeld was om mij deelgenoot te maken van de bruiloft en hun pril geluk. Maar toen mijn militair zei dat ik beter van hotel kon veranderen de volgende dag, verging me even het lachen. Ook moest ik niet open doen als er op mijn deur werd geklopt: het zou kunnen dat ze me kwamen halen voor verhoor. Niet opendoen, maar mijn militair bellen, zo kreeg ik te horen. Ik knikte. Ik voelde geen enkele aandrang om voor wie dan ook de deur open te doen, zelfs niet als er op mijn vraag 'Wie is daar?' het antwoord 'George Clooney' zou komen.

De volgende ochtend bleek er een mannetje in de hal te zitten. Je schaduw, fluisterde mijn fixer, en hij nam stiekem een foto. Mijn militair zou mij einde ochtend, begin middag op komen halen, zo hadden wij afgesproken. Omdat hij me de volgende ochtend naar het vliegveld zou brengen, was het veel gemakkelijker om bij hem te blijven slapen dan van hotel te veranderen. Mijn militair liet lang op zich wachten en al die tijd zat ook het mannetje in de hotelhal. Bewegingloos. Ik sloop af en toe even de trappen af om te kijken naar de meneer die naar mij moest kijken.

Het liep allemaal met een sisser af, al moet ik zeggen dat de tocht naar het vliegveld en op het vliegveld zelf een waar genoegen was. Voor het eerst droeg mijn militair zijn uniform terwijl ik bij hem was. Overal sprongen mensen in de houding. Op het vliegveld werd voor ons ruim baan gemaakt en kregen wij overal voorrang, al moest ik wel mijn bagage zelf dragen. Mijn hoge militair mocht niet met mijn bagage slepen, dat is nou eenmaal protocol. Maar als tegenprestatie zette hij me keurig in de business lounge, waar ik snobby een kopje koffie dronk. Ik werd zelfs opgehaald met een apart busje toen mijn vliegtuig op het punt van vertrek stond. 

Nu dus weer in Goma, waar ik al sinds gisteren bezig ben met mevrouw KLM mijn terugreis te regelen. @zucht.

Een verslag van de zoektocht voor Jean Claude komt morgen op de site.


Zondag  30 november 2014

In Masisi hebben ze geen brug nodig vindt Nederland

De afgelopen drie dagen was ik in Masisi. De weg filmen van Sake tot Niabyondo die met behulp van Nederlands geld werd aangelegd. Een aantal borden langs de weg getuigen fier van dit feit, ondanks dat iemand van Buitenlandse Zaken mij onlangs van het tegendeel probeerde te overtuigen: 'Nee, nee, dat stuk tussen Sake en Masisi (zo'n 65 kilometer) dat was niet specifiek Nederlands geld, het stuk erna wel.' 

Ik kan over de weg maar één ding zeggen: SCHANDE! Jazeker, er zitten stukken tussen, vooral het eerste deel na Sake, maar er ontbreekt godbetert gewoon een brug over een rivier, waardoor een gewone auto nooit naar de overkant komt, en mensen op de rug van flinke jongens naar de overkant moeten. Wij, een land van dijkenbouwers en bruggenbouwers, bouwen niet eens een brug over een rivier. Ik hoor al weer allerlei protesten: 'Ligt niet aan ons, maar aan allemaal anderen en de veiligheidssituatie en de corruptie', maar het is een schande dat er al jaren GEEN BRUG -hoe provisoir ook- gemaakt is.

Er wordt gewerkt aan de weg, ja. Maar in hoeverre dat werkelijk helpt als er niet gedraineerd wordt en er geen afwatering plaatsvindt van al dat water dat door Masisi klotst, heeft dat niet zo heel veel zin. Wij moesten, vlak voor de rivier zonder brug, ons al glibberend een weg door menshoge modderbergen zoeken -onder het vriendelijke oog van allerlei machines die net deden of ze heel zwaar werk aan het verrichten waren. Alweer geen klus voor een gewoon skodaatje.

Elf kilometer voor het plaatsje Masisi (Masisi is een soort departement met als hoofdstad Masisi) begint de pret pas goed, bijna direct onder een bord waarin Nederland zichzelf op de borst slaat over de hulp aan de weg. (Sorry geen foto's genomen, was te druk met filmen en mezelf overeind te houden). Vanaf daar is het één grote modderpoel. 

We (ikzelf, mijn fixer, de chauffeur en twee kennissen die zichzelf hadden uitgenodigd) sliepen in de parochie van Masisi. Elke kerk hier runt ook een soort basis logement, met de pastoor als hotelier. Je kunt er eten en slapen en meestal is er 's avonds zo'n twee uur elektriciteit. Het is er veilig en het is er (meestal) schoon. 

Vrijdagavond barstte er boven Masisi een langdurige onweersbui los. Prachtige plaatjes gemaakt van Masisi in de regen. Maar hoe langer de stortbui duurde, hoe ongeruster chauffeur Remi naar de lucht keek. De weg heen was al lastig, laat staan als er zoveel regen was gevallen. Konden we nog door de rivier? Konden we nog door de modder?

De terugweg bleek een helse tocht. Daarover morgen meer.

Vandaag vlieg ik naar Kinshasa om onderzoek te gaan doen naar Jean Claude Iyamuremye die in de Zoetermeerse gevangenis zit te wachten tot de minister besluit of hij wel of niet uitgeleverd mag worden. Jean Claude heeft een gruwelijke massamoord gezien van het Rwandese leger in de Congelese plaats Mbandaka (provincie Equateur). Hij is een van de weinige nog levende ooggetuigen van die massamoord en Jean Claude is bang dat Rwanda daarom om zijn uitlevering heeft gevraagd. In Mbandaka zijn mensen die hem daar hebben gezien. Ik ga ze zoeken en hen vragen stellen. 

Woensdag 26 november 2014

Filmen in Goma is lastig. Dat was ik helemaal vergeten -een mens onthoudt liever de aangename zaken des levens- totdat een dronken politie-agent met een kalashnikov om de schouder mij een stomp tegen mijn arm gaf. Of ik maar dadelijk wilde ophouden met filmen. Ik was die ochtend de wijk ingetrokken met een stevig team: een chauffeur en drie stevige jongens. De chauffeur bewaakte in de auto mijn apparatuur tegen al te grijpgrage handjes en de drie stevige jongens stonden om mij heen als ik filmde. 

Dat moest wel, want de mensen in die achteraf gelegen wijk van Goma, zagen zelden een Mzungu en zeker geen filmende witte asperge. Iedereen wilde dan ook met zijn neus vooraan staan, en in ieder geval voor mijn neus, wat het filmen er niet eenvoudiger op maakte. Dat waren nog de aardige mensen. Er waren er ook veel die boos waren. Wat ik dacht dat ik wel niet kwam doen in hun wijk? Geld wilden ze zien. Veel dollars. En als ze dat niet kregen, zwaaiden ze boos met hun vuisten. Dat was ik allemaal wel gewend. Maar een stomdronken agent met een geladen kalshnikov? Dat was andere koek. Ook mijn drie stevige jongens waren de eerste ogenblikken uit het veld geslagen, maar legden uit dat ik toestemming had van de minister zelf.

De dronken agent was -natuurlijk- voor geen rede vatbaar. Hier was hij de wet, niet de minister. De meute liet zich opzwepen door de agent en begon steeds dichterbij te komen. Toen ik besloot me om te draaien en weg te lopen, werd ik vastgehouden. Ik moest met de agent mee, vonden de wijkbewoners. Dat was ik natuurlijk in het geheel niet van plan. Een van mijn stevige jongens had inmiddels een andere agent -geheel nuchter- erbij gehaald. Daarna was de rust snel weergekeerd. Niet ik ging in het cachot, maar de dronken agent.

Dat het incident me meer had aangegrepen dan ik dacht, realiseerde ik me pas, toen ik bij thuiskomst zag dat ik de eerste tien takes erna weg kon gooien. Ik had elke keer de camera uitgezet als ik dacht dat ik hem aanzette en omgekeerd. Ik zag dus in tien takes mijn voeten naar steeds een andere plek wandelen.

Diezelfde ochtend besloot ik in alle wijsheid ook bij de haven te willen filmen. Bij de zevende instantie die mijn paspoortkopie en accreditatie wilde zien, de havenautoriteiten (ik was al langs geweest bij douane, politie, marine, veiligheidsdienst, belastingkantoor, en een kantoortje dat ik niet thuis kon brengen) , kreeg ik ruzie. Ze namen geen genoegen met de kopie van mijn paspoort. Boos vertelde ik dat ik niet in Goma rondliep m,et mijn echte paspoort, veel te gevaarlijk. Dat had ik niet moeten zeggen, de meneer -achter een groot bord eten- was in zijn Congolese eer aangetast en dreigde me -alweer- te arresteren als ik ging filmen. Ik besloot zoete broodjes te bakken en zei dat ik nergens met mijn paspoort in mijn  zak liep, zeker niet in Nederland, want ook daar werd gestolen. Dat vond de meneer leuk, vroeg om excuses, ik boog nederig het hoofd en gaf ze, en mocht daarna aan de slag.

Toen ik jongens filmde die zakken aan het vullen waren met aardappelen, voelde ik opeens dingen tegen mijn benen, armen en buik. Sommigeaardappelzakvullers wilden niet gefilmd worden en waren -buiten mijn beeld- aardappelen naar me aan het gooien. Toen dat geen effect had, kwamen ze naar me toe gerend. Mijn escorte was inmiddels geslonken tot een enkele stevige jongen en die kon weinig anders doen dan me bij de hand nemen voor een tactische terugtocht.

Inmiddels is er waarschijnlijk weer een verandering van het programma. Wellicht kan ik -dankzij een aantal gulle gevers- aanstaande maandag naar een plaats een paar honderd kilometer van Kinshasa, om daar onderzoek te doen voor een Rwandees dossier. Let wel, het is dus niet voor mezelf, of voor een medium dat ik daar naar toe ga, maar voor een van de advocaten. Die heeft ook de geldinzamelingsactie voor me op poten gezet. Het is overigens een niet ongevaarlijke tocht: ik moet maar liefst vier keer plaatsnemen in een vliegtuigje van CAA, een maatschappij met een historisch slechte reputatie. Het staat dan ook op de zwarte lijst. Het is ook een lange reis: heen en terug naar Goma duurt maar liefst vijf dagen.



Donderdag 20 november 2014

Armoede heeft onvermoede consequenties. Zo filmde ik gisteren een chukudeur. Een jongeman, zoals er honderden in Goma rondlopen, met een houten step die voor een halve of hele dollar vrachtjes wegbrengen. Ze staan laag op de sociale ladder, zijn vaak ongeletterd en verdienen net genoeg om zichzelf en hun gezin in leven te houden. Natuurlijk wilde ik alles filmen van de Chukudeur, dus niet alleen hoe hij zijn vrachtjes afleverde, maar ook hoe hij 's morgens opstond, wat hij (niet) at voor zijn ontbijt, hoe hij speelde met zijn zes maanden oude baby.

De chukudeur en mijn Congolese fixer staken verschrikt de hoofden bij elkaar toen ze hoorden dat ik mee naar zijn huis wilde, en begonnen op fluistertoon in Swahili met elkaar te praten. Even later kwam mijn fixer naar me toe en begon eveneens op fluistertoon tegen me te praten. We stonden buiten op straat, vanuit een luidspreker kwam keiharde Afrikaanse disco en op het kruispunt 100 meter verder werd aan een stuk door getoeterd. Zijn gefluister was dus absoluut aan dovemansoren gericht.

Toen wij een rustig hoekje hadden gevonden, vertelde hij dat het onmogelijk was de Chukudeur thuis te bezoeken. Iedereen in zijn wijk zou weten dat er een blanke journalist  bij hem thuis was geweest en iedereen in zijn wijk zou denken dat hij grof geld betaald had gekregen voor zijn rol in mijn film. En dus zou hij vast en zeker op een nacht bezoek krijgen van jaloerse buren, die een deel van het geld -zo niet alles- kwamen opeisen. 

Dat doet dus absolute armoede met je. Het maakt dat je je niet kan onderscheiden van je buren of je collega's, want dan word je een kopje kleiner gemaakt. Weg met dat hoofd twee centimeter boven het maaigras, weg met die twee extra dollar. 

Dat ik niet thuis kon filmen was een lelijke streep door de rekening. Want hadden we daar de Chukudeur nou juist niet op uitgezocht de vorige dag? Hij moest een beetje binnen de stadsgrenzen van Goma wonen, anders was het onmogelijk om er in de vroege ochtend te komen met een motor-taxi. Maar ik wilde de jongen niet in de problemen brengen, dus ik drong niet aan. Misschien zouden andere filmers dat wel gedaan hebben, maar ik wilde niet op mijn geweten hebben dat zijn familie iets werd aangedaan. 

De Chukudeur vertelde later op de dag, dat ook zijn collega's jaloers op hem waren. Ze vonden dat zij ook recht hadden op een beetje geld, waren zij ook niet gefilmd? Hij was bang dat hij voorlopig geen werk meer zou krijgen. Dat zijn collega's daar wel voor zouden zorgen, het pesten was al begonnen. Daarvoor hield ik me doof; ik kreeg het idee dat hier werd gerefereerd aan toekomstige loonderving die ik zou moeten goedmaken. Maar dat waren we niet overeengekomen. Hij zou krijgen wat was afgesproken, niet meer.

De Chukudeur filmen tijdens zijn werk was overigens niet een onverdeeld plezier. Mensen op straat werden boos dat ik de jongen filmde, anderen begonnen te schreeuwen dat ik geld moest geven. Op een uitlaadplaats werden de mensen echt boos en begonnen met stenen te gooien, toen ze in de gaten kregen dat ik echt niets wilde betalen. Mijn fixer had er een hele dobber aan om iedereen te kalmeren en uit te leggen dat ik geen rijke Westerse journalist was, maar een zeer armlastige. Ondertussen liep hij al kalmerend en uitleggend steeds door mijn beeld -ook al had ik eerst vriendelijk, later boos- gezegd dat hij toch echt achter mijn rug moest blijven, waar ik ook was.

Gelukkig was Byombe er ook bij: een stevige dertiger die zich opwerpt als mijn bodyguard als dat nodig is. Hij was steeds naast me te vinden en pakte mijn arm als ik achteruitlopend moest filmen. Het was Byombe die de Chukudeur had gevonden: ze hadden namelijk een standplaats pal naast zijn Winkel van Sinkel.

Vandaag ga ik door met het filmen van Amani, de chukudeur. Amani betekent vrede. In dit gebied waar al twintig jaar geen spatje vrede te bekennen is, heet daarom elke zichzelf respecterende kapperszaak, restaurant, boekhandel, kruidenier 'Amani' en is er in elk gezin wel een 'Amani' te vinden. Een andere populaire naam is Pacifique.

Voorlopig regent het pijpenstelen …….



Maandag 17 november 2014

Internationale hulporganisaties doen vooral aan zelfbevrediging?

'Begrijpt u het? Ik vraag 120 internationale hulporganisaties om duidelijk te maken wat hun totale budget is, hoeveel er wordt besteed aan huisvesting en salarissen voor de expats. Hoeveel er beschikbaar is voor de projecten en aan hoeveel lokale mensen ze werk bieden. Wat denkt u? 12 organisaties hebben geantwoord. Ik word er moedeloos van.'

Aan het woord is de gedeputeerde (provinciale minister) Marie Shematsi Baeni van Planning en Budget. Ze probeert al een aantal maanden lang grip te krijgen op de internationale hulporganisaties, zodat er beter kan worden samengewerkt. 'Wij zijn de wereldhoofdstad van internationale hulporganisaties, maar we hebben geen idee wat ze allemaal doen. We hebben ze uitgenodigd voor overleg, ze komen niet. We hebben formulieren uitgedeeld, die worden niet ingevuld. Het is duidelijk, de hulporganisaties negeren ons. Terwijl ze hier zijn om ons te helpen. Tenminste dat zeggen ze. Wij hebben het idee dat ze vooral hier in het gebied zitten om zichzelf te helpen.'

De minister verwoordt wat veel Congolezen vinden. De hulporganisaties dragen uiteindelijk niet veel bij aan een structurele verandering in het gebied. Noodhulp daar heeft niemand problemen mee. Dat moet gegeven worden als de situatie nijpend is. 'Maar we hebben eigenlijk niet veel zien veranderen de afgelopen jaren', zegt de minister. We vragen ons werkelijk af wat ze hier komen doen.'

Toegegeven, structurele hulp is lastig in een gebied waar het zwaartepunt van de macht ligt bij steeds weer wisselende rebellen, en waar constant wordt gevochten. En om nou te zeggen dat de Congolese autoriteiten een betrouwbare en efficiënte partner zijn … Maar op dit moment lijken de hulporganisaties volledig met hun rug naar de Congolese autoriteiten te staan. 

De minister is vastbesloten: 'Volgende week komt er een lijst met organisaties die wel met ons willen samenwerken en die wel openheid van zaken geven. Wij zullen tegen iedereen zeggen: wil je geld geven, geef dan aan deze 'beste partners van Noord-Kivu'. De anderen kunnen we niet wegjagen, maar we zullen ze niet aanbevelen.'

'Wat hier echt moet gebeuren? Ieder dorp moet elektriciteit, een school en een gezondheidscentrum hebben. Verder is de werkloosheid natuurlijk zeer hoog. Ook daaraan kunnen de hulporganisaties een bijdrage leveren, door zoveel mogelijk lokale bewoners aan het werk te zetten.'

Deze week ga ik voor het tegengeluid maar eens langs wat grote hulporganisaties.

secretariaatminister.jpg

Secretariaat minister Planning en Budget Noord-Kivu


Zaterdag 15 november 2014

Soms zit het mee en …. SOMS ZIT HET TEGEN

Mijn rebellenleider vindt het nog steeds niet veilig om te komen. Er is nog een tegenslag bijgekomen: de weg naar hem toe is vanaf een bepaald dorp volstrekt onbegaanbaar. Het is notabene een weg die met Nederlands geld verbeterd zou moeten zijn, maar het afgelopen jaar is er blijkbaar geen steen verzet. Zelfs voor stevige 4x4's zou de weg niet te doen zijn. Ik hou me even bij mijn journalistieke adagium om positief te blijven: een bron is geen bron, maar ben ondertussen al wel koortsachtig bezig met plan B, waarover een volgende keer meer.

Donderdagnacht stierf de schoonvader van mijn contact met de rebellenleider. En dus kon ook het programma dat we samen hadden uitgestippeld in afwachting van een mogelijk vertrek richting mijn rebellenleider, niet doorgaan. Ook daarvoor had ik plan B. Gisteren was ik de ambassadeur van The Hague Peace Projects (THPP), de nieuwe organisatie van mensenrechtenactivist Sylvestre Bwira en zijn Nederlandse vrienden. Ik was dus op stap om de banden met THPP en Noord-Kivu te verstevigen. In dat kader liet ik visitekaartjes achter bij de burgemeester, de gouverneur, de staatsmijnen, een mijnwerkerscooperatie en twee provinciale ministers, bij ons gedeputeerden geheten.

Vandaag heb ik waarschijnlijk al een afspraak met de twee ministers. Dat was makkelijk geregeld. Eén van hen maakt deel uit van het netwerk dat mij altijd hartelijk ontvangt, de andere minister is de grote zus van mijn fixer. 

Vandaag dus blijmoedig werken aan allerlei plannen B. 

En oh ja, gisteren kwam ik er ook achter -vrij laat toegegeven- waarom Goma zoveel vuiler lijkt dan andere Sub-sahara landen: de grond is zwart in plaats van rood. 


Vrijdag 14 november 2014

Wel weer even wennen na dat keurig aangeharkte, ordelijke Kigali. Zelfs in de wijken waar geen water en elektra zijn, ziet het er daar netjes uit in vergelijking met Goma waar overal zwerfvuil ligt, het zand van de wegen hoog opstuift, waar je altijd struikelt over lavabrokken en waar de meeste gebouwen zwart van het vuil, ellendig in elkaar kruipen. Had ik problemen verwacht bij de Rwandese douane, ik kreeg ze bij de ambtelijke Congolese collega's. Die wilden me niet doorlaten zonder een kopie van mijn accreditatie als journalist. Hoe ik ook uitlegde dat ik nog geen origineel had, omdat de accreditatie mij per mail was toegezonden, ze knikten, maar hielden voet bij stuk. Ze waren niet gek, ze wisten ook wel dat je zo'n email kon uitprinten.

Dus wandelde ik heet, bezweet én kokend van woede van de grens naar mijn hotel. De stevige jongens waar ik bevreesd voor was geweest, keken met open mond toe. Dat was wel weer een geluk bij een ongeluk. 

De jongens van de receptie begroetten mij hartelijk, vertelden me dat ik toch echt zeer leek op een Nederlandse voetbaltrainer, wist ik zeker dat ik geen familie was?- en printten mijn accreditatie. Vervolgens kreeg ik een uitzichtloze bezemkast toegewezen zonder internet, maar dat is weer een heel ander verhaal.

Mijn rebellenleider wil even niet dat ik naar hem toe kom. Hij is aan het vechten en kan mijn veiligheid niet garanderen. Enerzijds jammer dat ik er nu niet ben, anderzijds ben ik blij dat hij zich serieus om mijn hachje bekommert. Dat biedt perspectief voor de toekomst. 

Dus ben ik nu bezig het programma uit te voeren van degene die mijn contact is naar mijn rebellenleider. Voor wat hoort wat. Dus bezocht ik gisteren een landbouw hogeschool. 400 studenten, 40 docenten (studenten van de universiteit) en geen stuiver te makken. Er is 1 gammele computer voor de administratie. Er zijn geen boeken, er is geen lesmateriaal. Ik beloofde de studenten te kijken wat ik voor ze kon doen, maar dan moesten ze mij allemaal mailen met hun persoonlijk verhaal: hoe leeft een student in Goma.

Vanavond wordt er in 400 families over jouw visite gesproken, zei de directeur trots. Jouw komst levert meer aanzien en wellicht meer inschrijvingen. Dat had ik me absoluut niet gerealiseerd. Het voelt bijzonder ongemakkelijk. Vanwege de kleur van je huid word je belangrijk gevonden. Neo-kolonialisme gestimuleerd door de bevolking zelf. Natuurlijk is het ook een gevolg van de manier waarop het blanke westen met de Afrikaanse landen omgaat. Paternalistisch, betweterig en met de geldzak rammelend. 

Vandaag ga ik voor mijn contact een rondje doen langs verschillende lokale hulporganisaties die zelf allemaal behoefte hebben aan een financieel infuus waarschijnlijk. Dat is wel een beetje moemakend: al die mensen die verwachten dat met jou de zilvervloot komt binnenvaren. Ik zeg altijd: wat heb je zelf te bieden als tegenprestatie. Dan wordt er meestal verschrikt opgekeken. Tegenprestatie? Hulp is toch: wij krijgen, jullie geven.

Dan leg ik uit dat iedereen er beter van wordt als een relatie gebaseerd is op gelijkheid. Dat iedereen wat te bieden heeft, dat je soms alleen even goed moet zoeken. Nu ik dat zo opschrijf realiseer ik me dat dit natuurlijk ook weer paternalistisch is. 'Wij weten het beter dan jullie.' 

Morgen ga ik naar jongens in de heuvels van Masisi. Zij werden door mijn legerleider naar een speciaal kamp gestuurd om een beetje bij te komen. Ze waren te zwak om te vechten. Ik ben heel benieuwd wat ik daar aantref.


Maandag 10 november 2014

BRANDPUNT

Het liefst zou ik het trots overal willen melden: jongens, die uitzending van Brandpunt, daar eh, daar eh, heb ik een grote bijdrage aan geleverd. De vraag is of dat verstandig is. Want gisteren, toen ik voorzichtigjes bij Twitter in het Engels iets meldde over de uitzending, kreeg ik direct vragen van Rwandese Rwandezen met de vraag welke uitzending, waar, wanneer. De documentaire van de BBC zit nog vers in het geheugen.

Maar je naam werd toch genoemd? En je schrijft het nu hier, dus het wordt echt wel bekend, zult u zeggen. Dat geloof ik ook wel. Maar er is toch een verschil met overal op Twitter en Facebook met een rooie vlag gaan zwaaien, of het hier, in dat hele kleine hoekje van internet melden. Mijn naam op de aftiteling is iedereen al lang weer vergeten. 

Leuk is het wel je eigen beelden terug te zien in een met zorg gemaakte reportage die werkelijk recht deed aan het onderwerp. Natuurlijk, ik ben bevooroordeeld, maar het is knap van de jongens en meisjes van Brandpunt om in de weinige tijd, toch veel aspecten te laten zien. Wie het nog niet heeft gezien:

Hier kun je de uitzending terugkijken.

Morgen ga ik naar Goma. De eerste week is er om de voorbereidingen te treffen voor de trektocht met de rebellenleider. Van een nuttig lijstje 'Wat mee te nemen', tot een hoop ik slimme vragenlijst en een uitputtende shotlist (lijst van alle beelden die je wilt schieten). Soms is mijn leven niet anders dan dat van mijn vader de boekhouder. Hij maakte tijdens zijn werkzame leven, ook altijd lijstjes en ging daar nog heel lang mee door, totdat zijn hoofd niet meer wist wat een lijstje ook weer was en wat je er mee kon doen.

De tocht van Kigali naar Goma is een makkie als je over geld beschikt. Dan huur je voor 100 dollar een taxi en laat je bij de grote grensovergang brengen. Voor arme freelancers zoals ik met heel veel bagage wordt de tocht iets ingewikkelder. Vandaag twee tickets halen bij het grote busstation Nyabugogo; een ticket voor mij, een ticket voor mijn bagage en een taxi reserveren om mij en mijn fixer Jeanne naar het busstation te brengen. Ik heb Jeanne als hulptroep ingeschakeld, zodat ik niet verzuip in dat overvolle, drukke busstation morgen, met al die bagage. 

De busrit is een makkie, zeker nu ik geen dubbeldikke dame of heer naast me krijg (alhoewel, je weet het nooit). Maar als ik in Gisenyi kom is het aanpoten. Dan moet ik weer een taxi zien te krijgen, mijn bagage over de grens zeulen, en dan lopend naar het hotel. Dat is niet ver, enkele honderden meters hooguit, maar wel listig omdat daar nogal wat potige geldwisselaars en andere uit de kluiten gewassen heren, goed in de gaten houden of er nog lekkere kluiven voorbij komen. Ik ben zo'n vette kluif, maar ik geloof niet dat ze een Mzungu (witte asperge) op klaarlichte dag van al haar spullen zullen beroven. Laat ik het anders zeggen: ik hoop het.


Zaterdag 8 november 2014

Kafka in Kigali

Ik geef toe, ik had wel iets meer kunnen schrijven op dit blog deze week. Maar omdat er verschillende dingen waren waarover ik mijn mond moest houden, vond ik het lastig te vertellen waar ik mee bezig was. 

Ben overigens deze week vriendelijk ontvangen door de ambassadeur voor een achtergrondgesprek over de Individuele ambtsberichten en de hele bestuursprocedure rondom de Rwandezen die van genocide zijn beschuldigd. Het was een open gesprek waarin we allebei onze zorgen konden uiten. Maar goed, een ambassadeur is van professie diplomaat en ik ben journalist. Onze belangen lopen dus niet altijd helemaal parallel 'to put it mildly'.

Om de ambassadeur niet met een kleinigheid lastig te vallen, bedacht ik dat ik zelf wel om een bewijs van Nederlanderschap zou kunnen vragen. De vorige keer had ze het samen met een ambassademedewerker in 'no time' voor me geregeld. Dus toen het hoofd van het Rwandese gevangeniswezen vertelde dat hij een geboortebewijs nodig had, herhaalde ik dat gedachteloos tegen het aardige meisje achter het loket van de Nederlandse ambassade. Die keek verschrikt op een lijstje en vertelde me dat de ambassade dat niet kon leveren. 

Onzin, riep ik geërgerd. De vorige keer kon het ook, dus nu moet het ook kunnen. Het meisje knikte vriendelijk, nam mijn paspoort, maakte een kopie en zei dat de attachee wel contact met me zou opnemen. De volgende middag kreeg ik een mailtje dat de ambassade inderdaad niet voor een geboortebewijs zou kunnen zorgen. Dat moest ik bij Buitenlandse Zaken aanvragen. Er stond keurig een emailadres bij.

De mevrouw van Buitenlandse Zaken was heel beslist. Nee hoor, bij hen ging dat niet. Dat moest ik toch echt bij de gemeente aanvragen waar ik was geboren. Ik keek op de internet site van de gemeente, zag dat ik een digiD nodig had of anders dat ik een BRIEF moest sturen. Dat was het moment waarop ik een 'HELP alsjeblieft' naar de ambassadeur stuurde. Ze reageerde direct en schreef fijntjes of ik niet in de war was met een bewijs van Nederlanderschap?

Natuurlijk! Dat was het! Warhoofd dat ik was. Ik ging dus door het stof bij BuZa en het meisje van de Nederlandse ambassade. BuZa reageerde onmiddellijk met een mail waarin stond wat er nodig was: een kopie paspoort, kopie visum, een betalingsbewijs van de leges én de reden waarom ik het bewijs van Nederlanderschap nodig had. 

Echtgenoot in Nederland verzorgde de betaling, stuurde het bewijs en de volgende ochtend mailde ik alles naar BuZa. Leve de elektronische snelweg. Heel snel kreeg ik een mailtje terug. 

Tja, dat was niet de bedoeling. Een bewijs van Nederlanderschap werd alleen in bepaalde gevallen gegeven, en daar hoorde een bezoek aan een gevangene in een Rwandese gevangenis niet bij. De ambassade in Kigali moest het maar oplossen als ze het al eerder hadden gedaan. En dus stond ik een uurtje later weer voor het loket bij de ambassade. Ah ja, men wist er van, maar eh, hoe dat nu precies moest worden opgelost …? Maar ze maakten een kopie van mijn paspoort en visum, vroegen om het betalingsbewijs en sindsdien is het stil. Ik ga er van uit dat geen bericht een goed bericht betekent.

Toch zijn deze perikelen nog niets vergeleken bij het verkrijgen van een EXTRAIT CAISSER JUDICIAIRE. Dit is een document waarmee je als 'onschuldig' wordt aangemerkt tijdens de genocide. De een zegt dat je het persoonlijk in Rwanda moet ophalen, een ander zegt dat je je kunt laten vertegenwoordigen en weer een ander zegt dat je ook naar de Rwandese ambassade in Den Haag kunt gaan. De Rwandese ambassade zegt dat ze nergens van weten. Gisteren ging ik in Kigali langs de burelen van de procureurs. 

Eerst stuurden ze me naar het bureau waar het document werd afgegeven. Er stonden, ik overdrijf echt niet, zo'n honderd mensen op een paar vierkante meter. Daar ging ik echt niet op wachten! 

Uiteindelijk wist men mij te vertellen dat Rwandezen in Nederland, toch echt bij de Rwandese ambassade in Den Haag moesten zijn. Liefst natuurlijk in eigen persoon, maar als dat niet ging, dan kon een gemachtigde ook dat document opvragen. Hoe dat moet als de Rwandese ambassade nergens van wist, konden ze me ook niet vertellen. 

Nou, ik wel hoor: de Rwandese ambassade kan gewoon contact opnemen met de National Public Prosecution Authority, meneer Richard Muhumuza is daarvan het hoofd en Meneer Mutangana is het hoofd van de international Crimes unit. Mobiele nummers bij mij te verkrijgen. Hun website: http://nppa.gov.rw/ikaze/, email: info@nppa.gov.rw 

Zaterdag 1 november 2014

De gevaarlijke padvinders van de IND

Gisteravond belde iemand me bijna huilend op. Het hoger beroep was door de Raad van State afgewezen en dat betekende dat uitzetting dichtbij was. En nee, het was niet de Rwandees die met uitzetting wordt bedreigd die belde, maar een goede vriend van hem. Een blanke, hoogopgeleide meneer die bijna huilde van onmacht en woede. Die zich schaamde voor de rechtspraak in eigen land, die zich schaamde voor de armzalige manier waarop de Raad van State, zonder ook maar enige inhoudelijke weging, het hoger beroep had afgewezen.

Ook in deze zaak speelde het Individuele Ambtsbericht, dat gemaakt wordt door ambassade en het ministerie van Buitenlandse zaken, een negatieve hoofdrol. De verdediging had de onderliggende stukken opgevraagd voor het hoger beroep, maar dat slechts gedeeltelijk verkregen. Ik citeer uit de uitspraak: “De afdeling heeft (…)  beslist dat gewichtige redenen deze beperking van de kennisneming rechtvaardigen.”

In de uitspraak neemt Raad van State niet eens de moeite om uit te leggen wat die gewichtige redenen zijn. In nog geen twee kantjes wordt het leven in Nederland definitief onmogelijk gemaakt. Nederland wil geen thuisland zijn van enge massamoordenaars, zo is de officiele lezing van het ministerie van Justitie.

Maar de kans is groot dat deze meneer helemaal geen massamoordenaar is. Opnieuw kreeg ik gisteren uit betrouwbare bron bevestigd dat tien dossiers die nu in procedure zijn, volstrekt niet interessant zijn voor Rwanda. Ze kennen de mensen niet. Ze hebben geen belangstelling voor ze. Rwanda heeft geen enkele aanwijzing dat deze door de IND-beschuldigden, ook maar iets met de genocide hebben te maken.

Kijk maar wat er gebeurde met Jean Gervais Munyaneza, de eerste Rwandees die werd uitgezet, een paar weken geleden. Toen hij op het vliegveld van Kigali arriveerde, wist niemand van zijn komst en wilden ze hem eerst niet binnenlaten. Hij leeft nu frank en vrij in Rwanda, al is hij doodsbenauwd dat hij elk moment opgepakt kan worden. Maar ook over Munyaneza is niets bekend in Rwanda, zo hoorde ik uit betrouwbare bron. Rwanda wist niet eens dat hij wegens genocide ons land werd uitgezet.

Dus waar laat dat die overijverige IND, die rammelende rapportjes bij elkaar scharrelt en dankbaar citeert uit volstrekt onbetrouwbare Individuele Ambtsberichten?

Ze moet zich de ogen uit het hoofd schamen. De afdeling 1F verwoest levens van complete families, met bij elkaar geraapt, vooringenomen bewijs en anonieme getuigen die niemand kent.

Deze week sprak ik met iemand die veel ervaring heeft op onderzoeksgebied en verhoortechnieken. Hij vertelde dat juist in dit soort situaties gedegen onderzoek en speciale verhoortechnieken gebruikt moeten worden om de waarheid zo goed mogelijk boven tafel te krijgen. Getuigen moeten vooraf goed worden geinstrueerd, er moet een goede tolk zijn, de omstandigheden van het verhoor moeten zoveel mogelijk gecontroleerd zijn én je moet er beducht op zijn dat getuigen van te voren zijn gemanipuleerd.

Bij de Individuele Ambtsberichten gebeurt precies het tegenovergestelde. De ambassade stuurt een vertrouwenspersoon op pad, die gezellig in de wijk vragen gaat stellen over een bepaalde persoon. Wie Rwanda kent, weet dat je dit NOOIT onopgemerkt kunt doen. De vertrouwenspersoon komt dus in een vreemde wijk, in een situatie die hij niet beheerst. Hij spreekt met getuigen waarvan hij de achtergrond niet of nauwelijks kent en die door niemand in Nederland of de Nederlandse ambassade worden gecontroleerd.

En op basis van dit soort ‘onderzoeken’, ik zet het woord expres tussen aanhalingstekens, wordt straks weer een andere Rwandees uitgezet.

Toch zullen de padvinders van de afdeling 1F goed slapen. Voor hen bestaat de wereld uit een simpel wit en zwart. Zij zijn wit en goed, de mensen van hun dossiers zwart, jokkebrokken, profiteurs en massamoordenaars. ‘Dip dip dip, dop dop dop dop. Akela wij doen ons best.’

Ik heb gisteren de IND gevraagd of het geen tijd wordt zelf nog eens goed naar de eigen dossiers te kijken en alle procedures op te schorten, nu Rwanda overduidelijk geen belangstelling heeft voor hun ‘massamoordenaars’. De kans is groot dat ik als antwoord krijg dat ze daar geen antwoord op kunnen geven, omdat die informatie de banden met Rwanda zou kunnen schaden.

Met de onverschilligheid van Rwanda tegenover de mensen die worden uitgezet, is dat natuurlijk een smoes die niet meer te gebruiken valt.

Donderdag 30 oktober 2014

Geen grond om van te eten

Een half jaar geleden betoogde ik in de Volkskrant het gevaar van de economische groei van Rwanda. Dankzij de economische groei, leven mensen langer en de bevolking van Rwanda groeit zo snel dat het aantal mensen per vierkante kilometer in 2050 zo ongeveer zal zijn verdubbeld. 

Negentig procent van de Rwandezen woont op het platteland en zij moeten met steeds meer mensen, dezelfde hoeveelheid grond delen. Het lapje grond waarvan ze leven, wordt dus steeds kleiner. De meeste mensen op het platteland hebben minder dan een halve hectare grond, daarvan kunnen ze niet leven. Dat wordt dus in de toekomst alleen maar erger. Lenen om de grond moderner en intensiever te bewerken, behoort niet tot de mogelijkheden, zo staat te lezen in een artikel van de New Times vandaag.

Er is nog een andere trend die de kleine boer bedreigt: dat zijn de grote, geïndustrialiseerde bedrijven. Ze hebben geld om grond te kopen, machines om het land te bewerken en natuurlijk goede relaties met de mensen die er toe doen. 

Het gebrek aan grond, vooruitzichten en de armoede op het platteland zouden wel eens een groter gevaar kunnen blijken dan de Hutu-Tutsi-verhoudingen of de politieke tegenstanders van het regime, waar ook ter wereld. 

Ondertussen schermt de president met een referendum over een grondwetswijziging. Die moet een derde termijn voor president Paul Kagame mogelijk maken. Iedere Rwandees weet dat het referendum een toneelstukje is voor de internationale wereld. Zodat de president kan zeggen: Kijk eens 93 procent van mijn volk staat achter een wijziging. De internationale wereld weet ook donders goed wat er aan de hand is, maar accepteert het toneelstukje: er is immers geen alternatief. Rwandezen zelf zullen ook niet snel hun vinger opsteken om zich kandidaat te stellen; de kans dat je een ongeluk krijgt is erg groot. 

Hoe de komende dagen eruit gaan zien? Ik heb nog geen idee. Mijn programma is grotendeels van anderen afhankelijk, en hoewel ik zoveel mogelijk mijn eigen plan probeer te trekken, heeft dat natuurlijk zijn grenzen. 

Zo komt onze minister van Ontwikkelingssamenwerking naar Rwanda van 10 tot 13 november. Het zou leuk zijn haar een beetje te volgen tijdens het bezoek, maar aan de andere kant weet ik dat het volgen van VIPS weinig nieuwe inzichten oplevert.

Verder is het wachten op een tv-ploeg die maar geen toestemming krijgt om Rwanda in te komen. Niet verwonderlijk na alle BBC-gedoe. Achter de schermen wordt hard gepraat om ze toch hier naar toe te krijgen, zo is me verzekerd, maar ook dat betekent dat het indelen van mijn tijd lastig is. 


Woensdag 29 oktober 2014

Wat zou u doen met 20 miljoen?

Zit je even een dag op een vliegveld zonder internet, blijkt juist die dag 'onze vrouw in Kigali' 20 miljoen euro te hebben gegeven aan Rwanda voor de justitiële sector. Over vier jaar, dat wel. Gezien de manier waarop Nederland een heksenjacht houdt op Rwandezen in ons land, de onbetrouwbare persoonlijke rapporten (Individuele Ambtsberichten) die door de Nederlandse ambassade en Buitenlandse zaken worden gecomponeerd en de partijdige vooringenomen, manier waarop de Nederlandse Immigratie- en Naturalisatiedienst haar dossiers in elkaar knutselt, lijkt me dat die steun beter eerst even naar Nederland kan gaan. Ons justitiële systeem heeft dringend behoefte aan een organisatorische kwaliteitsslag als het om de 1F-dossiers en persoonlijke rapporten gaat. 

Dat geldt des te meer omdat de mensen die door de IND beschuldigd worden van genocide in het bestuursrecht terecht komen. Daar ben je schuldig en moet je zelf maar zien te bewijzen dat je onschuldig bent. De omgekeerde wereld. Nederland vraagt Rwanda om transparantie, maar zou die transparantie zelf moeten geven. Het kost ongelofelijk veel moeite om informatie over dit onderwerp bij de ministeries van Justitie en Buitenlandse Zaken te krijgen.

Gisteren in record tempo mijn accreditatie gekregen. Het meisje liet me (onbewust) het proces op de voet volgen. Net als de Nederlandse Individuele Ambtsberichten, worden de journalisten niet gechecked. In ieder geval niet bij uitgifte van accreditatie. Het meisje nam braaf mijn kopieën van paspoort, visum en paspoort in ontvangst, net als de handgeschreven, ter plekke in elkaar geflanste brief waarin ik om accreditatie vroeg, vertrok geen spier toen ik mijn twee lelijkste pasfoto's overhandigde en gaf me met een lach het adres van het dichtstbijzijnde belastingkantoor waar ik de vijftig dollar die de accreditatie kost, kon afgeven. Dat kantoor lag 20 minuten met een motortaxi, naast het grote busstation in de wijk Nyabugogo. 

Toen ik haar het betaalbewijs overhandigde, zei ze 'drie minuten' en ging ze achter in het kantoor aan de slag met een machine die de pasjes maakt. Het ging niet naar haar zin en dus duurde het even, maar nog voor de lunch had ik het tastbare bewijs van mijn accreditatie om mijn nek. Geen enkele check naar mijn achtergrond zo leek het.

Dat is dus het dubbele van Rwanda. Aan de ene kant geven ze me geen visum, terwijl ze aan de andere kant geen (merkbare) moeite doen om me het werken in Rwanda te verhinderen. 

Gisteren sprak ik wat vrienden. Een vriend geeft hoog op van de ontwikkelingen in Rwanda. Een ander moppert over de achterstelling van het platteland waar 80 procent van de bevolking woont. En weer een ander vertelt over bushokjes. Dat er bij elk bushokje spionnen van het regime staan. Ik moest er eerst hartelijk om lachen. Dat Rwanda gecontroleerd wordt, dat weet ieder kind. Maar spionnen bij bushokjes, dat gaat wel erg ver. Hij hield echter voet bij stuk en zijn verhaal kreeg bijval van anderen. Blijkbaar zijn er op elke publieke plaats spionnen van de regering. Proost!

Oh ja, en het gerucht gaat dat de 20 miljoen onder meer gebruikt wordt voor de bouw van een aan de internationale eisen voldoende gerechtsgebouw in Nyanza waar 'onze' Rwandezen zullen worden berecht. Ze zullen op het ministerie van Justitie in Rwanda wel een flesje bubbels hebben opengetrokken afgelopen maandag. Nogmaals, proost!


Dinsdag 28 oktober 2014

En dan zit je weer in Kigali te ontbijten. Zonnetje schijnt en kleine Jan Smit (!) schalt door de eetzaal. Wat wil een mens nog meer. Na mijn ervaringen dit voorjaar had ik alle vertrouwen om toegelaten te worden en dat bleek ook; zonder ook maar een brom te geven, accepteerde de Rwandese computer mijn komst. De enige plek waar ze zenuwachtig van me werden was notabene op Schiphol. Daar werden ze helemaal bleek boven hun blauwe mantelpakjes toen ze merkten dat ik voor Kenia geen visum had. Ik moest naar een speciale balie, waar een speciale mevrouw, in een speciale computer keek en mij toen heel speciaal toestemming verleende toch in het vliegtuig te stappen.

In Nairobi volgde ik het ritueel van de vorige keer, want mijn bagage zorgeloos direct naar Kigali sturen, durfde ik toch niet. Zoveel vertrouwen had ik nu ook weer niet en met de voor Rwanda vernietigende BBC-documentaire nog vers in het geheugen, zou men niet al te dol zijn op journalisten, zo kon ik mij voorstellen.

Ik checkte dus gewoon uit; ging naar de visa-balie (er is tegenwoordig een aparte balie voor het drielandenvisum helemaal rechts), betaalde 100 dollar en kreeg de plakker in in mijn paspoort. Daarna bagage ophalen en weer inchecken voor de vlucht naar Kigali. Die vertrok pas rond half vijf. Ik was om zeven uur geland, het werd dus een dagje rondhangen op het vliegveld. Toen ik eenmaal een plek had gevonden met een stopcontact dat mijn stekkers verwelkomde (Kenia heeft andere stopcontacten), ben ik daar blijven zitten, met uitzondering van plas- en koffiepauzes.

Gisteren voor het eerst weer contact gehad met mijn klokkenluider (dankzij mijn vrienden in Nederland) en vandaag dus al weer de eerste afspraken. Maar eerst natuurlijk de accreditatie regelen bij de Media High Council, want zonder dat, kun je niet werken ….



Vrijdag 24 oktober 2014

Gisteren was ik even te horen in de actualiteitenrubriek: Dit is de dag over de heksenjacht op de Rwandezen. (Dank Victor voor de link).

Er werden goeie vragen gesteld, zodat ik lekkere antwoorden kon geven. Natuurlijk zijn er altijd mensen teleurgesteld. Dat ik geen aandacht besteedde aan de eerste Rwandees die werd uitgezet. Of dat ik niet vertelde dat het ging om bestuursrecht met alle gevolgen van dien. Of dat ik niet had verteld dat zelfs het Rwandese OM de Rwandezen van de IND niet op haar lijstje had staan.

Dat heb ik allemaal niet gezegd, dat klopt. Maar de tijd gaat snel en het is de bedoeling dat de luisteraars in Jip & Janneke taal te horen krijgen wat er speelt. Dan begrijpen ze wat er aan de hand is en krijgen ze er begrip voor. Als ik alles zou moeten vertellen wat ik wist, dan had ik aan een uur nog niet genoeg. Maar daarvoor is deze site en daarom schrijf ik af en toe een artikel.

Vanmiddag is het afscheidssymposium van professor Nick Huls. Nick Huls zat (onder andere) een paar jaar in Rwanda om les te geven aan officieren van justitie, rechters en advocaten. Hij kent het land en de mores dus goed. Lijkt me leuk, iedereen die wat met Rwanda te maken heeft komt (behalve natuurlijk de doorsnee Rwandees). 

Donderdag 23 oktober 2014

Waarom geeft Nederland zo weinig informatie?

Een heleboel vraagtekens zijn er te plaatsen bij de zaak van Lin Muyizere, de echtgenoot van Victoire Ingabire. Vraagtekens waarop het ministerie van Justitie en de IND geen antwoord op willen geven. Zij willen dus ook niet uitleggen hoe het kan dat de IND wist dat een anonieme getuige die een verklaring aflegde bij het Straftribunaal voor Rwanda in Arusha (Tanzania) de naam droeg van Lin Muyizere. Het Straftribunaal mag die naam helemaal niet vrij geven, dus het is een raadsel hoe de IND dit te weten is gekomen. 

Dan is er nog de kwestie of de ambassade nu wel of niet op de hoogte was van het onderzoek. Volgens Muyizere wist de huidige ambassadeur niets van het onderzoek in juni 2010 af. Dat kan natuurlijk kloppen. Frans Makken was toen ambassadeur. Maar hoe zit het met het aanvullende onderzoek uit augustus 2013? Daar moet de huidige ambassadeur toch van hebben geweten? Ik ga het vragen aan het ministerie van Buitenlandse Zaken. Maar ik ben bang dat ik het antwoord al ken: We gaan niet in op individuele zaken.

De media beginnen een klein beetje aan te slaan, zeker ook na het artikel van Trouw werd ik gisteren een aantal keren gebeld. Sommigen zijn enthousiast, andere redacties melden dat ze het onderwerp toch te complex vinden. 'Een tweede keus-onderwerp', zo meldde een journalist eerlijk: te weinig toegankelijk voor een breed publiek, te veel moeten uitleggen.'

Vandaag ga ik ook verder aan de slag met Human Rights Watch. Ik ga mijn informatie die ik tot nu toe heb verzameld met ze delen. Zij worden actief in de zaak Lin Muyizere en daarmee actief in de zaak 'ondeugdelijke ambtsberichten'. Misschien krijgt HRW voor elkaar wat de Nederlandse ombudsman niet lukte: de Nederlandse overheid aan het verstand peuteren dat de procedure met die ambtsberichten anders moet. Mensen moeten niet kunnen worden uitgezet op basis van een paar anonieme bronnen die niemand heeft willen controleren.

En verder heb ik bericht dat mijn rebellenleider me met open armen verwelkomt in Masisi. Ik ga er maar van uit dat het een positieve betekenis heeft. Ik ga hem een paar weken volgen in de bush en dat vraagt op zich veel voorbereiding. Ik moet een betrouwbare bodyguard huren, een stevige auto, flessen water voor een paar weken meenemen, net als wat noodrantsoenen. En verder neem ik mee: gaffertape, touw, plakband, elastiek, mes, veel geheugenkaarten voor de camera en het geluid. Ook ga ik vakjes in mijn BH! naaien; daar stop ik die geheugenkaarten. Wordt de apparatuur gestolen, dan heb ik in dier geval nog de opnamen van beeld en geluid.

Ik vind het ontzettend spannend, heb geen idee wat me te wachten staat. Gelukkig heb ik zowel in Goma als in Nederland een uitstekende achtervang. Congo, here I come!


Woensdag 22 oktober 2014

Aandacht voor Lin en 1F: geluk bij een ongeluk?

Een geluk bij een ongeluk. Zo zou je het kunnen noemen dat de Nederlandse immigratiedienst Lin Muyizere heeft beschuldigd van genocide. Want opeens pakken sommige mensenrechtenorganisaties en media het verhaal wél op.

Zo gaat Human Rights Watch zich er mee bemoeien. Anneke Van Woudenberg, de woordvoerder/deskundige van Congo en Rwanda, vindt dat er zeer gedegen bewijs moet zijn om iemand zijn nationaliteit te ontnemen. 'Je kunt dit niet doen op basis van vage beschuldigingen. Meneer Muyizere is de man van de prominente oppositieleider Victoire Ingabire. Die zit in de gevangenis na een proces waarvan wij gezegd hebben dat het niet deugde. We hebben ook al eerder gezegd dat Rwanda de oppositie monddood probeert te maken, door zich ook te richten op hun familie. Nederland zou dus heel goed moeten nadenken, voor ze haar echtgenoot beschuldigen en alles heel goed moeten verifiëren. Als Nederland vindt dat hij schuldig is, dan moet een Nederlandse rechter dat toetsen.'

Waar ik tot nu toe heb moeten bedelen bij de bladen om een beetje aandacht (dank Vrij Nederland en Mo* die er wel aandacht aan besteedden), gaan nu wat media 'los'. Radio France Internationaal bijvoorbeeld, met Sonia Rolley, maakt prima uitzendingen. 

Trouw heeft vandaag eveneens een artikel. Maar dat pakt minder gelukkig uit. Want boven het artikel staat een schandelijke kop die alles wat er verder in het artikel staat teniet doet. Het lijkt of ook de foto van Lin met opzet is gemaakt: hij heeft een stevige baard, terwijl hij er altijd gladgeschoren bijloopt. Wie nu als argeloze lezer de krant ziet, leest: Paspoort kwijt wegens genocide. Met daaronder een foto van een enge man. Die kan niet anders dan bloed aan zijn handen hebben. Het maakt niet uit wat er verder in het artikel staat, kop en foto zetten de toon. 

De bekende schrijver David van Reybrouck is ook bezig met het onderwerp. Laten we hopen dat Van Reybrouck meer durf toont en dat De Correspondent een wat betere koppenmaker heeft dan Trouw.

Schrijnend is het natuurlijk wel voor de mensen die tot nu toe met hetzelfde te maken kregen, maar waarvoor geen enkele aandacht was. Hu, eng genocide. Politici en journalisten keerden hen de rug toe. Complex en te eng om aan te pakken. 

Schrijnend is ook dat Nederland zo weinig open is over de hele procedure. De eerste reactie is altijd de officiële: Nederland mag geen onderdak bieden aan massamoordenaars, we gaan niet in op individuele gevallen en de hele procedure is zeer betrouwbaar. Ik ben nu dus bezig met een derde procedure in het kader van Wet openbaarheid van bestuur (Wob) om te proberen weer een snipper informatie te krijgen. Bij de NVJ kan ik voor die derde Wob niet meer aankloppen. Die vinden -terecht- dat ze hun budget moeten spreiden en niet uit kunnen geven aan één enkele koppige journalist. Ik zal die derde Wob dus zelf moeten financieren. Maar kom, sinds gisteren heb ik geleerd dat je als journalist ontzettend dom bent als je niet een winstgevend businessmodel hebt verzonnen, dus daar zullen we het maar op houden.

Wat tot nu toe NIEMAND (ik ga uit woede in hoofdletters schrijven) nog schrijft is dat er iets WEZENLIJKS MIS is met de PROCEDURE. Die ambtsberichten op basis waarvan mensen beschuldigd worden, daar klopt natuurlijk helemaal niets van. Dat anonieme bronnen die door niemand gecontroleerd worden, er voor kunnen zorgen dat iemand het land uit wordt gezet, is natuurlijk te gek voor woorden. Dat vindt ook ons eigen Openbaar Ministerie. Die baseren zich nooit op ANONIEME BRONNEN. 

Maar onze IND (gesteund door Buitenlandse Zaken en de ambassade in KIgali, gaat vrolijk door met die Individuele Ambtsberichten die werkelijk BOL staan van vage beschuldigingen, onzinnige verwijzingen en dezelfde teksten die bij alle andere beschuldigingen worden gebruikt. Pagina's vol bijvoorbeeld met een algemene beschrijving over hoe erg het was tijdens de genocide. Door het op te nemen in de beschuldiging is het net alsof de beschuldigde ALLES heeft gedaan wat er in die algemene beschrijving staat.




Zaterdag 18 oktober 2014

Overijverige IND krijgt snauw van Rwanda

Daar sta je dan als IND. Doe je ongelofelijk je best om Rwandezen als genocidair het land uit te krijgen, zegt woordvoerder van het Openbaar Ministerie in Rwanda, dat die mensen helemaal niet worden gezocht door Rwanda. Dus zeker ook niet Lin Muyizere, de echtgenoot van Victoire Ingabire die in een gevangenis zit in Kigali.

Volgens woordvoerder Alain Mukarinda heeft Rwanda een lijst gepubliceerd met 100 namen van mensen die worden gezocht. 'Maar', zo zegt Mukarinda, 'daar zitten niet de namen bij van de tien mensen die door de IND worden beschuldigd van genocide.' Volgens Mukarinda heeft Rwanda wel een verlanglijstje van 17 Rwandezen in Nederland die zij graag voor de rechter willen hebben in verband met genocide, maar daar staan de inmiddels tien bekende IND-beschuldigden niet bij. Overigens is de lijst van 100 gezochte rwandezen niet nieuw. In 2006 schreef The Independent er al over en er zal op Internet best een lijst staan, al kon ik hem zo snel niet vinden.

Die overijverige IND. Die wil zo braaf kwispelstaartend haar best doen, dat ze ijveriger is dan de meester zelf. Ze apporteert 'wild' waarvan de jager niet wist dat het bestond, laat staan dat de jager ze in het vizier had. 

Maar in plaats van een goedkeurend klopje, laat de jager de hond nu in de kou staan. 'Domme hond'. Die mensen willen we helemaal niet. Waarom hou je je niet aan het lijstje van 17? Het verklaart wellicht waarom Jean Gervais Munyaneza bij aankomst in Kigali geen warme ontvangst kreeg en niet werd gearresteerd. 'Wablief? Wie? Nee, die kennen we niet. Wat moeten we er mee? Kunnen jullie hem niet mee terug nemen?'

Waarop de benauwde marechaussees Jean Gervais toch langs de douane wisten te schuiven en snel de benen namen met het eerste de beste vliegtuig. Een nachtje in Kigali was toch te angstig.

De woordvoerder van het Rwandese Openbaar Ministerie zegt dat er geen enkele aanwijzing is dat Muyizere een genocidair zou zijn. Dat staaft de uitspraken van Lin Muyizere en zijn advocaat Jan Hofdijk. Die vinden dat de beschuldigingen van de IND werkelijk kant noch wal raken. Muyizere is woedend: 'Ik word aangetast in mijn goede naam. Mensen gaan zich afvragen of ik toch geen genocidair ben.'

Waarom de IND het heeft gemunt op Muyizere is voor de UDF, de partij van Victoire Ingabire, heel duidelijk: 'Deze beschuldiging moet Ingabire politiek verder isoleren.' Ook Ingabires dochter Raissa is er van overtuigd dat de beschuldiging een politieke achtergrond heeft. 'Ze willen mijn moeder mentaal breken. Bewijs is er niet, er zijn uitsluitend anonieme getuigen. Dit is typerend voor de Rwandese aanpak. Dat deden ze ook bij mijn moeder. Mijn vader is geen genocidair. Ik was bij hem tijdens de genocide en tijdens onze vlucht.' 

BBC-documentaire is 'Recklessy irresponsible'

Woensdag 15 oktober

Jean Gervais Munyaneza loopt nog steeds vrij rond in Rwanda. Dat even eerst. De Nederlandse ambassade kan weinig voor hem doen, officieel is ze niet eens geïnformeerd over zijn komst. Officieel is er dus niemand meer die volgt wat er met hem gebeurt. Als hij niet meer kan bellen met zijn contacten in Nederland, weet niemand meer waar hij is en zal officieel ook niemand navraag doen. Het lijkt me dat ze bij de IND toch even op hun kruintje moeten krabbelen: zoveel moeite om een dossier samen te stellen van een genocide-verdachte en dan lijkt het alsof het Rwanda niets interesseert.

Dat zou kunnen kloppen. De BBC-documentaire dreunt nog steeds door in alle overheidsgebouwen, kan ik me zo voorstellen. En net als bij het regime zijn er stevige voor- en tegenstanders en staan er maar weinig in het grijze midden. Vannacht kreeg ik twee mails in mijn brievenbus. De eerste was een brief aan de BBC ondertekend door 38 wetenschappers, journalisten, adviseurs en supporters van het regime, waaronder een drietal Nederlanders. In de brief wordt de BBC 'recklessly irresponsible' genoemd. De documentaire zou voeding geven aan een nieuwe genocide. '

'An absurd suggestion' zo vinden de ondertekenaars, dat er volgens de BBC tijdens de genocide meer Hutu-slachtoffers waren gevallen (800.000) dan Tutsi-slachtoffers (200.000). 'Het minimaliseren van het aantal Tutsi-slachtoffers is typerend voor genocide-ontkenners', zo schrijven de ondertekenaars in de brief die opvallend veel overeenkomsten vertoont met woordkeuze en ideeën van het regime. Het zal niemand verbazen dat de brief werd gepubliceerd in de New Times.

In de tweede mail die ik kreeg, wordt gesuggereerd dat de ondertekenaars van de brief aan de BBC, al jaren voor het regime werken en ook door het regime worden betaald. Zo zou de schrijver Andrew Wallis 150.000 pond hebben ontvangen voor zijn website 'Open Democracy' en om zijn boek Silent accomplice te schrijven. Wallis was een van de eersten die een stuk schreef waarin hij de documentaire hekelde.

Jammer is wel dat de tweede brief niet ondertekend is. In ieder geval maakt het duidelijk dat voor- en tegenstanders van het regime met stoom uit de neusgaten, lijnrecht tegenover elkaar staan. Er is weinig ruimte voor dialoog. 'Als je met je vinger naar een ander wijst, dan wijzen drie vingers naar jezelf'', waren de wijze woorden van Jean Claude Iyamuremye gisteren. Ik interviewde hem drie uur lang in een klein gevangeniskamertje.

Ook president Paul Kagame sprak eindelijk publiekelijk over de BBC-documentaire en ook in zijn speech viel vanzelfsprekend het woord genocide-ontkenners.

Ik hou mijn hart vast en kijk naar mijn vijf vingers. Ik kijk wel uit. Ik ga niet wijzen.



Waar waren de Rwandese autoriteiten?

Dinsdag 14 oktober 2014

Jean Gervais Munyaneza landde gisteravond om ongeveer half acht op het vliegveld van Kigali. Hij werd begeleid door drie marechaussees die hem aan de Rwandese autoriteiten zouden overhandigen. Dat had de woordvoerder van het ministerie van Veiligheid en Justitie gezegd. 

Je zou denken, de Rwandese autoriteiten zouden staan te trappelen om een van genocide verdachte Rwandees te kunnen ontvangen. Maar de Rwandese autoriteiten waren in geen velden of wegen te bekennen. In ieder geval niet zichtbaar. Integendeel. De Rwandese douane vond het 'laissez-passer' maar een eng briefje. Daar wilden ze Munyaneza niet mee binnen laten. Stel je voor dat zij er gedonder mee kregen. Het had een haartje gescheeld of hij had weer op het eerstvolgende vliegtuig naar Nederland gezeten. Iets wat zijn zwetende advocaten niet was gelukt.

Volgens de woordvoerder van het ministerie van Justitie wist Rwanda van de komst van Munyaneza, al was het alleen al vanwege het laissez-passer. Een laissez-passer is een tijdelijk reisdocument. Dat wordt alleen maar afgegeven worden als het ontvangende land, in dit geval Rwanda, instemt met de komst.

Munyaneza vertelde gisteravond dat het leek alsof de Nederlandse marechaussee er mee in hun maag zat. Ze wisten niet goed wat ze moesten doen en waren zelfs een beetje bang. Daar kan ik me alles bij voorstellen. Denk je dat je ontvangen wordt met een rode loper en handboeien voor de verdachte, sta je zelf opeens in een verdachtenbankje. En in Rwanda nog wel, dat land waar mensen verdwijnen en de president alles voor het zeggen heeft.

We zullen zien wat dit alles te betekenen heeft. Miscommunicatie tussen Nederland en Rwanda? Heeft Rwanda geen belangstelling voor Munyaneza die geen enkele politieke betrokkenheid bij de oppositie heeft? Of wil Rwanda laten zien dat alle andere Rwandezen die van genocide worden beschuldigd, waar ook ter wereld, niets te vrezen hebben, zodat alle rechters waar ook ter wereld hun 'OK' geven aan uitzetting of uitlevering?

Eerste Rwandees uitgezet

Maandag 13 oktober 2014

De Rwandees Jean Gervais Munyaneza is vandaag om 11.00 uur op het vliegtuig naar Rwanda gezet. Hij is daarmee de eerste Rwandees die wordt uitgezet. Hij werd begeleid door twee leden van de Koninklijke Marechaussee. Zij leveren hem direct over aan de Rwandese autoriteiten. Munyaneza wordt door de IND verdacht van genocide; hij zou een buurman hebben gedood.

Munyaneza ontkent alle beschuldigingen. Volgens hem is er sprake van opzet: mensen in Rwanda zouden uit zijn op zijn onroerend goed.

Munyaneza vroeg in 1997 asiel aan in Nederland, in 1998 werd hij toegelaten als vreemdeling. In 2001 kreeg hij een vergunning voor onbepaalde tijd. In 2009 begon de IND een onderzoek naar hem, omdat zijn naam voorkwam in drie openbare rapporten. Twee van die rapporten zijn van African Rights, een aan het Rwandese regime gelieerde mensenrechtenorganisatie. In 2011 wordt zijn vaste verblijfsvergunning ingetrokken.

In Nederland is weinig aandacht voor het lot van Rwandezen die worden beschuldigd van genocide, omdat veel politici en journalisten bang zijn te maken te hebben met een echte genocidair. In totaal zijn ongeveer 20 mensen beschuldigd van genocide door de Nederlandse Immigratie en Naturalisatie Dienst. Daaronder bevinden zich Lin Muyizere, de echtgenoot van oppositieleider Victoire Ingabire. Zij zit in Kigali een gevangenisstraf uit van 15 jaar na een door mensenrechtenorganisaties veroordeeld proces. Een ander is een broer van de nu uitgezette Munyaneza. Hij wacht in de gevangenis op het oordeel van het Europese hof.

Aan de basis van de beschuldigingen staat een Individueel Ambtsbericht. Hieraan wordt door de IND, het Openbaar Ministerie en rechterlijke instanties veel waarde toegekend.

Mijn onderzoek bracht aan het licht dat er van alles mis is met deze ambtsberichten. Getuigen en bewijsmateriaal worden niet gecontroleerd. De werkzaamheden van de vertrouwenspersoon die in Kigali het onderzoek uitvoert, worden evenmin gecontroleerd. Door de jaren is er weinig veranderd. Al in 1998 en 2007 constateerde de ombudsman dat er van alles mis was met de Individuele Ambtsberichten.

Twee Rwandezen wachten in een Nederlandse gevangenis of ze mogen worden uitgeleverd aan Rwanda. Dat is een andere procedure dan uitzetten. Bij uitlevering ligt het initiatief bij de Rwandese overheid. Nederland heeft geen uitleveringsverdrag met Rwanda. Als er wordt uitgeleverd gebeurt dit op basis van het Genocideverdrag.

De advocaten van de beschuldigde Rwandezen vrezen voor het lot van hun cliënten eenmaal in Rwanda. Er is niemand die controleert wat er met hen gebeurt. Rwanda staat niet bepaald bekend als het land waar de uitvoerende en rechterlijke macht onafhankelijk van elkaar opereren. 

Buitenlandse Zaken kon nog niet vertellen of de Nederlandse ambassade voor zichzelf een rol ziet weggelegd als het gaat om uitgezette Rwandezen vanuit Nederland.

Vrijdag 10 oktober 2014

Het was te verwachten. Direct na de BBC-uitzending op 1 oktober werd de documentaire Rwanda, the untold story, op pro-Rwanda fora zwartgemaakt. Natuurlijk met de New Times op kop. In het redactioneel commentaar werd gevraagd hoe het zat met de ethische waarden en de kwaliteit van de Britse staatsomroep. De documentaire bevatte eigenlijk het gebruikelijke moddergooien met argumenten die allang waren ontkracht. Natuurlijk werden de door de BBC gebruikte experts Allan Stam, Christian Davenport en Filip Reyntjens weggezet als non-valeurs, en niet-genoemde experts als Rakyia Omaar van African Rights en Allison des Forges van Human Rights Watch de hemel ingeprezen. Ook de pro-regime lobbygroep voor overlevenden van de genocide, Ibuka, schreef de BBC een woedende brief. Ook schrijver en regiospecialist Andrew Wallis uit kritiek op de BBC-documentaire. Hij vindt dat er een eenzijdig beeld wordt geschetst, door mensen die bekend staan als fervent tegenstander van Kagame.

Natuurlijk worden de documentairemakers gebrandmerkt als genocide-ontkenners en genocide-revisionisten. 

Het was ook te verwachten dat de BBC-documentaire als de nieuwe video-bijbel zou worden ingehaald door de politieke tegenstanders van het regime. Op de internetsite van mensenrechtenactivist René Mugenzi is er van alles over te lezen. Mugenzi, die in Londen woont, werd zelf door doodseskaders bedreigd. Hij is de zoon van Joseph Mugenzi die na de genocide naar Nederland kwam en nu door de IND van genocide wordt beschuldigd. 

In de documentaire wordt betwist dat president Paul Kagame een eind maakte aan de genocide. Zo zegt voormalige RPF-generaal en een van de oprichters van oppositiepartij RNC, Kayumba Nyamwasa: 'De intentie van Kagame was niet om een einde te maken aan de genocide, maar om de oorlog te winnen.' Kayumba woont na zijn vlucht in Zuid-Afrika en overleefde drie aanslagen. Volgens de documentaire had het regime liever hem dood gezien dan collega Karegeya die op 1 januari dood werd aangetroffen in een Zuid-Afrikaanse hotelkamer. 

In de documentaire wordt Kagame ervan beschuldigd verantwoordelijk te zijn voor het neerhalen van het vliegtuig met daarin de Rwandese en Burundese presidenten. De vroegere bodyguard van Kagame was erbij toen Kagame 'ja' zei tegen het plan het vliegtuig neer te schieten. 'Op 6 april zat Kagame voetbal te kijken en hij was blij toen hij het nieuws hoorde.'

Het hanteren van andere dodencijfers dan deze: 1 miljoen, verreweg de meeste Tutsi's, is in Rwanda een heikele zaak: je wordt direct gezien als een genocide-ontkenner en daar staat gevangenisstraf op. In de BBC documentaire legt Alan Stam uit dat het totale aantal klopt, maar dat het merendeel bestond uit Hutu's, gewoon, omdat dit statistisch niet anders kan. 'Voor de genocide leefden er 500.000 Tutsi's in Rwanda, na de genocide waren er nog 300.000. Dat betekent dat er 200.000 Tutsi's zijn vermoord en 800.000 Hutu's. Wat de wereld gelooft en wat er echt gebeurde zijn twee verschillende dingen.'

Ingabire is ook in de documentaire te zien vanwege haar beschuldigingen dat de RPF Hutu-bloed aan de handen heeft. Ze werd gefilmd tijdens een verzoeningsbijeenkomst in de gevangenis. Ze mocht natuurlijk niet worden geïnterviewd. 

Dinsdag 7 oktober 2014 

Zojuist het vuil buiten de deur gezet. Ging het maar zo makkelijk met de zorgen. Die blijven hinderlijk in mijn hoofd om aandacht vragen. Hoe vaak ik ze ook keurig op een rijtje buiten de deur zet, ik heb me nog niet omgedraaid of ze zijn alweer terug in het hoofd. Het zijn de grote zorgen, die hardnekkig om aandacht blijven vragen. Zoals het lot van de van genocide beschuldigde rwandezen in ons land. Ik zie met eigen ogen hoe hele families intens verdrietig worstelen met een heel onzekere toekomst. Ik zie ook een ongelofelijke woede door de gekmakende machteloosheid: niemand wil naar ze luisteren en zelf kunnen ze niets doen. Wellicht dat de actie van de Koerden vannacht, de rwandezen op een idee kan brengen: bestorm die Tweede kamer. Hoewel er nu waarschijnlijk geen bewaker meer te vinden zal zijn die even de schuifdeur open doet.

Ik heb ook zorgen over mijn verblijf bij de rebellenleider in Oost-Congo. Ik vrees niet zozeer voor mijn eigen veiligheid, maar of ik alles wel rond kan krijgen voordat ik vertrek eind oktober. Ik heb daar elektra nodig om al mijn apparaten op te laden, want anders kan ik niet filmen. Ik heb een betrouwbare chauffeur annex bodyguard nodig met een minstens zo betrouwbare jeep om me over een soms (met Nederlands geld gerenoveerde) onberijdbare weg diep in de heuvels te brengen. Met nog maar een paar weken voor mijn vertrek, worden sommige zorgen wat nijpend. 

Maar vergeleken bij de zorgen van de Rwandezen, zijn die van mij kleine witte wolkjes aan een hoogblauwe zomerse lucht. De politiek moet gemobiliseerd worden, maar hoe doe je dat? Tom Poes verzin een list is dan het motto. Daarover hoop ik morgen meer te kunnen vertellen.


Maandag 6 oktober 2014

Lin Muyizere wordt door de Nederlandse immigratie en Naturalisatiedienst gezien als een genocidair. Iemand die veel mensen heeft vermoord, of andere mensen daar toe heeft aangezet. Lin is onschuldig, de aantijgingen zijn werkelijk om onder je bureau te rollen  van het lachen als het niet zo triest was allemaal. Want als de IND bij haar standpunt blijft, en ook de rechter vindt dat hij veilig naar Rwanda kan worden teruggestuurd om daar terecht te staan, dan zal ook zijn zoontje Rist meemoeten. Rist is 12 jaar en is hier in Nederland geboren. Van Rwanda weet hij eigenlijk niet meer, dan dat het daar niet veilig is, omdat zijn moeder er door een boze dictator  in de gevangenis zit. Met zijn vrouw in de gevangenis, is er voor Lin weinig hoop. Grote kans dat hij straks ook in het roze loopt en naar haar kan zwaaien vanuit de mannengevangenis in Kigali. Onderteken dus eerst deze petitie:

http://www.petities24.com/ik_wil_mijn_vriend_niet_kwijt

Gelukkig begint de wind een beetje aan te wakkeren. Buurman Frans Zwanenburg en zijn steuncomité stuurden een brief naar minister Timmermans van Buitenlandse Zaken, om aandacht te vestigen op de situatie van Lin én om te vragen druk uit te oefenen bij Rwanda om Victoire vrij te laten. Goed dat het gebeurt, al is  Timmermans straks weg.  Zijn ministerie is namelijk verantwoordelijk voor al die onbetrouwbare ambtsberichten die gemaakt worden. Ook over Lin. 

Ook berichten steeds meer media over het voornemen van de IND Lin en Rist uit Nederland te zetten. Maar het is nog lang niet genoeg. De wind moet een storm worden en de storm een orkaan die de IND-ambtenaren uit hun ivoren toren blaast. Zodat ook zij een beetje ondervinden wat het is om opeens uitgezet te worden, zonder dat je je er tegen kunt verdedigen.


Dinsdag 30 september 2014

Welke ambtelijke oen laat gevoelig onderzoek verrichten als Kigali op springen staat?

Het is juni 2010. De Nederlandse ambassadeur Frans Makken zit achter zijn grote bureau in Kigali en neemt de kranten en de post door. Terwijl hij door zijn zilvergrijze lokken strijkt, leest hij met genoegen de berichten in de New Times over de voorbereidingen van de verkiezingen. Die verlopen voorspoedig. Als co-voorzitter van het Europese Fonds dat de verkiezingen ondersteunt, kan hij niet anders dan instemmend knikken. Mooi. Fijn dat Kagame de touwtjes zo goed in handen heeft.

Natuurlijk, de internationale gemeenschap heeft zo hier en daar wat op te merken: want drie kritische media zijn geschorst en De Groenen van Frank Habineza en de UDF van Victoire Ingabire kunnen niet meedoen met de verkiezingen. "Tja, ze voldoen nu eenmaal niet aan de voorwaarden', zo zegt de Nederlandse ambassadeur monter. Makken vergeet daarbij natuurlijk te vertellen dat Kagame het de twee partijen onmogelijk maakt zich in te schrijven. Vergaderingen worden verhinderd, leden bedreigd. Victoire Ingabire wordt het onmogelijk gemaakt campagne te voeren, sinds ze voet op Rwandese bodem zette. Haar arrestatie in april zorgde er voor dat de partij geen enkele legale handeling kan verrichten: de leider wordt immers verdacht van terrorisme, divisionisme en het ontkennen van de genocide! 

Een paar weken later, begin juli,  zal de vice voorzitter van de Groenen worden vermoord en zal Habineza vlak voor de verkiezingen doodsbang naar het buitenland vluchten. Begin juli wordt ook een kritische journalist vermoord.

Frans Makken zit dus achter zijn bureau en leest de post. Hé, een brief van BuZa. Leuk. Aanvraag voor een onderzoek voor een Individueel Ambtsbericht. Wie? Lin Muyizere. LIN MUYIZERE? Maar dat is …. dat is de echtgenoot van Victoire Ingabire.

Ik zou me kunnen voorstellen dat de ambassadeur de telefoon pakt en belt met het Rwandese ministerie van Justitie. 'Zeg, ik heb hier een aanvraag liggen voor een onderzoek naar de echtgenoot van Ingabire. Weten jullie daar iets van?' Die zegt: 'Ik vraag het na'. Na een dag, zo stel ik mij voor, krijgt Makken het groene licht. En dus neemt onze ambassadeur contact op met de vertrouwenspersoon die dit gevoelige onderzoek moet gaan verrichten. 

Die vertrouwenspersoon moet natuurlijk wel weten hoe een en ander in elkaar steekt, want om op dit moment vlak voor de verkiezingen het verleden van de echtgenoot van de grootste oppositieleider te gaan onderzoeken, is vragen om moeilijkheden.

Ik kan me dan ook niet voorstellen dat de vertrouwenspersoon vrolijk aan de slag is gegaan, in juni 2010 terwijl de straten in Kigali zinderen van de spanning en de granaten je om de oren vliegen. 

Ik kan me ook niet voorstellen wie er bij de IND zo ongelofelijk stom is om juist op dat moment een onderzoek te vragen. En dat er bij Buitenlandse Zaken geen lichtje is opgegaan is helemaal onbegrijpelijk. Dat moeten een absolute nitwitten zijn geweest wat betreft de actualiteit in Rwanda. Wie in godsnaam, kan een onderzoek laten starten naar de echtgenoot van Ingabire terwijl de straten van Kigali letterlijk rood kleuren in de aanloop naar de verkiezingen?

Dat verzin je niet, dat doe je niet. Ik kan werkelijk met de beste wil van de wereld niet bedenken waarom dat onderzoek juist in die tijd werd gestart. Tenzij je natuurlijk de president een handje wil helpen met het zwart maken van de oppositie. Maar dat doen Nederlandse ambtenaren niet toch?

Maandag 29 september 2014

IND gaat nu veel te ver, 1F verdenking Muyizere politiek ingegeven?

Afgelopen vrijdag kreeg Lin Muyizere, de echtgenoot van oppositieleider Victoire Ingabire, een brief van de IND. Hij zou medeverantwoordelijk aan de genocide zijn. 

Jan Hofdijk, zijn raadsman, ging vanochtend naar de IND om Het Voornemen, zoals de brief officieel heet, terug te geven, samen met zijn brief: 'Ze waren er weer ingetuind', zo schreef Hofdijk aan de IND. De IND krijgt tot 7 oktober de tijd om dit schandelijke 'Voornemen' in te trekken. Bij de IND was niemand was dapper genoeg om zijn brief aan te nemen. Dus heeft Hofdijk voornemen en brief achtergelaten. Inmiddels heeft ook de pers de brief ontvangen.

Waarom de IND met deze beschuldigingen komt is werkelijk een raadsel. Wie namelijk het 'Voornemen' goed doorleest, ziet dat de IND handelt in gebakken lucht. Zeg maar liever smerige rioollucht. Het Voornemen hangt van speculaties, suggestieve redeneringen en loodzware 'bewijzen' die niets met Lin van doen hebben, aan elkaar. "We kunnen niet bewijzen dat hij het heeft gedaan, maar dat wil nog niet zeggen dat hij onschuldig is'. Dat is de redenatie. Dat mag in het bestuursrecht: want daar ben je schuldig tot je het tegendeel hebt bewezen.

De IND put vrijelijk uit -daar gaan we weer-  een Individueel ambtsbericht (IAB). Het is een raadsel hoe dat IAB tot stand is gekomen: iedereen in Rwanda weet dat Lin Muyizere de echtgenoot is van Ingabire. Hoe onafhankelijk en hoe onpartijdig kunnen je (paar) anonieme bronnen dan zijn?

Vraag is of dat onderzoek werkelijk het gevolg is van het nog maar weer eens doornemen van zijn dossier. Het lijkt het er sterk op, dat dit politiek is ingegeven. Want In januari 2010 gaat Ingabire naar Rwanda om mee te doen met de presidentsverkiezingen. In april 2010 wordt ze voor de eerste keer gearresteerd. In juni 2010 start het onderzoek naar Lin. In augustus zijn er presidentsverkiezingen, in oktober wordt Ingabire weer gearresteerd en gaat ze in voorarrest. 

Daarbij komt dat er maar liefst drie jaar zit, tussen het eerste onderzoek van juni 2010 en een aanvullend onderzoek in 2013. Waarom gaat er drie jaar overheen? Ik kan speculeren, maar dat laat ik aan de IND over, dat is hun specialiteit. 

Wat er overigens met Lin zou moeten gebeuren als hij zijn Nederlanderschap verliest, is in IND-nevelen gehuld: hij is geen Rwandees meer en zal nooit een Rwandees paspoort krijgen. 


Woensdag 24 september 2014

Soms gaan dingen moeizaam. Informatie aanvragen bij de overheid bijvoorbeeld. Dat kan maanden kosten om uiteindelijk een snipper te krijgen. Subsidie aanvragen, nog zoiets. Duurt meestal ook maanden voor je iets hoort. Kost trouwens ook heel veel tijd, zo'n aanvraag, vooral omdat de subsidiegever een bedoeling heeft met dat geld. Jouw project sluit natuurlijk nooit naadloos aan en dus ga je wat draaien en slijpen om wel aan het doel te voldoen. 

Dat was zo met mijn Voodoo-project: ik wil laten zien hoe Voodoo in Benin heel veel invloed heeft op de gezondheidszorg, onderwijs, veiligheid, economie. Dat het de ontwikkeling en de democratie van het land belemmert. Samen met Le Canard du Nord, u weet wel, de regionale krant waarmee ik twee keer een project heb gedaan , wilde ik kijken of we te weten konden komen hoe ver de tentakels van Voodoo reiken en of we dit in concrete cijfers konden gieten. Ik vroeg hiervoor subsidie aan bij Free Fress Unlimited, ze stonden positief tegenover het project, maar omdat ik geen Nederlands medium kon vinden die mij een Letter of Intend wilde geven (een briefje waarop staat dat het medium het artikel in principe wil plaatsen, maar dat het zich nergens aan bindt omdat het artikel aan alle voorwaarden moet voldoen), kreeg ik maar geen definitief OK. Ik had natuurlijk wel een letter of Intend van Le Canard du Nord, maar een Nederlands medium schijnt belangrijker te zijn.

Een paar weken na indiening bij Free Press Now bedacht ik dat het ook wel iets kon zijn voor het Journalistfund.eu. Dus vroeg ik een skypegesprek aan met degene die dat fonds beheert. Zij vertelde dat de Europese belastingbetaler altijd een goede reden was voor onderzoek en dus voor subsidie van hun fonds. Ik keek daarom nog eens goed naar mijn eigen project, en zag dat er maar vier Europese ambassades actief zijn in Benin, waaronder onze eigen Nederlandse.

Omdat ik had gewerkt met The Hunger Project en Care Benin, wist ik dat deze internationale NGO's vaak ook subsidies krijgen van ambassades om projecten uit te voeren. Ik wist ook uit ervaring dat er een groot gat is tussen de lokale medewerkers in het veld en de bazen achter het bureau. Laat ik het zo zeggen dat de communicatie te wensen overlaat. Vaak vinden beide partijen de ideeën en beslissingen van de ander volstrekt achterlijk en onbegrijpelijk. Na mijn laatste ervaringen met Voodoo viel helemaal het kwartje. Vooroordeel en cultuurverschil belemmerde waarschijnlijk ook een efficiënte uitvoering van ontwikkelingsprojecten. Zo werkt het dus ook: omdat de fondsen je dwingen anders naar je eigen project te kijken, kan het er beter van worden.

Op twitter en Facebook schreef ik dat ik maar geen media kon vinden die mij wilden steunen. ZAM magazine reageerde direct en enthousiast. Zo enthousiast, dat we nu gezamenlijk gaan optrekken. Dat is hartstikke fijn, want zo kunnen we goed sparren over het idee en de aanpak. Ook gaan we kijken welke drie Europese journalisten we hier bij gaan betrekken en of we het project naar meerdere Afrikaanse landen kunnen uitbreiden. Afgelopen maandag ging de subsidie aanvraag de deur uit, nu maar duimen dus.

En vandaag voort maar weer met HET BOEK, want daar kwam door al die subsidie- en wob-verzoeken even de klad in.

Maandag 22 september 2014 

Stel, je koopt een computer bij een winkel. Je komt thuis, probeert het ding te installeren, maar er gebeurt helemaal niets. Je gaat terug naar de winkel natuurlijk. 'Meneer/mevrouw, mijn computer doet het niet…' De meneer of mevrouw kijkt jou meewarig aan, weer zo'n ongelofelijke digibeet en raakt met een zwierig gebaar de aan-uit knop aan. Het scherm blijft op zwart. Het is jouw beurt om de mevrouw of meneer meewarig aan te kijken. 'Hij doet ut echt niet.'

De meneer of mevrouw verblikt of verbloost niet. 'Uw schuld, u heeft de computer kapot gemaakt. Mijn winkel uit, u mag hier nooit meer komen.' Een week later ontvangt u een brief waarin de winkelier alle aansprakelijkheid afwijst met als aanhangsel een dik pak kleine letters. Daarin staat ook dat u op de zwarte lijst bent gezet: u mag geen winkel meer in, tenzij uw onschuld is bewezen. Daarvoor kunt u het beste terecht bij de producent van de computer in Verweggistan. Daar is de computer immers gemaakt en daar kunnen ze het beste oordelen of het uw schuld is of niet.

De winkelier is nog wel zo vriendelijk om in een speciale vergadering nog eens naar u te luisteren. Maar hoe maak je duidelijk dat je niets geks hebt gedaan? De winkelier was er immers niet bij? De winkelier hoeft niet te bewijzen dat je schuldig bent, hij hoeft alleen maar te zeggen dat je schuldig bent. Jij daarentegen moet wel bewijzen dat je onschuldig bent, dat staat nu eenmaal in de kleine lettertjes. 

U neemt uw vrouw of man mee om te zeggen dat u niets geks heeft gedaan, zij zijn immers het beste op de hoogte van uw doen en laten. Maar zij tellen niet, ze zijn als familie bevooroordeeld. Natuurlijk krijgt uw verhaal geen gehoor. Daar heeft de winkelier geen enkel voordeel bij en hij gaat zichzelf toch ook niet te kijk zetten, door nu opeens te roepen dat u mogelijkerwijs wel onschuldig bent.

Zo ongeveer zit het bestuursrecht in elkaar. Lees voor winkelier IND en voor de digibeet een 1-fer. 

Vrijdag 19 september 2014

Wanhoop

Ze is wanhopig. Geen mens wil haar stem horen. Niet de burgemeester. Niet de politiek. Niet de pers. Niet de rechter. Niemand hoort haar. Niemand wil haar horen. Niemand interesseert het dat haar huisgenoot wordt gearresteerd en opgeborgen in de gevangenis. Niemand wil er van weten, want hij zou wel eens een echte genocidair kunnen zijn. Daar brand je liever je handen niet aan als politicus, als journalist, als burgemeester, als rechter. 

Laten ze daar in Rwanda maar uitzoeken of hij schuldig of onschuldig is. Dat kan daar veel beter dan hier. Het kost de Nederlandse belastingbetaler anders maar geld. 

'Onschuldig' roept ze, terwijl ze kwaad met haar vuisten op de Nederlandse deuren bonst. Maar iedereen houdt zijn deur gesloten en schudt meewarig het hoofd. Die mevrouw verwacht toch niet echt dat zij iets voor ze kunnen doen?

Dus is de kans groot dat hij nog dit jaar in een Rwandese cel belandt en tegenover een Rwandese rechter komt te staan. 

Wij hier in Nederland kunnen rustig gaan slapen. Wij hebben gedaan wat we konden. Niets.


Woensdag 17 september 2014

Soms moet je iets meerdere keren lezen. Met de kennis van nu komen rapporten van toen in een heel ander daglicht te staan, zeg maar. In februari 2010 hield ik me nog niet bezig met Rwandezen die van genocide werden beschuldigd. Ik was druk met de aanloop van de presidentsverkiezingen die later in augustus werden gehouden en de belevenissen van Victoire Ingabire die net in Rwanda was aangekomen en nog dacht dat ze mee kon doen met die verkiezingen.

In Nederland waren er echter al heel wat mensen die zich wel met de 1F-files bezighielden. De IND was net een paar maanden bezig met het doorzoeken van alle dossiers.

Een overijverige (niet IND) ambtenaar schreef -februari 2010- een pleidooi aan het Europese Hof over de eerlijke en transparante rechtspraak en de luxe gevangenis die mensen die werden uitgeleverd, konden verwachten. Ze schreef er niet bij, dat dit niet gold voor mensen die worden UITGEZET. 

Nederland had veel ervaring met het justitiële systeem sinds 1994 schreef ze en er gingen veel onderzoekteams naar Rwanda, die alle mogelijke hulp van de overheid kregen.  'We hebben zelfs een speciaal team voor oorlogsmisdaden bij het openbaar ministerie en de landelijke politie', zo babbelde ze opgewekt in haar brief. 

Ze prijst onszelf verder de markt in door te zeggen dat er binnen onze grenzen een BEHOORLIJK aantal Rwandezen is met een SUBSTANTIELE indicatie, dat ze betrokken waren bij de genocide, vaak op HOOG NIVEAU.

De ambtenaar schrijft dit, terwijl de eerste onderzoeken nog maar net zijn gestart en de eerste individuele ambtsberichten in de maak zijn. Ze heeft dus helemaal geen SUBSTANTIELE bewijzen en ze weet dus helemaal niet of het om een BEHOORLIJK aantal gaat en al helemaal niet of het op HOOG NIVEAU was. Tenzij ze meer wist dan de IND en de afdeling 1F bij Buitenlandse Zaken.

Deze ambtenaar wil zo graag dat alle Rwandezen waar ook ter wereld worden teruggestuurd naar Rwanda, dat ze aan het fantaseren en speculeren slaat. Mede dankzij haar betoog vond het Europese Hof dat de Rwandees Sylvère Ahorugeze teruggestuurd kon worden naar Rwanda en vinden rechters in Nederland door deze uitspraak dat verdachte Rwandezen een eerlijk proces wacht en een verblijf in een luxe gevangenis. 

De ambtenaar zelf is zich van geen kwaad bewust. Ik raad haar zeer aan het boek te lezen van Hannah Arendt over Eichmann: De banaliteit van het kwaad.


Dinsdag 16 september 2014

UDF: Een echte politieke partij

De UDF, de partij van oppositieleider Victoire Ingabire kent net als alle andere politieke partijen ups en downs. Sinds januari dit jaar werd er flink gediscussieerd over de organisatie van de partij en er ontstonden twee kampen die lijnrecht tegenover elkaar leken te staan. Een kamp wilde de partij weer geheel vanuit het buitenland runnen, zoals in de tijd voordat Ingabire vertrok naar rwanda, het andere kamp vond dat dit Ingabire teveel zou isoleren. 

Afgelopen weekend was er een besloten ledenbijeenkomst waarin verkiezingen werden gehouden voor het partijbestuur. Tegelijk zou door bepaalde mensen te kiezen, gekozen worden voor een richting. Zo ver is het niet gekomen. Beide kampen besloten weer met elkaar dezelfde koers te varen: de echte partij bestaat in Rwanda, buiten Rwanda biedt de steunpartij ondersteuning op alle mogelijke vlakken. 

Niet aan de orde was de verkiezing van de voorzitter (Victoire Ingabire, gevangen in Kigali), Eerste vice voorzitter (Boniface Twagirimana, Kigali) en de secretaris generaal (Sylvain Sibomana, gevangen in Rwanda).

Wel aan de orde was de verkiezing van de tweede vice voorzitter, in feite de baas van de UDF in het buitenland en zijn commissarissen. Joseph Bukuye werd gekozen, hij is de nieuwe sterke man van de partij.  

Dat de partij haar zaakjes weer op orde krijgt, toont aan dat het een volwassen partij is geworden. Aan geruzie binnen de partij heeft Ingabire geen behoefte. Die kunnen namelijk haar positie verzwakken. Tot nu toe lijkt dat niet het geval; vanuit de gevangenis in Kigali weet ze keer op keer de neuzen dezelfde richting op te krijgen.

Maandag 15 september 2014

Veel verontrustend nieuws over Rwandezen die dreigen te worden uitgezet als ongewenst vreemdeling, of te worden uitgeleverd aan Rwanda vanwege de beschuldiging dat ze genocidair zijn geweest in 1994.

Jean Claude Iyamuremye zit in de Zoetermeerse gevangenis te wachten op zijn uitlevering. Als hij daadwerkelijk wordt teruggestuurd naar rwanda, dan wacht hem een uiterst onzekere toekomst. Hij wordt namelijk al jaren gezocht door Rwanda omdat hij gezien heeft dat Rwandezen in Congo een paar jaar na de genocide gruwelijke dingen deden en heeft gezien hoe Rwanda die gruwelijkheden opruimde. Hij kan zelfs namen noemen van de bedrijven die bij de opruiming betrokken waren, zo vertelde zijn raadsman Jan Hofdijk. Het Rode Kruis en de UNHCR ondersteunen het verhaal van Jean Claude. Toch is er tijdens zijn proces nauwelijks aandacht voor geweest. Grote vraag is natuurlijk, waarom niet?

Jean Claude werd dit weekend onverwacht overgeplaatst naar een ander cellenblok van de gevangenis in Zoetermeer, zonder dat hij te horen kreeg waarom. Volgens 'welingelichte kringen' krijgt Jean Claude aanstaande woensdag te horen dat hij mag worden uitgeleverd. Niet de minister heeft dit besluit genomen, maar een ambtenaar voor hem. Minister Ivo Opstelten, die vorige week hevige kritiek kreeg omdat hij stond te stotteren voor de Tweede Kamer en niet eens de briefjes van zijn ambtenaren goed kon voorlezen, hoeft simpelweg alleen maar zijn handtekening te zetten en klaar is Kees. Hij heeft zich niet in het probleem hoeven te verdiepen en hoeft er dus ook geen slapeloze nachten over te hebben. Hij wordt oud, zo zeggen de mensen in Den Haag en wordt in bescherming genomen door zijn ambtenaren. Het is opvallend hoe in deze 1F (genocide)-files ambtenaren het voor het zeggen hebben en in feite beslissen wat er moet gebeuren. Meer over deze schimmige wereld over een paar dagen!

Dan zijn er nog de mensen die dreigen te worden uitgezet. Let op kinderen, er is een verschil tussen uitzetten en uitleveren. Uitleveren doe je op basis van een vraag van een land en op basis van een verdrag, uitzetten beslis je als land zelf: je wilt geen mensen binnen je grenzen die best in hun eigen land kunnen wonen, of die crimineel zijn. Overigens levert Nederland aan Rwanda uit, zonder verdrag; Nederland vond het justitieel systeem nog niet goed genoeg voor zo'n verdrag. Maar toch mogen mensen worden uitgeleverd op basis van een paar zinnen in het Genocideverdrag. Een verdrag dat overigens ook door Noord-Korea werd ondertekend en we weten hoe het staat met de mensenrechten in dat land. Toch vinden rechters het prima als mensen worden uitgeleverd naar Rwanda, omdat Rwanda BELOOFD heeft dat het zich keurig aan alle internationale regels zal houden. Of Nederland is ongelofelijk naïef of er spelen andere belangen. Ik houd het op het laatste.

Oh ja, ik was bezig met de mensen die dreigen te worden uitgezet: inmiddels is er al een aantal zo ver dat ze zijn opgesloten in een kamp, of zich elke week moeten melden bij de politie. Wie zich moet melden, loopt het risico te worden opgepakt, vlak voor uitzetting, omdat de politie niet het risico wil lopen dat iemand alsnog het land uitvlucht. Het is een reëel risico, want wie zou niet vluchten als je weet dat je leven in gevaar is in het land waar je naar toe moet? Ik in ieder geval wel. Ik zou een handtasje hebben klaarstaan met alle belangrijke papieren en een dotje geld. Dag Nederland, bekijk het maar met je zogenaamde 'rechtssysteem'.

Mijn blog-vakantie is voorbij, ook al ben ik nog niet klaar met HET BOEK. Er gebeurt te veel om niet te vermelden. Morgen iets over een belangrijk congres van de UDF, de partij van Victoire Ingabire.


Dinsdag 3 september 2014

Gisteren belde het ministerie van Veiligheid en Justitie. Dat Wob-verzoek van mij, of ze nog even twee weken extra konden krijgen. Want ja, de beslissing was helemaal klaar, maar nu moesten er nog wat mensen naar kijken. Ik ben bang dat ik waarschijnlijk pas de informatie krijg als ik hoogbejaard en dement ben. Gewoon even voor de lol, mijn Wobverzoek in de tijd gezet:

Op 14 februari stuur ik mijn brief aan staatssecretaris Teeven met het officiële verzoek tot informatie. Een bestuursorgaan is verplicht binnen vier weken antwoord te geven. Als dat niet lukt komen er nog vier weken bij en als dat weer niet lukt kunnen ze er nog twee extra weken bij krijgen.  Dat gebeurde dus prompt. Na TIEN weken kreeg ik wat velletjes papier, die wel iets te maken hadden met mijn verzoek, maar niets met de kern van mijn verzoek: informatie over de beslissing waarom de IND in 2008 is gestart met de revisie van alle Rwandese 1F-files. De rest van de informatie kreeg ik niet, laten we zeggen, omdat het de relatie met Rwanda zou kunnen schaden. De overheid heeft een scala aan gronden om informatie te weigeren, en daar maakt ze ook graag gebruik van.

Samen met Mira, mijn doortastende NVJ-advocaat, besloten we in beroep te gaan. We stuurden een bezwaarschrift (moet binnen zes weken) en op 10 juni was er een hoorzitting bij het ministerie van Veiligheid en Justitie. Daar mocht ik vertellen waarom ik de informatie wil hebben en waarom de weigergronden van het bestuursorgaan, absolute onzin zijn. Van die hoorzitting wordt een verslag gemaakt en op basis van dat verslag en bevindingen van de commissie die mij hoorde, moet het ministerie een nieuwe beslissing nemen. Daar is nu dus het wachten op. Over twee weken weet ik dus meer. Of niet, als er besloten wordt dat andere informatie niet gegeven mag worden. 

Als dat zo is, dan kunnen we aan de rechter vragen zich te buigen over de beslissing van het ministerie. De rechter beslist dan of het ministerie gelijk heeft of niet. Het duurt natuurlijk even voor er een datum van een zitting is bepaald en vervolgens heeft de rechter zes weken de tijd om een besluit te nemen. Je bent dan weer minstens drie maanden verder. Je kunt daarna nog naar het Europese Hof. Ik ben blij dat de rechtbanken rollator-vriendelijk zijn.

Verder nog het interview met Jean Claude Iyamuremye die in de gevangenis van Zoetermeer wacht op zijn uitlevering naar Rwanda. Ook dat is een ingewikkelde procedure. Ik dacht dat gisteren de beslissing zou komen, maar nee, gisteren werd bekend op welke datum de rechtszaak dient. 

Vandaag ga ik me onder andere verdiepen in het dossier van een 1F-je dat ik gisteren in Scheveningen kreeg aangereikt. Er zijn slechtere plekken om een zwaar dossier te ontvangen.

Dinsdag 2 september

Als alles goed gaat, krijg ik vandaag te horen of ik Jean Claude Iyamuremye mag interviewen met de camera. Ik heb al toestemming om hem te interviewen met pen en papier, maar de NVJ (de vakbond voor journalisten) en ik vinden dat er niet gediscrimineerd mag worden naar medium. Als er toestemming is voor pen en papier, zou er ook toestemming moeten zijn voor een camera-interview. We zullen zien. De afgelopen twee jaar heb ik -met dank aan de 1-F-files- mijn geloof in het rechtssysteem verloren als het om openheid van informatie en bronnen gaat. 

Daarin sta ik overigens niet alleen. Samen met de NVJ heeft mijn eigen club van onderzoeksjournalisten (VVOJ) een klachtenloket geopend voor journalisten die een beroep doen op de Wet openbaarheid bestuur. Journalisten kunnen hun ervaringen insturen tot en met 31 december, voorjaar 2015 maken we er een analyse van. De overheid geeft informatie NIET, tenzij … is nu de praktijk, terwijl het precies omgekeerd zou moeten zijn: ALLE informatie is openbaar, tenzij …. !

Met dank aan de VNG (Vereniging Nederlandse Gemeenten) is er nu een wetswijzing in de maak, die de termijn om informatie boven tafel te krijgen bij een bestuursorgaan, nog veel langer maakt. Er was een klein aantal mensen dat veel Wobjes instuurde in de hoop dat de termijn zou verstrijken, dan konden ze een dwangsom vorderen. De wetswijziging moet ervoor zorgen dat dit niet meer kan, zo wordt onder andere de de dwangsom afgeschaft. Omdat geen enkele journalist gaat voor het geld, maar voor de informatie, zal ons dat een worst zijn, maar tegelijk worden de termijnen opgerekt waarop informatie gegeven moet worden. Die termijnen zijn al een eeuwigheid. Zo ben ik nu al een half jaar bezig om via de Wob te weten te komen hoe het nu precies is gekomen dat in 2008 alle Rwandese 1F-files opnieuw zijn bekeken. Ik ga ze zo maar noemen, dat bekt lekkerder dan 1F-dossiers en verwijst ook een beetje naar die science fiction-achtige detective de X-files.

Een dezer dagen moet ik het resultaat krijgen van de hoorzitting. Krijg ik de gevraagde informatie of niet. Zo niet, dan moet ik naar de rechter. Journalisten die een actueel artikel of item willen maken, hebben dus nu al niets aan de Wob, laat staat als die wetswijziging doorgaat. Vreemd genoeg is er ook een andere wet in de maak, die juist weer kortere termijnen heeft voor een Wob. Wie weet wat het gaat worden, mag het zeggen, morgenmiddag wordt er in ieder geval in een Tweede kamer commissie vergaderd over de Wet open overheid.

Voor de liefhebbers: hieronder een foto van mijn 'buitenkatten'. Ze komen iedere avond scharrelen om lekkere afvalhapjes. Ze zijn van de buurvrouw, die heeft er een stuk of twintig. Ze slapen met zijn allen in een grote schuur, waar de buurvrouw elke ochtend om half tien de voederbakken vult met brokken. De buurvrouw slaapt overigens in haar eigen bedje in een grote villa naast de schuur. Honger hebben deze buitenkatten dus niet echt, maar wel  lekkere trek! 

katten1.jpg




Maandag 18 augustus 2014

Allereerst een excuus over de weinige bijdragen de afgelopen week. Ik ben bijna de hele dag aan het schrijven aan HET BOEK en merk dat er dan geen energie is voor andere schrijfsels. Dat boek MOET, ik heb er al subsidie voor gekregen en die subsidie is al helemaal op, dus subsidie teruggeven als het boek er niet komt, dat lukt dus niet. En dus wordt er nu hard geschreven, zelfs vrienden zijn de dupe: geen tijd. Overigens vind ik het wel heel leuk om te schrijven over Vicoire, Sylvestre en mijn belevenissen in het Grote Merengebied. 

Gelukkig krijg ik van allerlei kanten informatie toegestuurd. Zo ook weer eergisteren. De Rwanda Media Council,een commissie waar je terecht kan met klachten over de media, maar die ook journalisten accrediteert, oordeelde dat een krant (Umusingi), een radiostation (Radio One) en een internetsite (Radio Paparazzi) publiekelijk hun verontschuldigingen moeten aanbieden aan Victoire Ingabire. Ze hadden namelijk de goede naam van Ingabire bezoedeld. Ze publiceerden een foto van Vinctoire met een kind in haar armen, gemaakt tijdens internationale vrouwendag, met daarbij de tekst dat Ingabire het kind door hekserij wilde vergiftigen. Absolute nonsens, maar schadelijk voor haar naam en dus dienden Ingabire een klacht in. Die klacht werd opgepikt door de gloednieuwe RMC (opgericht in september 2013) en na een hoorzitting vorige week waarin de drie media en de advocaat van Ingabire werden gehoord, oordeelde de commissie dus dat verontschuldigingen meer dan op zijn plaats waren. 

Prachtig, zou je denken in een land waar het niet zo nauw genomen wordt met persvrijheid en vrijheid van meningsuiting. Maar zo simpel is het niet. De krant Umusingi was namelijk de afgelopen jaren meermalen doelwit van de Rwandese autoriteiten. Directeur Nelson Gatsimbazi werd in december 2010 beschuldigd van samenwerken met staatsvijanden en vluchtte in 2011 het land uit omdat hij zou worden gearresteerd vanwege divisionisme. Redacteur Stanley Gatera werd in 2012 veroordeeld van divisionisme voor een opiniestuk dat verscheen in zijn krant, maar dat hij niet zelf had geschreven. Hij kwam dit voorjaar vrij en werd bijna tegelijkertijd weer opnieuw gearresteerd na een interview met Al Jazeerah, waarin ook Paul Kagame aan het woord kwam. De president was boos op Gatera, volgens hem was hij geen echte journalist. Gatera werd van corruptie beschuldigd. Hij zag de bui hangen en vluchtte ook het land uit. 

Het is dus vreemd dat een dergelijke krant zomaar een artikel overneemt dat oppositieleider Ingabire zwart maakt. Het lijkt er op dat met publicatie van dit artikel er twee vliegen in een klap worden geslagen: bezoedeling van Ingabire en beschadiging van de krant Umusingi. Hoe het zit met de andere twee media, weet ik niet. Daar heb ik niets over kunnen vinden; hun websites zijn in kinyarwanda. Wie meer van hen weet, kan me altijd mailen!

Dan hebben we ook nog de nieuwe commissie. Ingesteld september van dit jaar naar aanleiding van nieuwe regels die weer zijn opgesteld door de Rwandese autoriteiten. Het is een reglement dat de wenkbrauwen doet fronsen, want het wordt als de primaire taak van jorunalisten gezien om over vrijetijd en cultuur te berichten. Het doet weinig tot niets om de onafhankelijkheid van de journalist te stimuleren. 

De RMC doet alle mogelijke moeite ons er van te overtuigen dat ze onafhankelijk is en de strafmaatregel voor de drie media zou daarvan een bewijs moeten zijn. Maar deze RMC heeft verantwoordelijkheden die weinig verenigbaar zijn: ze moeten de persvrijheid bewaken, ze moeten journalisten accrediteren, ze moeten nieuwe media inschrijven, ze moeten journalistieke professionaliteit en integriteit stimuleren en ze fungeren als klachtencommissie. Volgens Fred Muvunyi, journalist en voorzitter van de RMC zal de commissie zich vooral gaan richten op journalistieke professionaliteit en ethiek.

Hoe een en ander zal gaan met de Media High Council die vroeger deed wat de RMC nu doet, is een verrassing. Globaal gezegd gaat de RMC nu over de inhoud en de Media High Council over de organisaties. De RMC kan geen strafmaatregelen uitvaardigen, alleen adviseren, in tegenstelling tot de MHC die wel kan straffen. 

Maandag 4 augustus 2014

Oost Congo veilig?

Martin Kobler, de baas van de VN veiligheidstroepen in Congo, vertrekt naar de Veiligheidsraad in New York om verslag uit te brengen over de veiligheidssituatie in Oost-Congo. Hij is redelijk tevreden zei hij tegen Radio Okapi, de radio van VN-vredesmacht Monusco. Vergeleken met de vorige keer dat hij zich daar meldde is de situatie sterk verbeterd. De vorige keer dat Kobler bij de Veiligheidsraad was, bombardeerden de rebellen van M23 de stad Goma. M23 is nu weg, zegt Kobler. Of dat echt waar is valt te betwijfelen, ze hebben in ieder geval een gevaarlijke erfenis achter gelaten. 

Sinds M23 is gevlucht vorig najaar, worden overal in Noord-Kivu wapens gevonden. Ik krijg regelmatig foto's van zo'n vondst opgestuurd. Dit weekend stuurde een lokale hulporganisatie een nauwkeurige opsomming van wat er in één enkel depot werd gevonden: 1 raketwerper die pantserwagens onschadelijk kan maken, 12 kanonnen met een bereik van 400 meter, 10 mortieren die een helikopter uit de lucht kunnen schieten, 96 kleine raketwerpers, 500 mijnen en dan natuurlijk nog de nodige ammunitie. Of deze wapens braaf zijn overgeleverd aan Monusco of het Congolese leger is niet duidelijk, de lokale NGO zegt dat ze de informatie hebben van een kolonel die nu het bevel voert over het depot. Dat kan natuurlijk iemand van het Congolese leger zijn, maar het kan net zo goed een mai mai rebellen kolonel zijn. 

Ik kan me heel goed voorstellen dat rebellenclubjes naarstig op zoek zijn naar deze depots om deze voor eigen gebruik aan te wenden. Ik kan me ook heel goed voorstellen dat gewone burgers de zo'n depot vinden, de wapens niet overdragen, maar proberen te verkopen aan de hoogste bieder. Ik las dat een Kalashnikov de afgelopen twee jaar in waarde is gestegen van 20 dollar naar 200 dollar. Tel uit je winst dus. 

In The Guardian staat een verhaal over mannen, vrouwen en kinderen die in de Oostelijke provincie maandenlang als sexslaven en mijnslaven worden gebruikt door (voormalige) stropers. 

Als ik Martin Kobler was, dan zou ik niet erg enthousiast zijn over de verbeterde veiligheidssituatie in Oost-Congo. Maar ja, ik ben niet Martin Kobler die moet aansturen op een geleidelijke terugtrekking van Monusco uit het gebied. Hoe doe je dat? Door te zeggen dat het er allemaal een stuk veiliger op is geworden!

Maandag 28 Juli 2014

SPROOKJES!

Een vertrouwenspersoon moet een rapport maken over Jean Claude Iyamuremye, u weet wel de Rwandees die in de gevangenis van Zoetermeer zit, omdat Rwanda heeft gevraagd om zijn uitlevering. Inmiddels hebben de rechter (in december) en de Raad van State (in juni) al besloten dat Jean Claude kan worden uitgeleverd. Het woord is nu aan de minister. 

Gisteren kreeg ik een deel van de onderliggende stukken van zijn Individueel Ambtsbericht toegestuurd. De eerste regel van het rapport van de vertrouwenspersoon luidt: "Ik ging naar de wijk (Kicukiro) en ontmoette PER ONGELUK de vijf getuigen …. " (de hoofdletters zijn van mij).

Het zijn deze vijf getuigen die aan de basis staan van het ambtsbericht over Jean Claude. 

Natuurlijk. In 2010, 16 jaar na de genocide, wandelt een vertrouwenspersoon de wijk binnen en vindt dan zomaar, heel toevallig, binnen drie dagen, vijf getuigen die Jean Claude beschuldigen van genocide. Hij heeft geen lijstje met namen, hij heeft geen onderzoek gedaan. 

Hoe zou hij het hebben aangepakt? Winkels langs? Oudere mensen aanspreken en dan een foto laten zien van Jean Claude? Wie Rwanda een beetje kent weet dat de Rwandezen niet echt extravert zijn en enthousiast beginnen te babbelen tegen elke vreemdeling die hen vragen stelt. Integendeel. Een beetje Rwandees klapt de kaken op elkaar of geeft een antwoord waarvan hij of zij denkt dat het de autoriteiten het meest zal plezieren. Want reken maar dat de plaatselijke bonzen binnen tien minuten weten dat er iemand door de wijk wandelt die vragen stelt over een bepaalde persoon.

Het wordt nog vreemder. Tijdens de procedure van Jean Claude wordt contact gelegd met de tolk die aanwezig geweest zou zijn bij de ondervraging van deze getuigen. Deze tolk verklaart dat vier van de vijf getuigen een reden hebben om tegen Jean Claude te getuigen. 

Volgens mij zijn er dus een paar scenario's mogelijk. 

Scenario 1: De vertrouwenspersoon wandelt de wijk binnen, spreekt mensen aan, stelt vragen en die beginnen prompt te vertellen over hun ervaringen met Jean Claude tijdens de genocide. De vertrouwenspersoon noteert keurig wat ze vertellen.

Scenario 2: De VP wandelt de wijk binnen, begint (suggestieve) vragen te stellen over Jean Claude en zet mensen aan het denken. Als zij tegen Jean Claude getuigen, zit er mogelijk voordeel voor hen aan vast. Ze bespreken het met de lokale autoriteit en krijgen groen licht voor een ontmoeting de volgende dag/dagen met de vertrouwenspersoon.  

Scenario 3: De lokale autoriteiten horen dat er iemand door de wijk wandelt die vragen stelt. Ze nemen contact op met weer hogere autoriteiten en krijgen te horen dat het niet erg is als Jean Claude in een kwaad daglicht wordt gesteld want de hoogste Rwandese autoriteiten hebben om zijn uitlevering gevraagd. Vandaar dat er nu iemand door de wijk wandelt. Of ze maar alle medewerking willen geven om mensen te zoeken die bereid zijn nadelige verklaringen af te leggen.

Scenario 4: De vertrouwenspersoon wandelt door de wijk, de autoriteiten zijn al van te voren op de hoogte gesteld en hebben een aantal mensen geprepareerd. Zij getuigen 'spontaan' tegen Jean Claude als de vertrouwenspersoon vragen gaat stellen.

U kunt stemmen op het meest waarschijnlijke scenario.


Woensdag 23 Juli 2014

Nationale rouw en informatie

Informatie is een vreemd goed. Als je het niet hebt wil je het dolgraag hebben, als je het hebt, willen sommigen het niet meer afstaan. Dat geldt bijvoorbeeld voor de separatisten in Oekraine. Er moet op zijn minst 1 mannetje rondlopen dat precies weet wat er is gebeurd. Die weet dat hij zich hopeloos vergist heeft in het vliegtuig. Dat hij dacht een Oekraiens transportvliegtuig neer te schieten, maar dat het, toen het eenmaal was neergestort, om een passagiersvliegtuig bleek te gaan met zo'n 300 mensen. Die allemaal gedood werden door jouw vergissing. Da's even slikken als je dat hoort. Dat is niet een kwestie van 'Even Apeldoorn bellen'.  Deze meneer zal niet snel de telefoon pakken, zijn excuses maken en Mark Rutte vertellen dat hij nog te weinig training van de Russen had gehad met de raketwerper die ze onlangs van Rusland hadden gekregen. Dat hij eigenlijk ook een brilletje nodig heeft. Die separatist / terrorist zit nu waarschijnlijk in een heel klein hoekje, heel erg klein en onzichtbaar te wezen en misschien bidt hij met de nabestaanden mee: kon hij de tijd maar terugdraaien. Dan zou hij niet meer met zijn zenuwachtige vinger op de knop drukken en later triomfantelijk met zijn baas bellen dat ze een vliegtuig hadden neergeschoten.

Nederland wil dolgraag weten wie het vliegtuig heeft neergehaald. Er bestaan sterke vermoedens, maar zeker weten? Nee. Zelfs de Amerikaanse inlichtingendienst heeft geen gedetailleerde informatie over de daders.  Je zou denken dat de Amerikanen het gebied onder een vergrootglas hadden, maar dat valt dus tegen. De inlichtingendiensten hebben dus niet zoveel informatie als ze wel zouden willen. Aan de andere kant: ze geven vaak ook lang niet alle informatie die ze hebben, omdat dit de vijand weer informeert over hun mogelijkheden om informatie te verzamelen. Volgt u het nog?

Ik wil dolgraag van Nederland informatie over de tot standing van de dossiers van de Rwandezen in ons land die van genocide worden beschuldigd. Ergens is er een mannetje of vrouwtje dat precies weet hoe het zit. Maar weigert die informatie te geven. 'Omdat de relatie met Rwanda geschaad zou kunnen worden.' Dat nu de levens van tientallen levens geschaad worden, zal wel in de afweging zijn meegenomen, maar gaf niet de doorslag. 

Ik moet nu langdurige procedures doorlopen om delen van informatie te krijgen. De Staat der Nederlanden gebruikt elk wettelijk toegestaan uitstel. Afgelopen februari ben ik begonnen, het einde is nog lang niet in zicht. Het is waarschijnlijk ongepast op deze dag van rouw, om de vergelijking te maken. Maar ik zou toch het mannetje of vrouwtje willen vragen dat alles afweet van de 1F-dossiers van de Nederlandse Rwandezen, om een grote bruine envelop te pakken, deze vol informatie te stoppen, en deze bij mij aan de deurknop te hangen!




Maandag 21 Juli 2014

Zwerver

Het regent buiten hard. Op de weg staan grote plassen, dankzij de grote vrachtwagens die de afgelopen maanden ladingen grote, gekapte bomen uit de bossen hebben gehaald. 

Buiten, tegen het raam geplakt, zit een kleine kat. Haar haren staan in plukjes rechtovereind. Hoe ze ook haar best doet zich te wassen, de haren blijven in plukjes overeind. Ze staart naar binnen. Ze ziet me koffie maken en een grote, weldoorvoede. blinde kat aaien en eten geven. De grote kat ziet de kleine kat niet. Het kleintje kan weer niet zien dat de blinde kat blind is. 

De kleine kat zit droog. Ze heeft een goede plek uitgezocht om de nacht door te brengen, zo tegen ons raam. De wind komt van de andere kant. De afgelopen dagen is ze niet van ons huis weg te slaan. Als het even kan, probeert ze binnen te sluipen en het eten van de grote blinde te jatten. Die ziet het toch niet. 

Ze is niet verslaafd, heeft geen psychische problemen, voor zover ik kan nagaan als mens die naar een kat kijkt. Toch zwerft ze. Waarschijnlijk is ze als zwerver geboren, onze buurvrouw houdt er een grote kattenfamilie op na, waarvan er af en toe een paar hun heil elders in de wereld zoeken. Soms is dat ver, soms is dat een huis verder. Bij ons dus, een paar honderd meter van buurvrouw.

Ze is bruin met wit, en haar ogen staan stout. Waarschijnlijk geen katje om zonder handschoenen aan te pakken. Ik denk dat ze vol verlangen naar binnen staart. Dat voor haar 'binnen' het equivalent is van de kattenhemel: altijd droog, altijd eten. Dat aaien hoeft voor haar waarschijnlijk niet. Maar dat zijn net zo waarschijnlijk menselijke projecties die weinig van doen hebben met wat er werkelijk in de kleine kat omgaat, hoewel 'eten' waarschijnlijk wel de belangrijkste gedachte is van het katje. 

Omdat ze hardnekkig bij huis blijft rondzwerven, begin ik te denken aan 'oplossingen'. Met haar naar de dierenarts en kijken of hij een goed huis weet, naar een asiel (als ze dat hebben bij ons in de buurt), of terugbrengen naar buurvrouw. Haar in huis nemen is geen optie, echtgenoot heeft dat al duidelijk gemaakt. 

Trouwens, als we weer terug gaan naar Den Haag komt ze waarschijnlijk in wat zij zou ervaren als de 'katten-hel'': geen woelratten, muizen, mollen, baby-dassen en ander scharrelend warm vlees waar op jacht gemaakt kan worden. Geen kilometers bos en hei. Slechts een klein stadsappartement met daarachter een klein stadspark, dat ze zou moeten delen met tientallen andere hele grote, weldoorvoede buurtkatten. Als ze per ongeluk de straat op wandelt, dan scheuren er honderden auto's langs haar heen. Een onbekend fenomeen hier, waar uitsluitend de postbode langs komt en die hele grote bomen-vrachtwagens. Oh ja, en zes keer per dag een trein natuurlijk.

Ik heb zojuist opnieuw koffie gemaakt. Ze zit nog steeds tegen het raam geplakt. Wat is 'asiel' in het Frans?


Donderdag 17 Juli 2014

Weer schrijnend geval totstandkoming IAB

Het verhaal over de Individuele Ambtsberichten (IAB) gaat maar door. Gisteren kreeg ik weer een schrijnend voorbeeld onder ogen. 

Weet u het nog? De Individuele ambtsberichten zijn voor IND en later de rechter van groot belang als het gaat om het vaststellen of iemand mogelijk genocide heeft gepleegd. Voor de IND is het IAB de basis van de 'Zienswijze', de brief die de verdachte Rwandees krijgt toegestuurd en waarin haarfijn wordt uitgelegd waaraan de IND denkt dat hij of zij schuldig is. Het IAB wordt samengesteld op basis van één rapport dat door een onderzoeker in Kigali wordt gemaakt, in opdracht van de Nederlandse ambassade. De vertrouwenspersoon die dit rapport maakt, spreekt als enige met de getuigen, weet als enige of de getuigen wel of niet betrouwbaar zijn. In feite is hij de enige die weet of die getuigen wel bestaan, want de getuigen blijven verder anoniem. Er worden gen bandopnamen gemaakt van de gesprekken, geen foto's, geen kopieen gemaakt van ID-bewijzen. Het komt er dus op neer dat één enkel rapport dat niemand checkt, bepaalt of iemand naar Rwanda wordt uitgezet. 

Het vermoeden bestaat dat Rwanda een aantal mensen in diskrediet wil brengen. Hetzij omdat ze politiek actief zijn in de oppositie, hetzij omdat er iemand is in Rwanda die zich hun goederen wil toe-eigenen. Daarvoor is dus negatieve informatie nodig over iemand en die negatieve informatie kan het efficienste officieel worden via een IAB. Wat doe je nu als je iemand in diskrediet wil brengen, maar er is in eerste instantie geen negatieve informatie voorhanden? Juist, dan ga je niet zo lang door tot je wel iets vindt. En waar bij de beschuldigde alle bronnen worden gewantrouwd door IND en rechter, kunnen voor de IAB's alle bronnen worden gebruikt die men maar wil: ze worden immers toch niet gecontroleerd én ze zijn anoniem.

Gisteren kreeg ik weer een dossier onder ogen dat veel lijkt op drie andere dossiers. In 2010 werd de man (hij wil voorlopig anoniem blijven) onderzocht door een vertrouwenspersoon in Kigali. Er werd met zo'n 13 getuigen gesproken. De conclusie van het onderzoek luidde dat er niets belastends tegen de man was gevonden. Blijkbaar was dat niet de bedoeling, want in 2011 kwam er een aanvullend onderzoek. Maar ook dat leverde niets concreets tegen de man op. 

Dat zou genoeg moeten zijn. Maar nee, barbertje moest echt hangen, want in 2013 kwam er weer een onderzoek. Nu werd er voornamelijk gesproken met één enkele bron. En wat denkt u: ja hoor. Die bron vertelde dat meneer X vergaderingen had bijgewoond met als doel de genocide te plannen en ook zou hij wapens hebben gedistribueerd. 

Vertelt de bron de exacte data en de plaatsen van de vergaderingen en de wapendistributie? Dat niet. Het wordt voor meneer X dus heel moeilijk om zich te verdedigen tegen zo'n vage beschuldiging? Je kunt niet zeggen 'dat heb ik niet gedaan want ik was niet op die plaats die dag', omdat er plaats noch tijd wordt genoemd.

Wat betreft dat plannen van de genocide: dat is helemaal makkelijk voor rechter en IND: wie plant, hoeft niet lijfelijk bij het moorden aanwezig te zijn. Die doet dat in obscure vergaderingen en bijeenkomsten waarvan niet hoeft te worden vastgesteld of ze ook daadwerkelijk hebben plaatsgevonden. Ook hier noemt de bron immers plaats, noch datum.

OPROEP

Mijn rechtsgevoel krijgt steeds meer moeite met ons rechtssysteem, zeker nu de overheid mij steeds maar weer informatie weigert te geven over de relatie met Rwanda en de Individuele Ambtsberichten en ik allerlei ingewikkelde procedures moet voeren om toch (delen van) die informatie te krijgen. 

Ik heb daarom een oproep aan iedereen die een dossier heeft bij de IND: ik zou graag jullie IAB's willen inzien met de onderliggende stukken. Op die manier kan ik inventariseren wat er aan de hand is, zonder van de overheid afhankelijk te zijn. Natuurlijk is anonimiteit gegarandeerd.  


Maandag 14 Juli 2014

Mugimba mag uitgeleverd van de rechter

In Frankrijk is het vandaag feest. Daar vieren ze het begin van de revolutie (1789) tegen de adel en koning Lodewijk de 16de in het bijzonder: de Fransen bestormen de gevangenis La Bastille in Parijs. Na drie eeuwen absolute macht van de adel en de geestelijken, pikt het volk het niet langer. Het heeft er genoeg van de rekening te moeten betalen van de luxe van diegenen voor wie ze niets anders zijn dan gespuis. Vrijheid, gelijkheid en broederschap werd het nieuwe motto. Er zijn nog heel wat landen in de wereld die een snufje van dit ideeëngoed zouden kunnen gebruiken, waaronder de Afrikaanse landen die ik zelf regelmatig bezoek.

Wat iedereen al vreesde gebeurde afgelopen vrijdag. De rechter besliste dat Jean Baptiste Mugimba aan Rwanda kan worden uitgeleverd. De rechter vond niet dat ONVERWIJLD, dus zonder enige twijfel, de onschuld van Mugimba was aangetoond. In een uitleveringszaak is dit een hele lastige opgave, want hoe bewijs je twintig jaar na dato zodanig je onschuld dat zelfs een Nederlandse rechter er genoegen mee neemt? Zou ik kunnen aantonen bijvoorbeeld dat ik twintig jaar geleden met geen mogelijkheid op een bepaalde plek had kunnen zijn? Stel dat er twintig jaar geleden een moord was gepleegd in ons doorgaans zo vreedzame Franse dorpje. Kan ik dan vandaag ZONDER TWIJFEL aantonen dat ik het helemaal niet gedaan heb? Natuurlijk  niet. Een Nederlandse rechter zou mij zonder enige TWIJFEL uitleveren aan Frankrijk. Zoek het daar maar lekker uit. Daar is het immers gebeurd.

Dat Mugimba talloze getuigenverklaringen overlegde dat hij niet op de plek was waar het Openbaar Ministerie dacht dat hij was, dat maakt niet uit. Het Openbaar Ministerie toonde aan dat Mugimba er geweest zou kunnen zijn. Daarnaast was Mugimba ook beschuldigd van het plannen van de genocide, en daarvoor hoef je niet ter plekke zelf met een machete mensen staan te  vermoorden. Plannen kan je vanaf afstand doen, zo zei de rechter. 

En waar verder iedereen ook bang voor was, gebeurde ook: de uitspraak van de Hoge Raad op 17 juni, dat Jean Claude Iyamuremye uitgeleverd mag worden, liep ook in deze uitspraak als een soort rode draad. De Hoge Raad had immers geoordeeld dat de garanties van Rwanda op een eerlijk proces en goede behandeling voldoende waren? Dus waarom zou de rechter er anders over oordelen in deze zaak? Mugimba krijgt te maken met Transfer Law en daarmee Fair Trial Guarantees. Kortom, als Rwanda iets belooft, dan doet ze dat ook, aldus de Hoge Raad en nu dus de Haagse rechtbank. 

Van het argument dat Mugimba gevaar loopt omdat hij politiek actief is, ook daarvan was de rechter niet onder de indruk. Er zijn nooit bedreigingen geuit aan zijn adres en de advocaten hebben gewoon niet duidelijk kunnen maken waarom nou juist Mugimba gevaar zou lopen. Maar waren we het er nou juist niet met zijn allen over eens (ook de Nederlandse regering) dat de president de veiligheid van zijn land boven alles stelde en dat hij, om die veiligheid te beschermen, heel erg ver gaat. Dat hij individuen opoffert voor het grote geheel. Dat hij in die bescherming van die veiligheid niet altijd logisch redeneert en dat daarin juist het grote gevaar ligt voor individuen, omdat je nooit weet wie hij wel en wie hij niet als een bedreiging ervaart?

De volgende stap voor Jean Baptiste Mugimba is de Hoge Raad. We weten al hoe die oordeelde over de uitlevering van Jean Claude Iyamuremye. Ook bij Mugimba zal de minister moeten beslissen. Die minister is dit weekend op vakantie gegaan. Hij zal misschien niet eens weten dat twee mensen in een Nederlandse gevangenis wachten op hun uitlevering. Vrijheid, gelijkheid en broederschap. Ook in Nederland moeten we dat motto er maar weer eens instampen.




Dinsdag 8 Juli 2014

Ik schaam me

Vandaag is weer een hoorzitting bij de IND van een Rwandees die beschuldigd wordt van genocide. Zijn dossier, net als dat van de andere dossiers die ik heb gezien, rammelt aan alle kanten. De IND wil zo graag boeven vangen, dat ze stukjes touw aan elkaar probeert te knopen die helemaal niet aan elkaar te knopen zijn. Zo is zijn 'individueel' ambtsbericht niet voor hem gemaakt, maar voor iemand die tegelijk met hem voor dezelfde organisatie werkte.  

Hoe meer ik te weten kom over de manier waarop Nederland omgaat met dit soort zaken, hoe meer ik me schaam. Bij Justitie werken on-mensen, die op een on-menselijke manier mensen uit ons land schoppen. 

Neem nu bijvoorbeeld de drie Congolezen die deze week naar de Democratische Republiek Congo werden teruggevlogen. Ze hadden getuigd bij het Internationaal Strafhof en moesten weer naar hun gevangenis in Kinshasa. Amnesty International en Human Rights Watch maken zich grote zorgen over het lot van de drie: de gevangenissen in Congo zijn verschrikkelijk; daar heerst de wet van de jungle, het recht van de sterkste. Ik geef een voorbeeld uit een rapport dat ik kreeg van een lokale mensenrechtenorganisatie uit Goma. Het gaat over de gevangenis in die stad, maar wat hier beschreven wordt, geldt voor elke gevangenis in Congo.

De gevangenen hebben zich volgens een hiërarchisch systeem georganiseerd, geheel buiten de normale gevangenisbewaking om. Er is een leider, laten we hem Bovo noemen, met zijn adjudanten; alles wat er gebeurt in de gevangenis wordt door hen gecontroleerd. Bovo en de meeste van zijn adjudanten zijn veroordeeld door een militaire rechtbank. Militairen en burgers zitten door elkaar in de gevangenis. Corruptie en geweld worden met hoofdletters in bloed geschreven.

Twee gevangenen waren door de gevangenisdirecteur belast met het controleren van mensen die de gevangnen bezoeken op verboden goederen. Op een slechte dag vonden ze zakjes met alcohol; die namen ze in beslag. De twee gevangenen waren nog maar net veroordeeld en nog niet goed op de hoogte van de gevangenismores. 

Daar kwamen ze snel achter. Bovo, de leider van de gevangenen stuurde vijf mensen op een van hen af als waarschuwing. Ze hadden namelijk voor een week zijn lucratieve handeltje in alcohol verhinderd: Hij kocht de zakjes in voor 200 franc en verkocht ze voor 500 franc. 

Vier mannen hielden de gevangene, laten we hem Simba noemen, in bedwang. De vijfde pakte een tak van een boom, maakte er een scherpe punt aan en stak de tak een aantal keren in het lichaam, vlakbij het hart. Daarna werd Simba overal geschopt en geslagen en vervolgens aan zijn lot overgelaten.

De gevangenisdirecteur ontving wekelijks een aardige som van zijn 'collega'-gevangenenleider Bovo en weigerde de gewonde man elke medische hulp. Toen het heel erg slecht ging met Simba, werd hij toch naar het ziekenhuis gebracht. Bovo hoorde dit wat later dan gebruikelijk. Hij liet zich er niet door uit het veld slaan en stuurde iemand met een briefje naar het ziekenhuis. Daarop stond dat Simba niets mankeerde, maar dat hij simuleerde om zo vanuit het ziekenhuis te kunnen vluchten. 

Daarop besloot de dokter hem terug te sturen naar de gevangenis, zonder hem zelfs maar onderzocht te hebben. Simba werd bij terugkomst opgesloten in het cachot. Simba overleefde deze marteling, maar zijn gezondheid is sindsdien heel zwak.

Nederland vindt dat mensen zeer wel teruggestuurd kunnen worden naar dit soort gevangenissen en naar een regime dat door en door corrupt is. 


Woensdag 2 Juli 2014

Bestuurs-alleen-recht

Het viel niet mee vanochtend om het ministerie van Justitie binnen te dringen. Eerst vergat ik een ID mee te nemen en vervolgens werden mijn advocate Mira en ik opgescheept met een niet werkende pas. Na een nieuwe activatie mocht ik door de draaideur, maar bij Mira lukte het maar niet. Het schijnt dat in de drukke spitsuren hele rijen voor de draaideur ontstaan omdat de deur zichzelf soms blokkeert. Het ministerie heeft van zichzelf een gevangenis gemaakt met een draaideur als zelfbenoemde cipier.

Wij hadden vanochtend een Wob-hoorzitting. Ik wil heel graag weten waarom er in 2008 besloten is 435 dossiers van in Nederland verblijvende Rwandezen opnieuw te bekijken. Het ministerie van Justitie wil me dat niet vertellen, dat schaadt de relatie met Rwanda en scheepte me af met een paar brieven uit 2010. Daartegen ging ik in beroep en daarom zaten wij vanochtend tegenover elkaar in een wat bizarre bijeenkomst. 

Zij waren er uitsluitend om verslag te leggen en om wat vragen te stellen die zaken moesten verduidelijken, wij wisten niet wat we konden vragen, omdat we niet weten wat wij niet gekregen hebben. En dus las Mira haar pleitnota voor, werden er pro forma nog wat vragen gesteld en stonden wij na een half uur weer buiten. Het had langer geduurd om het gebouw binnen te komen.

Officieel moet er op 28 juli een beslissing van de minister liggen, maar de voorzitter van de hoorzitting liet blijken dat zij niet dacht dat alles zo snel geregeld zou kunnen worden. Het was ingewikkeld en omvangrijk, zo glimlachte ze vrolijk. Ze dacht dat de zes extra weken die de procedure biedt, wel nodig te hebben. Ik ben dan altijd geneigd om te roepen: 'Hebben jullie het archief niet op orde?', maar dat werkt niet vruchtbaar in een gesprek waar de mensen die tegenover je zitten beslissen of je de informatie krijgt waarom je vraagt.

Officieel neemt de minister de beslissing en geeft deze commissie geen advies maar doet zij uitsluitend verslag. Maar de meneer die alles opschreef versprak zich op het laatst. Hij zei 'we zullen heroverwegen'. We? Deze commissie heroverweegt toch niets? Zij beslist toch niet? Zij geeft toch ook geen advies? 'Ehh', zei de meneer toen wij ernaar vroegen. 'Inderdaad, de minister neemt het besluit, maar wij bereiden het voor.'

En dus is het deze commissie wél die onofficieel het besluit neemt voor de minister, want die houdt zich natuurlijk niet met dit soort pietluttigheidjes bezig. Die krijgt elke dag een grote stapel van dit soort kleinigheden die hij verveeld, in een kwartiertje tekent, zonder ze echt te lezen. 

Bestuursrecht …. ik krijg steeds meer het idee dat het inderdaad het alleenrecht is van het bestuur.

Maandag 30 juni 2014

Geel meisje

Aan de leestafel van Nieuwspoort zat een meisje in een kanariegele jurk. Ze zat gespannen met haar bovenlijfje naar voren, haar hoofd nederig gebogen. Om haar heen mannen en jongens in grijze en zwarte pakken. Als een van de mannen gebaarde, sprong het meisje op, boog haar hoofdje bijna tot op haar knieeen en wankelde onhandig van slaafsheid naar de bar, waar zij de bestelling doorgaf. Plots was er deining in de societeit. Een MINISTER kwam binnen. En opeens bewogen de mannen en jongens aan de leestafel met dezelfde onhandige slaafsheid van het meisje. Ze sprongen op, knikten hun hoofden en handen richting minister. De minister zelf glimlachte vanaf grote hoogte naar dit gekrioel waar hij inmiddels gewend aan was en ook wel een beetje aan verslaafd. De minister moest iets in ontvangst nemen. Dat gebeurde natuurlijk niet in de societeit maar in een van de zalen en dus vertrok het gezelschap, minister voorop, richting de zaal. Helemaal achteraan struikelde het gele meisje.

Tien minuten later kwam een EX minister binnen. Zijn hoofd tussen zijn schouders, een beetje gebogen, stapte hij onzichtbaar naar de bar. Geen mens die zijn hoofd omdraaide. De EX minister verstopte zich tegen een paal en werd zo deel van het decor. Daar dronk hij een paar fikse borrels tot de paal begon te bewegen. Daarop wandelde hij gebogen weer naar buiten.

Daar stond het gele meisje eenzaam een sigaret te roken. De EX minister struikelde, legde even zijn hand op de gele schouder van het meisje. Zij keek hem aan en draaide zich om. 'Vieze, dronken, oude man', was uit haar hele gele houding te lezen.

Zaterdag 28 juni 2014

Vrijdag 11 juli maakt de Haagse rechtbank haar advies aan de minister bekend: kan Baptiste Mugimba wel of niet worden uitgeleverd naar Rwanda. Het ziet er voor Mugimba niet vrolijk uit. Er moet een wonder geschieden wil het advies aan de minister negatief uitvallen. Want, zo redeneert tot nu toe de Haagse rechtbank, Mugimba krijgt in Rwanda een menselijke behandeling, een nette gevangenis en een eerlijk proces. Zijn schuld of onschuld kan daarom het beste aan de orde komen tijdens een proces in Rwanda. 

Iedereen gelukkig, behalve Mugimba en zijn familie natuurlijk. Rwanda is gelukkig omdat met de Nederlandse uitlevering er weer een extra instrument is om andere critici in het buitenland uitgeleverd of uitgewezen te krijgen. Als Nederland Rwandezen uitlevert, dan kunnen andere landen dat ook. De uitspraak van de Nederlandse rechters hebben gevolgen ver over de grens.

Nederland is gelukkig omdat een proces in Rwanda een stuk goedkoper is en ook een stuk minder tijdrovend. En Nederland heeft laten zien dat ze graag mee wil werken aan de uitlevering. Het OM liet een aantal malen duidelijk merken dat zij het belangrijker vindt dat Rwanda niet op kosten wordt gejaagd door Nederland, dan wat er met Mugimba gebeurt. Garanties op monitoring? Niet nodig. Garantie op een buitenlandse advocaat? Ben je gek, dat wordt veel te duur voor Rwanda. Als het aan het OM ligt, dan sturen ze Mugimba naar Rwanda, zonder zich ook nog maar een enkele seconde om hem te bekommeren.

Mugimba moest ondubbelzinnig aantonen dat hij niet schuldig is, om aan uitlevering te ontsnappen. Samen met zijn advocaten en rapportages van de vertrouwensadvocaat kwam hij een heel eind. Hij kon aantonen dat hij niet in Kigali was vanaf 8 april 1994, hij kon aantonen dat anderen de mensen hebben vermoord, waarvan hij werd beschuldigd, hij kon aantonen dat een vergadering nooit heeft plaatsgevonden. Maar de grote vraag is of het bewijsmateriaal voldoende is om alle twijfel uit de weg te ruimen. Want bij twijfel wordt Mugimba uitgeleverd.

Wrang is dat het Openbaar Ministerie beschuldigen kan wat ze wil, zonder zich echt druk te hoeven maken over de bewijslast. Dat kan namelijk worden uitgezocht na uitlevering in Rwanda. Het OM hoeft alleen maar een beetje aannemelijk te maken dat Mugimba schuldig zou kunnen zijn en dat het gaat om misdrijven die ook in Nederland bestraft zouden worden. Het OM neemt dus klakkeloos de informatie over van Rwanda, laat een Individueel Ambtsbericht maken dat die informatie onderschrijft en hoeft verder weinig te doen. Het is de verdediging die zich in het zweet moet werken. 

Nog wranger is dat tijdens de procedure positieve rapporten over Mugimba in een bureaulade van de ambassade zijn verdwenen. Dat de getuigen waarop het Individueel ambtsbericht zich baseert anoniem zijn en alleen bekend bij de vertrouwensadvocaat van de ambassade. Dat officiële documenten vanuit Rwanda worden afgedaan als subjectieve getuigenverklaringen. Tijdens het hele proces heb ik een arrogante vooringenomenheid, ja soms zelfs dedain,  geproefd bij het OM. 

In hoeverre dat voor de rechtbank geldt, weet ik niet. Weinig hoopvol is dat het dezelfde rechter was, die het uitleveringsproces van Jeasn Claude Inyamuremye deed.Zij adviseerde positief: Jean Claude mocht enkele reis Rwanda.

Voor Mugimba ziet het er in Rwanda somber uit. Hij zal waarschijnlijk in eerste instantie in de internationale vleugel van de centrale gevangenis in Kigali komen, of in Nyanza. Deze vleugels zijn vergeleken met de normale gevangenissen in Rwanda een luxe aangelegenheid, maar het is maar de vraag hoe lang Mugimba in deze 'luxe' kan zitten. Er is een grote kans dat als de internationale schijnwerpers zich van Mugimba hebben afgewend, en dat zal snel zijn, want Mugimba is geen grote 'vis', dat hij zal worden overgebracht naar een gewone gevangenis. Daar moet hij zien te overleven in een harde wereld, zonder al te veel eten en hygiëne. Hij heeft daar ongeveer twee vierkante meter aan privé-ruimte in een donkere cel die hij deelt met dertig of veertig anderen. Als hij wil, mag hij werken op de bananenplantage of in de varkensstallen. Als hij niet wil, dan zit hij de hele dag op een plein met duizenden anderen, in de volle zon.

Stel dat Rwanda echt van plan is Mugimba een eerlijk proces te geven in de speciale rechtbank met speciaal opgeleide rechters en officieren van justitie. Dan nog lijkt het onmogelijk. Rwanda heeft namelijk geen traditie van onafhankelijke rechtspraak. 

Een gevaarlijk signaal is bijvoorbeeld het feit dat advocaten van mensen in de internationale vleugels, hun factuur sinds kort naar het ministerie van Justitie moeten sturen. Die gaan vervolgens zitten steggelen over de hoogte van de factuur of ze gaan bij de gevangenen langs om te vragen of ze echt wel die meneer als advocaat willen. Er is dus geen sprake van een onafhankelijke verdediging als je rekeningen moeten worden betaald door de tegenpartij. 

Wordt vervolgd


Donderdag 26 juni 2014, 18.00 uur

De rechtbank vindt haar eigen interne planning belangrijker dan het belang van een goede verdediging. De rechtbank lijkt daarom bevooroordeeld. Daarom wraakten de advocaten van Jean Baptiste Mugimba, eerder deze middag de Haagse rechtbank.

De advocaten vonden dat ze te weinig tijd kregen om nog een laatste keer te reageren op de repliek vandaag van het OM. Hun reactie (dupliek) stond voor vanmiddag gepland, maar omdat het OM op het laatste moment nog een nieuw mailbericht uit de hoge hoed toverde, wilde de verdediging graag wat meer tijd om dit te onderzoeken. Het OM had immers dit mailbericht al weken in haar bezit. Dus waarom het pas op het laatste moment in het dossier werd toegevoegd? De advocaten zeiden het net niet, maar uit alles bleek dat ze het flink onbehoorlijk vonden! Ook de argumentatie over onbetrouwbare getuigen van Mugimba had meer onderzoekstijd nodig dan één enkele dag. aanraast wilde de Belgische advocaat Jean Flamme meer tijd om onjuistheden van het OM over uitspraken van het Straftribunaal in Arusha te weerleggen. De rechtbank was de verdediging 'ter wille' en wilde verzetten naar morgenmiddag. Daar ging de verdediging niet mee akkoord. Ze hadden meer tijd nodig. Omdat er geen zaal beschikbaar was de komende tijd, weigerde de rechtbank.

Een wrakingskamer van drie rechters moest vanmiddag beslissen of 'wraken' aan de orde is. Wraken betekent dat je vindt dat de rechter of rechters bevooroordeeld zijn en daarom hun werk niet goed kunnen doen. 

De drie rechters hadden aan drie kwartier genoeg om te beslissen dat de advocaten onvoldoende hadden gemotiveerd waarom ze de rechtbank bevooroordeeld vonden en ook waarom ze niet aan één enkele dag genoeg hadden.

Dus gaat het proces morgen om 13.30 uur verder met dezelfde rechters als er voor. De familie van Mugimba was teleurgesteld. Zij vinden het onbegrijpelijk dat het OM al vooruitlopend op een proces alle tijd heeft om haar zaken voor te bereiden en dan ook nog eens tijdens het proces, telkens meer tijd krijgt dan de verdediging.

Antwoord van OM hangt van veronderstellingen aan elkaar

Vandaag was het dus allereerst de beurt aan het Openbaar Ministerie om te reageren op het pleidooi van de verdedig van afgelopen dinsdag. Deze 'repliek van het OM hing van veronderstellingen aan elkaar. Wie meer wil weten kan hier verder lezen.


Donderdag 26 juni 2014. 8.00 uur

Wie is de grootste manipulator? 

Vandaag de laatste dag van het proces tegen Mugimba waarin de rechter advies moet geven aan de minister van Justitie of Mugimba uitgeleverd kan worden of niet.

Het OM danste maandag achter haar tafel met het verhaal dat niet Rwanda, maar Mugimba de manipulerende engerd was. Dinsdag trok de verdediging het kleedje onder deze dansende benen vandaan: de verdenkingen tegen Mugimba waren wel degelijk gefabriceerd. Een reconstructie:

In 2007 krijgt Mugimba een Rwandees paspoort. Dat betekent dat hij in Rwanda niet als genocidair op de lijsten staat vermeld. In hetzelfde jaar krijgt hij ook een verblijfsvergunning dankzij de pardonregeling. Nederland had evenmin informatie dus over mogelijk genocidaire activiteiten. Geen vuiltje aan de lucht, zo lijkt het.

Vanaf 2008 wordt duidelijk dat oppositieleidster Victoire Ingabire terugwil naar Rwanda om mee te doen met de presidentsverkiezingen in Rwanda. Mugimba, en met hem andere leden van haar partij, worden steeds actiever. Er moet immers geld ingezameld en een campagne voorbereid. In december 2009 organiseert Mugimba een bijeenkomst in zijn woonplaats waar de verkiezingscampagne van Ingabire officieel wordt afgetrapt.

In juni 2010 vraagt de IND aan het ministerie van Buitenlandse Zaken om meer informatie over Mugimba. 'Onze' eigen vertrouwenspersoon Claude (zie mijn artikel in VN) gaat op onderzoek en vindt niets belastends. DIT ONDERZOEK VERDWIJNT IN DE BUREAULADE VAN DE NEDERLANDSE AMBASSADE IN KIGALI. In een brief van BuZa staat te lezen dat het verslag 'onvoldoende bruikbare informatie' zou hebben opgeleverd. Ontlastende informatie was dus ''onbruikbaar'.

De ambassade laat een andere vertrouwenspersoon onderzoek doen. En die tovert wél belastend materiaal uit de hoge hoed. Dit rapport wordt dan ook wél doorgestuurd naar het ministerie van Buitenlandse Zaken en op basis van dit rapport wordt het Individueel Ambtsbericht gemaakt. Let wel: NIEMAND, behalve de vertrouwenspersoon, weet wie gebruikt zijn als bron.

In november 2012 ontvangt Nederland een arrestatiebevel voor Mugimba van Rwanda dat verdacht veel lijkt op het Individueel Ambtsbericht. 

Heeft Nederland bij Rwanda aangeklopt na het antecenden-onderzoek in Kigali, zodat Kigali opeens ontdekte dat er een erge genocidair in Nederland woonde? Of heeft Rwanda Nederland informatie gegeven waardoor het onderzoek in Nederland werd gestart? En heeft Rwanda, toen het onderzoek in Kigali door Claude niets opleverde, gezorgd voor nieuwe getuigen die wel een belastende verklaring wilde afleggen? 

Wordt vervolgd

Woensdag 25 juni 2014

Ik moet het boetekleed aantrekken. Ik heb vanochtend valselijk het ANP een pak voor de broek gegeven. Ik dacht dat ik een bericht van hen had, maar dat bleek van een ander te zijn! Mea Culpa en het bewijst maar weer dat een mens ALLES ZELF moet checken.

Woensdag 25 juni 2014

Het OM maakt een vreugdedansje, advocaat kapittelt OM en rechter

Maandagochtend begon het proces van Jean Baptiste Mugimba. De rechter gaat de minister van Justitie adviseren of Mugimba naar Rwanda kan worden uitgeleverd. Er is iets raars met deze processen, want eigenlijk is schuld of onschuld niet de centrale vraag, maar of iemand een eerlijk proces en een menselijke behandeling kan verwachten in het land waarnaar wordt uitgeleverd. 

Hoewel schuld en onschuld dus officieel niet centraal staan, draait het daar ook weer wel om: het OM moet bewijzen dat het gaat om zaken die ook in Nederland strafbaar zijn. 

Het OM startte fluks en fruitig afgelopen maandag. Ze hadden het gevonden: werd tot nu Rwanda beschuldigd van het manipuleren van getuigen en bewijsmateriaal, het OM vond bewezen dat Mugimba dat gedaan: 'Accusation in a mirror'. 

Mugimba had gesjoemeld met valse paspoorten, een valse naam opgegeven en er waren concept getuigenverklaringen gevonden in zijn computer. Bijna triomfantelijk werd dit gebracht door het OM. Ze maakten nog net geen dansje achter hun tafel. Wat zullen ze gegniffeld hebben bij het opstellen van dit verhaal. Koekje van eigen deeg, lekker puh!

Gisteren echter maakte de verdediging gehakt van het verhaal, vooral de flamboyante Belgische advocaat Jean Flamme was een verademing. Hij kapittelde het OM: "U moet uw werk onafhankelijk en onbevooroordeeld doen, maar daar lijkt het niet op. U gebruikt oude informatie, u hebt de plicht nieuwe informatie tot u te nemen." Flamme kapittelde zelfs de rechter toen zij het waagde hem te onderbreken: "Dit is zeer belangrijk mevrouw de voorzitter, dit is het kader."

Belangrijk is ook nu weer een rapport van de voormalige vertrouwensadvocaat in Rwanda. Mugimba wordt ervan beschuldigd een aantal mensen te hebben vermoord. De vertrouwensadvocaat ging op onderzoek uit en kwam achter de namen van de werkelijke moordenaars. Een deel van hen zit in een Rwandese gevangenis, een ander deel is gevlucht. 

Morgen het vervolg


Donderdag 19 juni 2014

Afgelopen dinsdag vertelde de Hoge Raad aan Jean Claude Iyamuremye dat hij best naar Rwanda kon om daar berecht te worden als genocidair. Volgende week maandag begint in Den Haag het proces tegen Jean Baptiste Mugimba, ook beschuldigd van genocide. Net als Jean Claude zit hij in een Nederlandse cel omdat Rwanda vroeg om zijn uitlevering. Net als bij jean Claude moet een Nederlandse rechter beslissen of hij kan worden uitgeleverd.

Gisteren vertelde Joseph Mugenzi, beschuldigd van genocide, op RTL4 dat ontlastende informatie niet en belastend materiaal wel is terug te vinden in zijn dossier dat de IND van hem maakte. Zijn raadsman Jan Hofdijk (hij is jarig vandaag, stuur hem maar een felicitatie) sprak er schande van. Hetzelfde gebeurde bij het dossier van Jean Baptiste Mugimba: ook hier verdween een positief rapport in een bureaulade. Grote vraag is natuurlijk bij hoeveel andere zaken dit is gebeurd en vooral: waarom werden positieve rapporten terzijde gelegd. 

Voor Vrij Nederland, dat ook gisteren werd gepubliceerd, schreef ik hier een verhaal over: in Rwanda sprak ik namelijk met de vertrouwensadvocaat die onderzoek deed voor de Nederlandse ambassade. Hij kwam erachter dat zijn rapporten in een aantal gevallen niet waren gebruikt. Hij was daarover geschokt: hoe kon zoiets gebeuren in een rechtstaat als Nederland? 

Hoe dat kon gebeuren wordt onderwerp van een volgend onderzoek. Duidelijk inmiddels is wel dat dingen in beweging komen. Mugenzi kreeg -hangende de procedure- dankzij de nieuwe informatie en een brief van Hofdijk aan de president van de Haagse rechtbank, voorlopig zijn verblijfsvergunning terug. Ook zijn AOW wordt met terugwerkende kracht aan hem betaald.

Heel belangrijk wordt het proces van volgende week. Hoe reageren de rechters? Wat heeft het OM voor nieuws te bieden? Hoe scherp zijn de advocaten? Want dat is wel duidelijk geworden: rechters moeten veel meer doorvragen op de vaak wollige en veel te algemene beschuldigingen van het OM/IND. Ik reis (SNCF volente) zondag af naar Nederland. Ik ga het proces zeer nauwkeurig volgen. Ik hou u op de hoogte!


Dinsdag 17 juni 2014

Het werkt, of toch niet?

Er zijn dagen dat alles kapot gaat en er zijn dagen dat alles weer gaat werken. Gisteren was zo'n dag nadat wij een week achter de rug hadden van misere: grasmaaier kapot (nou ja kapot, vergeten veiligheidshandel in te drukken), foutmelding na het installeren van de zonnepanelen-omvormer, slechte telefoonverbinding en een slechte internetverbinding terwijl de provider 'niet thuis' geeft. Gisteren ging alles opeens goed: het groene lampje van de omvormer ging branden nadat 'de aarde' was gerepareerd en er kwam een bloedmooie jongen langs om te kijken of we geschikt waren voor ADSL. Wij waren in de zevende hemel. Vanochtend stond echtgenoot al vroeg op om te zien of het groene lampje nog brandde. Warempel. Hij stapte dolgelukkig weer in bed. Terwijl ik deze regels schrijf, hoor ik de omvormer klikken en zie ik het gevreesde oranje lampje gaan knipperen. Ik durf het echtgenoot nog niet te vertellen.  

Afgelopen winter liep ik door een stukje bos waarvan de bomen gebrandmerkt waren met van die grote rode stippen: kappen. Een aantal avonden lang heb ik toen met een mesje de rode stippen weggekrabd. Gisteravond durfde ik te gaan kijken. Ik kon mijn ogen niet geloven: 'mijn' stukje bos stond nog. Ernaast en erachter was gekapt, maar mijn bomen stonden fier recht overeind. Ik geef het toe met enige schaamte, maar een aantal bomen heb ik zelfs van plezier omarmd. Ik geloof niet dat de bomen hiervan gediend waren, het begon opeens vervaarlijk te kraken. Vals zingend ben ik naar huis gewandeld.

Oh ja en niet vergeten morgen Vrij Nederland te kopen en naar RTL te kijken! 

Maandag 16 juni 2014

Hard gewerkt vorige week en daarom geen letter voor deze website geschreven. De resultaten van dat harde werken zijn echter deze week al zichtbaar: mijn Rwandese klokkenluider zegt in Vrij Nederland verbijsterd te zijn over de manier waarop Nederland omgaat met de dossiers van genocide-verdachten. Naar aanleiding van dit artikel maakt RTL-nieuws er ook een item over op de dag van publicatie: aanstaande woensdag. Kopen dus aanstaande woensdag de VN en om half acht kijken naar RTL4-nieuws. Ach, voetbalt Nederland dan in Brazilië? Dat kun je toch best missen!

In de tussentijd wordt er in Oost-Congo weer gevochten en heeft president Paul Kagame geroepen dat hij iedereen die zijn land destabiliseert, op klaarlichte dag wel een kopje kleiner zal maken. Het land heeft sinds 2007 niet langer de doodstraf, maar dat maakt de president niet uit. Als het gaat om de veiligheid van zijn land is hij aanklager, rechter en beul tegelijk. 

Ik zit nu een week in Frankrijk. Het was een week van aanpakken: het gras groeit tot over onze oren en in huis heeft zich een leger spinnen genesteld. Er is ook een wespennest dat we maar niet kunnen lokaliseren. Ergerlijk, want elke keer als we ons in de voorkamer hebben geïnstalleerd voor een kopje koffie en het journaal, begint het rond onze oren te zoemen. In de aanpak van het probleem wordt direct het verschil zichtbaar tussen man en vrouw. Zodra het gezoem losbarst, verandert echtgenoot, gewapend met vliegenmepper in een bloeddorstige terminator. Mijn aanpak is geheel anders: ik pak de bezem en probeer de zoemende monstertjes vanaf het raam (waar ze onveranderlijk naar toe vliegen) naar buiten te vegen. Ook met deze methode valt wel eens een slachtoffer, maar ik zie er toch ook genoeg hun vleugeltjes wat verbaasd bewegen en zoemend wegvliegen.

Hebben wespen een geheugen? Gisteren zaten wij in de avondzon te genieten van een rode wijn (ja, meer cliché kan ik het niet maken) toen wij werden aangevallen door een stel wespen. Echtgenoot trotseerde bewegingloos -als een echte man- het zoemend geweld. Ik vluchtte laf het huis in. 1-0 voor de wespen.


Woensdag 4 juni 2014

Follow the money

Gisteren kwam een familielid naar me toe op een feestje onder het slaken van de kreet IAB. Ik weet niet of dit ter aanmoediging of nu juist ter ontmoediging was. Ik denk beide. 

Vandaag even niets over 1F. Alles wat ik er over weet zit in mijn andere computer en die staat bij de reparateur. Accu kapot, terwijl ik die nou net had gekocht vanwege het lekker lang kunnen werken zonder dat er een lichtsnoer aan te pas hoefde te komen. Heel fijn in landen waar de elektra regelmatig uitvalt.  

Vandaag ga ik gebruiken om mezelf te 'pitchen', ofwel in ouderwetse taal: mezelf in de verkoop te zetten. Ik heb een goed verhaal en dat moet verteld worden. Daarnaast moet ik serieus gaan nadenken over GELD. Ik heb niks meer en moet geld bij elkaar gaan sprokkelen voor mijn documentaire die ik dit najaar wil gaan maken over de rebellenleider. De normale fondsen beginnen te geeuwen als ik mijn plannen aan ze voor leg, dus ik ga nu nadenken over crowdfunding. Als 1000 mensen 30 euro willen betalen ben ik een heel eind. Het lijkt realistisch als ik het zo opschrijf, maar ik ben bang dat de praktijk anders is.

Komende weken ga ik dus een filmpje maken dat jullie over de streep moet trekken om mij 30 euro toe te vertrouwen. Voor dat geld krijg je natuurlijk de rode loper behandeling bij de premiere, mag je mee met mij en een Haagse rebellenleider voor een toer door de Haagse jungle voor een kleine docu in het voorprogramma en mag je een kijkje nemen achter de schermen bij het tot stand komen van de grote documentaire. Is dat genoeg denken jullie? Reageer gerust: andrajour@yahoo.fr


Maandag 2 juni 2014

Ze zitten in een klein zaaltje bij de Raad van State. Een zenuwachtige advocaat, een rusteloze van genocide beschuldigde en een bezorgde achterban. Ik wring me tussen een klaptafeltje en de stoel ergens in een hoek. Ik wil weg kunnen lopen als dat nodig is. Bij de Raad van State blijkt ook een rapporteur die vragen mag stellen. Die neemt het woord als de advocaat en de Staat het woord hebben gehad.

Vertelt u eens, vraagt hij aan De Staat, er zijn twee Nyanza's, nu vind ik bij u ook twee Gitarama's. Eén in Kigali en een in de zuidelijke provincie. Kunt u mij zeggen om welke plaats het nu gaat? Over welke Gacaca spreken we nu? Voor mij is dat niet helder.

De Staat mompelt: 'Ik beschik niet over die onderliggende informatie. Die hoort bij het Individuele Ambtsbericht (en die is niet openbaar -AV). 

De rapporteur: Gaat het wel over hetzelfde delict? Dat kan ik er niet uit opmaken. Waarom komt deze informatie overigens zo laat (Het gaat om een Gacaca-uitspraak die later aan het IAB is toegevoegd-AV).

De Staat: Er is pas naar gevraagd in verband met het aanvullend Individueel Ambtsbericht. De vertrouwenspersoon heeft de indruk dat hij het heeft gezien….

De rapporteur: Hoe weet u dat de vertrouwenspersoon dit heeft gezien?

De Staat: Ik heb begrepen van het contact van de IND dat de vertrouwenspersoon toegang had tot het archiefsysteem in Kigali. Het contact van de IND heeft weer contact met de ambassade in Kigali. 

Ook hier weer een staaltje 'gedroomde werkelijkheid' van De Staat. Er was een IAB, dat bleek niet te voldoen en dus moest er een aanvullend IAB komen. Plots bleken er twee vonnissen van de Gacaca te zijn: een uit Kigali en een uit Nyanza, zuidelijke provincie. Hoe het precies zit weet NIEMAND. De Staat heeft geen bewijzen, heeft het van horen zeggen. De vertrouwenspersoon zelf weet het niet eens zeker: hij heeft de indruk dat hij iets heeft gezien.

En verder begint het te lijken op een heuse spionagefilm met geheimzinnige contacten van de IND met weer contacten op de Nederlandse ambassade in Kigali. 

Zullen we het zo afspreken jongens en meisjes: als er verwarring is, als er onduidelijkheden zijn, als er verkeerde procedures zijn gevolgd, als informatie onbetrouwbaar is, als er selectief wordt gewinkeld, geven we iemand het predicaat 'niet schuldig'.

Nederland dat zich graag profileert als land van Internationale vrede en veiligheid zou zelf het goede voorbeeld moeten geven. Hoe was het ook weer? Oh ja. 

Iemand is onschuldig is, totdat het tegendeel is bewezen. 


Woensdag 28 mei 2014

IAB: cruciale fout in het systeem

Op het gevaar af u dood te vervelen met alwéér een stukje over Individuele Ambtsberichten, moet u maar denken dat het uiteindelijk om mensenlevens gaat. Ik ben zo'n beetje de enige journalist die zich verdiept in de materie en voel daarom een zekere mate van zendingsdrang, ja zelfs van verantwoordelijkheid. In hoeverre zich dat verenigt met het journalistieke vak, daar zit ik de afgelopen weken wel over te piekeren. Maar zolang het mijn onafhankelijk onderzoek niet in de weg staat, nee zelfs stimuleert, want ik wil precies het naadje van de kous weten, laat ik het nog even zo. 

In mijn zoektocht hoe een Individueel Ambtsbericht (IAB) nu exact tot stand komt, ben ik twee dagen geleden toch wel erg geschrokken. Wat blijkt: de vertrouwenspersoon die in op dracht van de Nederlandser ambassade onderzoek doet en getuigen spreekt, is DE ENIGE die weet of getuigen betrouwbaar zijn, want hij is de enige die ze zoekt, vindt en spreekt. De getuigen vormen de basis van het rapport dat de vertrouwenspersoon maakt en dit rapport is HET ENIGE dat gebruikt wordt voort het IAB. 

De landenspecialisten van de IND en de mensen van de afdeling IAB van Buitenlandse Zaken, zeggen wel dat ze de hardheid van de bronnen controleren, maar kunnen dat gewoonweg niet. Ze nemen geen retourtje Kigali om nog eens met de getuigen te spreken die de vertrouwenspersoon opneemt in zijn verslag. Ze gaan er van uit dat de collega's op de ambassade een goede vertrouwenspersoon hebben aangesteld. Dat die vertrouwenspersoon juiste getuigen zoekt en correct verslag doet van zijn bevindingen.

Maar bewijzen zijn er niet van. De vertrouwenspersoon gaat op pad zonder opname-apparaat, zonder notitieblok, zonder fototoestel. Hij maakt geen kopieën van de identiteitskaarten van de mensen met wie hij spreekt. Er is dus geen enkele zekerheid of hij wel echt met meneer X of mevrouw Y heeft gesproken. Als ik op deze manier journalistiek bedreef dan zou ik hard worden uitgelachen door al mijn collega's. Kom op Verbraeken, dat schrijf je nu wel, maar waar zijn de bewijzen? 

Voor een IAB, dat in een aantal gevallen zelfs letterlijk gaat over leven en dood, zijn bewijzen niet nodig. Dat geldt overigens voor de hele procedure: hard bewijsmateriaal is praktisch  in geen enkel dossier te vinden.

Het lijkt mij een cruciale fout in het systeem dat NIEMAND kan controleren of de vertrouwenspersoon met werkelijk betrouwbare bronnen heeft gesproken. In een land als Rwanda waar het regime bepaalt wat er gebeurt, waar onafhankelijke organisaties het land uit worden gezet, waar kritische journalisten en politici achter tralies verdwijnen of worden vermoord, waar de laatste tijd weer mensen verdwijnen vanwege mogelijke banden met de Hutu-rebellen, waar ook de rechterlijke macht niet onafhankelijk opereert, waar je nooit weet of iemand de waarheid spreekt of niet, lijkt me dit toch geen informatiebron waarmee iemand van genocide beschuldigd kan worden. 

De zorgvuldige procedure waarnaar de ambassade, het ministerie van Buitenlandse Zaken en de IND zo vaak verwijzen, is dus een schijn-zorgvuldige. De intentie mag er zijn, de realiteit is een andere.


Oproep:

Mr. Jan Hofdijk zoekt contact met advocaten die Rwandese 1-F dossiers onder zich hebben of hadden. Van groot belang zijn vooral de gewonnen zaken. Graag met spoed contact opnemen: jan@hofdijk.com


Klein leed: Onbereikbare IND (lees vooral ook het grote leed hieronder)

Bijna twee weken lang al probeer ik een achtergrondgesprek te organiseren met de IND (Immigratie- en Naturalisatiedienst) over de manier waarop de Rwanda-dossiers tot stand komen. Ik mag ze natuurlijk niet zelf bellen, dat moet via een woordvoerder. En dus mail ik de woordvoerster. Als ik na twee dagen nog niets heb gehoord, bel ik de woordvoerster. Als ze niet opneemt, stuur ik een SMSje. Als ze niet reageert op het SMSje probeer ik haar elke dag te bellen. Eind vorige week kreeg ik haar eindelijk te pakken. 

Druk, druk druk, met al die Eritrese vluchtelingen. Ik moest begrijpen dat dat veel meer prioriteit had dan mijn verzoek. En ja, ik was niet de enige die moest wachten. Maar ik had geluk, maandagochtend zou ze met het hoofd van de IND praten en mijn verzoek doorgeven. Ik hoorde gisteren niets, belde maar weer eens en toen er niet werd opgenomen, stuurde ik weer een SMS. Doorzetten is het parool in dit soort situaties. Rond half zeven gisteravond belde de woordvoerster terug. De IND had het druk, dat moest ik begrijpen, Eritrea en zo. Maar over twee, drie weken zouden ze wellicht tijd voor me hebben.

Ik ontplofte. Al bijna twee weken probeer ik een afspraak te krijgen en dan word ik het bos ingestuurd. De woordvoerster bleef rustig. Als ik echt sneller antwoord op mijn vragen wilde hebben, dan moest ik maar een mailtje sturen naar haar. Dan kon ik begin volgende week wel antwoorden hebben. Ik smeet mijn onbegrip via harde woorden door de telefoon. Waarom konden mensen wel de tijd nemen om mails te beantwoorden en hadden ze geen tijd om met mij te praten? De woordvoerster bleef nog steeds rustig. Mijn mail zou beantwoord worden door beleidsmedewerkers en mijn gesprek zou ik hebben met de uitvoerders.  Zelfde vragen, andere mensen die antwoorden. Onbegrijpelijker en ondoorzichtiger kunnen we het niet maken. 

Groot leed: IND maakt meer dan 140 fouten in 36 pagina's

Een Rwandees (hij wil graag anoniem blijven) heeft al weer jarenlang de Nederlandse nationaliteit. Maar als het aan de IND had gelegen dan was hij als genocidair uit ons landje geknikkerd. De beschikking van 36 kantjes waarin hij van genocide werd beschuldigd, bevatte meer dan 140 fouten, zo telde Joost Brouwer van de voormalige asielzoekerssteungroep Hartekreten in Wageningen. Hij stuurde me de fouten toe. Ik noem ze per categorie.

1. Aantoonbare onjuistheden die als waarheid werden gepresenteerd;

2. Selectief, onjuist, of onterecht NIET citeren uit ambtsberichten;

3. Bronnen onvolledig citeren, waardoor het lijkt alsof de auteur van die bron zelf iets heeft vastgesteld, terwijl hij eigenlijk een andere bron citeert;

4. Gunstige informatie en positieve bronnen negeren;

5. Conclusies trekken die nergens op gebaseerd zijn;

6. Passages van hoorzittingen weglaten die gunstig zijn voor de beschuldigde;

7. Onjuist, onvolledig of ten onrechte NIET citeren uit de hoorzittingen;

8. Stemmingmakerij door middel van niet onderbouwde beweringen en suggestieve opmerkingen;

9. Het weglaten van citaten bij voetnoten, waardoor het net lijkt alsof het om drie onafhankelijke getuigen gaat, terwijl het in werkelijkheid ging om twee bronnen die naar een derde verwezen en de derde had het van horen zeggen en was dus geen ooggetuige.

De IND is partijdig en bevooroordeeld, zo oordeelde ook de Nationale Ombudsman al in 2007.

Maandag 26 mei 2014

Twee ambtsberichten voor de prijs van één: onzorgvuldiger kunnen we het niet maken

Weet je wat, zo moeten ze bij IND hebben gedacht, deze twee meneren hebben bij het zelfde bedrijf gewerkt en dus vragen we gewoon of we het onderzoek van de ene meneer ook kunnen gebruiken voor de andere. Twee Individuele Ambtsberichten voor de prijs van één! 

In mijn zoektocht naar Individuele Ambtsberichten (IAB) van Rwandezen die beschuldigd worden van genocide, zag ik gisteren wel een heel bizar dossier. Daar werd onderzoek (waarschijnlijk uit 2007 maar het is ongedateerd) naar de een, ongegeneerd gebruikt voor een Individueel Ambtsbericht voor een ander. Wel vroeg de IND of het onderzoek nog wel klopte. De ambassade zou dus aanvullend onderzoek moeten doen. Daarvan is echter niets terug te vinden in het dossier. Uiteindelijk is ook het Individuele Ambtsbericht niet terug te vinden. Als het al gemaakt is, heeft de beschuldigde het nooit ontvangen. Wel wordt er in brieven veelvuldig aan gerefereerd.

Dat ongedateerde onderzoek is een van de bronnen waarop de beschuldiging is gebaseerd. Het onderzoek hoort bij een memorandum uit 2007 van de Nederlandse ambassade in Kigali aan de afdeling Asiel (Buitenlandse Zaken). Nogmaals voor alle duidelijkheid: dat onderzoek ging dus over een hele andere meneer. 

Verder wordt een dossiernotitie van de afdeling Asiel uit 2007 gebruikt als basis voor de beschuldiging (niet duidelijk is of deze wel over de beschuldigde gaat) en een dossieraantekening van de afdeling Asiel uit 2013. 

Het is bizar dat iemand op basis hiervan beschuldigd kan worden van genocide. Vraag is dus hoe het zit met de REK check op het Individuele ambtsbericht, uitgevoerd door landenspecialisten van de IND (Bureau Land en Taal). Die check is er nou juist om te controleren of een IAB wel zorgvuldig is samengesteld.

Het is waarschijnlijk een kwestie van een slager die zijn eigen vlees keurt: want is het niet de IND die informatie levert aan Buitenlandse Zaken dat aan de basis ligt van een IAB? Met die informatie gaat immers de onderzoeker in Rwanda op pad, stelt vragen en maakt een rapport. Het is dus uiteindelijk dezelfde IND die, als het IAB is opgesteld, toetst of de bronnen en de informatie zorgvuldig zijn toegepast voor het ambtsbericht. Je gaat natuurlijk niet van je eigen aangeleverde informatie zeggen dat die onvolledig en onzorgvuldig is.

In 2007 constateerde de Ombudsman in een rapport over Individuele ambtsberichten dat de IND onzorgvuldig en partijdig omgaat met IAB's. Het lijkt er in de zaak van de Rwandezen op dat de IND ook onvolledige en onzorgvuldige informatie geeft aan Buitenlandse Zaken die de IAB's samenstelt. Daarmee neemt de IND wel een heel zware verantwoordelijkheid op zich. 

Zaterdag 24 mei 2014

'Uitzetten? Dan verdwijn je onder de radar!'

Vorige week sprak ik met de Rwandese advocaat van Victoire Ingabire. Hij waarschuwde: Wie wordt uitgezet verdwijnt onder de radar. Er is niemand meer buiten Rwanda die kan volgen wat er gebeurt. 

Maar ook degenen die worden uitgeleverd lopen het risico 'in nacht und nebel' te verdwijnen. Staatssecretaris Teeven voelt er niets voor hen te laten monitoren.

1930.jpg

De poort van gevangenis 1930, de centrale gevangenis in Kigali

Even uitleggen: er is een verschil tussen uitzetten en uitleveren. Uitleveren gebeurt op verzoek van een land omdat degene ervan beschuldigd wordt een strafbaar feit te hebben begaan in dat land. Het land, in dit geval Rwanda, wil iemand zelf berechten. Dat kan, maar mensen kunnen niet worden uitgeleverd als hun leven gevaar loopt in dat land (artikel 3 Europees Verdrag Rechten van de Mens), of wanneer ze geen kans hebben op een eerlijk proces (artikel 6 EVRM).

Uitzetting gebeurt als  een land -in dit geval Nederland- vindt dat iemand niet in het land thuis hoort, ongewenst is dus, bijvoorbeeld omdat hij verdacht wordt van crimineel gedrag. Staatssecretaris Teeven sloot afgelopen januari tijdens zijn bezoek een Memorandum of Understanding (MoU) met Rwanda. Dat maakt het makkelijker om Rwandezen uit te zetten naar Rwanda. Hoeveel makkelijker mogen we niet weten, het MoU is geheim.

Wie wordt uitgeleverd, krijgt -in principe- te maken met een voor Rwandese begrippen, luxe gevangenis. Zowel de centrale gevangenis in Kigali als de internationale afdeling van de gevangenis in Nyanza voldoen aan de internationale voorwaarden. Maar als de gevangenen niet regelmatig zouden worden bezocht door waarnemers, dan zou hun situatie een stuk beroerder zijn, aldus Gatera, de Rwandese advocaat van Ingabire. Zowel wat betreft eten, beweging en huisvesting, als wat betreft de toegang tot hun advocaten, getuigenverhoren etcetera. Teeven voelt weinig voor monitoring van de mensen die worden uitgeleverd aan Rwanda, zo schreef hij in mei aan de Tweede Kamer.

Voor de mensen die worden uitgezet ligt de situatie anders. Zij verlaten het land vanuit een van de twee uitzetcentra in Nederland. Ze worden op een vliegtuig gezet en verder moeten ze maar zien. Ze moeten hun eigen opvang organiseren. Omdat veel van de Rwandezen die worden uitgezet, lid zijn van de oppositie, zullen ze in ieder geval onder stevige controle staan van het regime. Waarschijnlijk zullen ze de eerste dagen van hun verblijf, flink worden gehoord/verhoord. Het ligt voor de hand dat al hun activiteiten worden gecontroleerd en dat bij het minste of geringste, ze worden opgepakt.

De mensen die worden uitgezet, komen niet in de luxe internationale afdelingen. Zij komen in de gewone -volle- gevangenissen en zullen zich daar moeten handhaven. De omstandigheden zijn verre van ideaal en het eten is er op zijn zachtst gezegd, karig. Zonder steun van de familie wordt het zwaar en veel Rwandezen die worden uitgezet, hebben nauwelijks meer familie in Rwanda. De kans op een eerlijk proces is nihil wanneer president Kagame ervan overtuigd is dat de man of vrouw een bedreiging vormt. Zij moeten terechtstaan in de normale rechtbanken, waarvan de rechters en het openbaar ministerie matig tot slecht zijn opgeleid en zich nauwelijks onafhankelijk durven opstellen. 

Wie wordt uitgeleverd, zou moeten worden berecht door een speciale rechtbank in Nyanza, met speciaal daarvoor opgeleide rechters en officieren van justitie. Maar die rechtbank is nog niet gebouwd.

Vóór de genocide hadden de meeste Rwandezen die met uitzetting worden bedreigd, een goede baan. Ze hadden gestudeerd en waren vaak directeur, agronoom of ingenieur. Een aantal van hen is zelfs door het regime gevraagd om terug te keren naar Rwanda vanwege hun kwaliteiten. Ze konden dan rekenen op een goede baan. Dat zalanders zijn als de mensen als 'ongewenst' door Nederland op het vliegtuig worden gezet. Kagame zal op zijn minst twijfelen aan hun loyaliteit, maar waarschijnlijker is het dat Kagame hen zal verdenken van banden met de FDLR, de Hutu-rebellen in Oost-Congo. Human Rights Watch publiceerde vorige week een rapport over massale verdwijningen van mensen die verdacht worden van banden met de FDLR.